Niets liep zoals Ricardo Sá Pinto het in zijn oorspronkelijk plan had voorzien. De Portugese coach hoopte de bal zo hoog mogelijk te recupereren dankzij een 4-4-2 die hem sinds Nieuwjaar veel zekerheid bood. De Rouches domineerden, maar werkten niet af. Vaak stuitten ze op de vuisten van William Dutoit of op Oostende verdedigers. Aan de overzijde profiteerden de kustjongens van enkele Luikse cadeaus om met een voorsprong van twee doelpunten naar de kleedkamer te trekken.
...

Niets liep zoals Ricardo Sá Pinto het in zijn oorspronkelijk plan had voorzien. De Portugese coach hoopte de bal zo hoog mogelijk te recupereren dankzij een 4-4-2 die hem sinds Nieuwjaar veel zekerheid bood. De Rouches domineerden, maar werkten niet af. Vaak stuitten ze op de vuisten van William Dutoit of op Oostende verdedigers. Aan de overzijde profiteerden de kustjongens van enkele Luikse cadeaus om met een voorsprong van twee doelpunten naar de kleedkamer te trekken. De 4-4-2 van Sá Pinto beet de tanden stuk op het systeem dat Adnan Custovic op poten heeft gezet sinds hij overnam in de Versluys Arena: een vijfmansverdediging die de linie van vier offensieve Standardspelers kon afblokken en nog een man in de dekking houden. Ook op het middenveld was Oostende in de meerderheid, drie tegen twee. Zoals in januari tegen Eupen profiteerden de Luikenaars onvoldoende van hun flankspelers, die te weinig beslissend waren om het verschil te maken. Overal op het schaakbord scheen KVO dus een stuk meer te hebben. De wedstrijd kantelde na de pauze, toen Sá Pinto Mehdi Carcela in de strijd gooide in de plaats van Gojko Cimirot. Daardoor verhuisde Edmilson Junior naar links. Het wedstrijdbeeld veranderde op basis van één element: op de flanken waren Carcela en Edmilson duidelijk superieur aan Brecht Capon en Aleksandar Bjelica. Elk duel draaide in het voordeel van Standard uit en het gevaar kwam steeds dichter bij de Oostende muit. Het was uiteindelijk op links dat de Belgische Braziliaan een bres vond. Hij schakelde Capon uit en vond via Carcela Renaud Emond in een overbevolkte backlijn. Door de input van talent wijzigde Sá Pinto het verloop van de match. Tweede vervanging: Duje Cop die zijn plaats afstond aan Moussa Djenepo en Paul-José Mpoku die dichter bij het doel ging spelen. De Congolees diende als aanspeelpunt aan de rand van de rechthoek wanneer Carcela oprukte. Die had sinds het vertrek van Orlando Sá weinig aanspeelmogelijkheden, omdat Emond het spel liever vóór zich heeft. Na een slalom gaf de nummer 10 de bal aan Mpoku, die de Oostendse verdediging naar zich toe trok aan de rand van de backlijn en vervolgens de gelijkmaker in de voeten van Djenepo schoof. Door al dat talent leken de Luikse ideeën plots helder en Standard begon eindelijk zijn flankspelers te benutten om zijn ticket voor play-off 1 te pakken. Edmilson verliet zijn linkervleugel om een combinatie op te zetten met Carcela en trok zo het gat voor Collins Fai. De Kameroense back zag hoe het blok van Oostende alleen maar oog had voor Carcela om alleen op te duiken aan de tweede paal en de laatste goal van de match te maken. Om de voorsprong vast te houden stapte Sá Pinto weer af van zijn vrijwillig gecreëerde chaos. Hij organiseerde terug de discipline in zijn rangen met de inbreng van Uche Agbo in de plaats van Mpoku. De Nigeriaan ging naast Razvan Marin spelen. Zo stond er weer de 4-2-3-1 van het seizoensbegin, waarmee Standard vaak de nul hield (maar ook moeilijk kon scoren). In een situatie waarin consolideren belangrijker was dan aanvallen, was dat een evidente keuze en ze wierp ook vruchten af. Standard zit dus in play-off 1, zonder dat het al de formule vond om zijn talenten negentig minuten lang voluit te laten renderen. Maar ze zijn van zo'n hoog niveau dat de chemie van een kwartiertje kan volstaan om een wedstrijd te doen omslaan.