Toen Wilfried Dalmat overstapte van Bergen naar Standard werd hij al snel tot 'sneltrein Dalmat' gebombardeerd. Van op de rechterflank nam hij Standard van bij zijn debuut op sleeptouw en blonk hij uit in de Europese wedstrijden tegen vooral Liverpool en Everton. Sinds die epische thrillers had het Standardpubliek hem helemaal in de armen gesloten. Twee seizoenen later was dat wel even anders: Dalmat werd uitgespuwd en leek enkel terecht te kunnen bij kleinere clubs als Lokeren en Lierse. Eind juli pikte Club Brugge de Fransman op door hem een driejarig contract voor te leggen. Maar dat zijn passage bij Standard sporen heeft nagelaten kan Dalmat niet ontkennen.
...

Toen Wilfried Dalmat overstapte van Bergen naar Standard werd hij al snel tot 'sneltrein Dalmat' gebombardeerd. Van op de rechterflank nam hij Standard van bij zijn debuut op sleeptouw en blonk hij uit in de Europese wedstrijden tegen vooral Liverpool en Everton. Sinds die epische thrillers had het Standardpubliek hem helemaal in de armen gesloten. Twee seizoenen later was dat wel even anders: Dalmat werd uitgespuwd en leek enkel terecht te kunnen bij kleinere clubs als Lokeren en Lierse. Eind juli pikte Club Brugge de Fransman op door hem een driejarig contract voor te leggen. Maar dat zijn passage bij Standard sporen heeft nagelaten kan Dalmat niet ontkennen. Wilfried Dalmat: "Niet echt eigenlijk. Ik wist dat er wel voorstellen zouden komen, hetzij uit België, hetzij uit het buitenland. Al kreeg ik in eerste instantie enkel voorstellen van kleinere clubs." "Die indruk had ik wel, ja. Gelukkig heb ik die voorstellen afgewimpeld en zag ik mijn geduld beloond toen twee weken later Club Brugge me een contractvoorstel van drie seizoenen onder de neus schoof." "Ach, ik maakte me nog geen zorgen. Op 21 juni kwam ik aan op Standard en toen bleek dat ik daar niet langer welkom was, ben ik meteen teruggekeerd naar mijn huis in Parijs. Eind juli was er even een moment van twijfel, maar ondanks het feit dat Standard van me af wilde, ben ik altijd in mezelf blijven geloven." "In 2009 was er interesse van Lens en Valenciennes, maar na het zwakke seizoen met Standard was de interesse al een stuk minder. Het missen van play-off 1 heeft mijn marktwaarde geen goed gedaan." "Ik dacht dat het een hardwerkende club was die het spel erg mannelijk speelde. Zo werd Club in elk geval afgeschilderd. Toen ik hier in Brugge aankwam, merkte ik al gauw dat er hier ook heel wat balvaardige spelers rondlopen." "Ik weet wat er met Laurent Ciman is gebeurd, als je dat bedoelt. Ik hoop dat ze mij sparen, maar ik weet ook hoe snel het kan gaan. In mijn eerste jaar bij Standard scandeerden de fans mijn naam en tijdens mijn laatste maanden bij de Rouches werd ik door diezelfde supporters steevast uitgefloten." "Ik ben altijd al nonchalant geweest. Maar dat heeft me niet belet om beslissend te zijn voor Standard in de titelstrijd. Ik was dan wel niet de afwerker van dienst, maar ik was wel 36 wedstrijden lang titularis." "We zijn slecht gestart en het duurde niet lang vooraleer de focus bijna volledig op de Champions League lag." "Neen, maar onbewust speelt dat wel mee. De beker met de grote oren, daar droomt elke voetballer van natuurlijk. Daar kwam dan nog eens de competitiehervorming bij. Zes punten achterstand op Anderlecht? Geen nood, dat worden er in de play-offs nog maar drie. Jammer genoeg bleef de achterstand maar oplopen. Tel daarbij nog de blessure van Steven Defour, de schorsing van Axel Witsel en dan weet je het wel. Ik heb zelf ook lange tijd met een aantal kleine blessures rondgelopen, maar ik moest blijven spelen." "Welke samenwerking? Er was helemaal geen sprake van een band met Bölöni. Mensen dachten dat er spanningen waren tussen ons, maar dat kon niet omdat ik simpelweg