We installeren ons met Beñat San José op een zonnig terras van de Sportschule van Bitburg. Zon heeft de Bask de voorbije jaren anders genoeg gezien. In 2013, kort voor zijn 34e verjaardag, werd hij coach van Al-Ittihad en nadien zat hij op vele trainersbanken in het Nabije Oosten en Zuid-Amerika, waar hij titels won in Bolivia en Chili.

Hoe word je op zo'n jonge leeftijd trainer?

Beñat San José: 'Ik ben in de eerste plaats gepassioneerd door voetbal. Ik speelde bij de jeugd van Real Sociedad toen ik zwaar geblesseerd raakte. Mijn knie bleef zwak en mijn droom van profvoetballer was voorbij.

'Op mijn vijftiende was ik al trainer. Ik coachte jongetjes van acht jaar op mijn school. Toen ik geblesseerd raakte, zag ik mezelf dus al als trainer, waardoor ik op jonge leeftijd al heel veel voetbal studeerde. Het spel, maar ook de psychologie, de coaching, het ontdekken van talenten... De jaren die andere spelers in hun carrière investeerden - wat ik ook wel gewild had - gebruikte ik om te studeren en me voor te bereiden.'

Hoe studeer je voetbal?

San José: 'We volgen uiteraard allemaal de klassieke cursus, die heel goed is. Maar daarnaast ben ik een autodidact. Persoonlijk heb ik altijd veel van tactiek gehouden. Ik heb veel over de ervaringen van andere trainers gelezen. Moderne coaches maar ook andere, zoals Stefan Kovacs, die Ajax trainde na Rinus Michels. Ik hield ervan om de tactiek van nu te bestuderen, maar ook die van vroeger. Zo stuurde ik ooit een mail naar een Spaanse tv-analist om te vragen of hij me de beste vijf wedstrijden van Arrigo Sacchi wilde sturen. Ik heb ook enkele maanden alles bestudeerd over het Oranje van Johan Cruijff. En ik heb veel gelezen over het WM-systeem van HerbertChapman, die coach was van Arsenal. Dichter bij huis heb ik de eerste wedstrijden van Pep Guardiola bij Barça geanalyseerd, om te zien waar dat mooie voetbal vandaan kwam.'

Ik heb veel over de ervaringen van andere trainers gelezen. Moderne coaches maar ook andere, zoals Stefan Kovacs.' Beñat San José

Als het zo belangrijk is om de geschiedenis van het spel te kennen, is dat dan omdat elke vernieuwing een antwoord is op iets wat voordien bestond?

San José: 'Absoluut. Oorspronkelijk was er maar één verdediger. De evolutie zorgde ervoor dat men meer aandacht ging hebben voor de achterhoede. Men ging met twee man achteraan spelen, en nadien met drie, onder Chapman. Dat is voor mij de eerste grote revolutionair van het voetbal. Hij nam spelers vooraan weg om ze meer centraal te zetten en zo dat magische vierkant in het midden van zijn WM-systeem te vormen. En vervolgens, naargelang het nodig bleek op het veld, ontwikkelde het voetbal verschillende bewegingen. Helenio Herrera speelde zijn fameuze catenaccio bijvoorbeeld met vijf verdedigers. De mens past zich altijd aan de noden aan, het voetbal doet dat met die verschillende tactische schema's ook.'

Acteurs

Is het moeilijk om een eigen visie te ontwikkelen? Men zegt dat een kopie nooit zo goed is als het origineel, maar er zijn natuurlijk modellen...

San José: 'Kijk naar grote artiesten, schilders, schrijvers of muzikanten: iedereen begint ergens met het nabootsen van zijn idool. Wanneer je dan evolueert, begin je een eigen persoonlijkheid te ontwikkelen en de interessantste elementen uit je kennis in de praktijk te brengen.

'Over het algemeen, om je stijl te bepalen, neem je enkele elementen bij de ene en bij de andere. Vandaar dat je volgens mij een brede kennis moet hebben van het verleden, van het heden en van wat er in de toekomst zou kunnen gebeuren.

'En dan, boven alles, moet je beseffen dat voetbal een competitiesport is. Daarom moet je kijken naar jouw ploeg. Welke spelers heb je? Welk systeem kun je gebruiken om de beste kwaliteiten uit je spelers te halen om bij te dragen aan je ploeg?'

