Wonen en werken aan zee, het is een droom, zeker als je het mondaine Knokke als uitvalsbasis mag nemen. Uitwaaien op de dijk, leuke boetieks, hippe koffiebars, leuke restaurantjes. De polders vlakbij, heerlijk om fietsend te ontspannen. Uiteraard zijn er ook nadelen: de regeltjes van de graaf/burgemeester, en de afstand met de rest van België. Sinds vorige zomer vertrekt de spelersbus van Club Brugge van hieruit op verplaatsing. Dat scheelt al snel een haf uur tot een uurtje meer. En als de wind stevig blaast, wordt trainen op spelhervattingen een moeilijke zaak. Zo'n wind staat er, als we voor het eindejaarsinterview met Hans Vanaken (27) naar het Belfius Basecamp afzakken. Met een paar jongens zijn ze nog aan het natrainen. Een spelletje. Beginnen vanaf de strafschoppunt en dan altijd een meter achteruit. Omdat de bal niet stil blijft liggen, moet er telkens eentje met de hand bijstaan. Tijdig lossen is dan de boodschap. Als al de rest al lang aan tafel zit, trekt het gezelschap, dat luid joelt bij elke misser, uiteindelijk naar binnen.

Ik ben nu 27 en had net een topjaar. Als er dan geen club komt, zal het misschien nooit zijn.' Hans Vanaken

Je bent het nog lang niet beu, blijkbaar?

Hans Vanaken: '( lacht) Neen, helemáál niet. Beetje natrainen is altijd leuk en ik heb er nog steeds zin in. We trainen niet meer super lang en dan is dit fijn. Afwerken met vier, vijf man is nu ook niet zwaar, hé. Gewoon wat ballen nemen en schieten. Dat is amusement, en tegelijk een héél klein beetje competitie.'

Was 2019 een grand cru in het leven van Hans Vanaken?

Vanaken: 'Ik denk dat het een heel goed jaar was, ja. Vaak rust een vloek op de Gouden Schoen en gaat het na de bekroning bergaf, maar dat was bij mij niet het geval; ik heb mijn niveau een heel jaar lang kunnen doortrekken. Maar om dan te spreken van een grand cru... Prof van het Jaar, altijd in de kern van de nationale ploeg, nu ook twee wedstrijden kunnen spelen. Ik ken mijn statistieken niet uit het blote hoofd, maar ik ben er fier op, dat dit allemaal kon. We zullen zien wat het wordt voor het EK, maar ik denk dat ik ook belangrijk kan zijn voor de Rode Duivels.'

Je vergeet nog je nieuwe contract.

Vanaken: 'In augustus getekend, ja. Weer een jaartje erbij. ( Lacht) Alles is positief.'

Was het een moeilijke beslissing om te blijven?

Vanaken: 'Neen, want ik ben hier heel gelukkig en ik denk dat zoiets ook afstraalt naar het veld toe. Privé gaat alles goed, het is hier fijn wonen, goed leven en dan ben je automatisch ook gelukkig op de club. Als je thuis niet gelukkig bent, of je woont ergens niet graag, ga je ook niet voor 100 procent kunnen presteren. En daarnaast: als er niks anders is, niks concreets in de periode juli-augustus, dan moet je niet nadenken.'

Echt niks?

Vanaken: 'Neen.'

Vind je dat niet raar, dat de beste voetballer in de Jupiler Pro League geen aanbieding krijgt?

Vanaken: 'Of ik dat ben, laat ik aan jouw beoordeling over, maar ik denk daar soms ook over na, ja. Twee keer op rij profvoetballer van het jaar en daartussen de Gouden Schoen gewonnen. Maar het moet zijn dat sommige clubs dat anders zien, of me niet zo zien zoals jij. Dan moet je je daar bij neerleggen. Ik speel alles, zit bij een ploeg die altijd voor de prijzen speelt, niks om over te klagen. Misschien is het raar, en misschien zeggen de mensen wel: hij durft niet. Maar er vált niks te durven. Met een gebrek aan ambitie heeft het niks te maken. Ik héb ambitie. Zeker. Maar langs de andere kant denk ik ook: ik ben nu 27 en had net een topjaar. Als het dan niet komt, zal het misschien nooit zijn.'

