Oradea is een Roemeense universiteitsstad, ongeveer zo groot als Gent, gelegen aan de grens met Hongarije. Er zijn nog wel typische, grauwe appartementsblokken te zien, daterend uit het communistische tijdperk, maar toch valt vooral de vernieuwingswoede op. Heraangelegde stadsparkjes, glimmende kerken, imponerende pleinen en propere wandelpaden langs de rivier Cris. Een verrassend beeld. Wat verderop liggen de thermische baden van Baile Felix, een toeristische aanrader. Maar daarvoor reisden we, nog vóór de coronacrisis losbarstte, niet naar hier.

In het stadscentrum, aan de brede en drukke Dimitrie Cantemir Bulevardul, huist op het gelijkvloers van zo'n gedateerd flatgebouw de Mihai Nesu Foundation. Elke dag stromen daar tientallen kinderen toe. Allemaal met een motorische beperking. Door aangeboren hersenverlamming, autisme of het syndroom van Down.

Ook Dries Mertens wandelde hier drie jaar geleden binnen. Tijdens zijn vakantie in juni 2017 bracht hij in Oradea een bezoek aan zijn goede vriend Mihai Nesu. Een ex-ploegmaat van bij FC Utrecht, waar ze twee seizoenen samen speelden tussen 2009 en 2011. Tot een ongelukkig duel op training abrupt een einde maakte aan de voetbaldroom van Mihai Nesu. Een verkeerde val met verregaande gevolgen: nekwervel gebroken en permanente verlamming.

'Soms denk ik dat dit meant to be was, om een ommekeer in mijn leven in gang te zetten', blikt Mihai Nesu (37) terug op dat moment. We zitten tegenover elkaar in zijn kleine kantoortje in het revalidatiecentrum dat hij in 2015 opstartte en waar tegenwoordig zo'n honderdtal motorisch beperkte kinderen geholpen worden met verscheidene soorten therapie. Er zijn wachtlijsten van meer dan een jaar.

'Wat ik nu doe, is nuttiger dan toen ik voetbalde', verklaart hij zich nader. 'Ik geloof dat mijn ongeluk een hoger doel diende. Toen ik daar op de grond lag, merkte ik meteen dat ik mijn lichaam niet kon bewegen. Ik geraakte even niet aan zuurstof - een zeer akelige ervaring, ik schreeuwde om lucht - en er was ook een ernstige bloeding. Normaal gezien takelen je hersenen dan snel af of erger, overleef je zoiets niet. Maar ik overleefde het en hield er zelfs geen hersenschade aan over. Een mirakel.'

Een doelpunt voor Mihai

Dries Mertens maakte het van dichtbij mee. Ook voor hem was dat trainingsincident een ingrijpende gebeurtenis. ( zie kader) Hij leerde al vroeg in zijn leven - Mertens was toen net 24 jaar geworden en beleefde bij FC Utrecht zijn grote doorbraak als profvoetballer - dat je maar beter niet te veel toekomstplannen maakt, want in een vingerknip kan alles omgegooid worden. Nog geregeld verwijst de Rode Duivel in interviews of gesprekken naar die dag, 10 mei 2011, als een moment dat hem vormde als voetballer, maar vooral als mens.

De levensgenieter zoals we Dries Mertens nu kennen, altijd goedlachs, gul en geliefd door iedereen, kreeg toen vorm. 'Dat zat al in mij, maar door die gebeurtenis is dat versterkt', vertelt Mertens ons. 'Ik besefte plots dat het elke dag gedaan kan zijn, en dat je dus maar beter ten volle geniet van elk moment. Mihai was een zeer gezonde kerel, een goede spaarder, met slimme plannen voor later... in een paar seconden was dat allemaal weg en zat hij in een rolstoel.'

Zelf verhuisde Mertens die zomer van 2011 van FC Utrecht naar PSV Eindhoven, maar dat belette hem niet om geregeld een bezoek te brengen aan Mihai tijdens diens eerste jaren revalidatie in Nederland. Een telefoontje, een Whatsappbericht. Of een doelpunt opdragen. Zoals tijdens PSV-Utrecht op 16 februari 2013.

Mihai rakelt de anekdote met plezier op: 'Hij had me uitgenodigd voor die wedstrijd en vooraf zei hij dat hij zou scoren voor mij. Wat hij ook deed. Maar hij wist niet waar ik zat en rende naar de ene kant van de tribunes om zijn shirt met opschrift te tonen... terwijl ik aan de andere kant zat. ( lacht) Pas achteraf zag ik op foto's wat erop stond. Ik werd best emotioneel door dat gebaar.'

