Wanneer Anderlecht op paasmaandag in het eigen Vanden Stockstadion de titelplay-off aftrapt tegen RC Genk, zit John van den Brom in de tribune en Dennis Praet op de bank. De coach heeft zich op de laatste speeldag van de reguliere competitie op het veld van AA Gent vergrepen aan de assistent-scheidsrechter. Aanleiding is de late Gentse gelijkmaker. Volgens Van den Brom heeft de kopbal van Kola de doellijn niet overschreden. De rode kaart in blessuretijd voor Olivier Deschacht doet de stoppen helemaal doorslaan bij de Nederlander. Praet is dan al gewisseld.
...

Wanneer Anderlecht op paasmaandag in het eigen Vanden Stockstadion de titelplay-off aftrapt tegen RC Genk, zit John van den Brom in de tribune en Dennis Praet op de bank. De coach heeft zich op de laatste speeldag van de reguliere competitie op het veld van AA Gent vergrepen aan de assistent-scheidsrechter. Aanleiding is de late Gentse gelijkmaker. Volgens Van den Brom heeft de kopbal van Kola de doellijn niet overschreden. De rode kaart in blessuretijd voor Olivier Deschacht doet de stoppen helemaal doorslaan bij de Nederlander. Praet is dan al gewisseld. Zijn uitval komt Van den Brom op één speeldag schorsing te staan. Zo komt het dat hij twee weken later naast Herman Van Holsbeeck in de Brusselse eretribune zit in plaats van in de dug-out. Anderlecht toont rustig meesterschap en leidt halfweg met 1-0. Beide mannen stoten elkaar lachend aan. Zij zijn gerust in de goede afloop. Aan een rechtstreekse lijn met assistent Besnik Hasi op het veld is geen behoefte. Maar na een uur keren de kansen. Genk komt langszij en van de weeromstuit lukt niets meer bij de thuisploeg. Het wordt nog 1-2. Het dollen is Van den Brom en Van Holsbeeck dan al lang vergaan. Praet druipt af zonder uit het trainingspak te zijn gegaan. Vijf dagen later zit de jonge spelmaker uit bij Standard opnieuw op de bank. Van den Brom kiest voor ultradefensief voetbal en komt weg met een doelpuntloos gelijkspel. Praet valt in na zeventig minuten. Speeldag 3 moet de wederopstanding inluiden. Zowel van Anderlecht als van Praet. Tegen Club Brugge staat de aanvallende middenvelder voor het eerst weer in de basis. Maar het gaat van kwaad naar erger. Club wervelt, Anderlecht staat erbij en kijkt ernaar. Nog voor het halfuur hangt Denis Odoi aan de noodrem en wordt hij uitgesloten. Praet - dan al gehinderd door kniestoten op beide dijen - is het kind van de rekening. Nog voor de rust wordt hij ingeruild voor een nieuwe rechtsachter, Marcin Wasilewski. Met zijn tienen recht Anderlecht na de pauze de rug. Club gaat door de knieën, de wedstrijd eindigt op 1-1. Praet heeft dan al gedoucht. Als hij denkt het ergste te hebben gehad, volgt voor Dennis Praet een nieuwe opdoffer. Voor het thuisduel tegen Lokeren valt hij in laatste instantie naast de selectie en moet hij in de tribune plaatsnemen. Daar ziet hij zijn ploegmaats met 3-0 de maat nemen van een verzwakte tegenstander. Volgens Van den Brom de 'referentiematch' waar zijn team zo naar smachtte. Hij grijpt terug naar een 4-4-2 met DieumerciMbokani én TomDe Sutter als diepe spitsen en houdt hier ook aan vast bij de daaropvolgende verplaatsing naar Waregem. Voor Praet is er weer geen plaats in het elftal. Ook niet op de bank. Zelfs niet in de tribune. Na de laatste training vindt hij tot zijn grote verbazing zijn naam niet terug op de lijst van geselecteerde spelers. In plaats van zich in trainingspak mee op afzondering