Het Palace van Auburn Hills, in een noordelijke wijk van Detroit, liep voor de gelgenheid zo vol als een ei : 22.076 toeschouwers kwamen de eerste officiële match van Michael Jordan bij de Washington Wizards - tegen de lokale Detroit Pistons - bekijken. Ter vergelijking : twee dagen eerder waren in dezelfde zaal slechts 8.208 mensen getuige van de eerste wedstrijd van de Detroit Pistons, die toen de Cleveland Caveliers ontvingen. Om maar te zeggen dat er alvast qua publieke belangstelling nog geen centje pijn aan het fenomeen Jordan kleeft. Integendeel, de aandacht voor Jordan gaat almaar crescendo (zie kader).
...

Het Palace van Auburn Hills, in een noordelijke wijk van Detroit, liep voor de gelgenheid zo vol als een ei : 22.076 toeschouwers kwamen de eerste officiële match van Michael Jordan bij de Washington Wizards - tegen de lokale Detroit Pistons - bekijken. Ter vergelijking : twee dagen eerder waren in dezelfde zaal slechts 8.208 mensen getuige van de eerste wedstrijd van de Detroit Pistons, die toen de Cleveland Caveliers ontvingen. Om maar te zeggen dat er alvast qua publieke belangstelling nog geen centje pijn aan het fenomeen Jordan kleeft. Integendeel, de aandacht voor Jordan gaat almaar crescendo (zie kader). Meer dan driehonderd journalisten, onder wie een flink aantal buitenlandse, meldden zich present om het eerste optreden van Jordan te analyseren en zijn woorden te noteren. Bijna waren ze tevergeefs opgedaagd. Pas na een telefoontje van Russ Granik, afgevaardigd commissaris van de NBA, bleek Jordan bereid die avond het blauwe shirt van zijn nieuwe team aan te trekken en het ook nog nat te maken. Jordan had aanvankelijk niet de intentie om de eerste twee oefenwedstrijden van de Wizards mee te spelen. Maar zo had de directie van de Pistons het niet begrepen : zij had de aanwezigheid van Jordan gegarandeerd en zou bij een forfait van Jordan tienduizend tickets moeten hebben terugbetaald. Voor zoveel overmacht bezweek Jordan tenslotte. "Ik had er me geen rekenschap van gegeven dat mijn terugkeer zoveel belangstelling ontketende. Dat kan ik natuurlijk ook niet controleren. Het enige wat ik kan doen is zo goed mogelijk spelen." Wat dat laatste betreft stelde Michael Jordan in Detroit zeker niet teleur. Ondanks zijn gezegende leeftijd (38 jaar is naar NBA-normen stokoud), drie jaar inactiviteit en een licht overgewicht bewees de beste speler in de geschiedenis van het basketbal in zestien minuten tijd dat hij nog weinig aan klasse heeft ingeboet. Met karakter compenseerde hij het (lichte) tekort aan fysieke conditie. Jordan manifesteerde zich als een leider, stimuleerde zijn jonge ploegmaats om zich elke seconde voluit te geven. Profiteerde van zijn ervaring en enkele defensieve slippertjes bij de Pistons om acht punten aan te tekenen. Onderhield zich met de scheidsrechters, wanneer hij het niet met hen eens was. Ging de charmerende toer op, met zijn brede glimlach veroverde hij ook het hart van de fans van de Pistons. "Michael blijft Michael," zei John Bach achteraf. Bach is één van de coaches van de Wizards. Hij heeft Jordan nog getraind, toen die met de Chicago Bulls zijn eerste NBA-titel pakte. "Op training geeft hij zich nog altijd voor honderd procent. Hij zal zeker anders spelen dan toen, maar hij bezit nog altijd dezelfde passie, dezelfde honger om te winnen." Ook de fysieke uitstraling is gebleven. Het sikje is nieuw, die paar kilootjes te veel vielen op. Maar zijn schedel schittert nog immer als weleer, de pijpen van zijn