Als Ruud Vormer er niet bij is, neemt Hans Vanaken de aanvoerdersband over., BELGAIMAGE - CHRISTOPHE KETELS
Als Ruud Vormer er niet bij is, neemt Hans Vanaken de aanvoerdersband over. © BELGAIMAGE - CHRISTOPHE KETELS

Mandekking

Snakte je naar de winterstop?

Vanaken: 'Snakken is een groot woord, maar ik was wel blij met dat weekje vakantie. Zowel fysiek als mentaal alles even kunnen loslaten. Dat is logisch, denk ik, van september tot december is het de drukste periode qua wedstrijden. En ik speel haast alles. Er waren misschien momenten geweest waarop ik een keer eerder gewisseld kon worden of eens op de bank zou kunnen starten, maar dat gebeurde niet. Dat je dat na een tijd begint te voelen, is logisch. Anderzijds: het was niet zo dat ik tijdens de match minder liep of niet meer kon. De statistieken bleven zeggen dat ik ongelooflijk veel meters maakte. Alleen ga je dan in bepaalde fases in de passing, of in de zestien, misschien net niet meer de juiste toets hebben. Voetbal je misschien aan 95 en niet langer aan 100 procent en mis je net die vijf percent om een doelpunt te maken, of om de bal juist in te spelen.'

Soms probeer ik mijn tegenstander het gevoel te geven dat hij me onder controle heeft, om dan toe te slaan.' Hans Vanaken

Je grote loopvermogen gekoppeld aan die intelligentie aan de bal blijft een troef. Dat hoor je telkens van tegenstanders. Vanaken is de moeilijkste om tegen te spelen omdat hij blijft lopen.

Vanaken: 'Dat is ook een beetje het systeem, denk ik. In het begin van het seizoen probeerden we nog een 4-3-3 met twee man achter mij. Op dat moment was het voor mij vooral zaak druk naar voren te zetten en eens de bal ons passeerde, waren er nog zes, zeven spelers achter me om het op te lossen. Daarna werd het anders. Staat Ruud Vormer eens wat dieper, dan moet ik wat verder terug of omgekeerd. We hebben ook vaak met mandekking te maken. Om daarvan los te komen, wisselen we geregeld van positie, ook met het nummer zes. Als die inschuift, is het toch telkens afwachten hoe de tegenstander hem oppikt. En komt er voor ons misschien wat meer ruimte. Daarom kom ik ook wel eens in een meer verdedigende positie te staan en moet je die taken overnemen. Onder Leko heb ik geleerd om verdedigend meer mee te denken. Ruud en ik maken de meeste meters. Ondersteunend naar voor én naar achter. Vroeger bleef ik eerder aan de linkerkant en Ruud op rechts, maar nu proberen we aan de mandekking te ontsnappen door van kant of positie te wisselen. Dan zien we hoe de tegenstander dat probeert op te lossen.'

Mandekking heeft hoe langer hoe minder vat op je prestaties?

Vanaken: 'Ik blijf het vervelend vinden, omdat ik dan mezelf even weg moet steken om anderen aan de bal te laten komen. Dan lijkt het al snel dat ik niet in de match zit, maar ik denk op dat moment puur aan de ploeg: ik probeer anderen vrij te krijgen.'

Je doet dat zo intelligent, dat ze je uit het oog verliezen en dan duik je plots op voor doel om te scoren of met een pas.

Vanaken: 'Dat leer je. Ik zal niet zeggen dat het puur op intelligentie is, het is ook door er over na te denken. Soms probeer ik inderdaad mijn tegenstander het gevoel te geven dat hij me onder controle heeft, om dan toe te slaan. Toen ik in het begin met mandekking te maken had, gaf ik het misschien iets te snel op. Dan kroop in mijn hoofd dat ik niet veel aan de bal ging komen en dacht ik: vandaag wordt het niks. Dan werd ik zot. Nu kan ik ermee leven wanneer ik minder vaak aan de bal kom en is het een kwestie van zoeken naar oplossingen en ruimte. In al die jaren heb ik inmiddels wel geleerd om er mee om te gaan, al is het zo dat we het soms heel moeilijk hebben om ruimte te vinden, omdat de tegenstander tegen ons fel inzakt. Dat was het probleem in de wedstrijden waarin het wat moeilijker ging.'

Statistieken

Je lijkt dit seizoen eerder afwerker dan aangever.

