Het was een wedstrijd die hij niet snel zou vergeten. Zuid-Oost-Londen vierde 1 mei, maar op The Old Den richtte de harde en fanatieke kern van Millwall zijn woede op John Fashanu, de beresterke spits van het bescheiden Lincoln City die negentig minuten een gesel voor de verdediging was. Een politie-escorte begeleidde hem naar de spelersbus, terwijl hij werd bekogeld met tientallen bekertjes met... urine en onophoudelijk werd uitgescholden. ' Nigger, black bastard, we'll kill you...' Hij was niet onder de indruk. Nooit. 'Ik zag de haat op hun gezichten, maar geen zes maanden later tekende ik er een contract en was ik de publiekslieveling op The Old Den', lachte Fashanu in FourFourTwo. 'Ze respecteerden me omdat ik voetbalde op een manier waarop de meesten onder hen door het leven gingen. Hard, snel, compromisloos en altijd rechtdoor. Daar kreeg ik voor het eerst mijn bijnaam: Fash The Bash. Mooi.'

The British Bulldog, gaf hij na zijn carrière toe, had hij ook gesmaakt. Want: zijn manier van voetballen was gebaseerd op agressie en in de kleedkamer van Wimbledon Football Club voelde hij zich als een vis in het water. Na twee seizoenen Millwall was hij in de zomer van 1988 verkast naar Wimbledon, dat na drie promoties in vier seizoenen op het hoogste niveau zou debuteren. En The Crazy Gang, een verzameling van rudimentaire voetballers die tegenstanders schopten en provoceerden, ging niet op zoek naar schoonheidsprijzen.

Een bende geweldenaars. Dennis Wise, Wally Downes - de koning van de ordinaire practical jokes - en Vinnie Jones, met Fash bovenaan de pikorde. Fashanu was een dictator in de kleedkamer die ploegmaats schoffeerde en intimideerde of, zoals Lawrie Sanchez op het oefenveld mocht ondervinden, met zijn voorliefde voor oosterse gevechtssporten tegen de grond probeerde te trappen. 'We moesten elkaar niet en na een zoveelste discussie gingen we het eindelijk als echte mannen uitvechten. Ik probeerde het met trappen tegen de achterkant van zijn onderbenen, zoals martial artist Antonio Inoki tegen Muhammad Ali, maar hij bewoog niet eens. Hij sloeg terug. En dan trapte ik vol op zijn solar plexus, met een kracht die zelfs een paard zou onderuit zou halen. Maar hij bleef gewoon staan. Een onbesliste kamp, want Terry Burton haalde ons uit elkaar', keek de zwarte gordel karate geamuseerd terug.

Het was uitgerekend Sanchez die The Crazy Gang in 1988 op Wembley naar zijn enige FA Cup kopte. Liverpool-Wimbledon 0-1, maar vooral een schoppartij die negentig minuten duurde. 'Wij maakten onszelf wijs dat we krijgsheren waren. En elke zaterdag, stipt om drie uur, begon de oorlog.' Zoals ook Gary Mabbutt, kapitein van Tottenham Hotspur, ooit mocht ondervinden toen hij met een gebroken jukbeen en oogkas van het veld werd gedragen en bijna zijn oog verloor. Met de groeten van de elleboog van Fash. 'Zo'n drama. Er was toch niemand overleden?'

Snoeihard. Voor zijn adoptiemoeder, die hem met liefde probeerde te omringen, en voor zijn oudere broer Justin, die in 1981 - 17 jaar jong - de eerste zwarte voetballer was die voor één miljoen pond werd verkocht. Toen Justin, die onder anderen voor Norwich City en Nottingham voetbalde, zich in 1990 als homoseksueel outte, was Johns reactie in The Voice, een Afro-Caraïbisch weekblad, veelzeggend: 'Mijn homobroer is een paria.' Justin werd verstoten door familie en voetbalwereld en moest tevreden zijn met contractjes in de krochten van het Engelse voetbal, tot hij in 1998 zelfmoord pleegde. Na een laatste telefoontje naar zijn broer. 'Ik hoorde iemand ademen. Ik wist bijna zeker dat het mijn broer was, maar ik dacht: och, daar is hij weer. En ik schakelde mijn telefoon uit. De dag erna hebben ze Justin in de garage gevonden. Opgehangen. Ik had meer moeten doen.'

