"Zonder een toverstokje en een magische spiegel wint Panathinaikos dit seizoen de titel niet." Profetische woorden van de Portugese (ondertussen ex-)trainer Fernando Santos voor het seizoen. Panathinaikos stond aan het begin van een gedaanteverwisseling. In zes jaar had het geen enkele noemenswaardige prijs gewonnen. Aartsrivaal Olympiakos Piraeus en AEK Athene verdeelden de prijzen en Panathinaikos bleef de derde hond. Helaas zonder been en zonder rijke voorzitter.
...

"Zonder een toverstokje en een magische spiegel wint Panathinaikos dit seizoen de titel niet." Profetische woorden van de Portugese (ondertussen ex-)trainer Fernando Santos voor het seizoen. Panathinaikos stond aan het begin van een gedaanteverwisseling. In zes jaar had het geen enkele noemenswaardige prijs gewonnen. Aartsrivaal Olympiakos Piraeus en AEK Athene verdeelden de prijzen en Panathinaikos bleef de derde hond. Helaas zonder been en zonder rijke voorzitter. Panathinaikos was de laatste jaren onlosmakelijk verbonden met Georgios Vardinoyiannis. De telg uit een van de rijkste Griekse dynastieën kwam in 1979 aan de macht en had alle middelen om van de club een topper te maken. Hij stak die ambitie dan ook niet onder stoelen of banken. Een tiental jaar geleden rees er ongeveer twintig kilometer buiten Athene een hypermodern trainingscomplex uit de grond. Het legde Panathinaikos geen windeieren. De club won begin jaren '90 twee titels en vijf bekers en de doelstellingen leken ingelost te worden. Toch verdween de voorzitter in 2000 met de noorderzon. Hij investeerde in de magere jaren meer geld, maar het bracht niets op. Bovendien begonnen de supporters te morren. In de zomer van dat jaar escaleerde de zaak. Spelers en supporters verzetten zich tegen het ontslag van trainer Iannis Kirastas. Vardinoyiannis pakte wijselijk zijn boeltje en liet het voorzitterschap over aan Aggelos Fillipidis. Die Fillipidis zit sinds kort weer in de voorzitterstoel, maar is geen onbeschreven blad. De Griekse voetbalbond schorste hem vorig jaar voor een half jaar voor zijn aandeel in de opschudding na de wedstrijd tegen Olympiakos. In de laatste minuut floot scheidsrechter Ioakim Efthymiadis bij een 1-0-stand in het voordeel van Panathinaikos, een strafschop voor de aartsrivaal. Toen Olympiakos de gelijkmaker vanop de stip binnentrapte, barstte de hel in het Aposotolos Nikolaidis Stadion los. De supporters bestormden het veld en sloegen de scheidsrechter in het hospitaal. Ook Fillipidis deed zijn duit in het zakje. Hij liep mee het terrein op en werkte zich met enkele denigrerende uitspraken serieus in de problemen. Zo riep hij dat de overheid moest ingrijpen en het kampioenschap moest stopzetten. Dat viel niet in goede aarde bij de voetbalbond, die hem dan ook schorste. Fillipidis zette tijdelijk een stap terug, maar keerde tot grote vreugde van de fans in oktober terug. Bij zijn terugkeer zat Panathinaikos sportief in een dal. Het team kon slecht één van de vier competitiewedstrijden winnen en plaatste zich met de hakken over de sloot voor de tweede ronde van de Uefacup. Alle druk kwam op de schouders van Fernando Santos. De Portugees had op het einde van vorig seizoen de Uruguayaan Sergio Markarian opgevolgd als hoofdtrainer. Enkele maanden daarvoor had hij rivaal AEK Athene naar de titel geleid. Lang hield Santos het niet vol. In oktober liet hij de eer aan zichzelf en vertrok. Officieel heette het dat hij de club niet op de rails kreeg, maar in de wandelgangen werd gefluisterd dat Santos een gooi wou doen naar de job van Portugees bondscoach. Voor het derde seizoen op rij moest Panathinaikos in het tussenseizoen op zoek naar een nieuwe trainer. Die vond het in Sergio Markarian. De Uruguyaan weigerde vorig jaar zijn contract te verlengen, omdat hij wat meer tijd voor zichzelf wou. "Ik ga niet in op een voorstel van een ander team, omdat je mij in de onmiddellijke toekomst niet meer in het voetbal zult zien." Markarian kende bij Panathinaikos moeilijke tijden, maar leverde sportief