'Bij FC Utrecht had ik met Dries een goed contact, maar niet meer. Ik zat vaak thuis, Dries was meer het outgoing type', lacht Mihai wanneer we hem vragen naar de band met onze landgenoot. 'Maar hij bleef contact houden na mijn ongeluk, dat illustreert wat een goed mens hij is. Waarmee ik niet wil zeggen dat zij die dat niet deden slechte mensen zijn. Soms zit iemand zelf met zwakke plekken, waardoor die het moeilijk heeft om met andermans problemen geconfronteerd te worden. Ik ken genoeg vrienden die geen voet in het centrum hier zetten omdat ze het niet aankunnen. Maar Dries zit goed in zijn vel en staat stevig in zijn schoenen. Hij behandelt mij als een normaal, gezond mens. Het is daarom dat hij in Italië zo geliefd is. Overal waar hij komt eigenlijk.'

Mihai Nesu in zijn kantoortje met Iulia Bacaran, CEO van de Foundation., MATTHIAS STOCKMANS
Mihai Nesu in zijn kantoortje met Iulia Bacaran, CEO van de Foundation. © MATTHIAS STOCKMANS

'Dries hoeft geen tijd en energie in mij te steken, hij heeft zijn leven als vedette in Napoli, maar toch doet hij dat. Drie jaar geleden was hij hier op bezoek, we gingen samen eten, hij bezocht het revalidatiecentrum, was aanwezig op een gala waar we geld inzamelden. Kevin Strootman ( eveneens ex-FC Utrecht, nvdr) was er toen ook. En we zagen elkaar ook eens in de VS, toen ik daar revalideerde in Californië. Dries was op rondreis en maakte een omweg van 100 kilometer om mij te bezoeken. Een fantastisch moment.'

In het revalidatiecentrum in Oradea kunnen zo'n honderd kinderen met een motorische beperking terecht voor therapie., MATTHIAS STOCKMANS
In het revalidatiecentrum in Oradea kunnen zo'n honderd kinderen met een motorische beperking terecht voor therapie. © MATTHIAS STOCKMANS

Nog steeds bellen ze elkaar of sturen ze berichtjes. Hoewel hij een Juvefan is, probeert hij zoveel als hij kan de wedstrijden van Napoli en Mertens te volgen. Naar de wedstrijden gaan kijken doet Mihai niet. Door zijn beperkte mobiliteit en zijn verantwoordelijkheden in het revalidatiecentrum blijft hij liefst in Roemenië. Mihai: 'We hebben wel een weddenschap lopen: als Napoli ooit de titel wint, brengt hij me naar Napels en betaalt hij alles. Van mij mag het.' Een brede glimlach volgt.

Taboe

Hoe positief hij zijn situatie nu ook benadert, voor Mihai is het een bochtige zoektocht geweest naar nieuwe doelen in zijn leven. Die eerste maanden na zijn ongeluk stonden daarbij in het teken van basisprincipes, hij moest zoveel opnieuw aanleren: zelfstandig ademen, praten, eten. 'Die eerste keer dat ik terug een stukje brood at, was een zeer vreemde ervaring', herinnert hij zich.

Hij zit nu in een rolstoel, zijn armen kan hij slechts beperkt bewegen. Mihai leerde dan maar zijn mond gebruiken om met een pen zijn smartphone te bedienen. Hij doet er alles mee: berichten typen, mails beantwoorden, foto's bewerken voor zijn sociale media en zelfs tekenen.

Niet zomaar tekeningen, maar een heus architecturaal plan voor een nieuw op te richten revalidatiecentrum net buiten Oradea. Met gepaste trots toont hij ons zijn project. Het bestaat uit een centraal gebouw met diverse therapieruimtes, daarrond een indoor zwembad voor de hydrotherapie, een boerderij voor onder andere hippotherapie, een plantentuin waar de kinderen leren tuinieren en die in een latere fase als tewerkstellingsplaats kan gebruikt worden, een speeltuin die allerlei oefeningen voorziet voor de zintuiglijke ontwikkeling. En ook enkele gastenkamers. Om de families op te vangen die van de andere kant van het land komen om hun kinderen te helpen.

Kostprijs van dit alles: 3,5 miljoen euro. De grond heeft de Mihai Nesu Foundation al in eigendom - 'Los van de politiek, want we willen onafhankelijk blijven, we zijn een ngo', aldus Mihai - en 500.000 euro werd ingezameld. Voor het merendeel van de overige kosten rekent Mihai op lokale bedrijven: 'Omdat die in Roemenië 20 procent van hun winst aan goede doelen kunnen afstaan in plaats van aan de belastingdienst. Toch is het ook belangrijk dat we kleinere acties doen, zoals een sms-actie die misschien minder opbrengt, maar die voor betrokkenheid zorgt.'

Dat de Mihai Nesu Foundation zo een succes werd en vandaag honderd kinderen kan helpen - straks hopelijk het drievoudige in het nieuwe complex - was nochtans niet ingecalculeerd. 'We zijn begonnen met één therapieruimte en één kinesist, ' vertelt Iulia Bacaran, bij de Foundation de rechterhand van Mihai Nesu. Zij werd in 2014 aan Mihai voorgesteld door George Ogararu, een Roemeense ex-voetballer van Ajax. Enkele maanden en vele aanvragen later begrepen ze beiden dat hun initiatief een noodzaak was in Roemenië.

