'Typisch Roberto: hij plant een zaadje, laat dat in alle stilte groeien en plots staat hij daar om te oogsten.' Graham Barrow (62) grijnst wanneer hij het vertelt, turend naar de trainingsvelden van Wigan Athletic. Ook in Engeland waren ze verrast toen Roberto Martínez begin augustus voorgesteld werd als nieuwe bondscoach van België. Maar Barrow kijkt er dus ook niet van op, hij kent Martínez door en door, weet wat voor een pientere en beredeneerde man zijn voormalige poulain is. De bonkige Engelsman mag zich de trainer noemen die de Britse carrière van Martínez lanceerde, toen hij hem in 1995 bij de Spaanse derdeklasser Balaguer wegplukte en hem liet debuteren als middenvelder van Wigan. Veertien jaar later, toen de Spanjaard in 2009 hoofdcoach werd van de Latics wilde hij er Barrow absoluut bij als T2, een functie die hij ook nu nog bekleedt bij de Engelse tweedeklasser.
...

'Typisch Roberto: hij plant een zaadje, laat dat in alle stilte groeien en plots staat hij daar om te oogsten.' Graham Barrow (62) grijnst wanneer hij het vertelt, turend naar de trainingsvelden van Wigan Athletic. Ook in Engeland waren ze verrast toen Roberto Martínez begin augustus voorgesteld werd als nieuwe bondscoach van België. Maar Barrow kijkt er dus ook niet van op, hij kent Martínez door en door, weet wat voor een pientere en beredeneerde man zijn voormalige poulain is. De bonkige Engelsman mag zich de trainer noemen die de Britse carrière van Martínez lanceerde, toen hij hem in 1995 bij de Spaanse derdeklasser Balaguer wegplukte en hem liet debuteren als middenvelder van Wigan. Veertien jaar later, toen de Spanjaard in 2009 hoofdcoach werd van de Latics wilde hij er Barrow absoluut bij als T2, een functie die hij ook nu nog bekleedt bij de Engelse tweedeklasser. 'België moet zich geen zorgen maken', klinkt Barrow overtuigd. 'Akkoord, Roberto heeft geen ervaring als bondscoach, maar hij kan als geen ander focussen op bepaalde wedstrijden. Het is geen toeval dat hij met Wigan de FA Cup won en ook vorig seizoen nog twee halve finales, in de League Cup en de FA Cup, bereikte met Everton.' Al sinds hij in 1995 neerstreek in Wigan, blaast Roberto Martínez een wind van vernieuwing door het Britse eiland. Het was een periode waarin de Engelse competitie nog maar net omgevormd was tot de Premier League, nog voor ze uitgroeide tot het strijdtoneel van de grootste sterren en trainers in Europa. Nog voor er meer buitenlanders dan Britten op de voetbalvelden rondliepen. Dave Whelan, een ex-profvoetballer en succesvol zakenman dankzij zijn sportwinkelketen JJB Sports, had in datzelfde jaar Wigan Athletic overgenomen en had ambities met zijn favoriete club in de lagere divisies. Een van zijn winkelfilialen in Catalonië werd gerund door een voetbalfreak die af en toe bijkluste als scout en makelaar, hij tipte Whelan over drie begaafde spelers in de Spaanse derde klasse: Jésus Seba, Isidro Díaz en Roberto Martínez. 'Voor ik het wist, zat ik in een vliegtuig naar Barcelona om drie spelers te gaan bekijken bij Balaguer, een lokale derdeklasser', doet Barrow het relaas. 'Roberto viel meteen op: hij bewoog slim en ondanks - of misschien dankzij - zijn gebrek aan snelheid zag je dat hij zeer goed nadacht over elke beweging en elke pass. Zo iemand had ik nodig in mijn team, ik wilde immers afstappen van het traditionele Britse voetbal: 4-4-2 en lange ballen trappen. Ik wilde spelen met een soort vooruitgeschoven libero: iemand die de verdediging kon bijspringen wanneer nodig en die het spel kon verdelen vanop het middenveld. Roberto was daarvoor de geknipte man. Al moet ik bekennen dat er bij de tegenstander, Las Palmas, ook een getalenteerde middenvelder liep. Ik polste eens, maar hij bleek al getekend te hebben bij Atlético Madrid. Het ging om Juan Carlos Valerón.' The Three Amigos, zo werden Jésus, Isidro en Roberto al snel omgedoopt. Tot op vandaag een begrip in Wigan, een klein stadje dat pal tussen Liverpool en Manchester ligt. Een gezellige, autovrije binnenstad, met een bevolking die eerder conservatief dan progressief denkt. 