D AVY JANSSENS: 'Ik heb altijd in Kruibeke gewoond, maar door omstandigheden ging ik pas laat naar het voetbal. Mijn papa was bakker en ik moest in het weekend helpen. Bij de jeugd van Bazel was ik keeper, maar hij zei: 'Op woensdag kun je gaan trainen, want dan zijn we gesloten, maar op zaterdag zal spelen niet lukken. Dan moet je helpen.' Ik heb daar veel traantjes voor gelaten, maar in die tijd was dat zo. Veel van mijn vrienden waren supporter van Antwerp, maar daar kregen ze mij niet naar toe, ik was geel en blauw, al van in de periode van Marc Baecke en Jean. Mijn eerste vrouw ben ik gevolgd naar Aalst, zodat ik alleen de topwedstrijden in Beveren zag. Toen ik scheidde en weer verhuisde naar hier, had ik plots in het weekend vrije tijd. Tijd voor het voetbal. Ik zag wat mensen zingen in de tribunes en dan heb ik de slechte gewoonte te zeggen: dat kan ik beter. Met een paar kameraden zijn we gaan brainstormen om een groep op te richten. Geen ultra's, voor dat gebeuren ben ik niet ...