Het zaaltje op het domein van FC Chelsea waarin we aan het interview met Antonio Rüdiger beginnen, is toevallig gekozen. Aan de muur hangt een foto uit het jaar 2012. Daarop staan de toenmalige Britse premier David Cameron, de Duitse bondskanselier Angela Merkel en de Amerikaanse president Barack Obama. Tijdens de G8-top volgen ze op tv de finale van de Champions League tussen Chelsea en Bayern München. Chelsea pakt de beker na het nemen van strafschoppen. Op de foto steekt Cameron de armen in de lucht, Obama lijkt iets te roepen, Merkel lijkt wel versteend. De politiek heeft de nabijheid van het voetbal opgezocht. Daarin komen dan ook vaak maatschappelijke conflicten tot uiting.
...

Het zaaltje op het domein van FC Chelsea waarin we aan het interview met Antonio Rüdiger beginnen, is toevallig gekozen. Aan de muur hangt een foto uit het jaar 2012. Daarop staan de toenmalige Britse premier David Cameron, de Duitse bondskanselier Angela Merkel en de Amerikaanse president Barack Obama. Tijdens de G8-top volgen ze op tv de finale van de Champions League tussen Chelsea en Bayern München. Chelsea pakt de beker na het nemen van strafschoppen. Op de foto steekt Cameron de armen in de lucht, Obama lijkt iets te roepen, Merkel lijkt wel versteend. De politiek heeft de nabijheid van het voetbal opgezocht. Daarin komen dan ook vaak maatschappelijke conflicten tot uiting. Antonio Rüdiger, centrale verdediger en door de Duitse bondscoach Joachim Löw als sterkhouder voorzien tijdens het komende EK, werd tijdens een wedstrijd in de Premier League kort voor Kerstmis racistisch bejegend. Racisme lijkt wel niet meer weg te denken uit het voetbal. Wat doet het me jou wanneer je die berichten over racisme leest? Antonio Rüdiger: 'Die berichten choqueren mij. Het laat me niet los, want ik kan maar niet begrijpen dat racisme vandaag de dag nog bestaat.' Je werd zelf in de wedstrijd van Chelsea tegen Tottenham Hotspur beledigd. Wat gebeurde er precies? Rüdiger: 'Na een uur spelen stond ik bij de cornervlag. Plots hoorde ik oerwoudgeluiden. Daarom maakte ik een apengebaar, om de scheidsrechter te signaleren wat er gebeurde. De Premier League heeft ons, de spelers, opgeroepen om het aan te geven wanneer zoiets voorvalt. Maar na de wedstrijd konden de verantwoordelijken van Tottenham geen bewijzen vinden. Dan vraag ik me af: hoe is het mogelijk dat er 60.000 toeschouwers in het stadion zitten en dan niemand iets gehoord wil hebben? Zo lijkt het wel of ik een leugenaar ben. Ik heb het gevoel dat men eigenlijk van mij verwacht dat ik mijn mond houd. Maar ik zeg het duidelijk: dat zal ik niet doen.' Wat voelde je toen je die oerwoudgeluiden hoorde? Rüdiger: 'Het voelde alsof ik geen mens was. Het voelde alsof ik een beest was. Een aap. Ik denk dat niemand zich in die situatie kan inleven die het zelf nooit meegemaakt heeft. Tegen Tottenham voelde ik me ongelooflijk alleen. En dat is nadien ook gebleken: ik ben alleen blijven staan.' Omdat er geen dader aangewezen werd? Rüdiger: 'Ja. De bemoedigende woorden van veel mensen deden goed, maar als puntje bij paaltje komt is er geen gevolg aan gegeven. Er wordt alleen maar gepraat en ik geloof in daden. Deze ervaring bevestigt voor mij wat ik al lang denk: als het over racisme gaat, dan staan wij, spelers met een donkere huidskleur, alleen.' Vaak spreken alleen de betrokkenen zelf over racisme. Heb je nood aan andere, niet betrokken spelers die zeggen: zo kan het niet verder? Rüdiger: 'Ik zou graag hebben dat meer spelers hun stem verheffen. Het heeft niks met huidskleur te maken. We zijn toch allemaal voetballers. Daarom begrijp ik niet dat dat zo weinig gebeurt. En het gaat hier niet alleen over racisme, het gaat ook over homofobie, antisemitisme... Alleen diegenen die erbij betrokken zijn, doen onze mond open.' Hoe hebben je medespelers na het voorval tegen Tottenham gereageerd? Rüdiger: 'Er kwamen er enkele naar mij om me een hart onder de riem te steken, maar op dat moment wou ik gewoon alleen zijn. Dan kwam ook Harry Kane, de aanvoerder van Tottenham, naar mij en heeft zich meermaals tegenover mij verontschuldigd. Ik zei: 'Daar kun jij toch niks aan doen, jij moet je niet verontschuldigen.' Maar hij wou dat het begrepen werd als een signaal dat zijn club zo niet denkt. Dat deed me goed.' Enkele weken geleden speelde je opnieuw tegen Tottenham en waren er mensen die je uitfloten. Rüdiger: 'Ja, dat heb ik op het veld gemerkt. Triestig. Ik weet niet juist waarom die toeschouwers dat gedaan hebben, maar als het om mijn uitlatingen in december was, dan bevestigt dat exact wat ik net verteld heb. Ik neem een standpunt in, tegen de daders wordt niks ondernomen en aan het eind ben ik degene die eronder lijdt.' Je hebt in Duitsland, Italië en Engeland gespeeld. Heb je verschillen kunnen waarnemen? Rüdiger: 'In Engeland is het racisme op de sociale media bijzonder scherp. Toen Tammy Abraham, onze spits bij Chelsea, tegen Liverpool een elfmeter gemist had, werd hij door een aantal van onze eigen fans op Twitter op een racistische manier beledigd. Of Paul Pogba, die heeft het ook telkens weer voor. Op de sociale media kunnen mensen anoniem zeggen wat ze denken. Dan komt alle haat eruit.' Twee weekends geleden werd in de Bundesliga bij beledigingen aan het adres van Hoffenheimsponsor Dietmar Hopp hard opgetreden. Hoe beoordeel je dat? Rüdiger: 'Dat individuele spelers, bestuurders of scheidsrechters in voetbalstadions beledigd worden, is iets dat helaas al decennialang bestaat. Wat meneer Hopp allemaal voor goeds voor zijn streek gedaan heeft, speelt eigenlijk geen rol, want zulke spandoeken zijn hoe dan ook totaal onaanvaardbaar. Niemand, echt niemand, hoeft zich zo te laten beledigen. Anderzijds stellen velen, onder wie ikzelf, zich de vraag waarom in heel wat andere gevallen in de Bundesliga niet even doortastend wordt opgetreden. Ik denk dan bijvoorbeeld aan het racistische voorval met Jordan Torunarigha in Schalke of de voortdurende beledigingen tegenover Timo Werner. Hier is niet echt iets gebeurd.' Geloof je dat men fundamenteel iets kan doen om het racisme de baas te worden? Rüdiger: 'Al sinds vele jaren denken mensen erover na hoe men racisme volledig uit de maatschappij kan bannen. We zijn ondertussen in het jaar 2020 en het bestaat nog altijd. Misschien zijn er een tijd minder voorvallen geweest, maar op dit moment heb ik het gevoel dat we weer aan het achteruitgaan zijn.' Je klinkt ontmoedigd, alsof het allemaal hopeloos is. Rüdiger: 'Neen, het is niet hopeloos. Dat een maand geleden bijvoorbeeld de supporters van Preussen Münster opgestaan zijn om Leroy Kwadwo te steunen toont voor mij aan dat er wel degelijk hoop is. Maar er moet wel iets gebeuren, want anders wordt het alleen maar erger. Opvoeding is het sleutelwoord. Dat begint met de opvoeding thuis en het gaat verder op de kleuterschool en de lagere