Het is Eszter die ons op het uur van de afspraak komt melden dat Roderick nog even in gesprek is. Eszter Gyarmati is een jonge vrouw die je zo op de cover van een modeblad ziet staan. Duchâtelet promoveerde haar na zijn overname van de club tot algemeen directeur. Dat was een goeie keuze, zal de Belgische eigenaar en voorzitter van Ujpest FC ons uitleggen: 'Toen ik hier aankwam, was zij verantwoordelijk voor het organisatorische departement; en dat was zo ongeveer de enige afdeling die deed wat er gedaan moest worden. Zij is bovendien doctor in de rechten. Intussen kan ik alleen maar bevestigen dat het een goeie beslissing is geweest om haar op die positie te zetten.'
...

Het is Eszter die ons op het uur van de afspraak komt melden dat Roderick nog even in gesprek is. Eszter Gyarmati is een jonge vrouw die je zo op de cover van een modeblad ziet staan. Duchâtelet promoveerde haar na zijn overname van de club tot algemeen directeur. Dat was een goeie keuze, zal de Belgische eigenaar en voorzitter van Ujpest FC ons uitleggen: 'Toen ik hier aankwam, was zij verantwoordelijk voor het organisatorische departement; en dat was zo ongeveer de enige afdeling die deed wat er gedaan moest worden. Zij is bovendien doctor in de rechten. Intussen kan ik alleen maar bevestigen dat het een goeie beslissing is geweest om haar op die positie te zetten.' Voor de rest werd Roderick Duchâtelet in het begin als nieuwe baas van de oudste voetbalclub van Hongarije vooral geconfronteerd met onaangename verrassingen. 'De club zat op elk niveau veel dieper dan we dachten en de omstandigheden waren slecht', vertelt hij. 'Zo bleef de vroegere general manager na de overname vrolijk contracten tekenen met offshorebedrijven links en rechts, gedateerd op de periode dat hij mocht tekenen, en die kwamen allemaal miljoenen euro's claimen. Dat was niet te houden. Uiteindelijk lieten we de oude vennootschap in faling gaan en begonnen we met een nieuwe vennootschap, waarmee we het stadion probeerden te huren en waarin we de spelers en de licentie probeerden te krijgen. Dat lukte, maar het kostte ons wel Europees voetbal. We wonnen vorig jaar de beker, maar door de verandering van vennootschap werden we beschouwd als een andere club en mochten we niet aan de Europa League deelnemen. Maar het belangrijkste is dat we door een heel moeilijk proces zijn geraakt. Nu zitten we in een nieuwe structuur, zijn alle malversaties gekaderd en hebben we met de oude vennootschap niks meer te maken.' In het heetst van de strijd zette hij de club zelfs weer te koop. 'Voetbal is in dit land vrij politiek en op een bepaald moment was er veel geroddel en gezever; en waren er blijkbaar bepaalde mensen geïnteresseerd om de club over te nemen. Toen zegde ik: als dat zo is, maak u bekend, dan zullen we rond de tafel gaan zitten. Maar ze zijn niet gekomen en zo konden we dat hoofdstuk afsluiten. Dat is wat er toen is gebeurd. Nu proberen we hier iets moois op te bouwen.' Met andere woorden: doen waarvoor hij in oktober 2011 is gekomen. 'Dat is om in de regio een hub op te zetten voor ons netwerk. Want Hongarije is een heel interessant voetballand met een heel mooie voetbaltraditie. Maar elke competitie heeft zijn particulariteiten en in het begin maakten we wat foute sportieve keuzes. Ondertussen beginnen we ietwat beter zicht te krijgen op de lokale markt en kunnen we betere transfers doen. Dat maakt het verhaal op zakelijk vlak wat makkelijker, want het voetbalmodel is gebaseerd op transfers. De uitdaging is een break-even businessmodel op te zetten, daarvoor moeten we een meerwaarde zien te creëren en dat begint steeds beter te lukken.' Ook een meevaller: deze week wordt er door de overheid begonnen met de verbouwing van het Szusza Ferencstadion tot een UEFA B-stadion. Volgend jaar in april zal het al klaar zijn. 'Er komt onder meer een nieuw vipblok, een grand café met de gezondere keuken, een shop en een nieuw sanitair blok voor de supporters.' De capaciteit blijft dezelfde: 13.500. Dat is meer dan voldoende. Het volzet krijgen, is geen geringe uitdaging. 