Bio John Fashanu

Geboren: 18 september 1962 (Engeland)

Clubs: Norwich City, Miramar Rangers (Nieuw-Zeeland), Crystal Palace, Lincoln City, Millwall, Wimbledon, Aston Villa

Caps: 2

Het was een wedstrijd die hij niet snel zou vergeten. Zuid-Oost-Londen vierde 1 mei, maar op The Old Den richtte de harde en fanatieke kern van Millwall zijn woede op John Fashanu, de beresterke spits van het bescheiden Lincoln City die negentig minuten een gesel voor de verdediging was. Een politie-escorte begeleidde hem naar de spelersbus, terwijl hij werd bekogeld met tientallen bekertjes met... urine en onophoudelijk werd uitgescholden. ' Nigger, black bastard, we'll kill you...' Hij was niet onder de indruk. Nooit. 'Ik zag de haat op hun gezichten, maar geen zes maanden later tekende ik er een contract en was ik de publiekslieveling op The Old Den', lachte Fashanu in FourFourTwo. 'Ze respecteerden me omdat ik voetbalde op een manier waarop de meesten onder hen door het leven gingen. Hard, snel, compromisloos en altijd rechtdoor. Daar kreeg ik voor het eerst mijn bijnaam: Fash The Bash. Mooi.' The British Bulldog, gaf hij na zijn carrière toe, had hij ook gesmaakt. Want: zijn manier van voetballen was gebaseerd op agressie en in de kleedkamer van Wimbledon Football Club voelde hij zich als een vis in het water. Na twee seizoenen Millwall was hij in de zomer van 1988 verkast naar Wimbledon, dat na drie promoties in vier seizoenen op het hoogste niveau zou debuteren. En The Crazy Gang, een verzameling van rudimentaire voetballers die tegenstanders schopten en provoceerden, ging niet op zoek naar schoonheidsprijzen. Een bende geweldenaars. Dennis Wise, Wally Downes - de koning van de ordinaire practical jokes - en Vinnie Jones, met Fash bovenaan de pikorde. Fashanu was een dictator in de kleedkamer die ploegmaats schoffeerde en intimideerde of, zoals Lawrie Sanchez op het oefenveld mocht ondervinden, met zijn voorliefde voor oosterse gevechtssporten tegen de grond probeerde te trappen. 'We moesten elkaar niet en na een zoveelste discussie gingen we het eindelijk als echte mannen uitvechten. Ik probeerde het met trappen tegen de achterkant van zijn onderbenen, zoals martial artist Antonio Inoki tegen Muhammad Ali, maar hij bewoog niet eens. Hij sloeg terug. En dan trapte ik vol op zijn solar plexus, met een kracht die zelfs een paard zou onderuit zou halen. Maar hij bleef gewoon staan. Een onbesliste kamp, want Terry Burton haalde ons uit elkaar', keek de zwarte gordel karate geamuseerd terug. Het was uitgerekend Sanchez die The Crazy Gang in 1988 op Wembley naar zijn enige FA Cup kopte. Liverpool-Wimbledon 0-1, maar vooral een schoppartij die negentig minuten duurde. 'Wij maakten onszelf wijs dat we krijgsheren waren. En elke zaterdag, stipt om drie uur, begon de oorlog.' Zoals ook Gary Mabbutt, kapitein van Tottenham Hotspur, ooit mocht ondervinden toen hij met een gebroken jukbeen en oogkas van het veld werd gedragen en bijna zijn oog verloor. Met de groeten van de elleboog van Fash. 'Zo'n drama. Er was toch niemand overleden?' Snoeihard. Voor zijn adoptiemoeder, die hem met liefde probeerde te omringen, en voor zijn oudere broer Justin, die in 1981 - 17 jaar jong - de eerste zwarte voetballer was die voor één miljoen pond werd verkocht. Toen Justin, die onder anderen voor Norwich City en Nottingham voetbalde, zich in 1990 als homoseksueel outte, was Johns reactie in The Voice, een Afro-Caraïbisch weekblad, veelzeggend: 'Mijn homobroer is een paria.' Justin werd verstoten door familie en voetbalwereld en moest tevreden zijn met contractjes in de krochten van het Engelse voetbal, tot hij in 1998 zelfmoord pleegde. Na een laatste telefoontje naar zijn broer. 'Ik hoorde iemand ademen. Ik wist bijna zeker dat het mijn broer was, maar ik dacht: och, daar is hij weer. En ik schakelde mijn telefoon uit. De dag erna hebben ze Justin in de garage gevonden. Opgehangen. Ik had meer moeten doen.'