Vanaken: 'Die indruk krijg je als we puur naar statistieken kijken. Eén assist, dan denkt iedereen: triestig, Hans. Maar afgaande op ons voetbal had ik op dit moment ook al vijf, zes assists meer kunnen hebben, als ze die ballen hadden afgewerkt. Sowieso zijn cijfers voor mij niet het belangrijkste. Winnen, dan ben ik content.'

Kies je door ouder worden ook niet beter het moment of de positie? Dat is een van de sterke punten van jullie doelman.

Vanaken: 'Op een gegeven moment zal ervaring wel beginnen spelen, maar soms is het ook puur toeval. Gok je eerste paal en komt de bal aan de tweede. Ik zit wel vaak tussen de verdedigende lijn en de lijn van het middenveld, dat klopt. Daar is ook de meeste ruimte. Iedereen laat dat zien op beelden, en waarschuwt daarvoor, hier ook, maar je zal het overal zien: verdedigers gaan ál-tijd mee met de bal! Altijd. Als dan de middenvelder niet volgt, sta je alleen. En als de bal daar net wordt gelegd... Misschien leer je dat met de tijd beter inschatten en kies je op de juiste momenten om door te lopen of juist om eens te blijven hangen.'

Hans Vanaken: 'Je moet altijd vertrekken met de ambitie te overwinteren in de Champions League.', BELGAIMAGE - CHRISTOPHE KETELS
Hans Vanaken: 'Je moet altijd vertrekken met de ambitie te overwinteren in de Champions League.' © BELGAIMAGE - CHRISTOPHE KETELS

Vorig seizoen haalden jullie in een even druk programma - Champions League plus competitie - in de donkere maanden 5 op 18 in de competitie. Nu liep het soms even moeizaam, maar wonnen jullie wel. Is dat straks het verschil tussen een titel en een tweede plaats?

Vanaken: 'Ik heb dit najaar wel eens een statistiek zien passeren, over het aantal punten dat we toen vergooiden rond wedstrijden in de Champions League. Nu waren we daar beter in. Waarom kan ik moeilijk zeggen. Ik geloof nooit dat het ging om minder concentratie of focus.'

Het is dagelijkse kost versus uit eten in een goed restaurant. Dan ben je toch nog iets alerter.

Vanaken: 'Zo kun je het wel vergelijken, ja. Het is ons nu niet overkomen, en in principe zou het ons - Club Brugge zijnde - ook niet mogen overkomen. Wij moeten om de drie dagen kunnen presteren. Fysiek moeten we dat aankunnen.'

2020

Heeft Roberto Martínez al wat gelost omtrent je kansen om het EK te halen?

Vanaken: 'Totaal niet. Met deze generatie gaat straks heel veel kwaliteit niet mee kunnen, vrees ik. In het begin ben ik een paar keer ingevallen voor Eden Hazard, maar nu ben ik twee keer gestart op de acht, naast Youri Tielemans. Ik denk dat ik beide posities aankan, al mis ik voor de tien bij de Rode Duivels misschien wel de actie en de snelheid.'

In België voetballen is straks geen nadeel?

Vanaken: 'Dat lijkt mij niet. Het niveau van onze competitie is de laatste jaren omhoog gegaan, vind ik. Drie, vier jaar geleden zou je bijvoorbeeld Simon Mignolet of Nacer Chadli niet hebben kunnen verleiden tot een terugkeer. Simon zegt toch altijd dat hij verrast wordt door het niveau hier en dat daar in het buitenland nogal licht wordt overgegaan.'

Daarom zijn de Europese matchen er, als referentie. Heb je de idee dat jullie als ploeg, en jij individueel, daar stappen vooruit hebben gezet?

Vanaken: 'Ja. Qua punten hebben we het niet beter gedaan dan vorig jaar, maar wel qua durf en voetbal, vind ik. Vorig jaar was het gelijkspel in Dortmund heel goed, maar aanvallend hebben we daar bijna niks kunnen doen. Nu deden we dat wel, op PSG, op Real. Je komt ginder onder druk te staan, wat logisch is tegen ploegen die nog iets hoger staan aangeschreven dan Dortmund of Atlético. Maar de manier waarop we er toch durfden in de aanval gaan en niet bang waren om ons spel te spelen... daarin hebben we stappen vooruit gezet. Alleen thuis tegen PSG viel tegen, en dan vooral het laatste half uur. Toen Mbappé kwam, zagen we sterretjes. Maar als je dan ziet hoe onze reactie in Parijs was. Knap.'