Het zijn altijd de spelers die wedstrijden winnen en toch wordt er vandaag de dag meer en meer toegeschreven aan de figuur van de trainer.

San José: 'Het is niet alleen in Engeland dat er historisch gezien veel belang wordt gehecht aan de trainer. Een jaar of twaalf geleden ging ik naar de Cup Final kijken op Wembley. Voor het stadion hingen twee immense affiches. Een met Arsène Wenger en een andere met de coach van de tegenstander - ik weet niet precies meer wie dat was. Het frappeerde me om te zien dat de trainer een hoofdrolspeler was, net zoals de voetballers. Nu is dat meer verspreid. Het voetbal is meer vercoacht geworden.

Beñat San José: 'Ik zou  graag een ploeg zien  waarin iedereen meedoet aan het opbouwen, creëren en afwerken. Idem voor het verdedigende werk.', Belgaimage - christophe ketels
Beñat San José: 'Ik zou graag een ploeg zien waarin iedereen meedoet aan het opbouwen, creëren en afwerken. Idem voor het verdedigende werk.' © Belgaimage - christophe ketels

'Persoonlijk vind ik dat de speler de hoofdacteur is. Wanneer je een ticket koopt voor een film, dan kijk je naar de acteurs, niet naar de regisseur... Het is natuurlijk wel zo dat je zonder regisseur geen film hebt. Maar zonder acteurs evenmin. Voor mij zijn zij belangrijker.'

Een goeie regisseur moet zijn acteurs goed kennen. niet alleen hoe ze spelen, maar ook hoe ze in elkaar zitten.

San José: 'Dat is een detail waar weinig over gesproken wordt, maar dat voor mij heel belangrijk is. Want uiteindelijk is een voetballer een mens die men op de scène zet in een menselijke activiteit. Die activiteit wordt uitgevoerd door een mens, meer dan door een voetballer. Aan die mens moet je aandacht schenken. Hoe voelt hij zich, welke problemen heeft hij, wil hij graag wat praten? Het persoonlijke aspect is voor mij even belangrijk als het technische of tactische.'

Belgisch voetbal

In Chili speelde je met Universidad Católica eerder goed georganiseerd voetbal, terwijl het een van de topclubs van het land is. Dat kwam je op heel wat kritiek te staan...

San José: 'Chili is een fantastisch land met geweldige mensen en een grote invloed van het voetbal op de maatschappij. Bielsa heeft het beste uit het voetbal van hun land gehaald en Sampaoli heeft hen een reeks titels geschonken. Dat alles met een ongelooflijke generatie: Bravo, Medel, Vidal, Alexis Sánchez... Daardoor heeft het land een welomlijnd idee van voetbal.'

Ik verkies goed spelen en voluit aanvallen boven een voorbeeldig balbezit met minder doelkansen.' Beñat San José

Het voetbal van een land wordt beïnvloed door zijn grootste successen?

San José: 'Uiteraard! Dat heb ik al vastgesteld toen ik coach was in Azië. Een driemansverdediging was daar erg onnatuurlijk. Spelen met één 6 was voor hen evenmin logisch. Het was een viermansverdediging met twee man daarvoor. In Chili daarentegen was het helemaal anders. Zij vinden het heel natuurlijk om met drieën achteraan te spelen en met op het middenveld een driehoek met de punt naar achteren. Mijn analyse van dat alles is dat er ook een sociale tactiek bestaat. Sommige systemen worden beter onthaald dan andere in bepaalde maatschappijen. Dat is een realiteit.'

Ik neem aan dat je de tijd genomen hebt om de Belgische competitie eens te bekijken. Welke indruk heeft die nagelaten?

San José: 'Ik kan daar nog niet zoveel over zeggen, omdat ik de competitie nog niet van binnen uit heb meegemaakt. Maar ik heb de indruk dat de ploegen een stevig verdedigend blok neerzetten. Moeilijk om hen te verrassen. Daar heb je een snelle balcirculatie voor nodig.

'Bovendien heeft het voetbal volgens mij twee frappante eigenschappen: individueel talent en de omschakeling van verdediging naar aanval. Het is direct voetbal, goed uitgewerkt, met snelheid op de flanken en sterke middenvelders. Als trainer weet ik nu al dat ik veel aandacht zal moeten besteden aan de omschakeling.'