In het revalidatiecentrum in Oradea kunnen zo'n honderd kinderen met een motorische beperking terecht voor therapie., MATTHIAS STOCKMANS
In het revalidatiecentrum in Oradea kunnen zo'n honderd kinderen met een motorische beperking terecht voor therapie. © MATTHIAS STOCKMANS

Iulia: 'In de Roemeense samenleving zijn gehandicapte mensen nog steeds taboe. Volgens mij een erfenis van het jarenlange communisme hier. Toen werden ze verborgen gehouden. Het betekende immers dat je als ouder moest boeten voor een zonde. De situatie is al verbeterd, maar veel Roemenen weten nog steeds niet hoe ze met fysiek of geestelijk beperkte mensen moeten omgaan.'

Ze heeft het zelf ook moeten leren, geeft ze toe. 'Ik herinner me mijn eerste werkdag: er kwam een jongen binnen met totale verlamming, hij kon zelfs het hoofd niet recht houden. Toen ging ik toch even twijfelen: kan ik dit wel aan? Maar ik overtuigde mezelf dat dit meer is dan een job. Geleidelijk aan leer je ook andere aspecten zien. Sommige kinderen kunnen misschien niet spreken, maar creëren in hun hoofd een eigen universum. Ze horen je, ze zien je, ze begrijpen je. Maar ze gaan er op een andere manier mee om. Ze zenden signalen uit met hun ogen, of met een klein gebaar, dat kan een glimlach zijn.'

Een gedeeld lot

Dat mogen we zelf merken tijdens een rondleiding langs de verschillende therapieruimtes. We ontmoeten Sarah, een dapper en vrolijk meisje van zes, dat lijdt aan cerebrale parese (hersenverlamming). Net zoals Mihai Nesu moet ze dagelijks spieroefeningen doen. Is het niet om te evolueren naar genezing dan wel zeker om te voorkomen dat ze verder achteruit zou gaan.

In de ruimte ernaast zien we Estera bezig, die kampt met spasmen. Ze heeft haar beenspieren niet onder controle, waardoor ze op haar zeventiende nog steeds leert stappen. Ze demonstreert een loopje van enkele meters. We steken de duim omhoog. Ze lacht verlegen.

Wat verderop is een therapeut bezig met Matei, een schattig, piekfijn uitgedost jongetje van vijf jaar. Hij is hypotoon, zijn hersenen geven te weinig (of vertraagde) impulsen naar zijn zintuigen en omgekeerd. Via spelletjes oefenen ze zijn reactiesnelheid en associatief vermogen.

De meest uitdagende patiënten hier zijn de kindjes met autisme. Zoals Rianna. Onze aanwezigheid zorgt voor grote agitatie bij haar, hetgeen normaal is, zo worden we meteen gerustgesteld: kinderen uit het autismespectrum zijn erg gevoelig voor plotse veranderingen in hun omgeving. Rianna is in zichzelf gekeerd, kan amper communiceren, motorisch zeer beperkt. Tonnen respect voor Daniel, de therapeut die elke dag met haar aan de slag gaat. De ene dag al vlotter dan de andere. En tonnen respect voor Rianna zelf en haar ouders.

Het Saint-Nectarioscentrum, nu nog op de oude locatie, dat te klein is geworden. Mihai Nesu werkte plannen voor een nieuw complex uit, moderner en drie keer zo groot., MATTHIAS STOCKMANS
Het Saint-Nectarioscentrum, nu nog op de oude locatie, dat te klein is geworden. Mihai Nesu werkte plannen voor een nieuw complex uit, moderner en drie keer zo groot. © MATTHIAS STOCKMANS

'Aanvankelijk was het de bedoeling om enkel kinderen met hersenverlamming aan te nemen, ' vertelt Iulia, 'maar we kwamen er snel achter dat je kinderen met autisme of het syndroom van Down niet kunt uitsluiten van gerichte therapiebehandeling. Zij kunnen wel in ziekenhuizen terecht, maar ten eerste kost dat veel - tot 5000 euro per maand, terwijl het gemiddelde inkomen in Roemenië tussen de 400 en 800 euro schommelt, bij ons betalen ze slechts 10 procent van de totale kosten - en ten tweede kunnen ze daar meestal maar in periodes van drie weken terecht, twee keer per jaar. Ook in scholen worden kinderen met verschillende diagnoses samengezet. Dat heeft geen zin.'