'Zestig procent hier stemde voor de Brexit', illustreert Ed Jones, communicatieverantwoordelijke van Wigan Athletic. Het was dan ook een kleine cultuurschok die plaatsvond in 1995, zowel voor de drie Spanjaarden als voor hun omgeving. 'Vooral het taalprobleem zorgde in het begin voor moeilijkheden', herinnert Graham Barrow zich. 'Ik moest er telkens een tolk bijhalen, maar die jongen kon eigenlijk ook niet zo goed Spaans. Tot na een paar weken Roberto plots in het Engels antwoordde, hij kon de fouten van die tolk niet langer aanhoren. Bleek dat hij eigenlijk al heel die tijd alles verstond. Het was net als in de films: weken aan een stuk had hij iedereen om de tuin geleid. Toen besefte ik wat voor jongen ik in huis had gehaald, iemand die eerst de kat uit de boom kijkt om dan een zeer beredeneerde beslissing te nemen. Zo is Roberto altijd geweest. Hij is een perfectionist en wil altijd en overal controle over de zaak. Van de drie Spanjaarden was hij duidelijk diegene die het meest ambitieus en minst honkvast was. Ik heb hem nooit horen klagen over heimwee. Ze deelden onder hun drieën een grote villa van onze voorzitter Whelan, maar ik nodigde hen geregeld uit om bij ons thuis te komen eten.' The Three Amigos wonnen snel aan populariteit in Wigan. Supporters posteerden zich getooid met een sombrero in het stadion - dat die eigenlijk Mexicaans zijn deed er weinig toe. Roberto, Isidro en Jésus deden er graag een schepje bovenop door exotische dansjes boven te halen wanneer ze scoorden. Hun leven stond in het teken van voetbal, in de stad viel er immers weinig te beleven. Al zeker niet voor iemand die zeer veel aandacht besteedde aan zijn levenshygiëne. Roberto dronk geen alcohol, nu nog steeds niet, at zo min mogelijk vetten en hechtte veel belang aan voldoende rust. Zijn achtergrond als fysiotherapeut speelde daarin een belangrijke rol, veronderstelt Barrow. 'In die zin was hij voor mij ook de perfecte voortrekker in de groep, ik kon hem als voorbeeld gebruiken voor de anderen', vertelt de toenmalige hoofdtrainer. 'Want toegegeven, in de jaren negentig overheerste nog de oude Britse sportgedachte: op het veld geef je je negentig minuten voluit, maar daarbuiten doe je wat je wilt. Roberto had het soms moeilijk met die filosofie en het vergde aanpassing, maar hij stond ook niet met het vingertje te wijzen. Integendeel, wanneer de jongens op stap gingen, was hij altijd van de partij. En meestal stond hij als eerste én als laatste op de dansvloer. (lacht) Roberto kon geweldig dansen. Alcohol had hij daarvoor niet nodig.' Na 187 competitiewedstrijden en een titel in vierde klasse achtte de dan 28-jarige Martínez zich rijp voor een nieuwe stap in zijn carrière. Jésus en Isidro waren dan al teruggekeerd naar Spanje en ook Barrow was de laan uit gestuurd bij Wigan. De transfervrije Martínez vertrok naar Motherwell, middenmoter in de Schotse eerste klasse. Maar een succes werd dat niet: kort na zijn handtekening daar bleek de club financieel in woelige wateren te verkeren. Motherwell kwam onder curatele te staan en contracten werden ontbonden. MartÍnez zou het later de zwaarste periode uit zijn leven noemen. Al was niet alles kommer en kwel in Schotland. Roberto leerde er zijn huidige vrouw Beth kennen, ze verhuisde met hem mee naar Engeland. Eerst tweedeklasser Walsall, waar Roberto amper zes keer aan spelen toekwam, en in 2003 naar Swansea, aan de zuidkust van Wales. Swansea, geboortegrond en inspiratiebron van de getormenteerde dichter Dylan Thomas. Een havenstad in volle expansie, met propere shoppingcentra, een moderne binnenstad en nieuwe verkavelingen. Thuis van vele Zuid-Europese immigranten, vlak na de oorlog overgebracht