Het verhaal waarmee Emmanuel Bonaventure Dennis (21) in de zomer van 2017 op zijn negentiende in Brugge belandt, is opmerkelijk: hij verloor als kind beide ouders door ziekte, werd grootgebracht door oudere broers, belandde op zijn zestiende via een scout in Oekraïne, testte er tevergeefs bij Olympic Donetsk en Dinamo Kiev, keerde terug naar Nigeria, werd op zijn achttiende teruggeroepen naar de Oekraïense hoofdstad en kon uiteindelijk bij Zorja Loehansk terecht. 'Hij verdiende er eerst maar vijftienhonderd euro per maand, omdat hij nog een speler zonder naam was', zegt Dmytro Yerman van ProStar Football Agency. 'Aanvankelijk speelde hij in het tweede team, maar hij brak snel door en het duurde niet lang alvorens hij een contract van tienduizend euro kreeg. Dat was een grote stap voor hem. Hij viel op in onze competitie en Sjachtar deed hem een mooi voorstel. Via Sergiy Serebrennikov meldde ook Club zich. Ik ben toen met hem naar België gekomen om te onderhandelen, maar hij wou niet meteen tekenen. Pas na overleg met ons op zijn hotelkamer besliste hij om voor Brugge te kiezen, omdat er al veel Afrikaanse talenten waren doorgebroken. Bij Sjachtar zaten veel Brazilianen en daar zou het wellicht moeilijker zijn geweest. Emmanuel Dennis is een goeie én een sterke jongen.' Bij Club Brugge, dat zo'n 1,3 miljoen euro voor hem betaalde, maakte hij de twee voorbije seizoenen 19 doelpunten en leverde hij 8 assists in 70 officiële wedstrijden. Soms was hij top, soms verdween hij helemaal uit beeld. Hoe kwam dat? Drie vragen aan Rudi Cossey, al die tijd assistent van toenmalig hoofdcoach Ivan Leko.

Omdat het zo snel ging, is hij een beetje naast zijn schoenen beginnen lopen en zijn eigen weg gegaan.' - Rudi Cossey

ANALYSE

1. Wat is de grootste kwaliteit van Dennis?

Rudi Cossey: 'Die jongen heeft eigenlijk alles. Maar als je mij naar zijn allergrootste kwaliteit vraagt, dan zeg ik zijn snelheid. Dennis is iemand die onvoorspelbaar is. Hij doet alles vanuit intuïtie en is daarom moeilijk in patronen te plaatsen, maar eens hij aan de bal komt, kan hij flitsen. In zijn dagje is hij bijna niet af te stoppen. Dan loopt hij over zijn tegenstander heen en is hij een gesel voor een verdediging. Hij is niet alleen extreem snel en heel wendbaar, hij is ook conditioneel ongelooflijk sterk. Als hij wil, is hij de snelste én diegene met de beste uithouding.

'Zijn fysieke mogelijkheden zijn enorm. Hij is een machine. Als je met hem in duel gaat, moet je zorgen dat je over goeie papieren beschikt, want anders mag je het vergeten. Hij is een sterke en stevige jongen die zich niet zomaar opzij laat zetten, die hard, agressief en een smeerlapje kan zijn. Hij denkt altijd vooruit, is doelgericht en kan scoren.

'Het echte topschutterstype, de grote opportunist voor doel, is hij niet. Hij zal er geen 25 maken, want door zijn roekeloosheid mist hij wel eens een kans waarvan je niet snapt hoe het mogelijk is, maar hij scoort toch redelijk veel. Zijn trap is goed, maar soms wat wild. Ondanks zijn kleine gestalte ( 1 meter 74, nvdr) is hij ook heel sterk met de kop. Zijn detente is enorm. Nogal wat van zijn doelpunten vorig seizoen waren kopballen. Op dat vlak was alleen HansVanaken beter, maar die is dan ook twintig centimeter groter.'

2. Wat is zijn beste positie?

Rudi Cossey: 'Die van diepe spits. Laat hem daar maar oorlog maken. Als hij zich daar mag uitleven, is hij met zijn explosiviteit en zijn doelgerichtheid in staat om een verdediging op een hoopje te spelen.

