Vergeet Liverpool-Everton, Newcastle-Sunderland, Arsenal-Tottenham Hotspur of Aston Villa-West Bromwich Albion. "Vergeet zelfs de derby in Manchester. Cardiff City - Swansea City, dát is pas een derby. Zo'n rivaliteit als in Wales zie je nergens in de Engelse competitie. Derby's in Liverpool en Manchester spreken meer tot de verbeelding, maar daar zie je niet de haat en nijd die je tijdens deze wedstrijd meemaakt", zegt Andy Legg, een van de weinigen die meer dan 150 matchen voor zowel The Jacks (Swansea) als The Bluebirds (Cardiff) speelden.
...

Vergeet Liverpool-Everton, Newcastle-Sunderland, Arsenal-Tottenham Hotspur of Aston Villa-West Bromwich Albion. "Vergeet zelfs de derby in Manchester. Cardiff City - Swansea City, dát is pas een derby. Zo'n rivaliteit als in Wales zie je nergens in de Engelse competitie. Derby's in Liverpool en Manchester spreken meer tot de verbeelding, maar daar zie je niet de haat en nijd die je tijdens deze wedstrijd meemaakt", zegt Andy Legg, een van de weinigen die meer dan 150 matchen voor zowel The Jacks (Swansea) als The Bluebirds (Cardiff) speelden. De Welshe international vertrok in 1993 bij Swansea en belandde pas vijf jaar erna in Cardiff, maar toch... Gestigmatiseerd, voor eeuwig en altijd. "Ze noemden mij vanaf de eerste dag de smerige Jack Bastard. Gehaat, uitgefloten en bespuugd. Ik kreeg zelfs brieven waarin scheermesjes zaten." Cardiff haat Swansea. Swansea haat Cardiff. Klaar. Maar waar gaat het eigenlijk over? Twee voetbalclub(je)s in Wales, gelegen aan de vergeten westkust van Groot-Brittannië en waarvan de sportieve successen op een hand te tellen zijn: een FA Cup voor Cardiff (1927), samen slechts een aantal seizoenen op het hoogste niveau in Engeland, hier en daar een Europese uitschieter. Maar verder? De derby's tussen de twee clubs waren tot midden de jaren vijftig vooral couleur locale. Leuk, elkaar een beetje jennen, meer niet. "Maar toen Cardiff in 1955 hoofdstad van Wales werd, zagen de inwoners van Swansea dat de overheid massaal geld in Cardiff begon te pompen en dat hun stad, amper 55 kilometer verder langs de kust, werd genegeerd", schrijft The Guardian. En die gevoelens uitten zich ook in en rond de twee voetbalstadions, waar vaak regelrechte stammenoorlogen werden uitgevochten. Supporters van de tegenpartij zijn de rivalen, de vijanden, het crapuul. Zelfs een mooie zonnige namiddag op de paardenrenbaan van de Newbury Racecourse ontaardde in juli 2012 in gevechten tussen de twee supportersgroepen. De bars werden gesloten, extra politietroepen probeerden de vechtende fans te scheiden, verscheidene supporters belandden in de cel. Ook wedstrijden van The Dragons, het nationaal voetbalelftal, leidden vaak tot ongeziene explosies van geweld tussen The Jacks en The Bluebirds, die elkaar tijdens een interland in 2003 in de tribunes van San Siro ongenadig te lijf gingen. De Italiaanse tifosi, zelf nooit vies van een vechtpartijtje, stonden er bij en keken er vol ongeloof naar... 20 september 1988, een derby op Vetch Field, het uitgewoonde stadionnetje van Swansea, geprangd tussen het strand en de... gevangenis. De twee clubs spelen op dat moment in Division Three, een speling van het lot heeft ze in de eerste ronde van de League Cup aan elkaar gekoppeld. Swansea won de week ervoor de heenwedstrijd in Ninian Park met 0-1 en is favoriet voor een plaats in de tweede ronde, zodat de Soul Crew - de hardcorehooligans van Cardiff - die avond niet op volle sterkte is. Onterecht, want The Bluebirds winnen met 0-2. Maar wanneer een aantal Cardifffans beslist om in Swansea een feestje te bouwen, breekt de hel los. De harde kern van