Ons duivels eiland

Joakim Maehle (21): 'Een lief opdoen in Kopenhagen is geen probleem. Daar een vrouw vinden die later met mij in Ostervra wil gaan wonen, zou een ander paar mouwen zijn. Wij, in Ostervra, kunnen perfect rondrijden met shit cars en versleten schoenen aantrekken om een vuil werkje op te knappen. Een gezonde familie, dát telt voor ons. Maar op Seeland, het eiland waarop Kopenhagen ligt, hebben ze een heel andere mentaliteit; daar pakken de mensen graag uit met hun geld en auto's, al zijn daar wel uitzonderingen op, zoals onze spits hier, Marcus Ingvartsen.

'Ostervra vind je in het noorden van Jutland ( het schiereiland waarop na Groenland het grootste deel van Denemarken ligt, nvdr). Het is een kleine stad; er leven maar dik 1000 mensen. Vroeger woonden al mijn beste vrienden in mijn eigen straat. Na schooltijd gingen we naar het plaatselijke voetbalstadion, op 500 meter van mijn thuis, en voetbalden we daar. Het leven in Ostervra verloopt een stuk trager dan in de hoofdstad. Seeland noemen wij devil's island ( lacht). Als we vroeger met Aalborg tegen Brondby IF of FC Kopenhagen moesten spelen, kleefde er altijd veel meer animo aan zo'n match dan wanneer we pakweg Aarhus GF tegenover ons hadden. Vraag je een prof in Kopenhagen of hij morgen scoort, dan antwoordt die: 'Natuurlijk!' Een voetballer uit onze regio antwoordt: 'We zullen wel zien.' Wij zijn veel nederiger.

© Getty Images/iStockphoto

'Ik ben de eerste uit Ostervra die het schopt tot profvoetballer in het buitenland. Mensen in mijn thuisstad klampen me regelmatig aan voor een selfie. Ze zijn fier als Ostervra op de wereldkaart gezet wordt. In de kantine van de plaatselijke voetbalclub hangen shirts van mij, een van Aalborg en een van Genk. Mijn twee broers van 18 en 24 spelen er nog altijd. Het is het clubje waar het ook voor mij allemaal begonnen is én waar mijn vader vroeger speelde. Nog altijd heeft hij het grootste aantal matchen bij het eerste elftal achter zijn naam. Vroeger mochten mijn broers en ik met hem mee naar zijn matchen, zelfs bij verre verplaatsingen. Hij was ook nog mijn trainer. Soms liet hij me al invallen in het U6-ploegje van mijn oudere broer terwijl ik pas twee was ( lacht). Echt waar, ik kan dat bewijzen met foto's.'

Ons woord

'Hét Deense woord bij uitstek is: hygge. Het betekent: een leuke tijd hebben met je familie. Dat is voor ons, Denen, heel belangrijk. Je kunt het door thuis samen te dineren, maar evengoed door een uitstap te maken. Bijvoorbeeld naar Tivoli, een attractiepark met rollercoasters in Kopenhagen. Daar is ook een theater en worden populaire Deense tv-programma's opgenomen, zoals Go' morgen Danmark, een actualiteitsshow. Toen ik me als kind 's ochtends klaarmaakte om naar school te vertrekken, stond de tv altijd daarop afgestemd.

'Ook een bezoekje waard, maar dan in mijn regio, zijn de heuvels van Skagen, het noordelijkste puntje van Jutland. Daar staan veel vakantiehuisjes. In de zomer stikt het er van de toeristen. Je kunt daar zien hoe twee zeeën, Skagerrak en Kattegat, in elkaar vloeien.'

Onze tovenaar

'Mijn echte helden zijn mijn vader en mijn opa, die nog doelman was in de Deense tweede klasse. Maar de beste Deense voetballer ooit is: Michael Laudrup. Onze tovenaar. Hij kon zijn immense snelheid combineren met een dribbel. Maar het meeste onder de indruk was ik altijd van zijn passing. Wat een vista had die man. Soms hoefde hij niet eens te kijken om een sublieme pass te geven.'

Raar aan België

'Jullie passie voor voetbal verbaast me, in positieve zin natuurlijk. Genk telt dik 60.000 inwoners en het stadion hier raakt makkelijk gevuld met 20 à 25.000 man. Aalborg heeft 200.000 inwoners en de club daar lokt maar 5000 supporters. De toeschouwersaantallen vormen een groot probleem voor de Deense clubs; de mensen zitten er liever thuis onder een dekentje voor hun tv. Toch blijft voetbal in Denemarken de grootste sport, al is er de laatste tijd ook veel aandacht voor handbal. Als kind was ik ooit nog doelman in het handbal. Dus heb ook ik luid gesupporterd toen we onlangs wereldkampioen werden.'

Roots

DENEMARKEN

- Waar mensen in Jutland rondrijden met shit cars.