geen slecht werk. Dankzij hem deed het team tot op de laatste speeldag mee voor de titel en miste het op een haar na de halve finales van de Champions League.Extrasportief kreeg hij het iets zwaarder te verduren. Na de rellen in de wedstrijd met Olympiakos mocht hij twee maanden lang alle partijen vanuit de tribune volgen. Waarschijnlijk beïnvloedde deze schorsing zijn beslissing om zich tijdelijk uit het voetbal terug te trekken. Gelukkig voor Panathinaikos kwam hij hierop terug. Sinds Markarian overnam, raast de ploeg als een trein door de competitie. Onder de Uruguyaan verloor het team nog niet. Twee weken geleden klopte het landskampioen AEK met 2-1 en de wedstrijd tegen Anderlecht komt voor de Grieken dan ook op het juiste moment. De ploeg is in topvorm.Panathinaikos is zeker geen onbekende voor paars-wit. In het seizoen 1991/92 stonden de ploegen als eens tegenover elkaar in de toenmalige Europacup I. Anderlecht bleef thuis steken op een 0-0-gelijkspel en in de terugwedstrijd hield een sublieme Peter Maes de bordjes op nul. Die nul zal Panathinaikos ook nu weer proberen te houden. Markarian smeedde een hecht blok en laat het team heel gedisciplineerd voetballen. De spelstijl is een perfecte mengeling van werkkracht en techniek. De ploeg blinkt niet uit in aanvallend opzicht en lijkt moeilijk te scoren (26 doelpunten in 18 wedstrijden), maar in verdedigend opzicht is ze haast ontwrichtbaar (slechts 12 tegendoelpunten). Centraal achteraan rekent Markarian op de Deense international René Henriksen en Sotaris Kyrgiakos. Het wordt voor Anderlecht een moeilijke taak om deze muur steen voor steen te slopen. Ook achteraan zullen de Brusselaars op hun hoede moeten zijn. Nikos Liberopoulos is in bloedvorm en scoort aan de lopende band. De spits is niet van de snelste, maar heeft een goede techniek en is sterk met de bal aan de voet. Het andere speerpunt, Emmanuel Olisadebe, loopt sneller dan zijn schaduw. Daardoor verliest de Poolse international van Nigeriaanse afkomst vaak het overzicht en is hij niet altijd even trefzeker. Toch blijft hij een constante dreiging en weegt hij op de verdediging. Maar Anderlecht zal voorál rekening moeten houden met de draaischijf van de ploeg, de 25-jarige Griekse international Giorgios Karagounis. Voor velen is Karagounis het symbool van het moderne Griekse voetbal : een combinatie van kracht en techniek. Hij is constant in beweging en heeft een enorm klare kijk op het spel. Bovendien heeft de centrale middenvelder een schitterende trap in de voeten. Vraag het maar aan Fabien Barthez. Twee jaar geleden verbaasde hij vriend en vijand op Old Trafford. Vanop ongeveer dertig meter krulde hij à la Beckham een vrije trap voorbij de Franse doelman. De carrière van Karagounis kwam in 1998 in een stroomversnelling. Hij leidde de Griekse beloften bijna naar de Europese titel, maar in de finale waren de Spanjaarden te sterk. Panathinaikos liet na deze sterke prestatie zijn oog vallen op de middenvelder. Het plukte hem bij Apollon Smirnis weg en in datzelfde jaar maakte hij zijn internationaal debuut. Vanaf 2000 behoort Karagounis tot de grote jongens. Hij dwong een basisplaats af en speelde elke wedstrijd in de Champions League. Verschillende Italiaanse ploegen hengelden al naar zijn diensten, maar voorzitter Fillipides wil hem absoluut bij club houden. Panathinaikos speelt niet meer zoals vroeger in het Olympisch Stadion, maar in het veel kleinere Apostolos Nikolaidis Stadion bruist de atmosfeer nog meer. Meestal steken de Griekse supporters voor en tijdens de wedstrijd massa's Bengaals vuur aan en in het heetste van de strijd durven ze wel eens plastieken flessen en de muntjes bovenhalen. En warm zal het er donderdag zeker worden, want Panathinaikos heeft honger. Het wil zo snel mogelijk weer een grote prijs winnen. Wie weet bewijst de club tegen Anderlecht de stelling van Socrates. Is honger echt de beste saus ? door Kristof TerreurDe wedstrijd tegen Anderlecht komt voor Panathinaikos op het juiste moment.