Tijdens PSV-Utrecht van 16 februari 2013 droeg Dries Mertens een doelpunt op aan zijn vriend Mihai., MATTHIAS STOCKMANS
Tijdens PSV-Utrecht van 16 februari 2013 droeg Dries Mertens een doelpunt op aan zijn vriend Mihai. © MATTHIAS STOCKMANS

'Het is nochtans belangrijk dat je een kind met hersenverlamming al op vroege leeftijd therapie laat volgen, élke dag', zet Iulia haar pleidooi verder. 'Dan behouden ze een kans op herstel. Nooit volledig natuurlijk, maar een kind met hersenverlamming kan leren wandelen. Er zijn hier kinderen binnengekomen die enkel konden kruipen, maar die na jaren therapie stappend naar buiten gingen.'

Ook Mihai is elke dag aanwezig in het revalidatiecentrum. Het valt op hoe graag de kinderen in zijn buurt vertoeven. En vice versa. Hij kent ze allemaal bij naam. Niet het feit dat hij een bekende voetballer was, maar het feit dat hij hun lot deelt, zorgt voor vertrouwen bij de kinderen én bij de ouders.

De Foundation is er ook voor die ouders, verduidelijkt Iulia. 'We hebben er al veel ineen zien stuiken of in elkaars armen zien vallen in onze wachtzaal. Sommigen zijn blij dat ze hier even van hun kind verlost zijn - dat klinkt hard, maar het is zeer begrijpelijk. De ouders zorgen voor een community, ze zijn verenigd in een Facebookgroep en wisselen tips uit of bieden elkaar morele steun.'

Gat in de ziel

Morele steun is soms nog belangrijker dan de lichamelijke therapie, ondervond ook Mihai Nesu tijdens de eerste jaren van zijn revalidatie. Nadat hij in 2011 in een rolstoel belandde, zag hij enkele maanden later zijn echtgenote vertrekken en in 2014 verloor hij beide ouders. Zijn moeder overleed aan kanker, enkele maanden later begaf ook het hart van zijn vader, een voormalige voetbalscheidsrechter. Mihai: 'Mijn vader had het heel moeilijk met mijn verlamming: hij was zelf altijd heel sportief en competitief geweest. Dat zijn zoon, een profvoetballer, plots in een rolstoel zat, kreeg hij niet verwerkt. Het ging snel achteruit met hem na mijn ongeluk.'

Mihai was zelf ook een tijdje de weg kwijt, erkent hij. 'Na mijn verlamming voelde het aan alsof ik een gat in mijn ziel had. Welk doel heb ik nog op deze aardbol? Wat kan ik nog doen? Heeft het zin om verder te leven? Bestaat God? En waarom doet hij me dit dan aan?

'Ik ging op zoek naar verschillende vormen van geloof: veel lezen, praten en kerken bezoeken. Uiteindelijk belandde ik bij het orthodoxe christendom. Vandaar ook dat we het centrum naar een Grieks orthodoxe heilige vernoemden: Saint-Nectarios. Halfweg 2016, het revalidatiecentrum was toen al een jaar open, voelde ik ineens een grote verandering binnen mezelf. Bijna van de ene dag op de andere verdwenen al mijn twijfels, mijn donkere gedachten en mijn gevoel van doelloosheid. Pas als je jezelf in de hand hebt, kun je anderen helpen. En die twee factoren versterken elkaar op de duur.

'Wat er met mijn leven gebeurde na dat ongeval noem ik dikwijls een mirakel', besluit Mihai. 'Soms voel ik me gelukkiger dan toen ik nog voetbalde. Mensen verklaren me gek als ik dat zeg, maar het is zo. Ondanks de pijn - vooral 's nachts zie ik serieus af. Dan kom ik de volgende ochtend naar het centrum en zie ik de lachende gezichten van de kinderen en vergeet ik alles.'

Dries Mertens en Mihai Nesu groeiden pas na het ongeluk van Mihai dichter naar elkaar toe. Nu zijn ze goede vrienden., MATTHIAS STOCKMANS
Dries Mertens en Mihai Nesu groeiden pas na het ongeluk van Mihai dichter naar elkaar toe. Nu zijn ze goede vrienden. © MATTHIAS STOCKMANS

Dries Mertens: 'Voetbal is niet alles, besef ik sinds dat moment'

Dries Mertens speelde van 2009 tot 2011 voor FC Utrecht. In die twee seizoenen was hij er ploegmaat van Mihai Nesu, een Roemeense linksachter die er al een jaar eerder rondliep en in totaal 81 wedstrijden zou spelen voor de Utrechtenaren. 'Wij waren geen dichte vrienden, eerder goede ploegmaats. Maar na zijn ongeluk ben ik hem blijven opzoeken en is die band gegroeid', vertelt Mertens, die meermaals een doelpunt opdroeg aan zijn vriend en ook financiële en promotionele steun biedt aan diens Mihai Nesu Foundation.

