Na de laatste thuiswedstrijd van Zulte Waregem tegen Lokeren nam trainer Francky Dury even de tijd om zijn visie te geven over zijn afscheidnemende aanvoerder Stefan Leleu. "De beste kapitein waarmee ik ooit samenwerkte", begon hij. "Een schitterende leider, een grote mijnheer, die indruk maakte omdat hij communicatief heel sterk is. In mijn bureau en in de kleedkamer blijft Stefan altijd welkom, want hij had de hele spelersgroep goed in zijn greep. Maar hij zorgde ook wel voor vijf nagels aan mijn doodkist, want ik kreeg meer grijze haren door hem. Winnen of verliezen, met Stefan werd er altijd gestapt na de match. Wij willen iets professioneler werken. Dan zijn dergelijke uitspattingen niet langer mogelijk."
...

Na de laatste thuiswedstrijd van Zulte Waregem tegen Lokeren nam trainer Francky Dury even de tijd om zijn visie te geven over zijn afscheidnemende aanvoerder Stefan Leleu. "De beste kapitein waarmee ik ooit samenwerkte", begon hij. "Een schitterende leider, een grote mijnheer, die indruk maakte omdat hij communicatief heel sterk is. In mijn bureau en in de kleedkamer blijft Stefan altijd welkom, want hij had de hele spelersgroep goed in zijn greep. Maar hij zorgde ook wel voor vijf nagels aan mijn doodkist, want ik kreeg meer grijze haren door hem. Winnen of verliezen, met Stefan werd er altijd gestapt na de match. Wij willen iets professioneler werken. Dan zijn dergelijke uitspattingen niet langer mogelijk." Een uitspraak die kan tellen en waarmee Dury de ziel raakt van de 37-jarige centrale verdediger, die nu uitkomt voor KSV Oudenaarde. "Ach, wat wil je dat ik hierop zeg", repliceert de routinier in eerste instantie. "Het is toch jammer dat er bij ons falen altijd werd verwezen naar het feit dat we graag eens iets gingen drinken na de wedstrijd. Vorig jaar werd daar met geen woord over gerept, zag men het zelfs als een teken van onze saamhorigheid. Na een drukke week als semiprof, met de zware belasting van werk en voetbal, kan je wel eens genieten van een gezellig samenzijn met de andere spelers."Leleu kon in principe blijven bij Zulte Waregem. "Als jeugdtrainer bij de academie", zegt hij. "Een mooie vorm van waardering en correctheid. Ik zorgde blijkbaar toch voor een positieve invloed. Maar ik koos liever voor een afscheid in schoonheid. Dat dubbele duel tegen Newcastle zie ik nog altijd als de kers op de taart, een bekroning van een succesperiode van drie jaar. In het seizoen van de bevestiging, ondanks vele blessures en een mislukt aankoopbeleid, beleefden we toch een prachtige Europese campagne en speelden we goede wedstrijden tegen de Belgische toppers. Ik ben blij dat ik het allemaal mocht en kon meemaken. Hét hoogtepunt was die bekerwinst. Heel onverwacht, maar een echt kippenvelmoment. Zeker als je als aanvoerder die trofee in de hoogte mag steken en de reacties van het publiek hoort. De ontlading met de spelers in de kleedkamer vergeet ik nooit. Dat gevoel met die bende kan je niet omschrijven. (droomt even weg) Pure euforie, echt genot." Door zijn beroepsomstandigheden, als filiaalhouder van een bank- en verzekeringskantoor, gaf Leleu in januari al aan dat hij voltijds voetbal niet zag zitten. Hij begrijpt dat Zulte Waregem wil doorgroeien, maar maakt ook graag zijn bedenkingen. "Die bekerwinst en Europees voetbal brachten alles wat in een stroomversnelling", herinnert hij zich. "Maar je moet ook rekening houden met waar je vandaan komt. Alle factoren moeten kunnen volgen in