'Achter een diepe spits is hij voor zijn rendement afhankelijk van het type voor hem. Met Okereke bijvoorbeeld zou het iets moeilijker zijn dan met Wesley, omdat Okereke ook het snelle, beweeglijke type is dat ruimte nodig heeft.

'Op de flank beperk je een beetje zijn mogelijkheden, omdat hij dus ruimte nodig heeft om zich uit te leven en dat is tegen de lijn iets moeilijker. Bovendien speelden wij met enkelbezette flanken waardoor hij meer moest verdedigen. Dertig, veertig meter teruglopen en een tegenstander volgen, is niet echt zijn ding. Dat interesseert hem niet zo. Het huidige systeem ligt hem beter: met twee man op de flank, met een back in zijn rug, moet hij minder verdedigen en kan hij zich meer met zijn offensieve taken bezighouden.

'Hij kan op beide flanken spelen, met zijn snelheid en zijn vaardigheid kan hij zowel binnendoor als buitenom passeren, maar ik denk dat hij het best rendeert op de rechterkant. Net als Danjuma en Limbombe is hij rechtsvoetig en zij spelen vanaf de linkerkant. Maar zij zijn iets andere types: ze komen met een kapbeweging naar binnen, plaatsen op het juiste moment de juiste versnelling en beschikken over een goeie krulbal naar de verste hoek. Dennis doet meer dingen op gevoel, zal de bal meer duwen of zonder bal in de diepte lopen. Daarom denk ik dat hij het best aan de kant van zijn beste voet staat.'

Rudi Cossey: 'Emmanuel Dennis doet veel dingen  op gevoel.', BELGAIMAGE
Rudi Cossey: 'Emmanuel Dennis doet veel dingen op gevoel.' © BELGAIMAGE

3. Wat is zijn voornaamste werkpunt?

Rudi Cossey: 'Standvastiger worden in het kopje. Daar zit het niet altijd goed. Toen hij hier aankwam, wou hij zich bewijzen, paste hij zich aan, was hij nuchter, gedreven en scherp op training en in de wedstrijden. Het is toen heel snel gegaan met misschien iets te veel glorie voor hem, want na een tijd is hij zich anders beginnen gedragen op training en haalde hij in de wedstrijden niet meer hetzelfde niveau. Omdat het zo snel ging, is hij een beetje naast zijn schoenen beginnen lopen en zijn eigen weg beginnen gaan. Hij was nog moeilijk te kaderen en werd heel wisselvallig. Uiteindelijk verplaatste de coach hem van het centrum naar de flank, maar ook daar kregen we er geen constante meer in.

'Het kan goed gaan en het kan slecht gaan, maar in elke situatie moet je proberen beheerst te blijven. Hij is geneigd om halleluja te kraaien als het goed gaat en om geweldig ambetant te worden als het slecht gaat.

'Dennis is een jongen die het hoogste wil bereiken en die zoals elke Afrikaan zo snel mogelijk zoveel mogelijk geld wil verdienen om zo goed mogelijk zijn familie te kunnen helpen. Hij weet dat hij daarvoor over de intrinsieke kwaliteiten beschikt en dat als hij speelt bij Club er veel kans is dat hij een lucratieve transfer zal maken. Maar hij moet beseffen dat je bij een topclub alleen certitude kunt zijn als je elke week presteert en dat als het minder is er minstens twee klaar staan om je rol over te nemen. Daar gaat hij nog niet goed mee om. Als hij het gevoel krijgt dat hij meer speelkansen verdient, wordt het moeilijk. Hij moet alles binnen het ploegbelang leren plaatsen, zich realiseren dat het belangrijkste is resultaten te behalen als ploeg en niet als individu. Zich daarin weten te vinden, is voor hem de grote moeilijkheid. Als hij geen goesting heeft, heeft hij geen goesting en dan loopt hij niet. Ostentatief. Terwijl Ivan Leko een coach is die elke training van iedereen honderd procent verwacht. Als je met 25 kernspelers bent, moet je die alle 25 managen. Laat je iedereen zijn zin doen, dan krijg je chaos. Dennis is een beetje een flamboyante jongen die ook graag lacht en grapjes uithaalt, die op de een of andere manier interessant wil zijn en soms gekke dingen doet, maar er zijn grenzen en daar gaat hij soms over.

