J ojo.
...

J ojo. Dat is de bijnaam van Johannes Eggestein, de 23-jarige Duitse aanvaller, die de Great Old deze zomer overnam van Werder Bremen. Voor alle duidelijkheid: het koosnaampje heeft alles vandoen met zijn voornaam, niet met zijn prestaties, al lijden die ook wel onder het jojo-effect. Veel inzet, maar voorlopig nog niet direct te merken op het scorebord, tenzij als assistgever. Donderdag zette hij met een kopbal Koji Miyoshi op weg naar de 1-0 tegen Omonia Nicosia, maar verprutste hij zelf nog een van de talrijke kansen die Antwerp afdwong. En zondag had hij zich in de harten van de fans kunnen spelen, door in de slotfase te scoren tegen OH Leuven. Ik moet in de box zijn, beseft hij, maar bij een afvallende bal in de 89e minuut had hij te weinig kracht in het daaropvolgende duel, en in de slotseconden zat er ook al te weinig kracht achter zijn kopbal. Voor Rafael Romo was dat maar een oprapertje. En dus wacht Jojo nog op zijn eerste doelpunt in het shirt van Antwerp en heeft de club met zijn prestaties ook veel weg van zijn voornaam: een jojo. Met vijf op vijftien kan Antwerp onmogelijk tevreden zijn. Scoren kan hij nochtans, de Duitser die opgroeide in de buurt van Hannover en als tiener werd opgepikt door Werder Bremen. Daar leerde hij genereus zijn in de inspanning, zowel in balbezit als bij balverlies. Ook dat zagen we van hem in de duels tegen Omonia: Eggestein duikt alle hoeken in, jaagt voortdurend op de tegenstand en schuwt het lopen niet. Het kost allemaal wel krachten, die hij nu nog wel eens tekortkomt in de zone van de waarheid, constateren ze in zijn eerste weken bij Antwerp. Het was wel door die kwaliteiten dat hij vorig seizoen opviel in de Europese duels van de Great Old tegen Linz. Toen hij deze zomer terugkeerde naar Werder dat hem had uitgeleend - met heel veel zelfvertrouwen, bleek nog in een interview met Kicker in februari - ging Antwerp hem volgen. Die terugkeer viel overigens dik tegen. De nieuwe coach van de Werder hechtte veel belang aan wingers rond een diepe negen en de trainer probeerde op stage in Oostenrijk Eggestein op alle posities uit: op 9, op de flank, zelfs op 8. Op geen van die posities leek Jojo in zijn ogen de nummer één. En omdat Werder na de degradatie best wat kon besparen en Eggestein als Duits jeugdinternational te vermarkten viel, werd een transfer bespreekbaar. In Antwerpen gaat Eggestein op zoek naar het gevoel dat hij eerder in Oostenrijk kreeg: belangrijk zijn. Bij Linz had hij haast altijd een basisplaats, geregeld een doelpunt en/of een assist. Ook Europees. Hij scoorde tegen Tottenham én tegen Antwerp. In die wedstrijd kwamen ze onder de indruk van de energie die hij bracht: veel pressie in de omschakeling, tot bij de doelman desnoods. Combineer dat aan het uitstekend weglopen in de ruimte bij balbezit en je hebt een spits met wie je wat kan doen. Het omzetten van energie in efficiëntie bij het scoren is de komende maanden een werkpunt voor Eggestein, in een moeilijkere competitie dan de Oostenrijkse, waar je veel meer ruimte krijgt tussen de linies. De Duitser toonde zich in zijn eerste weken bij zijn nieuwe club enthousiast en leergierig, maar tegelijk naast het veld ook nog een beetje gereserveerd en discreet. Aftastend. Zijn plaats zoekend in een nieuwe stad, bij een nieuwe club, in een nieuw land. Zijn Engels is uitstekend, met de communicatie zit het goed. Zijn nadeel: er is een pak concurrentie. Toen Michael Frey (27) met een knieletsel uitviel in Charleroi, was het eerste verdict: zes weken out. ' No way six weeks', zei de Zwitser, die een boost had gekregen door zijn vijf doelpunten in Luik de week voordien. Eggestein, zijn vervanger, kreeg twee wedstrijden de kans als negen, zorgde ook twee keer voor een assist (ook in Nicosia bereidde hij de goal van Miyoshi voor), maar toen Frey sneller terug was dan verwacht, belandde de Duitser toch weer op de bank. Na een uur kwam hij zondag tegen OH Leuven de Zwitser vervangen. Frey in combinatie mét Eggestein kan, is intern al een evaluatie na de eerste weken, maar dan moet Brian Priske wel zijn systeem bijstellen, richting 4-4-2, met de Duitser dan zwervend rond de Zwitser. Niet als tien, maar in een soort combinatie à la Vossen- Gano. Blijft de 4-2-3-1 behouden, dan is het Frey of Eggestein. Met voordeel voor de Zwitser, die meer ervaring heeft en al een jaar lang België gewoon is. Frey heeft op dit moment vooral meer kracht om de duels te winnen. Toen het in de slotfase tegen Omonia begon te spannen - Antwerp wrong veel kansen de nek om waarop de Cyprioten steeds meer in de hunne begonnen te geloven - moest Priske de centrale verdediger Abdoulaye Seck in de punt gooien. Eggestein kon dan rond hem zwerven. De Duitser heeft in dat soort omstandigheden nog iets te veel de neiging om weg te lopen uit de zone van de waarheid. Intelligent ruimte zoeken kan ook ten koste gaan van het scoren. Dat zagen we zondag ook een paar keer, toen de 2-2 tegen OHL moest worden omgebogen in een voorsprong. Het Duitse nummer 9 liep naar de flank, niet voor doel. Voor een plaats rond Frey is de concurrentie voorin wel stevig. Eggestein moet afrekenen met Fischer, Miyoshi, Benson en Balikwisha in aanvallend opzicht, en met Gerkens als voor iets meer stabiliteit wordt gekozen. Allemaal jongens met meer ervaring in België. Het vertrouwen dat Eggestein in Linz kreeg - na een korte aanpassingsperiode op twee wedstrijden na altijd aan de aftrap - zal hij op de Bosuil moeten verdienen. Het werk op de plank van Priske is de jojo van Antwerp een halt toeroepen. Europees was de kwalificatie voor de groepsfase van de Europa League verdiend, maar ze kwam in gevaar door een dol kwartier na de rust in Nicosia. Ook in eigen land was het nog te veel jojo. Na vijf speeldagen slechts één zege en zondag nog een gevleid gelijkspel: Antwerp heeft nood aan stabiliteit en evenwicht, ook in de omschakeling. Logisch, met tal van nieuwkomers. Ook vorige week weer moesten nieuwe namen worden ingepast, met Dorian Dessoleil (29) en Pierre Dwomoh, al is die laatste, met zijn zeventien lentes, eerder een wissel op de toekomst dan een directe vaste waarde.