Negen jaar na die ingrijpende gebeurtenis herinnert Mertens zich nog goed de omstandigheden van het ongeval: 'Het was een normale tackle, zoals die honderden keren gebeuren op een training, maar Mihai landde verkeerd. Voor we het wisten stond er een ambulance op het veld en werd hij op een draagberrie afgevoerd, zijn hoofd kon hij niet bewegen. In eerste instantie denk je dan: binnen een paar dagen traint hij weer mee, het zal wel oké zijn... ( stilte)

'Dat incident heeft bij mij wel iets veranderd: ik besefte plots dat het elke dag gedaan kan zijn, en dat je er dus maar beter ten volle van geniet. Mihai was een zeer gezonde kerel, een goede spaarder, met slimme plannen voor later... in een paar seconden was dat allemaal weg en zat hij in een rolstoel. Hij heeft moeten vechten, want hij heeft zeker donkere tijden meegemaakt in die eerste jaren, maar door zijn Foundation en zijn geloof vond hij weer nieuwe energie.

'Ik ben altijd al een levensgenieter geweest, ' gaat de Rode Duivel verder, 'maar zo'n gebeurtenis versterkte dat nog. Geniet van elke dag, van het voetbal en van de kleine dingen. En blijf positief, ook en vooral bij tegenslagen. Voetbal is niet alles, besef ik sinds dat moment.

'Het doet mij plezier om Mihai nu zo gelukkig te zien. Ik heb daar grote bewondering voor: hoe hij dat vreselijke incident in iets positiefs omzette. Ik denk niet dat ik het zou kunnen mocht mij zoiets overkomen.'

In de zomer van 2017 besloot Dries Mertens zijn goede vriend te gaan bezoeken in Oradea, zijn geboortestad in Roemenië waar hij in 2015 een revalidatiecentrum opende. 'Omdat ik eens met eigen ogen wilde zien waar hij mee bezig is', legt Mertens uit. 'Wat mij bijblijft, is de energie die ik daar voelde. Als je die kinderen dapper bezig ziet en de betrokkenheid van het personeel... heel mooi. Ze zijn nu geld aan het inzamelen voor een nieuw centrum, dat driemaal zo groot moet worden. Niet evident, want er heerst nog altijd veel armoede in Roemenië. Net daarom is wat Mihai doet zo nuttig. Er zijn veel kinderen die geen therapie kunnen betalen, hij biedt hen een alternatief.

'Ik zou eigenlijk nog veel vaker naar hem toe willen gaan, maar helaas ontbreekt mij de tijd door mijn professionele verplichtingen', vertelt Mertens, die ook al tweemaal een donatie van enkele duizenden euro's deed aan de Mihai Nesu Foundation. Een gebaar dat hij zelf minimaliseert: 'Ik probeer vooral reclame te maken, maar dat stelt weinig voor, alle eer komt Mihai toe.'

Mihai Nesu

Geboren

19/02/1983 Oradea (Roemenië

Clubs

Linksachter bij Steaua Boekarest (2001-2007) en FC Utrecht (2008-2011

Speelde vijf keer voor de Roemeense nationale ploeg

Ongeval

Kwam op 10 mei 2011, in aanloop naar de laatste wedstrijd van het seizoen met Utrecht, verkeerd neer na een duel op training en brak daarbij een nekwervel. Zit sindsdien in een rolstoel

Richtte in 2015 in Oradea de Mihai Nesu Foundation op, een revalidatiecentrum voor kinderen met een motorische beperking, alsook kinderen met autisme of het syndroom van Down