Goed spelen

Wat is het perfecte wedstrijdverloop voor een ploeg die jij leidt?

San José: 'Ik zie dan vooral een match voor mij waarin de tegenstander ons geen pijn doet en wij de tegenstander voortdurend pijn doen. Ik zou de bal graag hebben, maar om aan te vallen. We zouden mooie goals maken, individueel en collectief. Bij balverlies zou ik willen dat we de bal zo snel mogelijk recupereren. En als we moeilijke momenten kennen, zou ik willen dat we een hecht en solidair team vormen dat die momenten kan doorkomen. Tegelijk zou ik graag een ploeg zien waarin iedereen meedoet aan het opbouwen, creëren en afwerken. Idem voor het verdedigende werk. Met dat alles bijeen zouden we goed zijn en normaal gezien winnen...' ( lacht)

Je preciseert dat balbezit dient om aan te vallen. Was het niet een van de problemen van het Spaanse voetbal na de successen van 2008 tot 2012 dat het dat detail vergeten was?

San José: 'Soms camoufleren overwinningen bepaalde dingen. Vergeet niet dat Spanje, als wereldkampioen met een spectaculaire ploeg die als een van de beste ooit wordt beschouwd, toch niet veel doelpunten maakte. Om in 2010 de finale te halen hadden ze een kopbalgoal van Carles Puyol nodig. Die nationale ploeg speelde magnifiek vanuit balbezit, waarin ze echt uitblonk, maar zonder evenwel die dominantie om te zetten in doelpunten.

'Waar ik van houd in het voetbal, dat is goed spelen. En ik hou van aanvallen. Hoe gevaarlijker we zijn, hoe meer kansen we creëren, hoe meer plezier ik heb. Bovendien verhoogt dat het gevoel van veiligheid, want als je aan het doel van de tegenstander speelt, dan ben je zo ver mogelijk van je eigen goal. Ik verkies goed spelen en voluit aanvallen boven een voorbeeldig balbezit met minder doelkansen.'

Wat is de sleutel om goed te spelen?

San José: 'Het belangrijkste voor mij is het nemen van beslissingen. Een speler is véél vaker niet aan de bal dan wel. Hoe je te verplaatsen op het veld, offensief en defensief, dat is fundamenteel.'

Jouw ploeg moet positioneel spelen?

San José: 'Ik zou dat niet zo exact willen definiëren, maar het klopt dat ik graag een spelopbouw van achteren uit wil zien en ik denk dat dat moet vertrekken vanuit een positiespel. Maar ik hou veel van dynamiek. Vertrekken van positiespel om de tegenstanders uit verband te halen en ruimte te creëren, en dan door de dynamiek de ruimte veroveren en hen pijn doen. Positiespel, ja, maar dan om veel beweging te creëren.'

Als we dan vergelijken met enkele ploegen van het afgelopen seizoen, verkies je dan het spel van Ajax boven dat van Manchester City?

San José: 'Voor Ajax is dat ook een erfenis van het Nederlands elftal uit de jaren 70, dat met heel veel positiewissels speelde. Ik denk dat Ajax dit jaar zijn acties begon met positiespel, maar die vervolgde met een erg belangrijke dynamiek bij de offensieve spelers. Dat maakte dat er sommige momenten geen echte puntaanvaller meer was, of dat ze een vleugelspeler kwijtspeelden. Maar daarnaast verzamelden ze zoveel spelers rond de bal en waren er zoveel geslaagde combinaties dat het resultaat erg aantrekkelijk voetbal was.'

Veel spelers rond de bal, dat is cruciaal?

San José: 'Dat is altijd een goeie zaak. In balbezit creëer je daar passinglijnen mee en steun. En bij balverlies zijn er veel spelers in de buurt om de bal snel te recupereren. dat is een belangrijk gegeven.'

© Belgaimage - christophe ketels

Het belang van Cruijff

Het is aan je discours te merken dat je vooral beïnvloed bent door de figuur van Johan Cruijff.

