Een voetballeven kan soms op een rollercoaster gelijken. Neem dat van Kalifa Coulibaly (25), de Mister Europe van AA Gent, na zijn doelpunten in Europa en Champions League. Goed twee jaar geleden einde contract bij PSG en op zoek naar een nieuwe uitdaging. Een beetje naam gemaakt in de CFA, maar onvoldoende om in Frankrijk écht over de tongen te gaan. Vervolgens naar Charleroi, waar hij met mondjesmaat aan de bak kwam. En dan plots een versnelling: goeie play-offs, een transfer naar kampioen AA Gent en op 24 november een held in Mali en Frankrijk na zijn goal in de Champions League. Nu Laurent Depoitre zijn centen verdient bij FC Porto, zullen we hem meer en meer zien in de spits van Gent. Tijd voor een kennismaking met een Malinese parel, die vorige zomer ook weer even A-international voor zijn land was.
...

Een voetballeven kan soms op een rollercoaster gelijken. Neem dat van Kalifa Coulibaly (25), de Mister Europe van AA Gent, na zijn doelpunten in Europa en Champions League. Goed twee jaar geleden einde contract bij PSG en op zoek naar een nieuwe uitdaging. Een beetje naam gemaakt in de CFA, maar onvoldoende om in Frankrijk écht over de tongen te gaan. Vervolgens naar Charleroi, waar hij met mondjesmaat aan de bak kwam. En dan plots een versnelling: goeie play-offs, een transfer naar kampioen AA Gent en op 24 november een held in Mali en Frankrijk na zijn goal in de Champions League. Nu Laurent Depoitre zijn centen verdient bij FC Porto, zullen we hem meer en meer zien in de spits van Gent. Tijd voor een kennismaking met een Malinese parel, die vorige zomer ook weer even A-international voor zijn land was. KALIFA COULIBALY: 'In principe niet, neen. Op het einde van vorig seizoen waren we al overgeschakeld naar een systeem met twee spitsen, waardoor ik wat meer speelgelegenheid kreeg. Het hangt wat af van het systeem waarvoor de trainer kiest. Speelt hij met één diepe spits, dan moet er een keuze worden gemaakt tussen mij en de anderen. Spelen we met twee spitsen, dan is de kans groter dat ik aan de aftrap kom.' COULIBALY: 'Ik ben opgegroeid in Bamako met mijn ma en mijn oudere broer. Zonder pa. Hij werkte, al voor ik werd geboren, in Parijs als bewakingsagent, in winkels, en reisde op en af. Twee keer per jaar kwam hij naar Mali. Dat was vrij uniek, ja. Nu doet hij dat nog een beetje, maar niet meer zo hard als vroeger. Hij wordt wat ouder, en ik verdien inmiddels ook wat geld voor de familie. Ik heb mijn pa heel mijn leven al zeer weinig gezien. Zijn oudere broer bekommerde zich vaak om ons, net als zijn vrienden. (lacht) Op een bepaald moment dacht ik zelfs dat een vriend van mijn pa mijn echte vader was, zo vaak zorgde die voor ons. Van hem kregen we wat we wilden.' COULIBALY: 'Inderdaad. Iedereen zorgt voor de kinderen, dat hoeven niet de ouders te zijn.' COULIBALY: 'Goed. Streng, dat wel. Mama liet ons niet vrij rondlopen, anders zaten we nu niet hier te praten. In het begin schaamde ik me als ze me weer eens ergens kwam ophalen terwijl de anderen hun vrijheid hadden, maar nu snap ik haar. Had ze dat niet gedaan, ik weet niet wat er van mij zou zijn geworden.' COULIBALY: 'Een heel belangrijke. Mijn pa was zelf ook international vroeger. Hij, zijn broers, de jongere broers van mijn mama, iedereen voetbalde. De vader van mijn mama was voorzitter van de ploeg waar mijn vader vroeger