De laatste keer dat we met hem afspraken op het trainingscentrum in Neerpede, vorig jaar in oktober, ergerde hij zich zichtbaar aan enkele gebruikte koffiekoppen die op de tafel in het vergaderzaaltje schuin tegenover het trainersbureau op de eerste verdieping waren blijven staan - en ruimde hij die zelf eerst af alvorens te gaan zitten voor een gesprek. Dat hij onlangs op zijn eerste werkdag als hoofdtrainer het spelersreglement in ere herstelde, verwonderde ons niet. Evenmin als de daaropvolgende berichten dat er boetes waren uitgedeeld voor het laten rondslingeren van een handdoek in de kleedkamer en het vergeten aandoen van een hartslagmeter op training. Van Besnik Hasi (42) is geweten dat hij weet wat armoede is en ook wat oorlog is, en dat hij zich na zijn vertrek uit Kosovo op zijn achttiende overal waar hij kwam gemakkelijk wist te integreren. Van de voetballer Hasi herinneren we ons vooral zijn winnaarsmentaliteit, zijn teamspirit en zijn schranderheid, zijn hardheid maar ook zijn charisma. Nu zullen we dus de coach Hasi leren kennen. In zijn zesde seizoen als assistent-trainer volgde hij één wedstrijd voor de start van play-off 1 de ontslagen hoofdtrainer John van den Brom op. Een gesprek aan de dit keer wel opgeruimde tafel in het vergaderzaaltje schuin tegenover het trainersbureau op de eerste verdieping van het trainingscentrum in Neerpede.
...

De laatste keer dat we met hem afspraken op het trainingscentrum in Neerpede, vorig jaar in oktober, ergerde hij zich zichtbaar aan enkele gebruikte koffiekoppen die op de tafel in het vergaderzaaltje schuin tegenover het trainersbureau op de eerste verdieping waren blijven staan - en ruimde hij die zelf eerst af alvorens te gaan zitten voor een gesprek. Dat hij onlangs op zijn eerste werkdag als hoofdtrainer het spelersreglement in ere herstelde, verwonderde ons niet. Evenmin als de daaropvolgende berichten dat er boetes waren uitgedeeld voor het laten rondslingeren van een handdoek in de kleedkamer en het vergeten aandoen van een hartslagmeter op training. Van Besnik Hasi (42) is geweten dat hij weet wat armoede is en ook wat oorlog is, en dat hij zich na zijn vertrek uit Kosovo op zijn achttiende overal waar hij kwam gemakkelijk wist te integreren. Van de voetballer Hasi herinneren we ons vooral zijn winnaarsmentaliteit, zijn teamspirit en zijn schranderheid, zijn hardheid maar ook zijn charisma. Nu zullen we dus de coach Hasi leren kennen. In zijn zesde seizoen als assistent-trainer volgde hij één wedstrijd voor de start van play-off 1 de ontslagen hoofdtrainer John van den Brom op. Een gesprek aan de dit keer wel opgeruimde tafel in het vergaderzaaltje schuin tegenover het trainersbureau op de eerste verdieping van het trainingscentrum in Neerpede. Besnik Hasi: "Het is anders. Als assistent moet je bepaalde zaken doen en daar houdt het dan mee op. Nu ben ik met veel meer bezig. Maar mijn werk blijft toch de ploeg." "Ja, hier of elders. Omdat de belangstelling voor mij groeide, niet alleen van KV Mechelen, had ik in januari een gesprek met de voorzitter. Daarin zei hij mij dat hij wou dat ik bij Anderlecht zou doorgroeien tot T1 en dus ook niet in de zomer zou vertrekken. Daar ben ik akkoord mee gegaan. Dat het vroeger is gekomen dan verwacht, komt door de mindere resultaten. Ineens moest ik nu al opstaan. Maar als je die ambitie koestert, moet je er vol voor gaan." "Ja, ik voelde mij klaar om leiding te geven en om te delegeren. Meteen nadat ik bij Cercle Brugge was gestopt met voetballen, ben ik hier assistent geworden en dan is het niet zo eenvoudig om ineens voor een groep training te geven. Maar ik kreeg de tijd om rustig op te bouwen. De eerste zes maanden observeerde ik vooral. Ik ben iemand die altijd met zijn twee voeten op de grond blijft. Ik neem tijd, ik ga niet overhaast te werk. In het begin was ik ook bezig met mijn diploma's te halen. Daarna ben ik stilaan trainingen beginnen te geven en beginnen na te denken over oefenstof, over hoe andere coaches het doen en over de manier waarop ik het wou doen. Altijd maar meer en beter, want in mij zit er een voetbalmicrobe en die kan er niet uit. Ik ben 24 uur op 24 met voetbal bezig. Stap voor stap ga je dan over naar het voorbereiden van een wedstrijd en de tactische bespreking. Als T2 kan je altijd je mening geven, maar het is de T1 die beslist volgens zijn kijk op voetbal en