Het wás al een heel eind, elke dag van zijn woonplaats Hasselt naar Antwerpen, maar sinds deze zomer doet hij er nog een kleine veertig kilometer bij tot in Lokeren, goed voor een totaal van ongeveer 120 kilometer. Ook óp het veld legt hij een grotere afstand af, want hij is niet langer verdediger, maar middenvelder, op vraag van trainer Glen De Boeck. Jelle Van Damme: 'Als verdediger loop je 9,5 à 10 kilometer, nu gaat dat rap richting 13 per match. Dat voel ik, na de wedstrijd is het wat stijfjes.'

De heenronde zit er sinds vorig weekend op. Van Damme: 'Ik ben er nog niet uit wat ik van 1B moet denken. Mijn gevoel is nog altijd dat iedereen van iedereen kan winnen. Het niveau valt tegen, niet een van deze acht kan op dit moment mee in eerste klasse. Wij ook niet, je moet een kat een kat noemen. In januari moet er verandering komen, als we nog iets willen bereiken. Voetbal kruipt ook in de kopjes, de helft van de jongens zijn nu amper te herkennen als het wat minder gaat. Als je dan ook nog eens veel geblesseerden hebt, zit je in de situatie waarin wij zijn geraakt. Wat ik ook onderschatte, was het gebrek aan beleving. Ik niet alleen, voor onze Japanners moet dat ook wennen zijn. Dat zijn dingen die je op voorhand weet, maar er is een verschil tussen het weten en het meemaken: drie uur in de bus zitten naar Virton en er in een klein stadion voetballen.'

Morgen/donderdag mag hij voor de beker terug naar de Bosuil, al zal die afgaande op de voorverkoop, evenmin vollopen. Wat verwacht hij? Van Damme: 'Ik heb er twee fantastische jaren gehad en ga ervan genieten. Jaloers op de kern nu ben ik niet. Het klikte gewoon niet met de trainer, punt. Hoe goed en gedisciplineerd het er op het veld is, hoe slecht ernaast. Omdat ik dat belangrijk vind, heb ik dat aangegeven en de trainer zal dat wel gevoeld hebben. Anderen vinden dat ook, maar zo lang de resultaten er zijn, zwijgt iedereen.'

Het wás al een heel eind, elke dag van zijn woonplaats Hasselt naar Antwerpen, maar sinds deze zomer doet hij er nog een kleine veertig kilometer bij tot in Lokeren, goed voor een totaal van ongeveer 120 kilometer. Ook óp het veld legt hij een grotere afstand af, want hij is niet langer verdediger, maar middenvelder, op vraag van trainer Glen De Boeck. Jelle Van Damme: 'Als verdediger loop je 9,5 à 10 kilometer, nu gaat dat rap richting 13 per match. Dat voel ik, na de wedstrijd is het wat stijfjes.' De heenronde zit er sinds vorig weekend op. Van Damme: 'Ik ben er nog niet uit wat ik van 1B moet denken. Mijn gevoel is nog altijd dat iedereen van iedereen kan winnen. Het niveau valt tegen, niet een van deze acht kan op dit moment mee in eerste klasse. Wij ook niet, je moet een kat een kat noemen. In januari moet er verandering komen, als we nog iets willen bereiken. Voetbal kruipt ook in de kopjes, de helft van de jongens zijn nu amper te herkennen als het wat minder gaat. Als je dan ook nog eens veel geblesseerden hebt, zit je in de situatie waarin wij zijn geraakt. Wat ik ook onderschatte, was het gebrek aan beleving. Ik niet alleen, voor onze Japanners moet dat ook wennen zijn. Dat zijn dingen die je op voorhand weet, maar er is een verschil tussen het weten en het meemaken: drie uur in de bus zitten naar Virton en er in een klein stadion voetballen.' Morgen/donderdag mag hij voor de beker terug naar de Bosuil, al zal die afgaande op de voorverkoop, evenmin vollopen. Wat verwacht hij? Van Damme: 'Ik heb er twee fantastische jaren gehad en ga ervan genieten. Jaloers op de kern nu ben ik niet. Het klikte gewoon niet met de trainer, punt. Hoe goed en gedisciplineerd het er op het veld is, hoe slecht ernaast. Omdat ik dat belangrijk vind, heb ik dat aangegeven en de trainer zal dat wel gevoeld hebben. Anderen vinden dat ook, maar zo lang de resultaten er zijn, zwijgt iedereen.'