Nooit heb ik op een voetbalveld een grotere kick beleefd dan na mijn kopbalgoal in de titelmatch van vorig seizoen op Anderlecht. Ik zag die bal over Silvio Proto binnenvliegen, trok mijn shirt over mijn hoofd en begon als een gek te rennen. Had Bryan Verboom mij niet neergetrokken, ik was uit het stadion gelopen. Even was ik van de wereld. Even leek mijn droomscenario uit te komen: met een doelpunt Zulte Waregem de titel bezorgen. Alleen had ik voorspeld dat ik die goal helemaal op het einde van de match zou maken. Nu viel hij te vroeg, want twee minuten later... Die afgeweken vrijschop van Biglia... Weg euforie. Weg het gevoel je even kampioen van België te wanen. En na het fluitsignaal: de vele tranen, de eerste keer dat me dat is overkomen na een wedstrijd. Verdomme, zó dichtbij...
...