Het resultaat van zijn werk was snel in de wedstrijden te zien: Cercle voetbalt onder Bernd Storck met meer cohesie en met meer drang vooruit. 'Hij zorgde er in de eerste plaats voor dat alle neuzen weer in dezelfde richting staan: van de materiaalman tot het nummer 28 in de kern', zegt Rudi Cossey, de Belgische assistent-coach van Cercle. 'Daarbij is hij heel drastisch te werk gegaan. In die zin dat er een aantal mensen zijn moeten vertrekken, omdat ze voor hem niet voldeden of omdat zij zich niet in zijn manier van werken konden vinden.'
...

Het resultaat van zijn werk was snel in de wedstrijden te zien: Cercle voetbalt onder Bernd Storck met meer cohesie en met meer drang vooruit. 'Hij zorgde er in de eerste plaats voor dat alle neuzen weer in dezelfde richting staan: van de materiaalman tot het nummer 28 in de kern', zegt Rudi Cossey, de Belgische assistent-coach van Cercle. 'Daarbij is hij heel drastisch te werk gegaan. In die zin dat er een aantal mensen zijn moeten vertrekken, omdat ze voor hem niet voldeden of omdat zij zich niet in zijn manier van werken konden vinden.' Storck kwam bij Cercle met twee assistenten aan, onder wie zijn zoon, en die namen meteen alles in handen. Intussen zijn al vier stafleden vertrokken. Cossey is gebleven. 'Maar ook voor mij is het zoeken om mij te kunnen aanpassen aan zijn structuur en zijn werkwijze', bekent hij. 'Ik kan hem wel begrijpen. Hij is gewoon om met hen samen te werken. En dat zijn ook stuk voor stuk bekwame mensen. Maar ik ben gewoon om veel actiever bij de dagelijkse werking betrokken te zijn. In het begin stond ik echt aan de zijkant te kijken, maar intussen probeert hij mij toch stilaan te integreren. Mijn geluk is dat ik mij tegenover de groep in drie talen verstaanbaar kan maken. Ik treed een beetje op als tolk. We zullen zien hoe het evolueert en of het nodig zal zijn dat ik een nieuwe uitdaging zoek. Want ik wil mij in mijn job natuurlijk niet nutteloos voelen.' Hoe dan ook schat hij Storck hoog in. 'Hij is een coach die uitgaat van offensief voetbal, die wil dat er op elk moment verzorgd gevoetbald wordt en die daar heel veel op hamert. Over alles schept hij tot in de details duidelijkheid en wie zich het best kwijt van zijn taken speelt, ongeacht zijn statuut, persoonlijkheid of verleden. Desnoods doet hij het met minder getalenteerde jongens die zich meer ten dienste van de ploegtactiek willen stellen.' 'Elk wedstrijdplan is anders, afhankelijk van de tegenstander, en daar wordt tactisch heel specifiek op getraind. Dat is zijn vertrekpunt. Van daaruit probeert hij een bepaalde mentaliteit te creëren, mensen te overtuigen dat er meer in zit dan ze denken. Hij werkt ook heel hard met spelers individueel om ze beter te maken op fysiek, tactisch en technisch vlak. Ik moet eerlijk zeggen: het is ongelooflijk met welke energie die man elke dag op het veld staat om alles voor iedereen duidelijk te maken. Hij staat ermee op en gaat ermee slapen, denk ik.' Die passie probeert Storck op zijn groep over te brengen. 'Hij vraagt wel eens een speler wat onze volgende vijf wedstrijden zijn of wat de drie laatste uitslagen zijn van onze komende tegenstander. Maar dan blijkt dat niet iedereen daarvan op de hoogte is. ( lacht) Dat is maar een van de manieren waarop hij hen bij de zaak probeert te houden en hun betrokkenheid probeert te vergroten. Dat doet hij ook door hen veel info te sturen over hun rechtstreekse tegenstander, en door elke dag iets anders te doen op training. Zelfs de opwarming is iedere keer anders, zodat iedereen scherp blijft.' Op elk vlak legt hij duidelijke accenten in functie van zijn spelwijze. 'Hij liet bij zijn komst meteen fysieke testen afnemen en was niet tevreden over de resultaten ervan. Volgens hem was er te weinig op snelheid getraind. Hij wil dat er feller en agressiever wordt gespeeld en stelde krachtprogramma's op om sterker te worden in de duels. Wat hij doet, is gebaseerd op de tekortkomingen die hij vaststelt om te kunnen spelen zoals hij het wil. Hij is maniakaal met alles bezig en heel consequent in zijn manier van werken. Als ik zie wat hij vorig seizoen met Moeskroen deed en wat hij nu op korte tijd al bij ons deed, dan zeg ik: chapeau. Er zijn er veel die niet zouden zijn begonnen aan deze uitdaging, uit schrik om niet te slagen. Maar hij zette er zijn schouders onder met de overtuiging dat als iedereen zich maximaal geeft we eruit zullen geraken. Met deze filosofie komt hij iedere dag naar het werk.'