weer veel te groot uitgevallen short slobberen vrolijk in het rond, en de onvermijdelijke tong uit de mond ontbrak niet. En op zijn shirt prijkt - of wat dacht u ? - het legendarische nummer 23. Alleen staat het nu op een nachtblauw shirt.De Wizards verloren tegen de Pistons met 95-85. Toch verklaarde Jordan zich naderhand tevreden. "Ik heb mezelf verrast. Mijn energieniveau was goed, zelfs nadat ik vlak voor de wedstrijd nog deelnam aan een training van twee uur. Ik was bang dat de tendinitis aan mijn rechterknie weer de kop zou opsteken, maar ik werd niets gewaar. Ik zal klaar zijn op het moment van afspraak." In 1998, op de dag nadat hij met de Chicago Bulls zijn zesde NBA-titel had binnengehaald, kondigde Michael Jordan voor de tweede keer in zijn loopbaan zijn afscheid aan. "Dit keer zit het er echt op", zei His Airness, geposteerd voor zijn eigen standbeeld aan het United Center van Chicago. "Ik stap op en ik ben er voor 99,9 procent zeker van dat ik niet meer in de NBA terugkeer. Fysiek ben ik nog altijd oké, maar mentaal voel ik me uitgeput. En ook geloof ik dat er me geen enkele uitdaging meer wacht." Niemand kon het geloven, maar iedereen diende te erkennen : dit was voor Jordan het ideale moment om afscheid te nemen. Hij vertrok op het hoogtepunt van zijn glorie. Met de Chicago Bulls had hij zes NBA-titels gewonnen ('91, '92, '93, '96, '97 en '98). De korf die hij in de slotseconden van de play-offs tegen Utah Jazz maakte, ging de geschiedenis is als the Shot - de hoofdletter staat er niet toevallig. Stiekem werd gehoopt dat het scenario van 1993 zich nogmaals zou herhalen. In oktober van dat jaar keerde Jordan - vlak na de derde NBA-titels van de Bulls - het basket de rug toe om zich te wijden aan een andere sport : het baseball, waarin hij een professionele carrière ambieerde. Maar na een seizoen bij de B-ploeg van de Chicago White Sox in Alabama besefte Jordan dat hij als baseballspeler niet dezelfde kwaliteiten als als basketter kon voorleggen. Hij gunde zichzelf een sabbatjaar en hernam zijn activiteiten bij de Chicago Bulls - goed voor drie nieuwe titels.In februari laatstleden bekende hij dat hij welbewust van 99,9 en niet van 100 procent had gesproken. Pas had hij in Arizona in het gezelschap van zijn vriend Charles Barkley een voet in een sportzaal gezet, of de geruchtenmolen begon te draaien. Jordan speelt weer zes uur basketbal per dag, hij is veertien kilogram vermagerd, de passie verteert hem nog altijd, er komt een comeback... Toen hij een beroep deed op zijn persoonlijke trainer Tim Grover en toen men hem in Chicago zag spelen met anders profs, zoals Penny Hardaway, was het hek helemaal van de dam. De pers maakte vette kolommen van zijn terugkeer en speculeerde er duchtig op los. De betrokkene reageerde er met humor op. "Het is geen grap, ik heb een buikje gekregen. Hoe kan ik dat beter kwijtspelen door wat te basketten, heel relax, met enkele vrienden ?" Eigenlijk heeft Jordan het basketbal nooit verlaten. In januari 2000 werd hij aandeelhouder (tien procent van de aandelen) en directeur van sportieve aangelegenheden bij de Washington Wizards, één van de meest bescheiden van de 29 clubs die aangesloten zijn bij de National Basket Association (NBA). In die nieuwe functie liep Jordan tal van teleurstellingen op. Hij, de man die van winnen een gewoonte had gemaakt, werd geconfronteerd met de onvolmaaktheden van een team dat het ontbrak aan talent en - erger nog - wilskracht. Jordan kon daar zo moeilijk mee leven dat hij