Oradea is een Roemeense universiteitsstad, ongeveer zo groot als Gent, gelegen aan de grens met Hongarije. Er zijn nog wel typische, grauwe appartementsblokken te zien, daterend uit het communistische tijdperk, maar toch valt vooral de vernieuwingswoede op. Heraangelegde stadsparkjes, glimmende kerken, imponerende pleinen en propere wandelpaden langs de rivier Cris. Een verrassend beeld. Wat verderop liggen de thermische baden van Baile Felix, een toeristische aanrader. Maar daarvoor reisden we, nog vóór de coronacrisis losbarstte, niet naar hier. In het stadscentrum, aan de brede en drukke Dimitrie Cantemir Bulevardul, huist op het gelijkvloers van zo'n gedateerd flatgebouw de Mihai Nesu Foundation. Elke dag stromen daar tientallen kinderen toe. Allemaal met een motorische beperking. Door aangeboren hersenverlamming, autisme of het syndroom van Down. Ook Dries Mertens wandelde hier drie jaar geleden binnen. Tijdens zijn vakantie in juni 2017 bracht hij in Oradea een bezoek aan zijn goede vriend Mihai Nesu. Een ex-ploegmaat van bij FC Utrecht, waar ze twee seizoenen samen speelden tussen 2009 en 2011. Tot een ongelukkig duel op training abrupt een einde maakte aan de voetbaldroom van Mihai Nesu. Een verkeerde val met verregaande gevolgen: nekwervel gebroken en permanente verlamming. 'Soms denk ik dat dit meant to be was, om een ommekeer in mijn leven in gang te zetten', blikt Mihai Nesu (37) terug op dat moment. We zitten tegenover elkaar in zijn kleine kantoortje in het revalidatiecentrum dat hij in 2015 opstartte en waar tegenwoordig zo'n honderdtal motorisch beperkte kinderen geholpen worden met verscheidene soorten therapie. Er zijn wachtlijsten van meer dan een jaar. 'Wat ik nu doe, is nuttiger dan toen ik voetbalde', verklaart hij zich nader. 'Ik geloof dat mijn ongeluk een hoger doel diende. Toen ik daar op de grond lag, merkte ik meteen dat ik mijn lichaam niet kon bewegen. Ik geraakte even niet aan zuurstof - een zeer akelige ervaring, ik schreeuwde om lucht - en er was ook een ernstige bloeding. Normaal gezien takelen je hersenen dan snel af of erger, overleef je zoiets niet. Maar ik overleefde het en hield er zelfs geen hersenschade aan over. Een mirakel.'Dries Mertens maakte het van dichtbij mee. Ook voor hem was dat trainingsincident een ingrijpende gebeurtenis. ( zie kader) Hij leerde al vroeg in zijn leven - Mertens was toen net 24 jaar geworden en beleefde bij FC Utrecht zijn grote doorbraak als profvoetballer - dat je maar beter niet te veel toekomstplannen maakt, want in een vingerknip kan alles omgegooid worden. Nog geregeld verwijst de Rode Duivel in interviews of gesprekken naar die dag, 10 mei 2011, als een moment dat hem vormde als voetballer, maar vooral als mens. De levensgenieter zoals we Dries Mertens nu kennen, altijd goedlachs, gul en geliefd door iedereen, kreeg toen vorm. 'Dat zat al in mij, maar door die gebeurtenis is dat versterkt', vertelt Mertens ons. 'Ik besefte plots dat het elke dag gedaan kan zijn, en dat je dus maar beter ten volle geniet van elk moment. Mihai was een zeer gezonde kerel, een goede spaarder, met slimme plannen voor later... in een paar seconden was dat allemaal weg en zat hij in een rolstoel.' Zelf verhuisde Mertens die zomer van 2011 van FC Utrecht naar PSV Eindhoven, maar dat belette hem niet om geregeld een bezoek te brengen aan Mihai tijdens diens eerste jaren revalidatie in Nederland. Een telefoontje, een Whatsappbericht. Of een doelpunt opdragen. Zoals tijdens PSV-Utrecht op 16 februari 2013. Mihai rakelt de anekdote met plezier op: 'Hij had me uitgenodigd voor die wedstrijd en vooraf zei hij dat hij zou scoren voor mij. Wat hij ook deed. Maar hij wist niet waar ik zat en rende naar de ene kant van de tribunes om zijn shirt met opschrift te tonen... terwijl ik aan de andere kant zat. ( lacht) Pas achteraf zag ik op foto's wat erop stond. Ik werd best emotioneel door dat gebaar.' 'Bij FC Utrecht had ik met Dries een goed contact, maar niet meer. Ik zat vaak thuis, Dries was meer het outgoing type', lacht Mihai wanneer we hem vragen naar de band met onze landgenoot. 'Maar hij bleef contact houden na mijn ongeluk, dat illustreert wat een goed mens hij is. Waarmee ik niet wil zeggen dat zij die dat niet deden slechte mensen zijn. Soms zit iemand zelf met zwakke plekken, waardoor die het moeilijk heeft om met andermans problemen geconfronteerd te worden. Ik ken genoeg vrienden die geen voet in het centrum hier zetten omdat ze het niet aankunnen. Maar Dries zit goed in zijn vel en staat stevig in zijn schoenen. Hij behandelt mij als een normaal, gezond mens. Het is daarom dat hij in Italië zo geliefd is. Overal waar hij komt eigenlijk.' 