om te helpen werken in de mijnen. De erfenis daarvan is zichtbaar in de stad: de Italiaanse, Portugese en Spaanse horecazaken zijn talrijk aanwezig. Voor Roberto Martínez werd het een bepalende episode in zijn carrière. Niet alleen kreeg hij er in 2007 zijn kans als trainer, hij voelde zich er ook het meest thuis. Daar zat de Welshe mentaliteit voor veel tussen: net als Catalonië strijdend voor onafhankelijkheid, zich bedienend van een eigen taaltje en dwepend met de underdogpositie. Roberto heeft zich altijd afgezet tegen Spanje - zijn debuutmatch als Belgisch bondscoach tegen zijn vaderland zal hem in die optiek zeer veel voldoening scheppen - en is een overtuigde Catalaan. Hij heeft zich altijd gespiegeld aan het grote FC Barcelona en meer bepaald de periode onder Johan Cruijff, toen Barça met zijn magnifieke totaalvoetbal een zeer eigen identiteit verwierf binnen het Spaanse voetbal én de maatschappij. Bij Swansea kwam hij binnen als aanvoerder. Dertig jaar was hij ondertussen en ook hier door zijn doorgedreven professionalisme op en naast het veld een voorbeeld voor de hele groep. Op het middenveld werd hij gekoppeld aan Leon Britton, een frêle maar technisch begaafde Londenaar. Roberto nam het jonge talent meteen onder de vleugels en deelde met hem ook de kamer bij verplaatsingen. Leon is nu, dertien jaar later, nog steeds actief bij Swansea City en verlengde vorige week zijn contract met één jaar. Hij groeide uit tot het boegbeeld van een club die sinds 2011 in de Premier League uitkomt. Met veel plezier spreekt hij over zijn herinneringen aan Roberto, die hij bij Swansea meemaakte als speler én als beginnende trainer. Ook bij hem doemt één beeld op wanneer de naam Roberto Martínez valt: dat van de uitbundige danser. 'Ik herinner mij een uitstapje met de hele ploeg naar Mallorca, na het seizoen, en daar gingen we ook weleens naar de discotheek. Roberto stond daar dan de hele nacht op de dansvloer, hij danste zo enthousiast dat veel mensen veronderstelden dat hij dronken was. Niets was minder waar, hij dronk een hele avond spuitwater. Vooral met zijn schouder kon hij van die speciale bewegingen maken. (staat op en demonstreert) Dat dansje doet hij nog steeds. Ik moest heel hard lachen toen vorig jaar een filmpje op YouTube opdook van een concert van Jason Derulo en Roberto mee staat te shaken. Hij is heel professioneel en heel gefocust op zijn carrière, maar hij is ook geen zeurkous of duffe gast. Wij deelden de kamer en soms was dat confronterend want hij leefde zo ascetisch, maar hij wees mij nooit terecht. Hij wist heel goed hoe hij iets moest aanbrengen. Toen hij mij eens cola zag drinken, zei hij: 'Dat is als parfum in een Ferrari tanken. Je hebt benzine nodig om de wagen optimaal te laten renderen.' Roberto wist zeer goed dat hij zich niet boven een groep moest stellen maar best meedeed met de boys.' Anders was het als trainer. In zijn derde jaar boterde het niet met toenmalig Swanseatrainer Kenny Jackett, die liever kick-and-rush speelde, en verkaste hij in mei 2006 naar Chester, waar Graham Barrow, weer hij, hem er absoluut bij wilde. Het bleef bij dat ene jaartje en het zou ook zijn laatste als actieve voetballer worden. Dave Whelan, al onder de indruk van Martínez' professionalisme als aanvoerder van Swansea, zag in hem de ideale vervanger voor ... Kenny Jackett. 33 jaar was Roberto en eigenlijk fysiek en mentaal nog in staat om enkele jaren voort te voetballen, maar er diende zich een unieke kans aan. Aanvankelijk was het de bedoeling hem als speler-trainer aan te stellen, maar omdat de transferdeadline verstreken was, kon hij niet meer aantreden als speler. 'In het begin was dat lastig', erkent Leon Britton. 