- Waar hygge essentieel is, een leuke tijd hebben met je familie

- Waar de blinde passes van Michael Laudrup legendarisch blijven

Joakim Maehle (21): 'Een lief opdoen in Kopenhagen is geen probleem. Daar een vrouw vinden die later met mij in Ostervra wil gaan wonen, zou een ander paar mouwen zijn. Wij, in Ostervra, kunnen perfect rondrijden met shit cars en versleten schoenen aantrekken om een vuil werkje op te knappen. Een gezonde familie, dát telt voor ons. Maar op Seeland, het eiland waarop Kopenhagen ligt, hebben ze een heel andere mentaliteit; daar pakken de mensen graag uit met hun geld en auto's, al zijn daar wel uitzonderingen op, zoals onze spits hier, Marcus Ingvartsen. 'Ostervra vind je in het noorden van Jutland ( het schiereiland waarop na Groenland het grootste deel van Denemarken ligt, nvdr). Het is een kleine stad; er leven maar dik 1000 mensen. Vroeger woonden al mijn beste vrienden in mijn eigen straat. Na schooltijd gingen we naar het plaatselijke voetbalstadion, op 500 meter van mijn thuis, en voetbalden we daar. Het leven in Ostervra verloopt een stuk trager dan in de hoofdstad. Seeland noemen wij devil's island ( lacht). Als we vroeger met Aalborg tegen Brondby IF of FC Kopenhagen moesten spelen, kleefde er altijd veel meer animo aan zo'n match dan wanneer we pakweg Aarhus GF tegenover ons hadden. Vraag je een prof in Kopenhagen of hij morgen scoort, dan antwoordt die: 'Natuurlijk!' Een voetballer uit onze regio antwoordt: 'We zullen wel zien.' Wij zijn veel nederiger. 'Ik ben de eerste uit Ostervra die het schopt tot profvoetballer in het buitenland. Mensen in mijn thuisstad klampen me regelmatig aan voor een selfie. Ze zijn fier als Ostervra op de wereldkaart gezet wordt. In de kantine van de plaatselijke voetbalclub hangen shirts van mij, een van Aalborg en een van Genk. Mijn twee broers van 18 en 24 spelen er nog altijd. Het is het clubje waar het ook voor mij allemaal begonnen is én waar mijn vader vroeger speelde. Nog altijd heeft hij het grootste aantal matchen bij het eerste elftal achter zijn naam. Vroeger mochten mijn broers en ik met hem mee naar zijn matchen, zelfs bij verre verplaatsingen. Hij was ook nog mijn trainer. Soms liet hij me al invallen in het U6-ploegje van mijn oudere broer terwijl ik pas twee was ( lacht). Echt waar, ik kan dat bewijzen met foto's.''Hét Deense woord bij uitstek is: hygge. Het betekent: een leuke tijd hebben met je familie. Dat is voor ons, Denen, heel belangrijk. Je kunt het door thuis samen te dineren, maar evengoed door een uitstap te maken. Bijvoorbeeld naar Tivoli, een attractiepark met rollercoasters in Kopenhagen. Daar is ook een theater en worden populaire Deense tv-programma's opgenomen, zoals Go' morgen Danmark, een actualiteitsshow. Toen ik me als kind 's ochtends klaarmaakte om naar school te vertrekken, stond de tv altijd daarop afgestemd. 'Ook een bezoekje waard, maar dan in mijn regio, zijn de heuvels van Skagen, het noordelijkste puntje van Jutland. Daar staan veel vakantiehuisjes. In de zomer stikt het er van de toeristen. Je kunt daar zien hoe twee zeeën, Skagerrak en Kattegat, in elkaar vloeien.' 'Mijn echte helden zijn mijn vader en mijn opa, die nog doelman was in de Deense tweede klasse. Maar de beste Deense voetballer ooit is: Michael Laudrup. Onze tovenaar. Hij kon zijn immense snelheid combineren met een dribbel. Maar het meeste onder de indruk was ik altijd van zijn passing. Wat een vista had die man. Soms hoefde hij niet eens te kijken om een sublieme pass te geven.' 'Jullie passie voor voetbal verbaast me, in positieve zin natuurlijk. Genk telt dik 60.000 inwoners en het stadion hier raakt makkelijk gevuld met 20 à 25.000 man. Aalborg heeft 200.000 inwoners en de club daar lokt maar 5000 supporters. De toeschouwersaantallen vormen een groot probleem voor de Deense clubs; de mensen zitten er liever thuis onder een dekentje voor hun tv. Toch blijft voetbal in Denemarken de grootste sport, al is er de laatste tijd ook veel aandacht voor handbal. Als kind was ik ooit nog doelman in het handbal. Dus heb ook ik luid gesupporterd toen we onlangs wereldkampioen werden.'