op een keer verkoos de wedstrijd van de Wizards op tv in zijn kantoor te volgen, liever dan zich op de tribune dood te schamen. Is er toen een gevoel van onmacht en frustatie bovengedreven ? En ligt dat aan de basis van zijn beslissing om terug naar het terrein te keren ? Ongetwijfeld wel. In zijn perscommuniqué van 25 september waarin hij zijn comeback officieel aankondigde, verklaarde hij dat de Wizards over het potentieel beschikten om over een paar jaar de play-offs te bereiken en dat de gedachte om de jonge spelers van het team op het terrein te begeleiden de doorslag had gegeven. Vooral voor de jonge rekruut Kwame Brown heeft Jordan een boontje. Brown is 2m10 groot en 113 kilogram zwaar; een student van de High School die als eersteverkozene uit de drafts kwam. Dat Jordan niet voor het geld terugkeer, moge duidelijk zijn. Volgens een enquête in het zakenblad Forbes mag zijn persoonlijk fortuin op 430 miljoen dollar (19,34 miljard frank; 479,42 miljoen euro) geschat worden. Vorig jaar streek hij zonder te spelen nog 1,6 miljard frank op als gevolg van de contracten met zijn sponsors Nike en 23 Sport Café, zijn nieuw restaurant in Connecticut, en goedgemikte beleggingen. Jordan heeft trouwens al gezegd dat hij zijn spelerssalaris (geschat tussen 57 en 81 miljoen frank) integraal aan de families van de slachtoffers van de aanslagen van 11 september zal overschrijven. Om de glorie is het hem evenmin te doen. In de dertien jaar van zijn carrière als prof heeft Jordan alles gewonnen wat er gewonnen kan worden. Elke mogelijke eer is hem al te beurt gevallen. Hij heeft absoluut niets meer te bewijzen. En hij beseft, net als iedereen, dat de weg naar de top nog ver is voor de Washington Wizards.Zou hij een nieuwe persoonlijke uitdaging ontdekt hebben ? Ga weg ! Zijn uitzondelijke sportieve kwaliteiten heeft hij al bij ontelbare gelegenheden geëtaleerd. Michael Jordan : "Ik keer terug uit liefde voor het basketbal en voor niets anders." Welk niveau zal Jordan nog bereiken ? Welke rol kan hij binnen het team nog vertolken ? Zal hij kunnen leren verliezen ? Houdt hij het fysiek vol ? Aan vragen geen gebrek. Jordan is een schitterend atleet, maar ook voor schitterende atleten gelden de wetten van de natuur soms in al hun onbarmhartigheid. De laatste maanden ondervond hij hinder van twee gebarsten ribben, rugspasmen, een tendinitis, pijn aan de hielen. Op 38-jarige leeftijd is dat allemaal niet om mee te lachen. Voor een basketbalspeler is dat min of meer de hel. En in de moeilijkste en veeleisendste competitie ter wereld is dat misschien ondraaglijk. Michael Jordan : "Ik ben niet bang en ik ben niet nerveus. Ik weet waartoe ik bekwaam ben. En voor alles moet ik geduld opbrengen. Het staat vast dat ik geen veertig punten zal maken vanaf mijn eerste wedstrijd. Dat is trouwens het doel niet. Ik wil niet de vedette uithangen ten koste van de andere spelers. Maar ik wil me ook niet vergenoegen met een tweederangsrol. Ik wil een goed kampioenschap spelen, een goed kampioenschap in zijn geheel. Ik weet dat de tegenstanders me opwachten. Het is niet zo dat ik me met het hoofd naar beneden in het onbekende stort. Veel spelers zullen extra gemotiveerd zijn bij de gedachte dat ze tegen mij spelen. Maar dat was drie jaar geleden ook al zo. Op dat vlak is er niets veranderd." In dit nieuwe avontuur heeft Michael Jordan niets te verliezen. Maar niets te winnen ook. Niets te verliezen, niets te winnen : misschien is dat dan wel de ultieme uitdaging.door Bernard Geenen