'Een jaar eerder deelde je nog de kleedkamer en ik zelfs de hotelkamer, we gingen ook bijna elke dag samen eten of koffie drinken in shoppingcentrum Debenhams, en dan plots is hij je baas. De dag dat hij trainer werd, besefte ik meteen: ik verlies een vriend. Gedaan met samen koffietjes drinken. Roberto pakte het slim aan: voor hij zijn eerste training leidde, organiseerde hij met iedere speler een individueel gesprek. Daarin legde hij dan uit dat hij een vriend zou blijven maar dat sommige zaken anders zouden zijn.' De bijna dagelijkste uitstapjes naar Paco's bleven wel behouden. Een traditie die Roberto ingezet had als speler en voortzette als trainer. Vaak met de hele ploeg trokken ze naar het Spaanse restaurant in het centrum van Swansea, op St Helen's Road. Het etablissement werd uitgebaat door Paco en zijn echtgenote Jackie. Bijna elke avond was Roberto daar te vinden aan tafel 35. Een grote tafel, dikwijls was heel de ploeg aanwezig en later volgde zelfs de rugbyploeg van Swansea. Voor Roberto, door Paco steevast met 'maestro' aangesproken, stond de menukeuze al bij voorbaat vast: zeebaars. Zelfs wanneer de ploeg op verplaatsing speelde, bestelde hij er zijn maaltijden. Als trainer liet hij dat zelfs voor de hele ploeg gebeuren. Toeval of niet: toen Roberto in 2009 naar Wigan verhuisde, verkocht Paco zijn restaurant, de voetballers en rugbyspelers van Swansea bleven weg zonder hun maestro als initiatiefnemer. Tegenwoordig staat er op die plek een Turks en Indiaas restaurant. De vlucht van Martínez naar Wigan Athletic, in 2009, kwam hard aan bij de fans van Swansea. Een judas noemden ze hun voormalige lieveling. Omdat hij bij zijn terugkeer naar Swansea als trainer had verkondigd dat ze hem nog enkel in een kist zouden wegkrijgen uit Wales. 'Maar ik denk dat de mensen vooral teleurgesteld waren dat ze zo een goede trainer kwijt waren', zegt Leon Britton. 'Hij heeft Swansea helemaal op de kaart gezet, hij legde met al zijn professionalisme, zijn zin voor detail en vernieuwing, de basis voor de promotie naar de Premier League twee jaar later.' In Wigan begon de trainerscarrière van Roberto pas goed. Hij hield de bescheiden club drie seizoenen op rij in de Premier League, zorgde daarin voor enkele stuntzeges tegen de topclubs en zorgde in 2013 voor een absolute apotheose door de FA Cup te winnen. Op Wembley werd Manchester City met 1-0 geklopt. 'He's a legend', beweert Ed Jones, al vijftien jaar communicatieverantwoordelijke van Wigan en ex-collega van Martínez. 'Oké, we degradeerden datzelfde seizoen, maar dat wordt hem door velen vergeven. Die FA Cupwinst is zo veel belangrijker geweest voor deze stad. Je moet maar eens gaan kijken op Believe Square.' Na die historische voetbalprestatie kreeg het hoogste punt in de stad die naam omdat de Wiganfans er verzamelden om de bekerwinst te vieren. Believe is sinds 2013 de leuze die de Latics overal afficheren, voor elk evenement, sportgerelateerd of niet. Nog steeds worden er in de sport- en souvenirwinkels T-shirts verkocht die aan de FA Cup herinneren ... weliswaar met korting. Er werd ook een Walk of Fame aangelegd op Believe Square: Wiganvoorzitter Dave Whelan en Roberto Martínez kregen er elk hun ster. Het was dan ook door de grote poort dat de Spanjaard, ondertussen een halve Brit geworden, de club weer verliet. Zijn nalatenschap, zo beaamt Ed Jones, terwijl hij ons een rondleiding geeft in het nieuwe DW Stadium, is nog steeds zichtbaar. Hij wijst naar de tribunes: 'Gemiddeld zitten hier 15.000 fans. Steve Bruce, de voorganger van Roberto, vond dat te weinig. Hij was als ex-speler van Man U natuurlijk Old Trafford gewend. Roberto vond die 15.000 schitterend. Voor Bobby - zo noemden we hem - was het glas altijd halfvol. Door dat enthousiasme was het zeer aangenaam werken met hem. Hij liet je veel vrijheid, maar eiste dat je altijd controle had. Voor mij als persverantwoordelijke was hij een droom: je kon hem onvoorbereid voor een microfoon zetten en hij gaf een perfect discours. Bobby was een crack in het principe 'veel praten, maar