speelde. Mijn papa was een buitenspeler, op links. Ik weet niet hoeveel keer hij international was, maar het was vaak. Maar omdat er in Mali geen geld mee te verdienen viel, is hij gestopt en is hij in Frankrijk gaan werken. Daar heeft hij niet meer gevoetbald.' COULIBALY: 'Neen. Er is wat geluk bij nodig en je moet echt bonbonbon zijn. Ik denk dat het nu iets makkelijker is, de opleiding is wat beter en als jeugdploegen uit Mali zich plaatsen voor de grote toernooien, presteren ze daar uitstekend.' COULIBALY: 'Ja. In Mali was dat nog Ronaldo. De Braziliaan. Maar toen ik begon te groeien, kreeg ik bij ons de bijnaam Kanouté, die toen net voor Mali kwam spelen. Als we konden, gingen we in die dagen naar de trainingen van de nationale ploeg kijken.' COULIBALY: 'Internet hadden wij niet. Tv wel, en daar keken we naar alles. Champions League, WK, de competitie. Als Mali won, trokken we allemaal samen dansend en zingend de straat op. Totale gekte.' COULIBALY: 'Voor ik naar hier kwam, dacht ik daar soms dat we op een biljart voetbalden. Supervlak! (lacht) Tot je naar hier komt en je op echte velden mag spelen.. Dan ben je bang als je teruggaat, voor een blessure.' COULIBALY: 'Toch wel. Dat is toch normaal! Mijn vrienden van vroeger vragen niet liever. Soms verzamel ik al de jongens die in het buitenland spelen voor een wedstrijdje en spelen we tegen de jongens in Bamako. Vooraf vraag ik dan hier aan de jongens of ze schoenen die ze niet meer nodig hebben kunnen meegeven. Of ik bestel shirtjes in de fanshop.' COULIBALY: 'Mijn mama wilde dat ik zou studeren, maar ik wilde voetballen, al heel snel in feite. Ik heb me wel zeer laat bij een club aangesloten, omdat voetballen in onze wijk veel leuker was. Iedereen samen, als je wint ben je de held van je wijk, roept iedereen je naam. Maar daarna zie je je vrienden op tv, in het kampioenschap van Mali. Toen ben ik naar AS Real getrokken, de club van mijn vader. Maar dat ging niet goed en ik ben er weer weggegaan, terug naar de wijk. Toen kwam een andere club, Jeanne D'Arc, waarmee ik vriendschappelijk speelde tegen Real. De supporters begonnen daarop vragen te stellen: hoe kan het dat zijn vader voor Real voetbalde en de zoon voor een ander, klein clubje? Daarop kwam de voorzitter me vinden. Ik zei: 'Hoe dat kan, is eenvoudig. Ik ben bij jullie gekomen, maar jullie hebben me weinig respectvol behandeld. Ik moet blijkbaar scoren voor een andere club eer jullie me respecteren.' Later belde hij me, dat ik mocht terugkeren. Maar na zeven wedstrijden was ik alweer weg, naar PSG.' (lacht) COULIBALY: 'Ieder heeft zijn karakter. Ik kan met iedereen lachen, maar als ze geen respect voor me hebben, heb ik dat ook niet. Dat is ons karakter. Mijn pa heeft me dat zo geleerd. Voor de rest zijn Malinezen gelukkige, vrolijke mensen. Mooie vrouwen, veel vriendschap, veel solidariteit. Wie in de problemen zit, wordt geholpen. Heb je honger, je krijgt eten.' COULIBALY: 'De oorlog blijft duren, ja. Vooral in het noorden, maar af en toe zijn er ook incidenten in Bamako. Een moeilijke situatie. Veel gebeurt zogezegd in naam van de islam, maar dat zijn slechts uitspraken, die roepen zomaar wat. Mijn broer en de vrouwen van mijn papa wonen nog allemaal ginder en dan denk je daar weleens aan.' COULIBALY: 'Ja, in die zin dat ik de gebedsuren volg. Niet de ramadan. Die viel de voorbije