J eroen Simaeys: "Al op mijn twaalfde mocht ik van mijn ouders alleen in de stad gaan eten. Gewone kindjes trokken op school naar de refter, voor hun portie patatjes. Voor mij gingen de poorten open. Ik was thuis het derde kindje. Een ongelukje. Er zaten acht en tien jaar tussen mij en mijn zussen. Zij zijn veel strenger opgevoed.
...

J eroen Simaeys: "Al op mijn twaalfde mocht ik van mijn ouders alleen in de stad gaan eten. Gewone kindjes trokken op school naar de refter, voor hun portie patatjes. Voor mij gingen de poorten open. Ik was thuis het derde kindje. Een ongelukje. Er zaten acht en tien jaar tussen mij en mijn zussen. Zij zijn veel strenger opgevoed. "Ik voelde me altijd al rijp voor mijn leeftijd. Iemand die met een bende mensen optrekt die jonger zijn, wordt wat naar beneden getrokken. Het omgekeerde is waarschijnlijk ook waar. Ik schoot van jongs af het best op met mensen die ouder zijn dan ik. Allicht omdat die een bepaalde rust over zich hebben. Zij winden zich niet meer op over relatief nutteloze dingen. "Sommige kleine zaken kunnen ook mij niet veel schelen. Daarin ben ik dan enorm nonchalant. Mijn gewicht bijvoorbeeld. Ik moet daar totaal niet op letten. Op de club horen we het af en toe te noteren. Maar omdat dat voor mij geen issue is, vergeet ik het zowat elke keer. "Voetbal beschouw ik nu wel louter als mijn werk. Dat zeg ik niet op een oneerbiedige toon. Het is wat ik het liefst wilde doen. Maar het blijft mijn job. Iedereen leest weleens graag een boek. Maar als ze tegen je zeggen dat je tegen een bepaalde datum een zeker aantal boeken uit moet hebben, blijft dat ook niet zuiver een hobby. "Thuis wil ik niet dat het over voetbal gaat. Ik weet ook niet wat ik daarbij zou kunnen winnen. Er is een leven naast die sport. Anders zou het niet lukken bij mij. Ik moet niet per se elke match op tv zien. "Mijn vriendin blijft het belangrijkste. Zij zal veel langer deel uitmaken van mijn leven dan het voetbal. "Ik ben harder en onvergeeflijker dan zij. Als de ober op restaurant vraagt of het lekker was, antwoordt zij altijd: 'Ja.' Soms repliceer ik: 'Sorry, ik vond het niet lekker.' Ik zeg wat ik vind en durf tegen anderen ingaan. Maar nooit onbeschoft. Er knaagt iets als ik niet duidelijk heb gemaakt wat mijn gedacht is, al kun je elke dag in veel situaties niet volledig eerlijk zijn. "Bij mensen die ik niet goed ken, stel ik me behoorlijk introvert op. In mijn naaste omgeving ben ik mezelf. Maar als iets me een slecht gevoel geeft en ik acht dat geen rationele reden om in de put te zitten, dan vind ik dat ik niet het recht heb om anderen daarmee lastig te vallen. Dan zeg ik het tegen niemand, moet dat gevoel maar weggaan en hoop ik dat het een les was. "Ik wil me continu gelukkig voelen, zonder anderen schade te berokkenen. Dat is het hoogste wat je kunt bereiken. Daar draait het in dit leven om. "Ik zou ook gelukkig kunnen zijn zonder profvoetbal, kan me heel wat andere levenspaden voorstellen. Ik denk daar waarschijnlijk zo over omdat ik effectief die mogelijkheid heb. "Maar een universitair diploma, zoals er een in mijn kast ligt, vind ik eigenlijk niet zo speciaal. Het bewijst enkel dat je op een relatief korte periode wel wat informatie kunt verwerken. Het getuigt van een zekere discipline. Daar blijft het bij. Ik voerde al heel veel goede gesprekken met mensen die hun middelbaar niet afmaakten. "Discipline heb ik. Als ik iets wil kunnen, zal ik het kunnen. En is dat niet het geval, dan kan ik dat niet aanvaarden. Dat is het enige ongeduld dat in mij zit. Maar zo'n mislukking overkomt me zelden. Ik heb echt veel geluk in het leven." S door kristof de ryck