dat proces."De charme van Zulte Waregem was tot vorig seizoen het professionele amateurisme. Leleu ziet die charme stilaan verdwijnen. "Toen ik tekende, werd me voorgehouden dat we als spelers de band met de fans moesten aanhalen", vertelt hij. "We waren de boerkes en moesten, zoals Westerlo, teren op onze gemoedelijkheid en het sympathieke imago. Want door de sfeer en de onderlinge vriendschap tussen de spelers kun je een beetje boven jezelf uitstijgen. Dat was de basis van ons succes vorig seizoen. Iedereen moet er zich bewust van zijn dat Zulte Waregem geen topclub is. Hoeveel Belgische ploegen mogen die titel claimen ? Drie, maximaal vijf teams. Je moet je plaats kennen in de hiërarchie, niet te hard van stapel lopen."Het aankoopbeleid faalde. "We moeten durven toegeven dat de transfers minder geslaagd waren dan andere jaren", bekent Leleu. " Karel D'Haene en Loris Reina vielen goed mee, maar enkele gevestigde namen stelden teleur. En de plaatsen waar we mensen nodig hadden - op het midden en vooral vooraan -, werden niet adequaat ingevuld. Aliyu Datti, Dragan Mrdja, Juan Diego Gonzalez Vigil Bentin mag je gerust paniektransfers noemen, die waren blijkbaar niet zo goed gescreend. Ze ondervonden allen problemen met onze veldbezetting. Kies dan liever voor de transferpolitiek van de voorbijgaande jaren, spelers met karakter en zelfdiscipline. Zij brachten wel een kwaliteitsinjectie van talent en zijn collectief denkende spelers. Na de blessure en het vertrek van targetman Cédric Roussel zaten we met een serieus probleem op het vlak van veldbezetting, want eigenlijk hadden we voorin alleen nog Tim Matthijs. Iemand die pas zijn derde jaar in de eerste klasse voetbalt, maar nu al het volledige gewicht van de aanval alleen moest dragen. Dat kan je van hem niet verlangen. Terwijl hij eigenlijk meer een counterspits is. Hij zit pas in zijn eerste volwaardige jaar. Je mag hem dan ook niet met de vinger wijzen als hij op zijn tandvlees liep. Hij vervulde, zowel in competitie als Europees, meer dan zijn opdracht met goals en assists. Wij hoopten dat Tosin Dosunmu en Sébastien Siani hem wat konden ontlasten, maar uiteindelijk gaven zij ook niet het gewenste resultaat. Je moet streven naar een goede mengeling tussen mensen die het klappen van de zweep kennen en jonge gasten met talent. Zulte Waregem moet vooral streven naar regiospelers mét mentaliteit, want zo kun je ook een verbondenheid creëren met de supporters." Dury verweet zijn spelers meermaals dat ze te veel piekten en geen constante konden leggen in hun prestaties. Was er sprake van een botsing tussen de ambitie van de trainer, plaats zes tot acht, en die van de spelersgroep ? "Niet echt", beweert Leleu. "Je moet ook kijken naar het aanwezige spelerspotentieel. Dury is een goede trainer, dat staat buiten kijf. Inzake trainingen, wedstrijdvoorbereiding en analyse, ook van de tegenstander, dat is gewoon af. Tactisch en organisatorisch blijft hij bijzonder sterk. Ook Europees. Dat was geen grote ontdekkingstocht. Wij waren niet een bende padvinders die op stap gingen. Dury is één van de betere trainers waarmee ik ooit samenwerkte. Dankzij hem beleefde ik een fantastische periode, met een titel, de bekerwinst en Europees voetbal als toemaatje. Alleen de manier waarop hij soms met spelers omgaat, blijft een minpunt. Ik had het daar ook moeilijk mee. Na een verliespartij durfde hij wel eens ontploffen en uithalen, met de pers als drukkingsmiddel. Kritiek