Bij dat strafschopmoment in Parijs kon ik als aanvoerder niks goed doen voor de buitenwereld. Ik zou ofwel een pussy zijn ofwel een ruziemaker.' Hans Vanaken

Topploegen hebben nog iets meer beheersing en slaan dan toe. Dat deed ook Real in Brugge. De nationale ploeg kan dat ook goed. De tegenstander even een goed gevoel geven, en dan afmaken.

Vanaken: 'Bij de tegenstander in het hoofd krijgen: 'Ha, we hebben ze', en dan toeslaan. Vroeger had ik dat niet zo door, maar nu ik bij de nationale ploeg zit, zie ik dat beter. Dan zit ik naast Dennis Praet op de bank en zeggen we tegen mekaar: 'Straks komen we ook eens over de middellijn en is het prijs.' Vaak klopt dat. Dat is puur kwaliteit. Maar we hebben dit jaar wel getoond dat het kán, tegen dat soort ploegen. Als wij een goeie dag hebben, ligt het in één wedstrijd dicht bij mekaar. Dus moet je altijd vertrekken met de ambitie dat je door moet proberen te gaan in de Champions League. Maar het logische is dat het uiteindelijk clubs als Real of PSG zijn die na zes wedstrijden door gaan.'

Wat neem van die matchen mee naar de Jupiler Pro League?

Vanaken: 'Als we voor komen, mogen we wat mij betreft soms nog iets meer geduld hebben en niet te rap die lange bal of dieptebal zoeken. Het is niet erg om nog een keer extra van kant te wisselen. Dan laat je de tegenstander nog wat meer lopen en uiteindelijk zal er wel eentje zijn die het opgeeft of uit positie staat. En dan moet je prikken. Zoals de topploegen, tegen ons.'

Want tegen 120 per uur starten, kan wel in augustus of september als iedereen fris zit, maar misschien niet meer in november, december.

Vanaken: 'Het kan ook dan nog, denk ik, maar of het altijd goed is, weet ik niet. Dan moet je wel het verschil kunnen maken in die eerste tien minuten. Lukt dat niet, of bots je toevallig op een counter, dan snijdt dat helemaal de adem af. We zijn dit jaar in de competitie niet altijd overal even efficiënt geweest. Dat zal vaak zo blijven, vrees ik, want de goeie gaan hier altijd vrij snel weggeplukt worden. Dat is bij Real of PSG minder het gevaar, denk ik. ( lacht)'

Kampioen

Wat vond je van je eigen Europese prestaties?

Vanaken: 'Ik ben wel tevreden, ook over het spel. Dankzij onze durf om te voetballen, anders zou het voor mij niet al te fijn zijn.'

Zijn jullie ooit kwaad geweest op Ruud, omdat hij twee speeldagen extra schorsing kreeg voor wat hij zei tegen de scheidsrechter.

Vanaken: 'Totaal niet. Ik zeg soms ook dingen tegen de scheidsrechter.'

Zaken waar je achteraf spijt van hebt?

Vanaken: 'Neen. Totaal niet.'

Is je status veranderd? Mag je wat meer zeggen dan vijf jaar geleden?

Vanaken: 'Neen. Ik zeg zelfs minder dan vroeger. Toen haalde ik mezelf op die manier iets meer uit de match. Daar let ik nu op. Als je achttien bent, gaat het met ups en downs, maar eens je wat ervaring hebt, vermijd je dat dipje. Dat is misschien het verschil tussen ons middenveld en de spitsen, die jonger zijn, zichzelf misschien wat meer druk opleggen en wat wisselvalliger presteren. Hard blijven werken is dan de enige manier om weer uit dat dipje te raken. Okereke, bijvoorbeeld, werkt hard en is hier graag, is mijn indruk; dat komt wel weer goed. En dat geldt voor iedere spits, denk ik. Nu klinkt de conclusie voor sommige jongens misschien: 'Niet goed genoeg', maar over twee maanden worden ze wellicht de held van de play-offs. Zo kort ligt het bij mekaar.'

En zo wordt Club kampioen?

Vanaken: 'Club wordt kampioen.'

Met Hans Vanaken als nieuwe Gouden Schoen?

Vanaken: ( lacht) 'Hopelijk.'

Strafschop!

Nu het stof is gaan liggen: wat denk je van dat voorval rond de strafschop in Parijs tegen PSG?