'En ons veld is het beste van de competitie', beweert Duchâtelet. 'Na het EK U19 vorig jaar kregen we er zelfs complimenten voor van de UEFA.' Hij leidt ons in de catacomben doorheen het sportieve blok. Sauna, jacuzzi, ijsbad, grote fitnesszaal. Voltijdse dokter. 'Veel Belgische eersteklassers moeten het met minder doen', weet Duchâtelet, gewezen aandeelhouder van Germinal Beerschot. 'Alles is hier aanwezig om te kunnen werken en een betere speler te kunnen worden, maar voor show en luxe moet je elders zijn.' In de kleedkamer zitten de twee Belgen van Ujpest FC naast elkaar: Kylian Hazard (20) en Jonathan Heris (25). Hoe gaat het eigenlijk met hen? Goed, aldus Duchâtelet. 'Toen we ons in België over Kylian informeerden, zegden ze: 'Oh, dat is niks.' Maar dat manneke was nog maar negentien jaar. Hier krijgt hij de ruimte om zichzelf te zijn en in alle rust te werken aan de ontwikkeling van zijn onmiskenbaar talent. Tegen Debrecen speelde hij een heel goeie wedstrijd. Maar zijn prestaties zijn nog met ups en downs. Als we er dat uit krijgen, zal hij hier snel weg zijn. Jonathan komt van tweedeklasser Tubize. Hij wekte al interesse van enkele Belgische eersteklassers, maar heeft intussen een Hongaarse vriendin en koos ervoor om hier te blijven.' Beiden wonen ze in wat Duchâtelet 'het spelershome' noemt. Hij neemt ons mee naar een in paars en wit geschilderd blok van zestien appartementen op een minuut of vijf rijden van het stadion. 'Hier wonen vijftien spelers en de conciërge', zegt hij. 'Wie bij ons een contract tekent, krijgt een appartementje ter beschikking gesteld. En: per vier spelers stellen we ook een Volkswagen Polo ter beschikking. Dat hoort bij het concept om hen onder controle te krijgen. Het bevordert de interactie, de samenwerking, de integratie. De teambuilding. Het zorgt ook voor meer sociaal contact tussen de spelersvrouwen. En als de vrouwen minder eenzaam en gelukkiger zijn, zijn de mannen sneller bereid om samen harder te werken. Toch?' Hij wijst op het dakterras, en op het zwembadje en de klimtoren in de tuin, en op de nabijheid van een groot warenhuis. 'Als ze een feestje willen geven, dan liever hier dan elders. (lacht) In de stad zorgden we voor een vergelijkbaar project, maar dat is voor spelers die hier al wat langer zitten en een stabiel familieleven hebben.' Het is, zegt Duchâtelet, ook een sociaal project in een arbeiderswijk met verouderde industrieën en heel veel werkloosheid. 'Toen we dit kochten, was het helemaal vervallen. Supporters deden de verbouwingen, dag en nacht, aan een rotvaart. In drie maanden was dit klaar. Mannen met 'Ujpest FC' in de nek of op het voorhoofd getatoeëerd. Het gevolg was wel dat ze zich fantasietjes zoals paarse verlichting permitteerden, maar dat neem je er graag bij.' De harde Ujpestkern is niet samengesteld uit koorknapen en dat kan wel eens voor problemen zorgen. 'Het is belangrijk om met hen te communiceren.' Duchâtelet verwijst onrechtstreeks ook naar het communistische verleden van Hongarije. 'Vroeger was het voetbal de enige uitlaatklep, de enige plaats waar ze zichzelf mochten zijn. Voor de rest moesten ze in het gelid lopen.' Dat vergt tegenwoordig wat aanpassing. 'Want de toekomst van het voetbal is een voetbal met voor families een mooie beleving errond. Ik vind Genk daar een mooi voorbeeld van.' Ujpest FC ambieert de top drie. Maar vorige week stond het pas gedeeld zesde, op twaalf eersteklasseploegen. De competitiestart was toch alweer moeilijk. Dat komt, legt Duchâtelet uit, door een plotse reglementswijziging. 'We mogen nog zeven buitenlanders een contract geven, van wie er niet meer dan drie gelijktijdig op het veld mogen staan, en we worden via de verdeling van de tv-gelden financieel gestimuleerd om met Hongaarse U20-spelers te spelen. Daardoor moesten we de ploeg weer omgooien en dringend nog wat Hongaren van een bepaald niveau zien te vinden. Andere clubs waren daar beter op voorbereid, zeker clubs die gewoon zijn om het alleen maar met Hongaren te doen.' Het was een impuls om te investeren in een eigen jeugdopleiding. 