kan een mens raken. Terwijl ik vind dat je op die momenten net je spelers moet beschermen en je commentaar tussen de vier muren van de kleedkamer moet houden. Dury is een slechte verliezer, een vulkaan die tot uitbarsten komt door de opgekropte spanning. Hij heeft de capaciteiten om een Belgische topploeg te trainen, maar moet nog wat rijpen. Sneller en beter tot rust komen, gas terugnemen, dat is zijn probleem soms."Het conflictmodel dat Dury graag gebruikte, stoorde vele spelers, zegt Leleu. "Die hectische periode zal ook voor hem een goede leerschool geweest zijn", denkt hij. "Hij wil iets te graag te snel evolueren, vergaloppeerde zich wat. Het stoorde me dat de sterkhouders van vorig seizoen allemaal eens werden aangepakt : Pieter Merlier, StijnMinne, Tjörven De Brul, Stijn Meert, Nathan D'Haemers en ikzelf. Dat hoefde echt niet op die manier, want niemand was daarmee gebaat. Je kan die jongens op een andere wijze scherp krijgen, want ze weten allemaal vanwaar ze komen, kunnen perfect hun kwaliteiten en gebreken inschatten. "In plaats van vertrouwen te geven, ondermijnde hij dat, waardoor er onzekerheid begon te spelen. Ik vond het alleszins psychologisch niet de juiste manier om iedereen wakker te schudden en te doen schrikken. Soms wist je niet goed waarom de trainer plots zo uit zijn krammen schoot. Gelukkig hadden we een verstandige groep, lieten de ontevredenen zich niet kennen. Over het algemeen was de sfeer vaak opperbest. Weet je, bij Essevee had ik echte makkers en maten, beleefde ik een unieke periode. We gingen voor mekaar door het vuur, op en naast het veld. Bij elke ploeg waar ik speelde, bel of zie ik regelmatig misschien twee tot drie spelers. (plots heel ernstig) Bij Zulte Waregem zijn dat er minstens tien. Een prettige bende. Ik probeerde de goede sfeer te bevorderen." Dat hijzelf door Dury opzij werd geschoven na Espanyol, bleef aan zijn ribben plakken. "Normaal gezien ben je als aanvoerder het verlengstuk van de coach, ook al hoef je daarvoor geen close contact te hebben", oppert Leleu. "Ik had nood om wat stoom af te laten, want ik voelde me rotslecht doordat de trainer me persoonlijk verantwoordelijk stelde voor die zware nederlaag. Terwijl niemand van de ploeg daar een bal raakte. Espanyol was gewoon superieur die avond. Dat moet je durven toegeven. "Ik ben dus ergens iets gaan drinken en werd daar later, via een krantenartikel, publiekelijk voor aangepakt. Daarin ging het over ons liederlijke leven, dat we niks anders deden dan drinken en feesten. Ik was plots de boosdoener. Dat ik als straf niet in de kern zat voor de volgende wedstrijd tegen Club Brugge, daar kon ik mee leven. Maar het deed toch pijn, want spelen voor een vol huis, dat blijft een kick. (blaast) "Maar dan ging ook het verhaal dat ik vóór die wedstrijd tegen Espanyol had gestapt. Pertinent onwaar, pure leugens, maar de trainer geloofde dat. Ik probeerde dat uit te klaren en was zwaar ontstemd. (iets kwader) Komaan zeg, ik weet dat de trainer altijd de baas is. Op training en tijdens de wedstrijden probeerde ik altijd een voortrekker te zijn. We hadden afgesproken om alles binnenskamers te houden. Maar dat zoiets in de pers komt, dat is té fel overtrokken en onder de gordel. Dat ik dan op een vrijdagnamiddagtraining op het einde wordt opgedragen om - onafgesproken - met de invallers te moeten meespelen op Moeskroen, dat was een zware klap in mijn gezicht. Zoiets vergeet je niet snel." S Door Frédéric Vanheule