de thuisploeg jaagt de bezoekers op naar Swansea Bay, waar het op het strand tot een harde confrontatie lijkt te komen, tot de Cardiffsupporters de zee in lopen en proberen weg te zwemmen. Die avond, die de geschiedenis inging als The Night in Swansea Bay, beschouwen The Swans nog altijd als hun grootste 'overwinning' op Cardiff. De Soul Crew aast in de volgende thuiswedstrijd, op Boxing Day 1988, op revanche en eerherstel. Tevergeefs, want in het bezoekende vak zitten tientallen supporters, gekleed met zwembandjes, -vesten en -broeken. Negentig minuten galmt "Swim away, swim away, swim away..." door het stadion, de bijhorende schoolslagbeweging jaagt de Cardiffsupporters helemaal op de kast. Een derby zonder Swim Away? Ondenkbaar! Ook de reactie van de Soul Crew, de song In the Swansea Slums, wordt een 'klassieker', zélfs in het voetbalgame EA Sports FIFA 13. "In the Swansea slums, they look in the dustbin for something to eat, they find a dead rat and they think it's a treat. In the Swansea slums..." Vrij vertaald: "In de sloppenwijken van Swansea zoeken ze in de vuilnisbakken naar iets om te eten, ze vinden een dode rat en denken dat het een lekkernij is..." Op 22 december 1993 bereikt het hooliganisme in Wales een triest dieptepunt. De politie geeft de bezoekende Swanseafans een plaats in de hoofdtribune, waar ze bij een 1-0-achterstand stoeltjes in de aanpalende vakken gooien. De thuissupporters bestormen het veld en de grandstand, de lijf-aan-lijfgevechten zijn hard en meedogenloos, tientallen gewonden worden naar ziekenhuizen gebracht. Na The Battle Of Ninian Park grijpt de Football Association of Wales in en besluit ze om bezoekende fans niet langer toe te laten tijdens de South Wales Derby, een 'unieke' maatregel in het Engelse voetbal. Twee nieuwe voetbalstadions, massale politieaanwezigheid en de introductie van de combiregeling hebben het geweld sindsdien gevoelig ingedijkt, al loopt het nog altijd wel eens uit de hand... The Jacks zijn voor hun 'collega's' uit Cardiff nog altijd Jack Bastards, in Swansea zijn 'de anderen' Scumdiff, het crapuul uit Cardiff. Ingebakken in de genen. En wordt er ook gevoetbald, daar in het zuiden van Wales? Jawel. Maar ook op dat vlak is er een immens cultuurverschil. Ondanks de stijgende ticketprijzen heeft Swansea er de voorbije jaren alles aan gedaan om de link met de plaatselijke gemeenschap te bestendigen, terwijl de Maleisische eigenaar van Cardiff, Vincent Tan, ambitieuzer en breder denkt, waardoor stad en club van elkaar dreigen te vervreemden. Swansea City Association Football Club zweeft jarenlang tussen tweede, derde en vierde klasse, tot John Toshack - geboren en getogen in... Cardiff - in 1978 manager wordt. Een gewaagde zet, maar de ex-spits die met Liverpool Europa veroverde, loodst de club in vier seizoenen van Division Four naar Division One, de voorloper van de Premier League. Na twee jaar is het liedje van The Swans echter uitgezongen, waarna ze steeds verder wegglijden en weer het kleine, anonieme clubje uit het zuiden worden. En het gaat van kwaad naar erger, want in 2003 kan Swansea pas op de slotspeeldag de buiteling naar de Conference, het amateurniveau, vermijden. Dat is amper tien jaar geleden. "Die ene wedstrijd tegen Hull heeft over de toekomst van de club beslist. Bij verlies was Swansea City van de kaart geveegd", schrijft WalesOnline. "Uit die donkere dagen zijn lessen getrokken. Er werd een haalbaar financieel model ontwikkeld, in de bestuurskamers zitten vooral locals: zakenmensen die tegelijk fan zijn. Plus: de Supporters' Trust heeft twintig procent van de aandelen in zijn bezit en die mensen denken