Allereerst de feiten. Op 21 juli 2016 werd Fabrice Lokembo aangehouden in de ferryterminal van Calais. De krantenkoppen maakten melding van de arrestatie van een ex-voetballer die Afghaanse vluchtelingen verborgen in meubels naar Engeland trachtte te loodsen.
...

Allereerst de feiten. Op 21 juli 2016 werd Fabrice Lokembo aangehouden in de ferryterminal van Calais. De krantenkoppen maakten melding van de arrestatie van een ex-voetballer die Afghaanse vluchtelingen verborgen in meubels naar Engeland trachtte te loodsen. Achter die feiten zit een heel leven, een onwaarschijnlijk en schimmig verhaal dat van de man die geboren werd in Kinshasa een mensensmokkelaar voor één avond maakte. Op het terras van een brasserie in de buurt van Charleroi lopen de rillingen Lokembo over de rug, ook al flirt de thermometer met de 20 graden. Anderhalf jaar nadat hij werd vrijgelaten uit de gevangenis heeft de voormalige middenvelder van Sporting Charleroi (46 wedstrijden) zin om te praten. Om te vertellen, op te biechten. Niet om excuses te zoeken, maar gewoon om iets bij te dragen aan de maatschappij en vooral aan zijn zoon Kylian, die bij de U17 van de Zebra's speelt. 'Al wat ik hier vertel, zijn dingen die je niet moet nadoen', waarschuwt hij, met één oog op zijn Kylian. Wat doe je momenteel? Fabrice Lokembo: 'Ik heb een contract als interim in de bouw. Ik hoop dat ik dat niet tot aan mijn pensioen hoef te doen, maar op dit moment heb ik geen keuze, ik moet kunnen werken. Ik heb een kind, ik moet aan zijn behoeften kunnen voldoen.' In welke sector zou je idealiter willen werken? Lokembo: 'Ik zou graag kinesitherapie gaan studeren. Ik heb in het voetbal zoveel blessures gehad dat ik me ben gaan interesseren voor anatomie. In het begin van mijn carrière heb ik last gehad van hartritmestoornissen. Door een gaatje in mijn hart werd er soms minder bloed door mijn hart in mijn lichaam rond gestuwd. Men heeft dat gaatje moeten dicht branden opdat mijn hartklep weer optimaal zou functioneren. Ik kan tegenwoordig perfect een schema van het hart tekenen om uit te leggen hoe dat allemaal werkt.' Weet je nog op welk exact moment die hartproblemen aan het licht gekomen zijn? Lokembo: 'Vijf à tien jaar lang stelden de artsen tijdens de fysieke testen bij Sporting Charleroi een kleine ritmestoornis vast, soms stopte mijn hart zelfs heel eventjes. Toen ik bij de profs kwam, zijn die problemen verergerd. Op een keer sloeg mijn hart zelfs 120 ... in rust! Normaal is dat tussen de 60 en de 70 keer voor een getraind hart. Om honderd procent te zijn, ging ik tot 200 à 220 slagen per minuut. Op mijn 23e besloot ik niet langer af te wachten, ben ik naar een specialist gestapt en liet ik de operatie uitvoeren. Tijdens die ingreep voelde ik de warmte in heel mijn lichaam stromen.' Maar je was toch onder volledige narcose? Lokembo: 'Ik ben ontwaakt ( lacht). Omdat men een gaatje dicht brandde in mijn hartklep, daar waar al het bloed op zijn tocht door het lichaam vertrekt, voelde ik de warmte tot in mijn tenen. Het gebeurt trouwens wel meer dat men ontwaakt. Na de operatie mocht ik een jaar niet voetballen.' Hoe ga je daar mee om op zo'n jonge leeftijd? Lokembo: 'Mijn wereld stortte in. Gedurende een jaar woonde ik de trainingen van mijn ploegmats bij, verzorgde ik me en werkte ik aan mijn moreel. Bij mijn vorige blessures, aan de knie, had ik nog steunbetuigingen gekregen, maar nu was het eerder: 'Jammer voor jou, des te beter voor mij.' Voetbal is een ondankbaar milieu, dat heb ik al snel gevoeld toen ik zocht naar iemand die me zou steunen.' Had je een makelaar? Lokembo: 'Ik had er verschillende, onder wie mijn broer Guy. Ik speelde en hij probeerde me te begeleiden naar deze of gene club. Een aantal beslissingen uit die tijd bleken niet zo ideaal te zijn. Dat weet ik nu, maar ik neem het niemand kwalijk.' Aan welke beslissingen denk je dan? Lokembo: 'Ik heb er geen spijt van dat ik bij Charleroi ben weggegaan, maar dat was wel het negatieve keerpunt in mijn carrière. Je moet ook de context zien: ik kom terug na mijn hartproblemen, ik haal weer mijn topniveau, ik ben aan het einde van mijn contract en het