Hans Vanaken: 'Dat wat is gebeurd, is gebeurd. Het heeft weinig nut om er nog over te praten.'

Ga je nu niet wat vlug voorbij aan de kritiek dat je toen meer karakter had moeten tonen op het veld?

Vanaken: 'Daar ben ik het niet mee eens. We hebben allemaal het dispuut gezien tussen Refaelov en Mbokani en toen zei iedereen: het kán toch niet dat die twee ruzie maken op het veld. Moest ik het dan wél doen? Ofwel ben ik op dat moment een pussy voor de mensen, iemand die niet voor zichzelf durft opkomen, ofwel een ruziemaker. Geen van de twee opties vond ik iets hebben. Tussenin zat niks. Ik kon op dat moment als aanvoerder niks goed doen voor de buitenwereld. Naar mijn gevoel heb ik voor mezelf het beste gedaan en iedereen die in het voetbal zit, weet dat dit de juiste weg was. Ik ben rustig gebleven.'

En je hebt daarna in de kleedkamer gezegd wat te zeggen viel.

Vanaken: 'Dát lijkt me logisch. Daar heeft iedereen zijn waarheid gezegd.'

Heb je er lang mee gezeten?

Vanaken: 'Neen. Ik ben niet iemand die over zoiets gaat liggen piekeren. Dat gaat de klok niet terugdraaien. Punt. Volgende match.'