Zijn fysieke mogelijkheden zijn enorm. Dennis is een machine.' - Rudi Cossey

'We zullen zien hoe Philippe Clement het zal aanpakken. Misschien zal hij meer met hem praten en hem iets meer vertrouwen geven. Maar daar moet je mee opletten, want de grootste fout die je kunt maken, is hem te belangrijk maken en beloftes doen. Hij vergeet namelijk niets en confronteert je daar later mee. Dan krijg je dat gegarandeerd op je bord. Je mag niet te veel zeggen dat hij goed aan het spelen is, want dan gaat hij zweven, overdrijven, dingen proberen die je niet wil zien. Maar als je ervoor kunt zorgen dat hij honderd procent geconcentreerd is en doet wat er gevraagd is, dan ga je er veel plezier aan beleven.

Rudi Cossey, BELGA
Rudi Cossey © BELGA

'Momenteel gaat het blijkbaar goed. Hij is gemotiveerd om zich de komende weken te bewijzen met het vooruitzicht nog weg te kunnen geraken. Maar als dat niet lukt, ben ik benieuwd hoe hij zal reageren: zal hij dit niveau dan kunnen aanhouden en zal hij in een mindere periode niet in vroegere fouten hervallen? Het beste voor zijn evolutie zou zijn dat hij geduldig is en nog minstens één jaar blijft, want anders riskeert hij in een situatie terecht te komen dat hij stappen terug moet zetten en dat is nog zwaarder. Hij bezit alles om de top te kunnen bereiken, maar hij haalt nog niet altijd het beste uit zichzelf en reageert soms verkeerd. Tenslotte is hij ook nog maar 21.

'Om te overleven en te kunnen staan waar hij nu staat, moest hij knokken en dat bezorgde hem een sterke persoonlijkheid en de weerbaarheid die voor een profvoetballer nodig is. Maar dat volstaat niet. Je moet ook je kopje gebruiken en beseffen dat je je talent goed moet gebruiken. Dat betekent: je kwaliteiten onderhouden, altijd het hoogste rendement nastreven en zo almaar beter worden. Dat deed hij niet altijd en daardoor is het tot nu toe een beetje vallen en opstaan geweest. Het is te hopen dat hij intussen inziet dat hij nog veel stappen moet zetten en dat hij niet meer denkt dat het allemaal vanzelf gaat en dat hij het allemaal alleen kan doen. Altijd op je gevoel afgaan en altijd proberen beslissend te zijn, dat gaat niet in een topclub. Je moet er als groep denken, ten dienste staan van de ploeg, tactisch sterk zijn en je houden aan de afspraken binnen het systeem waarin er gevoetbald wordt. Als je kans maakt om te spelen, moet je zorgen dat je doet wat de coach vraagt en niet denken dat je eigen manier van je te willen profileren de juiste is. Eens hij dat snapt en bereid is te doen, wacht er hem een grote toekomst.'

© BELGAIMAGE

'Leren de juiste keuzes maken'