bestuur spiegelt me van alles voor zonder ooit een concreet voorstel te doen. Op een bepaald moment heb ik dan besloten om te vertrekken. Naar waar? Naar Israël, om daar Europacup te spelen. Maar ik had een andere keuze moeten maken en in België blijven bij een club die me vertrouwen had kunnen geven. Zeker omdat de artsen eindelijk bevestigden dat ik weer op een hoog niveau zou kunnen voetballen.' Sommige van je voormalige ploegmaats vonden je entourage niet bepaald gezond. Lokembo: 'Neen, dat is zo. Dat is spijtig genoeg een risico dat je loopt wanneer je jong bent en met reuzenstappen vooruitgaat. Bovendien feestte ik nogal veel. Na de wedstrijd ging ik graag op stap met de ploegmaats. Bij Charleroi herinner ik me nog een legendarische uitgaansavond naar een discotheek, met Michaël Ciani. De ochtend erop, nadat we in de auto geslapen hadden, stonden we vast op de parking door de sneeuw. Klein probleem: we moesten wel gaan trainen. We zijn er nooit geraakt...Natuurlijk maken zulke nachten je lichaam kwetsbaarder en gevoelig voor blessures. Maar daar denk je niet aan als je jong bent en veel geld verdient. Mijn vader heeft geprobeerd om me terecht te wijzen. Ik luisterde een tijdje naar hem, maar op den duur had hij er genoeg van om me altijd hetzelfde te moeten zeggen en is hij ermee gestopt.' Hoe ben je bij Charleroi in de eerste ploeg gekomen? Lokembo: 'Ik heb er alle jeugdreeksen doorlopen, maar toen ik bij de reserven zat, wilde het bestuur van mij af. Het was uiteindelijk Khalid Karama, destijds assistent van Etienne Delangre bij de A-ploeg, die me in 2002 een test liet afleggen. Velen hebben geprobeerd mij stokken in de wielen te steken, maar ik had zo'n sterke wil dat het niet is gelukt. Een simpel voorbeeld: ik ben middenvelder van opleiding. Ik heb evenveel of meer kwaliteiten dan de gasten die op mijn plaats speelden, maar ik werd op de linksachter gezet. Aangezien ik zo jong was, betekende dat: ter plaatste blijven trappelen of ... ter plaatste blijven trappelen. ( lacht) En toch ben ik doorgegaan. Ik heb op een positie gespeeld die ik helemaal niet kende en ik heb een oudgediende van eerste klasse uit de ploeg gespeeld: Tony Herreman, die toen nog zijn paardenstaart droeg ( lacht). Ze haalden allerlei psychologische trucs uit om mij uit evenwicht te brengen.' In 2005 vertrok je uit België om te tekenen bij Maccabi Petach Tikva in Israël. Lokembo: 'Ik was jong, vertrok naar het buitenland, verdiende meer geld dan in België en ik bleef eigenlijk slecht omringd... Maar ik zag het niet, ik leefde op een wolk omdat ik profvoetballer was en Europacup speelde. Ik woonde in een land dat ik niet kende, ik legde veel nieuwe contacten, er was amusement, er waren meisjes, ik voelde me een man terwijl ik nog een kind was. Natuurlijk had dat financiële gevolgen. Ik gaf geld uit aan de huur van auto's, van moto's, van quads, ik gaf geld uit om een villa te huren, ik ging met vakantie terwijl ik in een zonnig land woonde, en noem maar op. Dat slaat nergens op, maar zo gaat dat wanneer een jongen op zijn zestiende het geld van zijn vader niet meer nodig heeft om te kopen wat hij wil. En hoe hoger mijn salaris, hoe erger het werd.' Na Israël trok je naar Cyprus. Lokembo: 'Ik presteerde goed en ik scoorde zelfs, maar ik vertoonde nog altijd dat fuifgedrag van een jongere die ver van huis is. Ik dacht dat de wereld aan mijn voeten lag en ik was dolblij dat ik datgene bereikt had waar ik als kind al van droomde. Aangezien ik hard gewerkt had om daar te geraken, dacht ik: verdomme, nu mag ik weleens uitblazen. Ik slaagde er niet in om me verdere doelen te stellen in mijn carrière. En door mijn slechte levenshygiëne liep ik nieuwe blessures op. Ik was zo verzwakt dat ik op mijn 28e, na een laatste poging in België, een punt zette achter mijn carrière.' Welk gevoel had je toen het voorbij was? Lokembo: 'Ik besefte dat er een heleboel dingen waren die ik niet meer kon doen omdat ik mijn geld opgesoupeerd had. Het was dus tijd om nieuwe projecten aan te vatten, zoals een restaurant openen.' Wat voor restaurant? Lokembo: 'Congolese, Italiaanse en Marokkaanse keuken. Ik ben eraan begonnen met mijn vennoot van toen. We hadden een kok en ik deed de zaal. Dat beviel me wel, maar we runden de boel niet goed: ik was van mening dat we zelf moesten werken, terwijl mijn vennoot liever had dat we personeel aannamen. Na twee jaar ging de zaak failliet. 