zijn manier van werken. Daar moet je klaar voor zijn." "Ja, daar moet je ook klaar voor zijn, maar ik zit al heel mijn leven in het voetbal en maakte veel ergere dingen mee. Als je naasten verloren hebt, kan je dat wel wat relativeren. Intussen ben ik hier aan mijn twaalfde jaar bezig, zes als speler en nu ook al zoveel als trainer. Ik ken het huis, ik ben er één van, ik voel mee met het bestuur, de supporters en de spelers. Druk is er zeker en dan moet je voor jezelf uitmaken of je daar wel of niet tegen kunt. Ik zag al heel veel trainers afzien, omdat de druk zo groot werd dat het niet meer houdbaar is. Maar dat weet je voor je tekent. Niemand moet zeggen dat hij het niet wist. Vooral ikzelf niet, nu ik hier al zolang ben." "Niemand is daar ongevoelig voor. Wie zegt dat hij daar ongevoelig voor is, liegt, denk ik. Maar je kunt dingen wel plaatsen; en ik ben een winnaar, ik wil doorgaan. Wanneer je voor Anderlecht tekent, weet je dat je kritiek zult krijgen. Dat kan aan je vreten, maar het kan je ook beter maken. Zeker een jonge trainer als ik kan nog verbeteren en daarvan zaken oppikken, maar daarvoor moet de kritiek wel gegrond zijn en niet zomaar dienen om de krant gevuld te krijgen." "Hij geeft geen trainingen, maar is een bijkomende hulp en ziet wel onze trainingen. We doen nu ook videoanalyses tijdens de week en ook nabesprekingen om spelers af en toe met een gebrek te confronteren. Bart is niet alleen een hele goeie videoanalist, hij ziet meer dan dat. Hij is een heel bekwame, gestructureerde jongen die ik vertrouw. Tot het einde van het seizoen is hij T3. Daarna zien we wel." "Ik moet mezelf nog evalueren als T1. Maar er zijn in mijn manier van werken wel bepaalde principes waar ik niet zomaar van wil afwijken." "Veel meer bezig zijn met voetbal. Je hoeft niet elke dag drie keer te trainen, maar je kunt op de club wel veel meer met alles bezig zijn. Als je zoals hier over uitstekende werkomstandigheden beschikt, dan moet je daar gebruik van maken. Er zijn er hier, vooral jonge spelers, voor wie zodra de training gedaan is het voetbal gedaan is. Maar het is niet gedaan, want je moet veel meer doen voor je sport. Het gaat ook om oefeningen voor de training, verzorging erna, tijd om te rusten, eten zoals het hoort. En als je voetballer bent, dan kijk je toch naar voetbal op tv?! Of niet soms?" "Neen, ze mogen best een normaal leven leiden. Maar bij sommigen mis ik de voetbalmicrobe. We hadden hier ooit Boussoufa, die jongen was bezeten van voetbal. Die kon drie uur met je praten over een match van de avond voordien, die miste nooit een training en wilde elk partijtje winnen. Ik hou van zulke spelers. Hij was een talent én hij deed veel voor zijn job. Lucas Biglia was ook zo. Dat is de grootste prof die ik ooit zag. Niet iederéén hoeft zo te zijn, maar ik hou niet van de mentaliteit: ik kom op training, ik doe mijn training en... basta. De trainer is nog niet binnen en je bent al weg. Dat heb ik niet graag. Daarom vraag ik veel meer discipline. Maar dat boetesysteem is geen uitvinding van mij, hé, dat spelersreglement bestond al. Het is gewoon door John achttien maanden niet meer gebruikt, omdat hij niet geloofde in boetes en een andere aanpak wilde. Maar als je met een jonge groep zit die soms dingen over het hoofd ziet, kunnen een reglement en het herhalen van basisprincipes voor duidelijkheid zorgen. Als je die jongens een cultuur van werken geeft, en een manier van denken over voetbal, dan zullen die wel op die manier beginnen te denken en werken." "We hebben altijd spelers gehad die een match kunnen beslissen, maar op dit moment hebben we die niet en dan moet je het van andere dingen hebben. Maar sowieso moet je harder werken, want je zit met jonge spelers die beter moeten worden." "Ik wil altijd teren op de kwaliteit van mijn spelers, maar in veel gevallen moet je ook altijd op iets terug kunnen vallen. Op organisatie, op balbezit, op discipline. Daar wil ik vooral naartoe werken. Een Mati Suárez in vorm kan een match beslissen, dus moet je hem op die kwaliteiten laten spelen, maar dat vraagt van een elftal evenwicht en daar moet je aan bouwen. Als je over een aanvaller als Mitrovic beschikt en hem wil gebruiken, moet je dominant spelen, want dan benut je zijn sterke punt en gaat hij beter voetballen. Het specifieke van je ploeg zal altijd bepalen waar je naartoe moet groeien." "Je