keren tijdens de voorbereiding en dan vind ik het onmogelijk.' COULIBALY: 'Via een Fransman met Malinese roots. Een spelersmakelaar. Hij had al wat spelers bij PSG, zag me voetballen en vroeg me om een foto te nemen van mijn paspoort. Hij zou een test proberen te regelen. Toen ik terugkeerde van een jeugdinterland in Gabon, bleek het visum klaar te liggen en kon ik het vliegtuig op.' COULIBALY: 'Ik wilde in het begin vooral niet te veel hopen. Veel mensen vragen een visum aan, weinigen krijgen het. Toen het consulaat uiteindelijk belde dat we alle papieren mochten gaan halen, ben ik direct vertrokken. Blij, ja, maar ook beseffend dat we pas halfweg waren. Een test afleggen is één ding, mogen blijven nog wat anders. Mijn mama nam het ook zo op, maar ze begon wel te wenen de dag dat we naar Frankrijk vlogen. PSG! (rolt met de ogen) Marseille en PSG zijn toch de ploegen die wij het best kennen. Twee weken duurde de test.' COULIBALY: 'Alles flitst door je hoofd. Rust, nervositeit, opwinding, boosheid... Je begint dingen te missen die je anders nooit mist. De trainers nemen je dan wel apart, proberen je te kalmeren, zeggen dat ze beseffen dat het niet eenvoudig is. Daarnaast heb je ook je ploegmaats.. Zij weten: als jij tekent, neem je de plaats in van een van hun vrienden. Ze zijn misschien wel met 20.000, in en om Parijs, die van dat plaatsje dromen en dan komt daar iemand helemaal uit Mali... Gevolg: je wordt weleens in de merde gezet, als je me begrijpt. Maar het is gelukt, op het einde van die twee weken kreeg ik, samen met nog een andere jongen, te horen dat we mochten blijven.' COULIBALY: 'Ben je gek! Absoluut niet. Ik zei dat ze nog geen beslissing genomen hadden en nog zouden bellen. Ik wilde niet dat te veel mensen het goeie nieuws wisten. Te gevaarlijk, sommigen willen je geluk niet, zijn jaloers. Je weet niet wat er allemaal kan gebeuren. Ik wilde eerst ook niet meer voor de club spelen, uit vrees voor een blessure. Ik deed het toch, en lap: gescheurde enkelbanden. Geblesseerd kwam ik aan bij PSG. Gelukkig had ik al getekend en zei de directeur van de opleiding: geeft niet, jongen, herstel in alle rust en we zien wel.' COULIBALY: 'Ik was te oud voor een plaats in de jeugdopleiding, daarom hebben ze voor ons een huis gezocht, in Saint-Germain-en-Laye, dicht bij het oefencentrum. Voor mij en Kalifa Traore, een andere Malinese jongen. (lacht) Soms aten we op de club, maar vaak bestelden we ons eten, of gingen we op restaurant. We aten n'importe quoi, want koken was een drama.' COULIBALY: 'Klopt. De meesten waren ook Fransen, of Afrikanen die in Frankrijk waren geboren. Als je gek begint te doen in Parijs... Wie wil, kan zich daar goed amuseren, een te gekke stad. Anderzijds, vanuit Saint-Germain is het wel een eindje naar het centrum. Trainen deden we soms met de A-kern. Dat was top, die mannen trainden de hele tijd zeer geconcentreerd, voetbalden snel, haalden een niveau om u tegen te zeggen. Indrukwekkend. Toen wij er arriveerden, hoopten we daar ook ooit op een dag te staan, maar toen kwamen de Qatari's en werd het moeilijk. Vóór de overname stroomden er elk jaar nog vijf, zes jongeren door, maar na hun komst was dat gedaan.' COULIBALY: 'Ja. Tegen Brest, in de periode van Antoine Kombouaré. Er waren die dag veel geblesseerden.' COULIBALY: (direct) 'Natuurlijk verdiende ik dat! (lacht