te begeven trekt hij zijn jeans weer aan. Thuis op televisie ziet Praet zijn ploegmaats met 2-1 de boot ingaan. Opnieuw raakt Van den Brom de pedalen en zijn zelfbeheersing kwijt. Opnieuw zoekt hij de verklaring voor het falen van zijn team bij de arbitrage. De hyperemotionele coach komt er dit keer met een mondspoeling en een geldboete van af. Een week later staat hij gewoon weer langs de lijn tegen Club Brugge. Achter hem in de dug-out zit ook weer Praet. Invallen doet hij nog niet. Zonder hem maakt Anderlecht opnieuw slagzij: 2-1. Drie nederlagen, twee draws, één zege slechts. Cijfers een titelpretendent onwaardig. Na zes speeldagen is het tegen Standard meer dan ooit van moetens voor Anderlecht. Dat het überhaupt nog niet uit titelkoers is geslagen, dankt het aan dezelfde wisselvalligheid bij de concurrentie. Vanop de bank ziet Praet hoe Guillaume Gillet kort na de rust de 1-0 binnenkopt. Het stadion verkeert nog in extase wanneer Van den Brom zijn benjamin bij zich roept. Het nummer 11 van Milan Jovanovic gaat de hoogte in en Praet neemt zijn vertrouwde positie achter de diepe spits in. Hier en daar worden wenkbrauwen gefronst. Drie opeenvolgende duels speelde Praet niet, twee keer werd hij zelfs geen plaats op de bank waard geacht, en nu moet hij plots vanuit het niets helpen deze levensbelangrijke zege veilig te stellen? Met nog ruim een halfuur te gaan, bij een nog onzekere tussenstand. Van stress heeft de Leuvense tiener normaal weinig last, maar nu verraadt zijn gretige drinken toch enige zenuwachtigheid. Bij zijn eerste baltoets gaat het ook mis. Maar hij geeft niet af en bijt zich prompt vast in de kuiten van zijn tegenstander. Wanneer hij meteen daarna de fase tot de strafschopfout op Mbokani (en de 2-0) inleidt, is duidelijk dat Praet tijdens zijn afwezigheid niets aan kwaliteit heeft ingeboet. Van den Brom kan nu niet meer om zijn jonge middenvelder heen. Tegen Genk verdwijnt Jovanovic logischerwijs naar de bank en start Praet in de basis. Opnieuw is hij beslissend. Hij legt Matías Suárez de 0-1 op de voet en ziet wat later Massimo Bruno zijn voorzet maar net naast koppen. Het zijn twee van de drie kansen die Anderlecht voor de rust bij mekaar voetbalt. Opvallend is dat Praet het vuile werk niet schuwt en zelfs tackelend eigen balverlies rechtzet. Na dik zeventig minuten is zijn kaars uit. Demy de Zeeuw komt hem aflossen. Over waarom hij Praet voor de start van de nacompetitie uit de selectie liet, is Van den Brom altijd duidelijk geweest. In drie woorden: gebrek aan frisheid. De speler zelf is het daar niet mee eens. Na de belofte-interland tegen Cyprus - enkele dagen voor de start van play-off 1 - verschillen hij en zijn trainer hierover openlijk van mening. "Ik voel me wél nog fris en goed", zegt Praet dapper in Het Nieuwsblad. "Ik speelde een goede match tegen Cyprus. Hoewel ik veel positieve reacties kreeg, was de coach het daar niet helemaal mee eens." Wel waar is dat hij tijdens de wintermaanden enkele weken last had van een verkoudheid en lichte grieperigheid. Maar toen liet Van den Brom hem wel nog staan. Toch is niet uitgesloten dat er een grond van waarheid schuilt in Van den Broms observatie. Maar dan tot zijn eigen scha en schande. Het is een publiek geheim in Neerpede dat er vraagtekens kunnen worden geplaatst achter de trainingsaanpak van de Nederlander. Een aanpak zonder voldoende periodisering, met veel nadruk op intense weerstandstrainingen