kan het voor mij als een risico beschouwen dat ik niet vanaf het begin van een nieuw seizoen start, maar je kunt het ook als een mooie kans zien. Hoofdtrainer van Anderlecht zijn, vind ik het mooiste wat er is en het moest nu eenmaal gebeuren. Ik vind de keuze van Anderlecht voor mij ook logisch. Wie moesten ze anders nemen? Een buitenlander die hier niemand kent en meteen aan de play-offs moet beginnen? Ik ken de ploeg, ik ken de mentaliteit van de spelers en ik ken hun kwaliteiten. Wie zegt dat ik hiermee mijn kansen als hoofdtrainer hypothekeer, bekijkt het heel kortzichtig, vind ik." "Zeker. Dat is zo. Ze willen dat de werking in de club verbetert en vinden dat er geen betere is dan ik om dat te doen. Als ook de resultaten verbeteren, is er geen reden om niet met mij door te gaan. Dat is het uitgangspunt van het bestuur. Maar als we alle matchen verliezen, kan je moeilijk verantwoorden dat ik trainer blijf." "Het gaat de goeie richting uit: er is al meer organisatie in de ploeg en we spelen meer als team. We werken anders en de spelers pikken het langzaamaan op. Ze weten al beter wat te doen in welke situatie, spelen meer op hun kwaliteiten en doen minder andere dingen. Daarin zijn we op de goeie weg en dat is positief. Nu moet zich dat vertalen in resultaten." "Dat is ook de taak van een hoofdtrainer. Ik bepaal dat, maar ik wil ook mensen rond mij heen die dat kunnen uitvoeren. De club weet perfect wat mijn visie is, wat mijn manier van werken is en waar ik naartoe ga. Het is al zichtbaar en volgend seizoen zal dat nog veel verder gaan." "Vooral individuele begeleiding en individuele training. Daarom niet altijd op het veld, ook buiten het veld. Zoals in de fitnesszaal met de fysiektrainer aan tekortkomingen werken. Er moet meer zijn dan alleen maar de centrale training, er zijn zo veel dingen die kunnen verbeteren: tactische discipline, concentratie,... Er is een heel gamma dat je die jongens kunt aanbieden. Bij sommigen is er dan ook nog de school. Alles moet optimaal op elkaar afgestemd worden. Dat is echt een heel programma dat in elkaar gestoken moet worden en er zijn mensen nodig die dat willen doen, want dat betekent dat ze hier van 's morgens tot 's avonds aan het werk zullen moeten zijn. Zoals ik al zei: dat is een cultuur van werken en ik ben ervan overtuigd dat als ik daar de tijd voor krijg ik ze in die cultuur van werken zal krijgen. Ze trainen nu al van 's morgens tot 's avonds en voelen zich daar beter bij." "Toch wel, maar je moet ze het aangeven. Dennis moet meer met voetbal bezig zijn, ook als hij niet traint. Hij moet meer zijn zoals Boussoufa. Youri is natuurlijk nog een heel jonge gast en zit bovendien nog op school. De week voor de wedstrijd op Standard had hij de hele week examens. Ik weet wat dat is, want ik zit thuis zelf met een tiener. Daar kan je op je tandvlees van komen te zitten. Daarom moet je dan een structuur ingeven die die jongen toelaat om die week te studeren en te trainen en ook voldoende te rusten. Dat kan je allemaal plannen. En Massimo is een fantastische speler, maar hij moet zich goed voelen én hij moet wel aan twee kanten leren spelen." "Ja, want zo is modern voetbal." "Er is Nuytinck die constant met zijn sport bezig is. Maar niet alleen hij. Als ik ze eens niet van 's ochtends acht uur naar de club laat komen, zijn er al wel een stuk of acht die dingen komen doen voor zichzelf. N'Sakala is ook zo iemand." "Dat we een paar spelers verkeerd inschatten, dat de ploeg niet in evenwicht was, dat we met Suárez al vroeg in de competitie iemand verloren die veel kan betekenen en dat we de jonge gasten niet een beetje meer naar boven brachten. En: dat we niet konden terugvallen op een basis, een organisatie en een structuur in de ploeg." "Ja, omdat we veel kwaliteit verloren. Iedereen spreekt over Mbokani, Jovanovic en Biglia, maar vergeet ook niet Iakovenko, De Sutter, Safari en Wasilewski. Elk op hun manier zijn ook zij bij momenten belangrijk geweest." "Tuurlijk. Ik geef profielen van spelers aan." "Dat is nu niet aan de orde. Tot het einde van het seizoen concentreren wij ons op de resterende doelen en dan zien we wel. Maar volgend seizoen zullen we er sowieso staan, hoor, wees daar maar zeker van." DOOR CHRISTIAN VANDENABEELE - BEELDEN: BELGAIMAGE"Bij sommige spelers mis ik de voetbalmicrobe." "Dennis Praet moet meer met voetbal bezig zijn."