'Voor de aanvoer van jonge spelers waren wij afhankelijk van het werk van de omnisportkoepel, maar daar kwam te weinig kwaliteit van.' Dit seizoen startte hij met een eigen U17- en U19-ploeg. Op wandelafstand van het stadion kocht hij een groot huis waar de negen talentvolste jeugdspelers samenwonen en wat verder nam Duchâtelet 44.000 vierkante meter sportinfrastructuur over van een farmaciebedrijf. 'Intussen werd er een subsidiedossier goedgekeurd voor de aanleg van twee grote en twee kleine kunstgrasvelden', zegt hij. 'De bedoeling is om de jeugdafdeling volgend seizoen verder uit te bouwen tot en met de U9.' De conciërge van het talenthouse is van opleiding kok. 'Goed en gezond eten is iets wat we die jongens moeten leren', benadrukt Duchâtelet. 'Het is heel belangrijk Hongaarse spelers in een systeem te krijgen van: eat, sleep, football, repeat. Want wat levensstijl betreft, hebben ze een achterstand op het Europese schema. Met veel individuele aandacht proberen we die weg te werken.' Roderick Duchâtelet zelf woont met zijn echtgenote en twee zoontjes - van vijf en zeven jaar - in de stad. Hij wil er nog lang blijven. 'Dat is zeker de bedoeling', zegt hij. 'Want we zijn hier heel graag en zijn wel degelijk op lange termijn aan het investeren. Boedapest is een fantastische stad met een ongelooflijke levenskwaliteit. Of het nu warm is of in de winter koud: de hemel is altijd blauw. In België word ik depressief. Onze jongens zitten op een Franstalige internationale school en dat vind ik voor hen een waardevolle ervaring. Mijn echtgenote hielp in het begin mee op de club, als financieel profiel en extra vertrouwenspersoon, en ondersteunt nu wat projecten op freelancebasis. Ze is ook toegetreden tot het bestuur van de Belgische businessclub in Boedapest. Neen, ik zie mezelf niet snel terugkeren naar België. Alles zit er vast, het verkeer én de politiek. Hier beweegt heel veel. Voor een ondernemer in mijn sector zijn hier veel zaken te doen.' Hongarije is een lagelonenland en de overheid investeert er momenteel heel veel geld in het voetbal. 'Ze constateerden dat het niet goed ging met hun jeugd en vroegen zich af: hoe krijgen we die van straat?', weet Duchâtelet. 'Via het verenigingsleven, zoals sportverenigingen, luidde het antwoord. Ooit was Hongarije een grote voetbalmacht, met spelers van hier, maar dat is allemaal een beetje teloorgegaan. Daarom zijn ze nu volop stadions aan het zetten, zelf of door middel van toekenning van subsidies. Ik denk dat er het afgelopen jaar in dit land ook wel tweehonderd nieuwe velden werden aangelegd, waarvan heel veel kunstgrasvelden. Ze zeggen: breng ons projecten; en daar zetten ze dan een projectmanager op. 'Zoals gezegd kenden we hier in het begin problemen, maar uiteindelijk kregen we van de overheid en de voetbalbond de nodige steun om dat recht te trekken. De daadkracht is hier groot. Het supermoderne nieuwe stadion van Ferencvaros stond er in één jaar, van beslissing om het te bouwen tot ingebruikname. Hier worden beslissingen genomen. Soms zijn ze wat onhandig in hun manier van implementeren, omdat ze het niet gewoon zijn om in dialoog beslissingen te nemen; en soms moet een beslissing teruggedraaid worden, omdat het geen goeie beslissing blijkt te zijn geweest. Maar er beweegt toch iets, en ze willen echt vooruit met hun voetbal. Daarom lieten ze Double Pass (Belgisch voetbalauditbedrijf, nvdr) alle jeugdopleidingen van het land doorlichten, omdat ze weten waar het probleem van het Hongaarse voetbal ligt: er wordt niet goed gewerkt met de jeugd.' DOOR CHRISTIAN VANDENABEELE IN BOEDAPEST - FOTO'S BELGAIMAGE - ÜVEGES ZSOLT'Kylian Hazard krijgt hier de ruimte om in alle rust te werken aan de ontwikkeling van zijn onmiskenbaar talent.' RODERICK DUCHÂTELET