school enzovoort. Daar moeten de kinderen leren dat we allemaal gelijk zijn.' Moussa Marega van Porto stapte na racistische beledigingen van het veld af en kwam daardoor zelf in de problemen. Is dat desondanks de juiste manier van reageren? Rüdiger: 'Ik heb die zaak goed bestudeerd. Eerst kreeg Marega een gele kaart en toen hij van het veld wou gaan, werd hij ook nog door zijn medespelers tegengehouden. Hij kreeg dus niet eens de steun van zijn eigen mensen. Hij was helemaal alleen. Dat deed me veel pijn en het toonde me dat - als de daders niet bestraft worden - het ook niks oplevert om van het veld te stappen. Want daarmee word je op den duur zelf nog de boeman.' Chelsea heeft wegens racistische voorvallen tegen eigen fans levenslange stadionverboden afgekondigd. Rüdiger: 'Je moet de daders zo bestraffen dat het hen echt pijn doet. Dat ze het niet vergeten. Want ze beseffen niet wat ze ons aandoen. Stadionverboden alleen zijn niet voldoende. Daar komt nog een ander aspect bij. Een slachtoffer begint misschien in zijn achterhoofd te geloven dat alle blanken racistisch denken. Niet iedereen staat sterk genoeg in zijn schoenen om te erkennen dat dat onzin is. Maar dan hebben de racisten gewonnen. Dan hebben ze de haat verspreid.' Is jouw mening over het maatschappelijk klimaat veranderd? Rüdiger: 'Iedereen ziet dat de politieke rechterzijde steeds meer stemmen krijgt. Kijk naar de Alternative für Deutschland, kijk naar het Front National in Frankrijk, kijk naar Hongarije. Om mezelf maak ik me geen zorgen, maar wel om mijn vijf nichtjes, om mijn eigen kind dat net geboren is. Wegens hen ben ik bang.' Clemens Tönnies, de voorzitter van de raad van commissarissen van Schalke, hield vorig jaar een toespraak waarin hij Afrikanen beledigde. Toch mocht hij aan het hoofd van Schalke blijven. Jouw moeder komt uit Sierra Leone. Wat denk jij hierover? Rüdiger: 'Toen ik hoorde wat meneer Tönnies gezegd had, dacht ik: nu gaat er iets gebeuren! Maar er gebeurde omzeggens niks. Ook dit onderwerp verdween weer vrij snel. Mij hebben de uitlatingen van meneer Tönnies erg verrast, want voordien had ik gehoord dat hij eigenlijk iemand is die zich voor mensen van allerlei aard inzet.' Voetbalbonden organiseren antiracismecampagnes. Prominente spelers zeggen 'no to racism' voor de camera. Aanvoerders lezen voor wedstrijden een boodschap voor. Is dat allemaal huichelarij? Rüdiger: 'Ik denk dan: laat het maar snel voorbij zijn. Ik weet wel dat zulke campagnes belangrijk zijn, maar ik geloof er niet echt meer in - het spijt me.' Hoe kun je dan nog plezier beleven aan het voetbal? Rüdiger: 'Wanneer ik thuis ben bij de mensen die ik graag zie, kan ik dat uit mijn gedachten zetten. Maar vaak wanneer ik alleen in de auto zit, komen die gevoelens terug. Dan vecht ik met mezelf. Maar maak je geen zorgen, ik doe wel voort - op een of andere manier.' De Italiaanse international Mario Balotelli vertelde eens hoe hij als kind geprobeerd had om het donkere van zijn huid af te wassen en hoe hij aan zijn leraar vroeg of zijn hart ook zwart was. Wanneer werd jij je ervan bewust dat je huidskleur een thema kan zijn? Rüdiger: 'Godzijdank heeft mijn vader me al vroeg uitgelegd: jij hebt meer pigment dan anderen. Dat maakt je niet beter of slechter. En dat is de houding die ik tot op heden bewaard heb en die ik aan mijn kinderen wil doorgeven. Ik ben trots op wie ik ben. Daar zal niemand iets aan veranderen.'