Beñat San José: ' Touché! Hij is mijn idool. Ik herinner me dat zijn komst het voetbal zo revolutionair heeft veranderd dat het een plezier werd om de wedstrijden van zijn Barça te bekijken. Voordien was het Spaanse voetbal vooral aantrekkelijk door zijn individuen, maar er waren wedstrijden waarin weinig voetbal te zien was. We hadden niet hetzelfde begrip van het spel, van hoe te winnen.

' Johan Cruijff arriveerde en dat 'hoe' kwam er. Dat was geniaal, een kunstwerk wat mij betreft. We wisten dat toen nog niet, maar zijn invloed is fundamenteel geweest in het enorme succes dat het Spaanse voetbal nadien heeft gekend. Voor mij is hij de belangrijkste figuur in de geschiedenis van het voetbal, want hij was een van de beste spelers en een van de meest revolutionaire trainers.'

Is het belangrijk dat het voetbal mooi om te zien is voor de supporters?

San José: 'Vanzelfsprekend. Voetbal speel je om te winnen. Maar als je niet alleen kunt winnen, maar het publiek ook plezier kunt schenken dankzij het spel van een ploeg en de kwaliteiten van een speler, dan is dat het ideaal.'

We installeren ons met Beñat San José op een zonnig terras van de Sportschule van Bitburg. Zon heeft de Bask de voorbije jaren anders genoeg gezien. In 2013, kort voor zijn 34e verjaardag, werd hij coach van Al-Ittihad en nadien zat hij op vele trainersbanken in het Nabije Oosten en Zuid-Amerika, waar hij titels won in Bolivia en Chili. Hoe word je op zo'n jonge leeftijd trainer? Beñat San José: 'Ik ben in de eerste plaats gepassioneerd door voetbal. Ik speelde bij de jeugd van Real Sociedad toen ik zwaar geblesseerd raakte. Mijn knie bleef zwak en mijn droom van profvoetballer was voorbij. 'Op mijn vijftiende was ik al trainer. Ik coachte jongetjes van acht jaar op mijn school. Toen ik geblesseerd raakte, zag ik mezelf dus al als trainer, waardoor ik op jonge leeftijd al heel veel voetbal studeerde. Het spel, maar ook de psychologie, de coaching, het ontdekken van talenten... De jaren die andere spelers in hun carrière investeerden - wat ik ook wel gewild had - gebruikte ik om te studeren en me voor te bereiden.' Hoe studeer je voetbal? San José: 'We volgen uiteraard allemaal de klassieke cursus, die heel goed is. Maar daarnaast ben ik een autodidact. Persoonlijk heb ik altijd veel van tactiek gehouden. Ik heb veel over de ervaringen van andere trainers gelezen. Moderne coaches maar ook andere, zoals Stefan Kovacs, die Ajax trainde na Rinus Michels. Ik hield ervan om de tactiek van nu te bestuderen, maar ook die van vroeger. Zo stuurde ik ooit een mail naar een Spaanse tv-analist om te vragen of hij me de beste vijf wedstrijden van Arrigo Sacchi wilde sturen. Ik heb ook enkele maanden alles bestudeerd over het Oranje van Johan Cruijff. En ik heb veel gelezen over het WM-systeem van HerbertChapman, die coach was van Arsenal. Dichter bij huis heb ik de eerste wedstrijden van Pep Guardiola bij Barça geanalyseerd, om te zien waar dat mooie voetbal vandaan kwam.' Als het zo belangrijk is om de geschiedenis van het spel te kennen, is dat dan omdat elke vernieuwing een antwoord is op iets wat voordien bestond? San José: 'Absoluut. Oorspronkelijk was er maar één verdediger. De evolutie zorgde ervoor dat men meer aandacht ging hebben voor de achterhoede. Men ging met twee man achteraan spelen, en nadien met drie, onder Chapman. Dat is voor mij de eerste grote revolutionair van het voetbal. Hij nam spelers vooraan weg om ze meer centraal te zetten en zo dat magische vierkant in het midden van zijn WM-systeem te vormen. En vervolgens, naargelang het nodig bleek op het veld, ontwikkelde het voetbal verschillende bewegingen. Helenio Herrera speelde zijn fameuze catenaccio bijvoorbeeld met vijf verdedigers. De mens past zich altijd aan de noden aan, het voetbal doet dat met die verschillende tactische schema's ook.' Is het moeilijk om een eigen visie te ontwikkelen? Men zegt dat een kopie nooit zo goed is als het origineel, maar er zijn natuurlijk modellen... San José: 'Kijk naar grote artiesten, schilders, schrijvers of muzikanten: iedereen begint ergens met het nabootsen van zijn idool. Wanneer je dan evolueert, begin je een eigen persoonlijkheid te ontwikkelen en de interessantste elementen uit je kennis in de praktijk te brengen. 