'Ik ben toen een eerste keer door een moeilijke periode gegaan. Ik leerde een vrouw kennen die veel ouder was dan ik. Met haar bleef ik van het leven genieten, terwijl ik helemaal niet meer hetzelfde salaris had. We gingen zelfs een kind krijgen, maar ze had een miskraam. Ik probeerde haar raad te geven in haar leven, dat tot dan moeilijk was geweest, maar die rol lag me helemaal niet. Ik heb dan verschillende stommiteiten begaan.' Zoals? Lokembo: 'Dwaasheden, hé. Ik belandde een eerste keer in de gevangenis door een drugsaffaire, een handeltje dat ik samen met die vrouw had. Ik gebruikte en verkocht drugs. Mijn telefoon werd afgeluisterd en zo werd ik opgepakt. Ik heb alles bekend, zat drie maanden in de gevangenis en nadien heb ik mijn 500 uren gemeenschapswerk verricht met Brusselse probleemjongeren. Ik heb mijn schuld tegenover de maatschappij dus afgelost. Maar er waren andere zaken. Om wat te verdienen ben ik personal fitness coach geworden. Dat liep goed, maar ik moest bijna alles wat ik verdiende afdragen aan de belastingen. Na vier jaar probeerde ik mijn middelbare studies af te maken via privélessen. Ik slaagde niet voor mijn examens. Ik ben dan terug aan het werk gegaan als orderpicker in een bedrijf in Nijvel.' Moest je toen nog veel schulden afbetalen? Lokembo: 'Ja. Er waren schulden uit mijn periode in Israël, maar ook boetes, snelheidsovertredingen. De facturen stapelden zich op en dan werd 80 euro op den duur 500 euro door nalatigheidsinteresten. En er waren de schulden van het restaurant. Hoewel ik uit dat project gestapt was, waren er vrienden die de brasserie verder uitbaatten en daarbij mijn naam gebruikten. In totaal stond ik meerdere miljoenen in het krijt. Omdat ik werk nodig had, hebben enkele kennissen me aangeraden om eens te gaan horen op het Baraplein in Sint-Gillis. Ik ben erheen gegaan en enkele gasten die in 'het wereldje' leken te zitten, hebben me naar een Albanees gebracht die me voorstelde om de dag erop meubels te leveren in Londen.' Zo snel ging dat allemaal? Lokembo: 'Ja, en alles in het zwart. Samen met een gast die ik niet kende. Voor mij was dat gewoon iemand die in het transport zat. Hij hing voortdurend aan de telefoon, maar ik sloeg daar geen aandacht op, ik was te goeder trouw. We laadden de meubels op in België, vertrokken naar Frankrijk en op een bepaald moment zei die gast naast me dat we mensen moesten oppikken en hen de grens over brengen. De bestelwagen was op mijn naam gehuurd, ik had schulden af te betalen. Er ging van alles door mijn hoofd. Mijn bijzitter stelde me gerust: 'Wees kalm, ik heb dit al meer gedaan, geen enkel probleem!' Na een lange stilte heb ik uiteindelijk aanvaard en zijn we naar een hotel gereden. Pas daar begreep ik dat ze in de meubels verborgen moesten worden. 'Dat gaat helemaal niet!', riep ik voortdurend. We hebben twee dagen op een parking gewacht op die mensen. Psychologisch was dat een hel. Ik veranderde constant van mening. Op het moment dat ik dan toch wilde weggaan, doken die illegale personen op. Het waren Afghanen. Mijn kompaan installeerde hen achter in de bestelwagen. Ik zat aan het stuur.' Hoe gedroegen ze zich? Lokembo: 'Heel normaal. Ik denk dat ze het gewoon waren. Maar ik zag dat er ook kinderen en baby's bij waren en er kon wat mij betreft geen sprake van zijn dat ik die zou vervoeren. Het waren geen fatsoenlijke omstandigheden om mensen te laten reizen. Ik zei tegen mijn kompaan dat hij ze moest laten uitstappen, maar de kinderen wilden bij hun mama blijven. Mijn kompaan heeft er nog sterk op aangedrongen dat we iedereen zouden meenemen. Ik mag wel zeggen dat hij me 'gedwongen' heeft, ook al neem ik de verantwoordelijkheid voor wat ik gedaan heb. Onderweg ben ik meermaals gestopt om hen de kans te geven wat te drinken, even frisse lucht in te ademen, naar het toilet te gaan, enzovoort. Dat heeft misschien geleid