Onder de leiding van Philippe Clement begon Emmanuel Dennis alvast goed aan zijn derde seizoen bij Club Brugge. 'Ik heb op dit moment het gevoel dat er een klik is en dat hij ambitieus is om als voetballer nog beter ter worden', aldus de nieuwe hoofdcoach. 'Dat zijn dingen waar we graag mee aan de slag gaan. Dit is een nieuw verhaal en elke menselijke relatie is anders, dus hou ik mij niet bezig met wat mensen over het verleden vertellen. Zo deed ik het ook in Genk, anders was het zogezegd niet mogelijk geweest om samen te werken met AlejandroPozuelo en met RoeslanMalinovski. Ik kan niet anders zeggen dan dat de samenwerking met Dennis tot nu toe heel positief is. Hij wil dingen oppikken en doet zijn best om zijn opdrachten zo goed mogelijk in te vullen, hij is met de ploeg bezig en niet alleen maar met zelf acties maken. In de laatste fase moet hij nog leren de juiste keuzes te maken, maar dat komt wel. In mijn manier van spelen moeten de flankspelers de moeilijkste keuzes maken. Dat ondervonden ook jongens als AleksandarBoljevic en LeandroTrossard in het begin. Het is niet meer: ik krijg de bal en ik maak een actie. Het vraagt meer denkwerk, meer lopen in functie van anderen en de pass op het juiste moment geven, want timing kan het verschil maken. Hij miste de eerste drie weken door een blessure van vorig seizoen, maar als speler ken ik hem natuurlijk wel al. Ik scoutte hem mee, twee en een half jaar geleden, als opvolger van José Izquierdo en wat heel hard overtuigd dat hij daarvoor de juiste man was, al denk ik dat hij op alle aanvallende posities kan spelen. Maar het is niet omdat ik toen een wedstrijd of acht van hem op Wyscout zag, dat ik hem ook al als persoon ken. Wat is zijn lerend vermogen, wat is zijn collectieve instelling? Want het is wel belangrijk dat hij wil en kan doen wat wij vragen. Ik ben in elk geval heel tevreden over hoe hij op dit moment zijn werk aan het doen is.'