'Over het algemeen, om je stijl te bepalen, neem je enkele elementen bij de ene en bij de andere. Vandaar dat je volgens mij een brede kennis moet hebben van het verleden, van het heden en van wat er in de toekomst zou kunnen gebeuren. 'En dan, boven alles, moet je beseffen dat voetbal een competitiesport is. Daarom moet je kijken naar jouw ploeg. Welke spelers heb je? Welk systeem kun je gebruiken om de beste kwaliteiten uit je spelers te halen om bij te dragen aan je ploeg?' Het zijn altijd de spelers die wedstrijden winnen en toch wordt er vandaag de dag meer en meer toegeschreven aan de figuur van de trainer. San José: 'Het is niet alleen in Engeland dat er historisch gezien veel belang wordt gehecht aan de trainer. Een jaar of twaalf geleden ging ik naar de Cup Final kijken op Wembley. Voor het stadion hingen twee immense affiches. Een met Arsène Wenger en een andere met de coach van de tegenstander - ik weet niet precies meer wie dat was. Het frappeerde me om te zien dat de trainer een hoofdrolspeler was, net zoals de voetballers. Nu is dat meer verspreid. Het voetbal is meer vercoacht geworden. 'Persoonlijk vind ik dat de speler de hoofdacteur is. Wanneer je een ticket koopt voor een film, dan kijk je naar de acteurs, niet naar de regisseur... Het is natuurlijk wel zo dat je zonder regisseur geen film hebt. Maar zonder acteurs evenmin. Voor mij zijn zij belangrijker.' Een goeie regisseur moet zijn acteurs goed kennen. niet alleen hoe ze spelen, maar ook hoe ze in elkaar zitten. San José: 'Dat is een detail waar weinig over gesproken wordt, maar dat voor mij heel belangrijk is. Want uiteindelijk is een voetballer een mens die men op de scène zet in een menselijke activiteit. Die activiteit wordt uitgevoerd door een mens, meer dan door een voetballer. Aan die mens moet je aandacht schenken. Hoe voelt hij zich, welke problemen heeft hij, wil hij graag wat praten? Het persoonlijke aspect is voor mij even belangrijk als het technische of tactische.' In Chili speelde je met Universidad Católica eerder goed georganiseerd voetbal, terwijl het een van de topclubs van het land is. Dat kwam je op heel wat kritiek te staan... San José: 'Chili is een fantastisch land met geweldige mensen en een grote invloed van het voetbal op de maatschappij. Bielsa heeft het beste uit het voetbal van hun land gehaald en Sampaoli heeft hen een reeks titels geschonken. Dat alles met een ongelooflijke generatie: Bravo, Medel, Vidal, Alexis Sánchez... Daardoor heeft het land een welomlijnd idee van voetbal.' Het voetbal van een land wordt beïnvloed door zijn grootste successen? San José: 'Uiteraard! Dat heb ik al vastgesteld toen ik coach was in Azië. Een driemansverdediging was daar erg onnatuurlijk. Spelen met één 6 was voor hen evenmin logisch. Het was een viermansverdediging met twee man daarvoor. In Chili daarentegen was het helemaal anders. Zij vinden het heel natuurlijk om met drieën achteraan te spelen en met op het middenveld een driehoek met de punt naar achteren. Mijn analyse van dat alles is dat er ook een sociale tactiek bestaat. Sommige systemen worden beter onthaald dan andere in bepaalde maatschappijen. Dat is een realiteit.' Ik neem aan dat je de tijd genomen hebt om de Belgische competitie eens te bekijken. Welke indruk heeft die nagelaten? San José: 'Ik kan daar nog niet zoveel over zeggen, omdat ik de competitie nog niet van binnen uit heb meegemaakt. Maar ik heb de indruk dat de ploegen een stevig verdedigend blok neerzetten. Moeilijk om hen te verrassen. Daar heb je een snelle balcirculatie voor nodig. 