'Dries hoeft geen tijd en energie in mij te steken, hij heeft zijn leven als vedette in Napoli, maar toch doet hij dat. Drie jaar geleden was hij hier op bezoek, we gingen samen eten, hij bezocht het revalidatiecentrum, was aanwezig op een gala waar we geld inzamelden. Kevin Strootman ( eveneens ex-FC Utrecht, nvdr) was er toen ook. En we zagen elkaar ook eens in de VS, toen ik daar revalideerde in Californië. Dries was op rondreis en maakte een omweg van 100 kilometer om mij te bezoeken. Een fantastisch moment.' Nog steeds bellen ze elkaar of sturen ze berichtjes. Hoewel hij een Juvefan is, probeert hij zoveel als hij kan de wedstrijden van Napoli en Mertens te volgen. Naar de wedstrijden gaan kijken doet Mihai niet. Door zijn beperkte mobiliteit en zijn verantwoordelijkheden in het revalidatiecentrum blijft hij liefst in Roemenië. Mihai: 'We hebben wel een weddenschap lopen: als Napoli ooit de titel wint, brengt hij me naar Napels en betaalt hij alles. Van mij mag het.' Een brede glimlach volgt. Hoe positief hij zijn situatie nu ook benadert, voor Mihai is het een bochtige zoektocht geweest naar nieuwe doelen in zijn leven. Die eerste maanden na zijn ongeluk stonden daarbij in het teken van basisprincipes, hij moest zoveel opnieuw aanleren: zelfstandig ademen, praten, eten. 'Die eerste keer dat ik terug een stukje brood at, was een zeer vreemde ervaring', herinnert hij zich. Hij zit nu in een rolstoel, zijn armen kan hij slechts beperkt bewegen. Mihai leerde dan maar zijn mond gebruiken om met een pen zijn smartphone te bedienen. Hij doet er alles mee: berichten typen, mails beantwoorden, foto's bewerken voor zijn sociale media en zelfs tekenen. Niet zomaar tekeningen, maar een heus architecturaal plan voor een nieuw op te richten revalidatiecentrum net buiten Oradea. Met gepaste trots toont hij ons zijn project. Het bestaat uit een centraal gebouw met diverse therapieruimtes, daarrond een indoor zwembad voor de hydrotherapie, een boerderij voor onder andere hippotherapie, een plantentuin waar de kinderen leren tuinieren en die in een latere fase als tewerkstellingsplaats kan gebruikt worden, een speeltuin die allerlei oefeningen voorziet voor de zintuiglijke ontwikkeling. En ook enkele gastenkamers. Om de families op te vangen die van de andere kant van het land komen om hun kinderen te helpen. Kostprijs van dit alles: 3,5 miljoen euro. De grond heeft de Mihai Nesu Foundation al in eigendom - 'Los van de politiek, want we willen onafhankelijk blijven, we zijn een ngo', aldus Mihai - en 500.000 euro werd ingezameld. Voor het merendeel van de overige kosten rekent Mihai op lokale bedrijven: 'Omdat die in Roemenië 20 procent van hun winst aan goede doelen kunnen afstaan in plaats van aan de belastingdienst. Toch is het ook belangrijk dat we kleinere acties doen, zoals een sms-actie die misschien minder opbrengt, maar die voor betrokkenheid zorgt.'Dat de Mihai Nesu Foundation zo een succes werd en vandaag honderd kinderen kan helpen - straks hopelijk het drievoudige in het nieuwe complex - was nochtans niet ingecalculeerd. 'We zijn begonnen met één therapieruimte en één kinesist, ' vertelt Iulia Bacaran, bij de Foundation de rechterhand van Mihai Nesu. Zij werd in 2014 aan Mihai voorgesteld door George Ogararu, een Roemeense ex-voetballer van Ajax. Enkele maanden en vele aanvragen later begrepen ze beiden dat hun initiatief een noodzaak was in Roemenië. Iulia: 'In de Roemeense samenleving zijn gehandicapte mensen nog steeds taboe. Volgens mij een erfenis van het jarenlange communisme hier. Toen werden ze verborgen gehouden. Het betekende immers dat je als ouder moest boeten voor een zonde. De situatie is al verbeterd, maar veel Roemenen weten nog steeds niet hoe ze met fysiek of geestelijk beperkte mensen moeten omgaan.' Ze heeft het zelf ook moeten leren, geeft ze toe. 'Ik herinner me mijn eerste werkdag: er kwam een jongen binnen met totale verlamming, hij kon zelfs het hoofd niet recht houden. Toen ging ik toch even twijfelen: kan ik dit wel aan? Maar ik overtuigde mezelf dat dit meer is dan een job. Geleidelijk aan leer je ook andere aspecten zien. Sommige kinderen kunnen misschien niet spreken, maar creëren in hun hoofd een eigen universum. Ze horen je, ze zien je, ze begrijpen je. Maar ze gaan er op een andere manier mee om. Ze zenden signalen uit met hun ogen, of met een klein gebaar, dat kan een glimlach zijn.' Dat mogen we zelf merken tijdens een rondleiding langs de verschillende therapieruimtes. We ontmoeten Sarah, een dapper en vrolijk meisje van zes, dat lijdt aan cerebrale parese (hersenverlamming). Net zoals Mihai Nesu moet ze dagelijks spieroefeningen doen. Is het niet om te evolueren naar genezing dan wel zeker om te voorkomen dat ze verder achteruit zou gaan. In