geen contact met hem had. Hij feliciteerde me niet na een goede wedstrijd en als ik slecht speelde, bleef de kritiek binnen de perken. Er waren nog spelers die zo behandeld werden door hem." "Natuurlijk. Er waren heel wat spelers die er net zo over dachten als ik en dat resulteerde uiteindelijk in jaloezie ten opzichte van ploegmaats die wel een goede band met de coach hadden. Sommigen kregen meer krediet, maar dat is wel vaker het geval in de voetballerij." "Die boete ben ik inderdaad niet meer te boven gekomen. Ik heb heel erg veel vertrouwen nodig en als dat ontbreekt, deemster ik helemaal weg. Ik heb nood aan respect. Dat was er in mijn eerste seizoen bij Standard. Niemand feliciteerde me, maar dat kon me toen niet schelen omdat ik wist dat ik goed bezig was." "Ik weet dat ik dat achter mij zou moeten kunnen laten. Goed spelen en vertrekken aan het einde van het seizoen, meer hoefde ik niet te doen. Maar ik heb een nogal apart karakter. Als je me probeert te dwarsbomen, lukt dat vaak en geraak ik het spoor helemaal bijster. Ik weet dat dat belachelijk is, zeker voor een profvoetballer. Ik probeer er wel aan te werken, maar op je 28e verander je dat niet zomaar eventjes." "Eerlijk gezegd niet, neen. Het was misschien door mijn nonchalante manier van spelen dat de fans me uitfloten. Ik neem het hen niet eens kwalijk. Ik weet van bij Grenoble dat het nog een stuk erger kan. Daar wist ik echt niet meer van welk hout pijlen maken. Ik hoefde de bal nog maar even te raken en de supporters begonnen al te fluiten. Daar heb ik echt van afgezien. Bij Standard kon ik het allemaal al iets meer van me afzetten. Op het moment zelf is het natuurlijk niet leuk, maar zodra ik op weg naar huis was, dacht ik er niet meer aan." "Ik had in elk geval geen goed imago. Als mensen me op straat tegenkwamen, waren ze verbaasd om te zien dat ik een eenvoudige jongen ben die graag luistert naar anderen. Ik heb een beetje het foute imago van mijn oudere broer Stéphane ( die bij Inter en Tottenham speelde, nvdr) meegekregen. Maar als je hem leert kennen, zul je zien dat hij een heel beleefde, eerlijke man is." "Ik had nooit mogen weggaan bij Nantes. Ik was destijds jong, arrogant en misschien ook wel een beetje dom. Ik was overtuigd van mijn kunnen en ik dacht dat ik elders veel sneller zou doorbreken. Als ik langer bij Nantes gebleven zou zijn, had mijn carrière misschien wél een hoge vlucht genomen. Maar goed, het was mijn eigen beslissing. Mijn manager raadde het me af, maar ik wou per se mijn wil doordrijven." "Ik kan me vergissen, maar ik denk het wel, ja. Momenteel moet ik concluderen dat de Belgische competitie het hoogst haalbare voor mij is." "Ik heb dat nooit beweerd. Ik denk dat de Nederlandstalige journalist het niet goed begrepen heeft, ofwel heeft hij mijn woorden met opzet veranderd. Na de wedstrijd tegen Sint-Truiden zei een journalist me: 'Je voelt dat er bij Club meer varianten mogelijk zijn dan bij Standard.' Ik antwoordde: 'Het klopt dat ik me hier zowel op links als op rechts kan uitleven.' Dat is toch net even wat anders dan wat er uiteindelijk in de media is verschenen." "Natuurlijk. En nogmaals: ik kan het hen niet eens kwalijk nemen. Dat hoort er nu eenmaal bij. Dat ze me uitfluiten betekent misschien dat ik ooit veel betekend heb voor hen. Als ik terugkijk op mijn tijd bij Standard, onthoud ik vooral de keren dat het publiek mijn naam scandeerde. Wat de fluitconcerten betreft, die begrijp ik maar al te goed. Als ik supporter zou zijn van Standard zou ik het ook niet aanvaarden dat een speler die het vorige seizoen de pannen van het dak speelde nu plots geen deuk meer in een pakje boter kan trappen. Ik zou gewoon meefluiten met de massa." door thomas bricmontIk heb een grote carrière door de vingers laten glippen.