Wonen en werken aan zee, het is een droom, zeker als je het mondaine Knokke als uitvalsbasis mag nemen. Uitwaaien op de dijk, leuke boetieks, hippe koffiebars, leuke restaurantjes. De polders vlakbij, heerlijk om fietsend te ontspannen. Uiteraard zijn er ook nadelen: de regeltjes van de graaf/burgemeester, en de afstand met de rest van België. Sinds vorige zomer vertrekt de spelersbus van Club Brugge van hieruit op verplaatsing. Dat scheelt al snel een haf uur tot een uurtje meer. En als de wind stevig blaast, wordt trainen op spelhervattingen een moeilijke zaak. Zo'n wind staat er, als we voor het eindejaarsinterview met Hans Vanaken (27) naar het Belfius Basecamp afzakken. Met een paar jongens zijn ze nog aan het natrainen. Een spelletje. Beginnen vanaf de strafschoppunt en dan altijd een meter achteruit. Omdat de bal niet stil blijft liggen, moet er telkens eentje met de hand bijstaan. Tijdig lossen is dan de boodschap. Als al de rest al lang aan tafel zit, trekt het gezelschap, dat luid joelt bij elke misser, uiteindelijk naar binnen. Je bent het nog lang niet beu, blijkbaar? Hans Vanaken: '( lacht) Neen, helemáál niet. Beetje natrainen is altijd leuk en ik heb er nog steeds zin in. We trainen niet meer super lang en dan is dit fijn. Afwerken met vier, vijf man is nu ook niet zwaar, hé. Gewoon wat ballen nemen en schieten. Dat is amusement, en tegelijk een héél klein beetje competitie.' Was 2019 een grand cru in het leven van Hans Vanaken? Vanaken: 'Ik denk dat het een heel goed jaar was, ja. Vaak rust een vloek op de Gouden Schoen en gaat het na de bekroning bergaf, maar dat was bij mij niet het geval; ik heb mijn niveau een heel jaar lang kunnen doortrekken. Maar om dan te spreken van een grand cru... Prof van het Jaar, altijd in de kern van de nationale ploeg, nu ook twee wedstrijden kunnen spelen. Ik ken mijn statistieken niet uit het blote hoofd, maar ik ben er fier op, dat dit allemaal kon. We zullen zien wat het wordt voor het EK, maar ik denk dat ik ook belangrijk kan zijn voor de Rode Duivels.' Je vergeet nog je nieuwe contract. Vanaken: 'In augustus getekend, ja. Weer een jaartje erbij. ( Lacht) Alles is positief.' Was het een moeilijke beslissing om te blijven? Vanaken: 'Neen, want ik ben hier heel gelukkig en ik denk dat zoiets ook afstraalt naar het veld toe. Privé gaat alles goed, het is hier fijn wonen, goed leven en dan ben je automatisch ook gelukkig op de club. Als je thuis niet gelukkig bent, of je woont ergens niet graag, ga je ook niet voor 100 procent kunnen presteren. En daarnaast: als er niks anders is, niks concreets in de periode juli-augustus, dan moet je niet nadenken.' Echt niks? Vanaken: 'Neen.' Vind je dat niet raar, dat de beste voetballer in de Jupiler Pro League geen aanbieding krijgt? Vanaken: 'Of ik dat ben, laat ik aan jouw beoordeling over, maar ik denk daar soms ook over na, ja. Twee keer op rij profvoetballer van het jaar en daartussen de Gouden Schoen gewonnen. Maar het moet zijn dat sommige clubs dat anders zien, of me niet zo zien zoals jij. Dan moet je je daar bij neerleggen. Ik speel alles, zit bij een ploeg die altijd voor de prijzen speelt, niks om over te klagen. Misschien is het raar, en misschien zeggen de mensen wel: hij durft niet. Maar er vált niks te durven. Met een gebrek aan ambitie heeft het niks te maken. Ik héb ambitie. Zeker. Maar langs de andere kant denk ik ook: ik ben nu 27 en had net een topjaar. Als het dan niet komt, zal het misschien nooit zijn.' Snakte je naar de winterstop? Vanaken: 'Snakken is een groot woord, maar ik was wel blij met dat weekje vakantie. Zowel fysiek als mentaal alles even kunnen loslaten. Dat is logisch, denk ik, van september tot december is het de drukste periode qua wedstrijden. En ik speel haast alles. Er waren misschien momenten geweest waarop ik een keer eerder gewisseld kon worden of eens op de bank zou kunnen starten, maar dat gebeurde niet. Dat je dat na een tijd begint te voelen, is logisch. Anderzijds: het was niet zo dat ik tijdens de match minder liep of niet meer kon. De statistieken bleven zeggen dat ik ongelooflijk veel meters maakte. Alleen ga je dan in bepaalde fases in de passing, of in de zestien, misschien net niet meer de juiste toets hebben. Voetbal je misschien aan 95 en niet langer aan 100 procent en mis je net die vijf percent om een doelpunt te maken, of om de bal juist in te spelen.' Je grote loopvermogen gekoppeld aan die intelligentie aan de bal blijft een troef. Dat hoor je telkens van tegenstanders. Vanaken is de moeilijkste om tegen te spelen omdat hij blijft lopen. Vanaken: 'Dat is ook een beetje het systeem, denk ik. In het begin van het