leunend achterover) Ze probeerden wat jongeren uit en ik was er één van. Claude Makelele zei altijd: we geloven in jou, weten van waar je komt. Als het hier niet is, lukt het wel elders, blijf werken. Maar je weet zelf: als Zlatan er is, of Cavani, moet je profiteren van het moment, maar meer ook niet.' COULIBALY: 'Op zich goed, maar wie er zat... Tjonge, tjonge, daar zaten karakters tussen! Koppige jongens, voetballers die hun trainer tegenspraken. Dat gebrek aan respect had ik in Mali nooit meegemaakt. Hoe ze riepen tegen hun meerderen: ik was geschokt! Dat mag je bij ons nooit doen. Ze keken je ook recht in de ogen. Zoiets doe je niet in Mali. Als je daar tegen een superieur spreekt, sla je je ogen neer. Dat was zeer hard wennen voor mij, die culturele verschillen.' COULIBALY: 'Ja. Hij kwam naar alle matchen, informeerde ook constant hoe het was. We zagen elkaar voortdurend.' COULIBALY: 'Neen, ik denk niet dat hij dat wilde, prof zijn in Europa. Daar heeft hij nooit wat van gezegd.' COULIBALY: 'Helemaal niet. Ik vermoedde dat het voor mij in Frankrijk moeilijk zou worden, gezien al het talent dat er rondliep. Toen Mogi Bayat belde, was mijn keuze snel gemaakt. Een van mijn ploegmaats bij PSG was Neeskens Kebano en blijkbaar moet ik toen zijn opgevallen. Ze hebben aan hem gevraagd hoe mijn karakter was en hij moet lovend zijn geweest. Zo ben ik bij Charleroi beland.' COULIBALY: 'Een gecompliceerd jaar, omdat ik in het begin niet speelde. Neeskens was er, en die nam me soms mee. Ik keerde ook geregeld naar Parijs terug. Daarna kreeg ik wat invalbeurten, vijftien minuten, twintig. Vervolgens begonnen de play-offs en kwam ik op dreef. Ik was die zomer met vakantie toen ze belden. Dat ik naar de kampioen verhuisde. Toen zei ik: wow, nu begint het echte werk! Van Wallonië naar Vlaanderen, ook dat is andere koek. Geen naam hebben gemaakt in Frankrijk, slechts een heel kleine bij Charleroi en al direct naar de kampioen! Een forse stap.' COULIBALY: 'Ik had al met wat mensen gesproken. Vlaanderen, dat is hard werken, strikt, streng, mooi en proper, maar keihard labeur. Ik wist dat alle spelers zouden blijven, het was weer wachten op een kans, weer de trainer overtuigen. Ook al heeft die je zien spelen en weet die wat je kunt. De spelers hebben me goed opgevangen, met Depoitre schoot ik goed op. Ik wist dat hij titularis zou zijn en dat ik moest leren. Ander schema ook, meer tactische trainingen.' COULIBALY: 'Als je tactisch niet goed bent, is het moeilijk spelen bij Hein Vanhaezebrouck. Ik heb me daar goed op moeten concentreren. Hij legt veel uit via beelden. Analyse van de wedstrijden die we hebben gespeeld, nabesprekingen in groep op maandag. En op training komt hij heel vaak tussenbeide.' COULIBALY: (lacht) 'Toen wist ik even niet wat er gebeurde. Een belangrijke goal! In de Champions League!! Ik heb iets betekend in de geschiedenis van deze club, iedere keer als ze over die Europese campagne spreken, zal ik worden vernoemd. Dat is... onbeschrijfelijk.' DOOR PETER T'KINT EN FRÉDÉRIC VANHEULE - FOTO'S BELGAIMAGE - JASPER JACOBS'Malinezen zijn gelukkige, vrolijke mensen. Wie in de problemen zit, wordt geholpen. Heb je honger, je krijgt eten.' - KALIFA COULIBALY 'Als je tactisch niet goed bent, is het moeilijk spelen bij Hein Vanhaezebrouck. Ik heb me daar erg op moeten concentreren.' - KALIFA COULIBALY