weinig zeggen'. (lacht) Slechts één keer viel hij uit zijn rol, toen we na winst tegen Arsenal op de persconferentie enkel vragen kregen over een incidentje met Robin van Persie. Verder kon je hem altijd laten doen met de pers. Behalve als hij aan zijn oor frunnikte, dat was een afgesproken signaal wanneer ik hem diende te 'redden' van een journalist. (grijnst) Roberto had werkelijk over alles nagedacht.' Ed troont ons mee naar de kleedkamer van Wigan Athletic. We lopen langs een muur met allemaal foto's van ex-spelers van Wigan. Ed: 'Een ideetje van Roberto, elke international in loondienst van Wigan wordt op deze muur gezet, als een motivatie en inspiratiebron voor de anderen. Had hij in Spanje gezien.' We komen in de kleedkamer. 'Dit is Bobby's Wall', wijst Ed naar een muurtje dat de kleedkamer in tweeën deelt. 'Roberto hield niet van de sfeer die er hing tussen trainersstaf en spelers samen in één ruimte, dus liet hij die muur zetten. Aan de spelerszijde kwam dan een groot interactief televisiescherm, waarop hij allerlei tactische uiteenzettingen kon geven. Heel hightech allemaal.' Ook dat is een kwaliteit die steeds terugkeert wanneer het over Martínez gaat: bezeten van voetbal. Met een vader die trainer was en hem al vroeg de tactische aspecten van het spelletje bijbracht, later een bewondering voor Johan Cruijff en een hechte band met diens zoon Jordi (samen gingen ze geregeld koffie drinken in Manchester, waar zowel Jordi als Roberto business management bijstudeerden) en een fascinatie voor wedstrijdanalyses. Graham Barrow: 'Bij hem thuis stond een groot tv-scherm, daar zat hij met behulp van een splitscreen soms vier wedstrijden tegelijkertijd te bekijken. Ook wedstrijden uit de Engelse lagere divisies. Dat ontspande hem, zei hij dan. De rest van de staf ging liever golfen, maar daar had Roberto een hekel aan. Wanneer we met de staf op de baan stonden, belde hij al na anderhalf uur dat we vergadering zouden houden. (lacht) Altijd maar analyseren en over voetbal praten. Wanneer we met de bus terugkeerden van een verre verplaatsing zat hij al meteen de wedstrijd te herbekijken, soms tot twee keer toe.' Zijn maniakale passie voor voetbal en zijn stunt in de FA Cup leverden hem in 2013 uiteindelijk een prestigieuze opdracht op: David Moyes vervangen bij Everton FC. Uitgerekend in Liverpool, de stad waar hij in 2012 al eens aan de slag kon als coach van Liverpool maar bedankte voor de eer. In het eerste jaar bij Everton behaalde hij een vijfde stek, het beste resultaat ooit voor de Toffees, en greep hij net naast een ticket voor de Champions League. 'Dat eerste jaar Everton was Roberto op zijn best', oordeelt Graham Barrow. 'Moyes had een solide basis gelegd en hij kon die met zijn zin voor detail verfijnen. Ook het tweede jaar was verre van slecht, met een knappe reeks in de Europa League. En vorig seizoen behaalde hij twee halve finales en stond hij in de competitie twaalfde op het moment van zijn ontslag. Slecht kun je dat toch niet noemen? Ik vond zijn ontslag absoluut onterecht. Dat zal hij bij België wel bewijzen. Eigenlijk vind ik het jammer dat hij niet aangesteld werd als Engels bondscoach, hij zou de geknipte man zijn om ons team een nieuwe impuls te geven. Met de keuze voor Sam Allardyce keren we terug naar vroegere tijden. Roberto zorgt voor vernieuwing.' DOOR MATTHIAS STOCKMANS IN GROOT-BRITTANNIË - FOTO'S BELGAIMAGE'Het moment dat hij aangesteld werd als Swanseacoach wist ik dat ik een vriend verloor.' - LEON BRITTON, EX-PLOEGGENOOT EN -KAMERGENOOT BIJ SWANSEA CITY 'Na een paar weken antwoordde Roberto plots in het Engels, bleek dat hij ons al die weken om de tuin had geleid.' - GRAHAM BARROW, EX-COACH BIJ WIGAN ATHLETIC 'Als hij aan zijn oor frunnikte, was dat een afgesproken signaal wanneer ik hem diende te 'redden' van een journalist.' - ED JONES, COMMUNICATIEVERANTWOORDELIJKE VAN WIGAN