seizoen probeerden we nog een 4-3-3 met twee man achter mij. Op dat moment was het voor mij vooral zaak druk naar voren te zetten en eens de bal ons passeerde, waren er nog zes, zeven spelers achter me om het op te lossen. Daarna werd het anders. Staat Ruud Vormer eens wat dieper, dan moet ik wat verder terug of omgekeerd. We hebben ook vaak met mandekking te maken. Om daarvan los te komen, wisselen we geregeld van positie, ook met het nummer zes. Als die inschuift, is het toch telkens afwachten hoe de tegenstander hem oppikt. En komt er voor ons misschien wat meer ruimte. Daarom kom ik ook wel eens in een meer verdedigende positie te staan en moet je die taken overnemen. Onder Leko heb ik geleerd om verdedigend meer mee te denken. Ruud en ik maken de meeste meters. Ondersteunend naar voor én naar achter. Vroeger bleef ik eerder aan de linkerkant en Ruud op rechts, maar nu proberen we aan de mandekking te ontsnappen door van kant of positie te wisselen. Dan zien we hoe de tegenstander dat probeert op te lossen.' Mandekking heeft hoe langer hoe minder vat op je prestaties? Vanaken: 'Ik blijf het vervelend vinden, omdat ik dan mezelf even weg moet steken om anderen aan de bal te laten komen. Dan lijkt het al snel dat ik niet in de match zit, maar ik denk op dat moment puur aan de ploeg: ik probeer anderen vrij te krijgen.' Je doet dat zo intelligent, dat ze je uit het oog verliezen en dan duik je plots op voor doel om te scoren of met een pas. Vanaken: 'Dat leer je. Ik zal niet zeggen dat het puur op intelligentie is, het is ook door er over na te denken. Soms probeer ik inderdaad mijn tegenstander het gevoel te geven dat hij me onder controle heeft, om dan toe te slaan. Toen ik in het begin met mandekking te maken had, gaf ik het misschien iets te snel op. Dan kroop in mijn hoofd dat ik niet veel aan de bal ging komen en dacht ik: vandaag wordt het niks. Dan werd ik zot. Nu kan ik ermee leven wanneer ik minder vaak aan de bal kom en is het een kwestie van zoeken naar oplossingen en ruimte. In al die jaren heb ik inmiddels wel geleerd om er mee om te gaan, al is het zo dat we het soms heel moeilijk hebben om ruimte te vinden, omdat de tegenstander tegen ons fel inzakt. Dat was het probleem in de wedstrijden waarin het wat moeilijker ging.' Je lijkt dit seizoen eerder afwerker dan aangever. Vanaken: 'Die indruk krijg je als we puur naar statistieken kijken. Eén assist, dan denkt iedereen: triestig, Hans. Maar afgaande op ons voetbal had ik op dit moment ook al vijf, zes assists meer kunnen hebben, als ze die ballen hadden afgewerkt. Sowieso zijn cijfers voor mij niet het belangrijkste. Winnen, dan ben ik content.' Kies je door ouder worden ook niet beter het moment of de positie? Dat is een van de sterke punten van jullie doelman. Vanaken: 'Op een gegeven moment zal ervaring wel beginnen spelen, maar soms is het ook puur toeval. Gok je eerste paal en komt de bal aan de tweede. Ik zit wel vaak tussen de verdedigende lijn en de lijn van het middenveld, dat klopt. Daar is ook de meeste ruimte. Iedereen laat dat zien op beelden, en waarschuwt daarvoor, hier ook, maar je zal het overal zien: verdedigers gaan ál-tijd mee met de bal! Altijd. Als dan de middenvelder niet volgt, sta je alleen. En als de bal daar net wordt gelegd... Misschien leer je dat met de tijd beter inschatten en kies je op de juiste momenten om door te lopen of juist om eens te blijven hangen.' Vorig seizoen haalden jullie in een even druk programma - Champions League plus competitie - in de donkere maanden 5 op 18 in de competitie. Nu liep het soms even moeizaam, maar wonnen jullie wel. Is dat straks het verschil tussen een titel en een tweede plaats? Vanaken: 'Ik heb dit najaar wel eens een statistiek zien passeren, over het aantal punten dat we toen vergooiden rond wedstrijden in de Champions League. Nu waren we daar beter in. Waarom kan ik moeilijk zeggen. Ik geloof nooit dat het ging om minder concentratie of focus.' Het is dagelijkse kost versus uit eten in een goed restaurant. Dan ben je toch nog iets alerter. Vanaken: 'Zo kun je het wel vergelijken, ja. Het is ons nu niet overkomen, en in principe zou het ons - Club Brugge zijnde - ook niet mogen overkomen. Wij moeten om de drie dagen kunnen presteren. Fysiek moeten we dat aankunnen.' Heeft Roberto Martínez al wat gelost omtrent je kansen om het EK te halen? Vanaken: 'Totaal niet. Met deze generatie gaat straks heel veel kwaliteit niet mee kunnen, vrees ik. In het begin ben ik een paar keer ingevallen voor Eden Hazard, maar nu ben ik twee keer gestart op de acht, naast Youri Tielemans. Ik denk dat ik beide posities aankan, al mis ik voor de tien bij de