verder dan succes op korte termijn. Traditie is bij The Swans heel belangrijk." Sindsdien gaat het de club voor de wind: drie promoties, met als absolute uitschieter 30 mei 2011, wanneer ze op Wembley de poort naar de Premier League openbeukt. "We smulden van het Swanseaverhaal: van de krochten van het voetbal naar de Premier League", aldus WalesOnline. The Swans verrassen: elfde plaats in 2012, vorig seizoen zelfs negende. Op 24 februari 2013 wint Swansea City zijn eerste grote prijs, door in de finale van de League Cup Bradford City met 5-0 naar huis te sturen, waardoor het zich plaatst voor de Europa League. "En nog belangrijker: van de twintig clubs uit de Premier League is Swansea een van de weinige die geen schulden hebben. Het eerste seizoen op het hoogste niveau sloot het zelfs af met een winst van bijna twintig miljoen euro", analyseerde David Conn in The Guardian. "Ik was de enige die gek genoeg was om de club te leiden, want de beginjaren waren bijzonder moeilijk. Niemand wist hoeveel geld er binnenkwam of buitenging, week na week moesten we bekijken hoe we de rekeningen voor water en elektriciteit konden betalen", zegt Huw Jenkins, een plaatselijke aannemer die in 2003 voorzitter werd en het voetbalsprookje vanop de eerste rij meebeleefde: drie promoties, zes managers en een verhuizing van het gammele Vetch Field naar het Liberty Stadium. "Brendan Rodgers(nu manager van Liverpool, nvdr) heeft ons met een herkenbare stijl naar de Premier League geloodst, sommige kranten spraken zelfs over Swanselona. Verzorgd voetbal, gebaseerd op balbezit en een goede passing. Michael Laudrup gaat op die weg verder, want continuïteit is binnen een voetbalclub het allerbelangrijkste." De traditie waar Swansea terecht mee pronkt, is bij de 'buren' uit Cardiff helemaal zoek. "Een totaal ander verhaal", aldus WalesOnline. "The Bluebirds hebben de voorbije tien jaar enorme risico's genomen, waardoor ze zelfs een paar keer dicht bij het faillissement stonden. Ze hebben hun doel - de Premier League - gehaald, ja, maar principes en tradities werden in dat proces helemaal overboord gegooid." In zijn beginjaren is Cardiff City nochtans dé club in Wales. Bijna landskampioen in 1924, wanneer het met gelijk aantal punten als Huddersfield Town eindigt, én toonaangevend in de FA Cup. Na de verloren finale in 1925 (tegen Sheffield United) schrijft het twee jaar erna geschiedenis als eerste niet-Engelse club die de FA Cup wint (1-0 tegen Arsenal). Een van de laatste nationale hoogtepunten van de club, die tot begin de jaren zestig afwisselend in eerste, tweede en derde klasse voetbalt. En toch breken er tegelijk ook legendárische jaren aan, want dankzij de Welsh Cup mogen de clubs uit Wales ook Europa in. Kwartfinale in 1964/65, in 1967/68 zelfs halve finale: 1-1 op bezoek bij Hamburger SV, dat op Ninian Park slechts nipt wint (2-3). De meest spraakmakende campagne noteert Cardiff in 1970/71, wanneer het thuis Real Madrid klopt (1-0), twee weken later wordt het in Bernabéu slechts 2-0. Midden de jaren tachtig wordt het sportief verval ingeluid, in 1996 eindigt Cardiff in vierde klasse zelfs als 22e: nummer 90 op de ranglijst van 92 Engelse profclubs. Het tij keert pas wanneer Sam Hammam, een flamboyante Libanese zakenman, de vierdeklasser in de zomer van 2000 overneemt. "Hammam, ooit mede-eigenaar van Wimbledon FC, had nochtans een kwalijke reputatie", schrijft Richard Williams in The Guardian. "Op een bepaald moment wilde hij Wimbledon, waarmee hij in 1988 de FA Cup won, van Londen naar Dublin overhevelen. Een onorthodoxe kerel, dat zeker. In zijn Londense periode belde hij geregeld supporters