'Bovendien heeft het voetbal volgens mij twee frappante eigenschappen: individueel talent en de omschakeling van verdediging naar aanval. Het is direct voetbal, goed uitgewerkt, met snelheid op de flanken en sterke middenvelders. Als trainer weet ik nu al dat ik veel aandacht zal moeten besteden aan de omschakeling.' Wat is het perfecte wedstrijdverloop voor een ploeg die jij leidt? San José: 'Ik zie dan vooral een match voor mij waarin de tegenstander ons geen pijn doet en wij de tegenstander voortdurend pijn doen. Ik zou de bal graag hebben, maar om aan te vallen. We zouden mooie goals maken, individueel en collectief. Bij balverlies zou ik willen dat we de bal zo snel mogelijk recupereren. En als we moeilijke momenten kennen, zou ik willen dat we een hecht en solidair team vormen dat die momenten kan doorkomen. Tegelijk zou ik graag een ploeg zien waarin iedereen meedoet aan het opbouwen, creëren en afwerken. Idem voor het verdedigende werk. Met dat alles bijeen zouden we goed zijn en normaal gezien winnen...' ( lacht) Je preciseert dat balbezit dient om aan te vallen. Was het niet een van de problemen van het Spaanse voetbal na de successen van 2008 tot 2012 dat het dat detail vergeten was? San José: 'Soms camoufleren overwinningen bepaalde dingen. Vergeet niet dat Spanje, als wereldkampioen met een spectaculaire ploeg die als een van de beste ooit wordt beschouwd, toch niet veel doelpunten maakte. Om in 2010 de finale te halen hadden ze een kopbalgoal van Carles Puyol nodig. Die nationale ploeg speelde magnifiek vanuit balbezit, waarin ze echt uitblonk, maar zonder evenwel die dominantie om te zetten in doelpunten. 'Waar ik van houd in het voetbal, dat is goed spelen. En ik hou van aanvallen. Hoe gevaarlijker we zijn, hoe meer kansen we creëren, hoe meer plezier ik heb. Bovendien verhoogt dat het gevoel van veiligheid, want als je aan het doel van de tegenstander speelt, dan ben je zo ver mogelijk van je eigen goal. Ik verkies goed spelen en voluit aanvallen boven een voorbeeldig balbezit met minder doelkansen.' Wat is de sleutel om goed te spelen? San José: 'Het belangrijkste voor mij is het nemen van beslissingen. Een speler is véél vaker niet aan de bal dan wel. Hoe je te verplaatsen op het veld, offensief en defensief, dat is fundamenteel.' Jouw ploeg moet positioneel spelen? San José: 'Ik zou dat niet zo exact willen definiëren, maar het klopt dat ik graag een spelopbouw van achteren uit wil zien en ik denk dat dat moet vertrekken vanuit een positiespel. Maar ik hou veel van dynamiek. Vertrekken van positiespel om de tegenstanders uit verband te halen en ruimte te creëren, en dan door de dynamiek de ruimte veroveren en hen pijn doen. Positiespel, ja, maar dan om veel beweging te creëren.' Als we dan vergelijken met enkele ploegen van het afgelopen seizoen, verkies je dan het spel van Ajax boven dat van Manchester City? San José: 'Voor Ajax is dat ook een erfenis van het Nederlands elftal uit de jaren 70, dat met heel veel positiewissels speelde. Ik denk dat Ajax dit jaar zijn acties begon met positiespel, maar die vervolgde met een erg belangrijke dynamiek bij de offensieve spelers. Dat maakte dat er sommige momenten geen echte puntaanvaller meer was, of dat ze een vleugelspeler kwijtspeelden. Maar daarnaast verzamelden ze zoveel spelers rond de bal en waren er zoveel geslaagde combinaties dat het resultaat erg aantrekkelijk voetbal was.' Veel spelers rond de bal, dat is cruciaal? San José: 'Dat is altijd een goeie zaak. In balbezit creëer je daar passinglijnen mee en steun. En bij balverlies zijn er veel spelers in de buurt om de bal snel te recupereren. dat is een belangrijk gegeven.'