Rode Duivels misschien wel de actie en de snelheid.' In België voetballen is straks geen nadeel? Vanaken: 'Dat lijkt mij niet. Het niveau van onze competitie is de laatste jaren omhoog gegaan, vind ik. Drie, vier jaar geleden zou je bijvoorbeeld Simon Mignolet of Nacer Chadli niet hebben kunnen verleiden tot een terugkeer. Simon zegt toch altijd dat hij verrast wordt door het niveau hier en dat daar in het buitenland nogal licht wordt overgegaan.' Daarom zijn de Europese matchen er, als referentie. Heb je de idee dat jullie als ploeg, en jij individueel, daar stappen vooruit hebben gezet? Vanaken: 'Ja. Qua punten hebben we het niet beter gedaan dan vorig jaar, maar wel qua durf en voetbal, vind ik. Vorig jaar was het gelijkspel in Dortmund heel goed, maar aanvallend hebben we daar bijna niks kunnen doen. Nu deden we dat wel, op PSG, op Real. Je komt ginder onder druk te staan, wat logisch is tegen ploegen die nog iets hoger staan aangeschreven dan Dortmund of Atlético. Maar de manier waarop we er toch durfden in de aanval gaan en niet bang waren om ons spel te spelen... daarin hebben we stappen vooruit gezet. Alleen thuis tegen PSG viel tegen, en dan vooral het laatste half uur. Toen Mbappé kwam, zagen we sterretjes. Maar als je dan ziet hoe onze reactie in Parijs was. Knap.' Topploegen hebben nog iets meer beheersing en slaan dan toe. Dat deed ook Real in Brugge. De nationale ploeg kan dat ook goed. De tegenstander even een goed gevoel geven, en dan afmaken. Vanaken: 'Bij de tegenstander in het hoofd krijgen: 'Ha, we hebben ze', en dan toeslaan. Vroeger had ik dat niet zo door, maar nu ik bij de nationale ploeg zit, zie ik dat beter. Dan zit ik naast Dennis Praet op de bank en zeggen we tegen mekaar: 'Straks komen we ook eens over de middellijn en is het prijs.' Vaak klopt dat. Dat is puur kwaliteit. Maar we hebben dit jaar wel getoond dat het kán, tegen dat soort ploegen. Als wij een goeie dag hebben, ligt het in één wedstrijd dicht bij mekaar. Dus moet je altijd vertrekken met de ambitie dat je door moet proberen te gaan in de Champions League. Maar het logische is dat het uiteindelijk clubs als Real of PSG zijn die na zes wedstrijden door gaan.' Wat neem van die matchen mee naar de Jupiler Pro League? Vanaken: 'Als we voor komen, mogen we wat mij betreft soms nog iets meer geduld hebben en niet te rap die lange bal of dieptebal zoeken. Het is niet erg om nog een keer extra van kant te wisselen. Dan laat je de tegenstander nog wat meer lopen en uiteindelijk zal er wel eentje zijn die het opgeeft of uit positie staat. En dan moet je prikken. Zoals de topploegen, tegen ons.' Want tegen 120 per uur starten, kan wel in augustus of september als iedereen fris zit, maar misschien niet meer in november, december. Vanaken: 'Het kan ook dan nog, denk ik, maar of het altijd goed is, weet ik niet. Dan moet je wel het verschil kunnen maken in die eerste tien minuten. Lukt dat niet, of bots je toevallig op een counter, dan snijdt dat helemaal de adem af. We zijn dit jaar in de competitie niet altijd overal even efficiënt geweest. Dat zal vaak zo blijven, vrees ik, want de goeie gaan hier altijd vrij snel weggeplukt worden. Dat is bij Real of PSG minder het gevaar, denk ik. ( lacht)' Wat vond je van je eigen Europese prestaties? Vanaken: 'Ik ben wel tevreden, ook over het spel. Dankzij onze durf om te voetballen, anders zou het voor mij niet al te fijn zijn.' Zijn jullie ooit kwaad geweest op Ruud, omdat hij twee speeldagen extra schorsing kreeg voor wat hij zei tegen de scheidsrechter. Vanaken: 'Totaal niet. Ik zeg soms ook dingen tegen de scheidsrechter.' Zaken waar je achteraf spijt van hebt? Vanaken: 'Neen. Totaal niet.' Is je status veranderd? Mag je wat meer zeggen dan vijf jaar geleden? Vanaken: 'Neen. Ik zeg zelfs minder dan vroeger. Toen haalde ik mezelf op die manier iets meer uit de match. Daar let ik nu op. Als je achttien bent, gaat het met ups en downs, maar eens je wat ervaring hebt, vermijd je dat dipje. Dat is misschien het verschil tussen ons middenveld en de spitsen, die jonger zijn, zichzelf misschien wat meer druk opleggen en wat wisselvalliger presteren. Hard blijven werken is dan de enige manier om weer uit dat dipje te raken. Okereke, bijvoorbeeld, werkt hard en is hier graag, is mijn indruk; dat komt wel weer goed. En dat geldt voor iedere spits, denk ik. Nu klinkt de conclusie voor sommige jongens misschien: 'Niet goed genoeg', maar over twee maanden worden ze wellicht de held van de play-offs. Zo kort ligt het bij mekaar.' En zo wordt Club kampioen? Vanaken: 'Club wordt kampioen.' Met Hans Vanaken als nieuwe Gouden Schoen? Vanaken: ( lacht) 'Hopelijk.'