de ruimte ernaast zien we Estera bezig, die kampt met spasmen. Ze heeft haar beenspieren niet onder controle, waardoor ze op haar zeventiende nog steeds leert stappen. Ze demonstreert een loopje van enkele meters. We steken de duim omhoog. Ze lacht verlegen. Wat verderop is een therapeut bezig met Matei, een schattig, piekfijn uitgedost jongetje van vijf jaar. Hij is hypotoon, zijn hersenen geven te weinig (of vertraagde) impulsen naar zijn zintuigen en omgekeerd. Via spelletjes oefenen ze zijn reactiesnelheid en associatief vermogen. De meest uitdagende patiënten hier zijn de kindjes met autisme. Zoals Rianna. Onze aanwezigheid zorgt voor grote agitatie bij haar, hetgeen normaal is, zo worden we meteen gerustgesteld: kinderen uit het autismespectrum zijn erg gevoelig voor plotse veranderingen in hun omgeving. Rianna is in zichzelf gekeerd, kan amper communiceren, motorisch zeer beperkt. Tonnen respect voor Daniel, de therapeut die elke dag met haar aan de slag gaat. De ene dag al vlotter dan de andere. En tonnen respect voor Rianna zelf en haar ouders. 'Aanvankelijk was het de bedoeling om enkel kinderen met hersenverlamming aan te nemen, ' vertelt Iulia, 'maar we kwamen er snel achter dat je kinderen met autisme of het syndroom van Down niet kunt uitsluiten van gerichte therapiebehandeling. Zij kunnen wel in ziekenhuizen terecht, maar ten eerste kost dat veel - tot 5000 euro per maand, terwijl het gemiddelde inkomen in Roemenië tussen de 400 en 800 euro schommelt, bij ons betalen ze slechts 10 procent van de totale kosten - en ten tweede kunnen ze daar meestal maar in periodes van drie weken terecht, twee keer per jaar. Ook in scholen worden kinderen met verschillende diagnoses samengezet. Dat heeft geen zin.' 'Het is nochtans belangrijk dat je een kind met hersenverlamming al op vroege leeftijd therapie laat volgen, élke dag', zet Iulia haar pleidooi verder. 'Dan behouden ze een kans op herstel. Nooit volledig natuurlijk, maar een kind met hersenverlamming kan leren wandelen. Er zijn hier kinderen binnengekomen die enkel konden kruipen, maar die na jaren therapie stappend naar buiten gingen.' Ook Mihai is elke dag aanwezig in het revalidatiecentrum. Het valt op hoe graag de kinderen in zijn buurt vertoeven. En vice versa. Hij kent ze allemaal bij naam. Niet het feit dat hij een bekende voetballer was, maar het feit dat hij hun lot deelt, zorgt voor vertrouwen bij de kinderen én bij de ouders. De Foundation is er ook voor die ouders, verduidelijkt Iulia. 'We hebben er al veel ineen zien stuiken of in elkaars armen zien vallen in onze wachtzaal. Sommigen zijn blij dat ze hier even van hun kind verlost zijn - dat klinkt hard, maar het is zeer begrijpelijk. De ouders zorgen voor een community, ze zijn verenigd in een Facebookgroep en wisselen tips uit of bieden elkaar morele steun.' Morele steun is soms nog belangrijker dan de lichamelijke therapie, ondervond ook Mihai Nesu tijdens de eerste jaren van zijn revalidatie. Nadat hij in 2011 in een rolstoel belandde, zag hij enkele maanden later zijn echtgenote vertrekken en in 2014 verloor hij beide ouders. Zijn moeder overleed aan kanker, enkele maanden later begaf ook het hart van zijn vader, een voormalige voetbalscheidsrechter. Mihai: 'Mijn vader had het heel moeilijk met mijn verlamming: hij was zelf altijd heel sportief en competitief geweest. Dat zijn zoon, een profvoetballer, plots in een rolstoel zat, kreeg hij niet verwerkt. Het ging snel achteruit met hem na mijn ongeluk.' Mihai was zelf ook een tijdje de weg kwijt, erkent hij. 'Na mijn verlamming voelde het aan alsof ik een gat in mijn ziel had. Welk doel heb ik nog op deze aardbol? Wat kan ik nog doen? Heeft het zin om verder te leven? Bestaat God? En waarom doet hij me dit dan aan? 'Ik ging op zoek naar verschillende vormen van geloof: veel lezen, praten en kerken bezoeken. Uiteindelijk belandde ik bij het orthodoxe christendom. Vandaar ook dat we het centrum naar een Grieks orthodoxe heilige vernoemden: Saint-Nectarios. Halfweg 2016, het revalidatiecentrum was toen al een jaar open, voelde ik ineens een grote verandering binnen mezelf. Bijna van de ene dag op de andere verdwenen al mijn twijfels, mijn donkere gedachten en mijn gevoel van doelloosheid. Pas als je jezelf in de hand hebt, kun je anderen helpen. En die twee factoren versterken elkaar op de duur. 'Wat er met mijn leven gebeurde na dat ongeval noem ik dikwijls een mirakel', besluit Mihai. 'Soms voel ik me gelukkiger dan toen ik nog voetbalde. Mensen verklaren me gek als ik dat zeg, maar het is zo. Ondanks de pijn - vooral 's nachts zie ik serieus af. Dan kom ik de volgende ochtend naar het centrum en zie ik de lachende gezichten van de kinderen en vergeet ik alles.'