Het verhaal waarmee Emmanuel Bonaventure Dennis (21) in de zomer van 2017 op zijn negentiende in Brugge belandt, is opmerkelijk: hij verloor als kind beide ouders door ziekte, werd grootgebracht door oudere broers, belandde op zijn zestiende via een scout in Oekraïne, testte er tevergeefs bij Olympic Donetsk en Dinamo Kiev, keerde terug naar Nigeria, werd op zijn achttiende teruggeroepen naar de Oekraïense hoofdstad en kon uiteindelijk bij Zorja Loehansk terecht. 'Hij verdiende er eerst maar vijftienhonderd euro per maand, omdat hij nog een speler zonder naam was', zegt Dmytro Yerman van ProStar Football Agency. 'Aanvankelijk speelde hij in het tweede team, maar hij brak snel door en het duurde niet lang alvorens hij een contract van tienduizend euro kreeg. Dat was een grote stap voor hem. Hij viel op in onze competitie en Sjachtar deed hem een mooi voorstel. Via Sergiy Serebrennikov meldde ook Club zich. Ik ben toen met hem naar België gekomen om te onderhandelen, maar hij wou niet meteen tekenen. Pas na overleg met ons op zijn hotelkamer besliste hij om voor Brugge te kiezen, omdat er al veel Afrikaanse talenten waren doorgebroken. Bij Sjachtar zaten veel Brazilianen en daar zou het wellicht moeilijker zijn geweest. Emmanuel Dennis is een goeie én een sterke jongen.' Bij Club Brugge, dat zo'n 1,3 miljoen euro voor hem betaalde, maakte hij de twee voorbije seizoenen 19 doelpunten en leverde hij 8 assists in 70 officiële wedstrijden. Soms was hij top, soms verdween hij helemaal uit beeld. Hoe kwam dat? Drie vragen aan Rudi Cossey, al die tijd assistent van toenmalig hoofdcoach Ivan Leko.1. Wat is de grootste kwaliteit van Dennis? Rudi Cossey: 'Die jongen heeft eigenlijk alles. Maar als je mij naar zijn allergrootste kwaliteit vraagt, dan zeg ik zijn snelheid. Dennis is iemand die onvoorspelbaar is. Hij doet alles vanuit intuïtie en is daarom moeilijk in patronen te plaatsen, maar eens hij aan de bal komt, kan hij flitsen. In zijn dagje is hij bijna niet af te stoppen. Dan loopt hij over zijn tegenstander heen en is hij een gesel voor een verdediging. Hij is niet alleen extreem snel en heel wendbaar, hij is ook conditioneel ongelooflijk sterk. Als hij wil, is hij de snelste én diegene met de beste uithouding. 'Zijn fysieke mogelijkheden zijn enorm. Hij is een machine. Als je met hem in duel gaat, moet je zorgen dat je over goeie papieren beschikt, want anders mag je het vergeten. Hij is een sterke en stevige jongen die zich niet zomaar opzij laat zetten, die hard, agressief en een smeerlapje kan zijn. Hij denkt altijd vooruit, is doelgericht en kan scoren. 'Het echte topschutterstype, de grote opportunist voor doel, is hij niet. Hij zal er geen 25 maken, want door zijn roekeloosheid mist hij wel eens een kans waarvan je niet snapt hoe het mogelijk is, maar hij scoort toch redelijk veel. Zijn trap is goed, maar soms wat wild. Ondanks zijn kleine gestalte ( 1 meter 74, nvdr) is hij ook heel sterk met de kop. Zijn detente is enorm. Nogal wat van zijn doelpunten vorig seizoen waren kopballen. Op dat vlak was alleen HansVanaken beter, maar die is dan ook twintig centimeter groter.' 2. Wat is zijn beste positie? Rudi Cossey: 'Die van diepe spits. Laat hem daar maar oorlog maken. Als hij zich daar mag uitleven, is hij met zijn explosiviteit en zijn doelgerichtheid in staat om een verdediging op een hoopje te spelen. 'Achter een diepe spits is hij voor zijn rendement afhankelijk van het type voor hem. Met Okereke bijvoorbeeld zou het iets moeilijker zijn dan met Wesley, omdat Okereke ook het snelle, beweeglijke type is dat ruimte nodig heeft. 'Op de flank beperk je een beetje zijn mogelijkheden, omdat hij dus ruimte nodig heeft om zich uit te leven en dat is tegen de lijn iets moeilijker. Bovendien speelden wij met enkelbezette flanken waardoor hij meer moest verdedigen. Dertig, veertig meter teruglopen en een tegenstander volgen, is niet echt zijn ding. Dat interesseert hem niet zo. Het huidige systeem ligt hem beter: met twee man op de flank, met een back in zijn rug, moet hij minder verdedigen en kan hij zich meer met zijn offensieve taken bezighouden. 'Hij kan op beide flanken spelen, met zijn snelheid en zijn vaardigheid kan hij zowel binnendoor als buitenom passeren, maar ik denk dat hij het best rendeert op de rechterkant. Net als Danjuma en Limbombe is hij rechtsvoetig en zij spelen vanaf de linkerkant. Maar zij zijn iets andere types: ze komen met een kapbeweging naar binnen, plaatsen op het juiste moment de juiste versnelling en beschikken over een goeie krulbal naar de verste hoek. Dennis doet meer dingen op gevoel, zal de bal meer duwen of zonder bal in de diepte lopen. Daarom denk ik dat hij het best aan de kant van zijn beste voet staat.' 