tot wat er nadien gebeurd is, maar het was iets wat ik moest doen. Ik had er niet mee kunnen leven mocht ik een dode op mijn geweten hebben. Nooit. Toen we de Kanaaltunnel naderden, is mijn bijrijder uitgestapt, hij moest zogezegd op een andere vracht wachten. Ik stond er plots alleen voor.' Wat dacht je toen? Lokembo: 'Dat zoiets kan gebeuren. Maar bij de eerste identiteitscontrole werd de inhoud van mijn bestelwagen gecontroleerd. Ik dacht direct aan mijn zoontje Kylian. Ze openden de meubels en vonden de Afghanen. De politie is erbij gekomen en heeft mij ondervraagd over de werkwijze. Ik ben direct voorgeleid en in een zitting per video-overdracht heeft de rechter mij tot één jaar veroordeeld. Dat heeft allemaal amper tien minuten geduurd, ik heb zelfs mijn advocaat niet gezien.' Kon je je familie verwittigen? Lokembo: 'Ik heb mijn Belgische advocaat even aan de lijn gehad, maar ik werd direct naar de cellen van het commissariaat gevoerd en 72 uur later overgebracht naar de gevangenis van Duinkerke, waar ik werd opgesloten. Meteen daarna heeft mijn advocaat bevestigd dat het onmogelijk was om strafvermindering te bekomen, omdat de feiten te ernstig waren en er kinderen bij betrokken waren. Ik stortte helemaal in: verdomme, verdomme, ik heb me er weer laten inluizen, weer een dwaasheid begaan terwijl ik neen had kunnen zeggen, ik ga mijn zoontje niet meer kunnen zien.' Je hebt daar een jaar gezeten, in Duinkerke? Lokembo: 'Ik heb er zes maanden gezeten en dan hebben ze me vrijgelaten wegens goed gedrag. Van zodra ik daar aankwam, heb ik me proberen voor te stellen hoe het was voor de mensen buiten. Ik heb heel wat aanvragen voor werk ingediend en ik heb cursussen gevolgd. Na enkele weken begon ik te werken en volgde ik een opleiding in het gebouw. Tegelijk deed ik aan sport en las ik veel romans. Maar ik las ook veel uit de reeks Voor dummies. De titel is grappig, maar alles wordt goed uitgelegd. Vooral Sociologie voor dummies heeft indruk gemaakt. Ik heb er veel uit geleerd over de maatschappij waarin ik leef en over de theorie van Bourdieu, die zegt dat het sociaal milieu het gedrag en de keuzes van elk individu bepaalt. De gevangenis is een minimaatschappij: je hebt buren, je eet met mensen samen en deelt dingen met hen. Het is zoals buiten, maar met andere regels. Ik was 35 en omdat ik bij jongeren zat die niks gaven om het leven, probeerde ik hen wat raad te geven. Dat liet me toe om wat zin te geven aan mijn eigen leven. Ik vervulde de rol van vader, iets wat ik op dat moment niet voor Kylian kon doen.' Mocht hij je bezoeken? Lokembo: 'Hij is gekomen. De eerste keer was dat moeilijk. Hij huilde en ik probeerde me sterk te houden, hem te troosten: 'Ik weet waarom ik hier ben, ik weet dat ik iets slechts gedaan heb. Ik geef dat toe. Doe jij je best op het voetbal en op school, dat is alles wat je moet doen.' Vervolgens heeft hij op school de vijf onvoldoendes die hij de keer voordien had, allemaal weggewerkt en hij slaagde voor zijn jaar. Door Kylian heb ik het uitgehouden in de gevangenis. Ik had een doel: hem trots op mij maken.' Hoe verliep je terugkeer naar België? Lokembo: 'Mijn familie en sommige vrienden waren blij me terug te zien. Anderen hielden zich wat op de vlakte omdat ze niet wisten wat ze ervan moesten denken. Het is niet gemakkelijk, de blik van de mensen weegt op je, de manier waarop ze dag zeggen ook.' Je lijkt die tijd in de gevangenis eerder te beschouwen als een constructieve periode dan als een mislukking? Lokembo: 'Ik probeer nog elke dag iets goed te maken van wat ik heb gedaan. Mijn tijd in de gevangenis moet ergens toe dienen. Ik heb een rekening te vereffenen tegenover Kylian, die het recht heeft om te weten waarom die dingen gebeurd zijn. Ik ben wijzer geworden en neem wat afstand: mijn goed hart heeft me dingen laten doen die ik diep in mezelf eigenlijk niet wilde doen. Mijn enige prioriteit is nu Kylian. Ik heb al veel meegemaakt in mijn leven, dus heb ik er voortaan geen probleem mee om opofferingen te maken om hem zo goed mogelijk bij te staan. Ik weet dat, als hij aan een profcarrière begint, die beter zal zijn dan de mijne.'