op, verplichtte hij spelers om na een nederlaag Arabisch te eten en presteerde hij het zelfs om op bezoek bij West Ham graffiti op de muren van de kleedkamer te spuiten. Dat Wimbledon in die tijd als The Crazy Gang werd omschreven, is alleen zijn 'verdienste'..." Hammam parkeert Cardiff City na vier seizoenen in The Championship, de tweede klasse, maar zijn verhouding met de supporters is gespannen. Williams: "Aanvankelijk verbroederde hij met de meest beruchte leden van de Soul Crew en zweepte hij de supporters op, maar uiteindelijk toonde hij zijn ware gezicht. Toen Hammam de intentie had om de clubnaam te veranderen in The Cardiff Celts keerden de fans zich tegen hem. Plus: hij wilde de kleuren - blauw en wit - wijzigen in groen, rood en wit, de kleuren op de Welshe vlag." En het wordt nog gekker wanneer de Libanees in 2001 een verbintenis sluit met Spencer Prior. "Het meest vreemde contract dat ik ooit heb getekend", aldus de verdediger op de website van de BBC. "In een van de clausules stond dat ik rauwe schapentestikels moest eten, anders zou onze overeenkomst worden ontbonden. Toen ik zei dat ik dat absoluut niet zag zitten, antwoordde Hammam: 'Gekookt, met een beetje citroen, zout en peterselie mag ook...'" Cardiff is ondertussen een stevige middenmoter in The Championship en bereikt in 2008 zelfs de finale van de FA Cup (verlies tegen Portsmouth), maar de dure spelerscontracten en de beperkte inkomsten uit het bouwvallige Ninian Park duwen de cijfers diep in het rood. In mei 2010, wanneer de schuldenberg niet meer te overzien is maar het bon ton wordt om een Premier Leagueclub te bezitten, snelt een Maleisisch consortium te hulp. Maar ook de nieuwe eigenaar, Vincent Tan, heeft het niet op traditie begrepen. Richard Williams, in The Guardian: "De verhuizing naar het Cardiff City Stadium was absoluut noodzakelijk, maar hij wilde de club volledig rebranden. Ook nu was het supportersprotest hevig, maar in tegenstelling tot Hammam kon hij zijn wil wél doordrukken." Een nieuw logo, waarop de sierlijke Bluebird nog amper te zien is en vervangen werd door een grote draak, is Tans eerste daad. WalesOnline: "Zogezegd omdat de draak bij Wales hoort, maar het spreekt voor zich dat een draak vooral in Azië een symbool is. De Bluebird had geen geluk gebracht, zei Tan, want met uitzondering van een FA Cup had de club nog niets gewonnen. Belachelijke uitleg..." Tan dringt er ook op aan om de clubkleuren van blauw in rood te wijzigen, een kleur die in Azië met geluk wordt geassocieerd. De fans reageren woedend, maar de 120 miljoen euro die de Maleisiër in de club belooft te pompen, doet het protest verstommen. Tot blijkt dat hij het geld 'slechts' aan de club leent, tegen een rente van zeven procent. "Dit is voor mij business, geen hobby", klinkt het op de BBC. "De dag dat ik voel dat ik in Cardiff niet meer welkom ben, zoek ik wel een andere koper." Duidelijker kan niet. Het nieuwe logo en de rode clubkleuren brengen geluk, want op 16 april 2013 promoveert Cardiff City voor het eerst sinds 51 jaar opnieuw naar de Premier League. Tan, door het dolle heen: "Zou het geen tijd zijn om ook een nieuwe naam te kiezen? Cardiff Dragons klinkt toch beter dan Cardiff City?" Voetbal in Zuid-Wales, gekker moet het echt niet worden... DOOR CHRIS TETAERT - BEELDEN: IMAGEGLOBE"In de Premier League is Swansea een van de weinige clubs die geen schulden hebben. Vorig seizoen sloot het zelfs af met een winst van bijna twintig miljoen euro." David Conn, The Guardian "De dag dat ik het gevoel heb dat ik in Cardiff niet meer welkom ben, dan zoek ik wel een andere koper." Vincent Tan, eigenaar Cardiff City