3. Wat is zijn voornaamste werkpunt? Rudi Cossey: 'Standvastiger worden in het kopje. Daar zit het niet altijd goed. Toen hij hier aankwam, wou hij zich bewijzen, paste hij zich aan, was hij nuchter, gedreven en scherp op training en in de wedstrijden. Het is toen heel snel gegaan met misschien iets te veel glorie voor hem, want na een tijd is hij zich anders beginnen gedragen op training en haalde hij in de wedstrijden niet meer hetzelfde niveau. Omdat het zo snel ging, is hij een beetje naast zijn schoenen beginnen lopen en zijn eigen weg beginnen gaan. Hij was nog moeilijk te kaderen en werd heel wisselvallig. Uiteindelijk verplaatste de coach hem van het centrum naar de flank, maar ook daar kregen we er geen constante meer in. 'Het kan goed gaan en het kan slecht gaan, maar in elke situatie moet je proberen beheerst te blijven. Hij is geneigd om halleluja te kraaien als het goed gaat en om geweldig ambetant te worden als het slecht gaat. 'Dennis is een jongen die het hoogste wil bereiken en die zoals elke Afrikaan zo snel mogelijk zoveel mogelijk geld wil verdienen om zo goed mogelijk zijn familie te kunnen helpen. Hij weet dat hij daarvoor over de intrinsieke kwaliteiten beschikt en dat als hij speelt bij Club er veel kans is dat hij een lucratieve transfer zal maken. Maar hij moet beseffen dat je bij een topclub alleen certitude kunt zijn als je elke week presteert en dat als het minder is er minstens twee klaar staan om je rol over te nemen. Daar gaat hij nog niet goed mee om. Als hij het gevoel krijgt dat hij meer speelkansen verdient, wordt het moeilijk. Hij moet alles binnen het ploegbelang leren plaatsen, zich realiseren dat het belangrijkste is resultaten te behalen als ploeg en niet als individu. Zich daarin weten te vinden, is voor hem de grote moeilijkheid. Als hij geen goesting heeft, heeft hij geen goesting en dan loopt hij niet. Ostentatief. Terwijl Ivan Leko een coach is die elke training van iedereen honderd procent verwacht. Als je met 25 kernspelers bent, moet je die alle 25 managen. Laat je iedereen zijn zin doen, dan krijg je chaos. Dennis is een beetje een flamboyante jongen die ook graag lacht en grapjes uithaalt, die op de een of andere manier interessant wil zijn en soms gekke dingen doet, maar er zijn grenzen en daar gaat hij soms over. 'We zullen zien hoe Philippe Clement het zal aanpakken. Misschien zal hij meer met hem praten en hem iets meer vertrouwen geven. Maar daar moet je mee opletten, want de grootste fout die je kunt maken, is hem te belangrijk maken en beloftes doen. Hij vergeet namelijk niets en confronteert je daar later mee. Dan krijg je dat gegarandeerd op je bord. Je mag niet te veel zeggen dat hij goed aan het spelen is, want dan gaat hij zweven, overdrijven, dingen proberen die je niet wil zien. Maar als je ervoor kunt zorgen dat hij honderd procent geconcentreerd is en doet wat er gevraagd is, dan ga je er veel plezier aan beleven. 'Momenteel gaat het blijkbaar goed. Hij is gemotiveerd om zich de komende weken te bewijzen met het vooruitzicht nog weg te kunnen geraken. Maar als dat niet lukt, ben ik benieuwd hoe hij zal reageren: zal hij dit niveau dan kunnen aanhouden en zal hij in een mindere periode niet in vroegere fouten hervallen? Het beste voor zijn evolutie zou zijn dat hij geduldig is en nog minstens één jaar blijft, want anders riskeert hij in een situatie terecht te komen dat hij stappen terug moet zetten en dat is nog zwaarder. Hij bezit alles om de top te kunnen bereiken, maar hij haalt nog niet altijd het beste uit zichzelf en reageert soms verkeerd. Tenslotte is hij ook nog maar 21. 'Om te overleven en te kunnen staan waar hij nu staat, moest hij knokken en dat bezorgde hem een sterke persoonlijkheid en de weerbaarheid die voor een profvoetballer nodig is. Maar dat volstaat niet. Je moet ook je kopje gebruiken en beseffen dat je je talent goed moet gebruiken. Dat betekent: je kwaliteiten onderhouden, altijd het hoogste rendement nastreven en zo almaar beter worden. Dat deed hij niet altijd en daardoor is het tot nu toe een beetje vallen en opstaan geweest. Het is te hopen dat hij intussen inziet dat hij nog veel stappen moet zetten en dat hij niet meer denkt dat het allemaal vanzelf gaat en dat hij het allemaal alleen kan doen. Altijd op je gevoel afgaan en altijd proberen beslissend te zijn, dat gaat niet in een topclub. Je moet er als groep denken, ten dienste staan van de ploeg, tactisch sterk zijn en je houden aan de afspraken binnen het systeem waarin er gevoetbald wordt. Als je kans maakt om te spelen, moet je zorgen dat je doet wat de coach vraagt en niet denken dat je eigen manier van je te willen profileren de juiste is. Eens hij dat snapt en bereid is te doen, wacht er hem een grote toekomst.'