en weinig werk op uithouding. Gekoppeld aan een doorgedreven individueel krachtprogramma zou dat bij Praet zijn tol hebben geëist. In de club zag men de speelsheid uit zijn spel wegvloeien. En daarmee ook het plezier. Zijn lichaamstaal verried gaandeweg meer een arbeider dan een artiest. Twee andere vaststellingen zijn er nog te maken bij Praets verwijdering. Eén: ze viel samen met de enige twee wedstrijden waarin Demy de Zeeuw de aftrap haalde. De transfer van de 27-voudige Nederlandse international was in januari nog uitgelegd als een signaal dat Anderlecht weer meetelde in Europa. Niet in het minst dankzij de trainer en zijn wereldwijde netwerk, waaruit ook Bram Nuytinck en Samuel Armenteros werden opgevist. Die laatste speelde tot dusver 35 minuten. Ook De Zeeuw - later deze maand toch al dertig - bewees vooral niet klaar te zijn voor het serieuze werk. Na twee wedstrijden verdween hij geruisloos terug naar de bank. Herman Van Holsbeeck maakte vorige week bekend dat de optie in zijn contract niet wordt gelicht. Twee: ook voor Matías Suárez betekenden de play-offs zijn terugkeer in de basis. Dat was snel, na amper twee korte invalbeurten. Zijn doelpunt tegen Genk afgelopen zondag was zijn eerste van het seizoen. Vier maanden nadat hij mee op Turkse winterstage mocht met de selectie, is de oude Suárez nog niet opgestaan. Hij speelt - wat al meer is dan wat Gohi Bi Cyriac en Ronald Vargas (niet) doen - maar zoekt nog naar zijn genie. Het afspringen van zijn transfer naar CSKA Moskou snijdt nog steeds diep in het Brusselse vel. Anderlecht zag zich ongeveer 10 miljoen euro door de neus geboord. Miljoenen die de naar adem happende club financieel comfort hadden kunnen geven. De enige manier om de Argentijnse balkunstenaar alsnog te gelde te maken, is hem te laten spelen. De gemakkelijkste oplossing is dan een jonge speler op de bank te zetten. En nog een derde vaststelling misschien. Sinds de winter gaat het voetballend steeds minder met Anderlecht. Verdwenen is het lef waarmee Van den Brom zijn ploeg aanvankelijk liet voetballen, en wat hem met name in de Champions League ondanks de uitschakeling veel appreciatie opleverde. Tegen AA Gent, op de slotdag van de reguliere competitie, laat hij zijn elftal helemaal inzakken. Zó was het collectieve vertrouwen afgebrokkeld. De wedstrijd in Gent staat symbool voor het Anderlecht dat zich na de winterstop gaandeweg is gaan manifesteren. Wanneer de Brusselse recordkampioen de risico's uit zijn spel haalt, komt Lucas Biglia nog nadrukkelijker dan anders in beeld. De Argentijnse aanvoerder is zo al niet geneigd snel diepgang te zoeken. Hij trekt het spel naar zich toe, maar dan in zones waar hij geen druk krijgt. Zijn ballen gaan meestal lateraal. Het voordeel met Biglia is dat hij in de moeilijke momenten rust brengt in een elftal. Daarin vooral schuilt zijn belang voor dit met zichzelf worstelende Anderlecht. Tegelijk ontstaat er een probleem als het tempo te laag gaat liggen. Met name voor Dennis Praet. Praet trekt het spel evenzeer naar zich toe, maar dan een linie hoger. Een hoge spelverdeler is hij, die zich uitstekend tussen de lijnen beweegt en heel snel ziet waar de bal naartoe moet. Maar dan moet hij de bal wel hebben. De toekomst zal uitwijzen of hij beter wordt als hij sneller wordt aangespeeld. Al dan niet door Biglia. ?DOOR JAN HAUSPIE - BEELDEN: IMAGEGLOBEZijn lichaamstaal verried gaandeweg meer een arbeider dan een artiest.