Sinds hij vorig seizoen tegen Standard een paar keer flagrant in de fout ging en Francky Dury Sébastien Bruzzese nog tijdens de eerste helft liet opwarmen, leek het lot van Frank Boeckx als eerste doelman bezegeld bij AA Gent. Maar Sergio Padt kwam met conditionele achterstand uit Nederland, Bruzzese imponeerde niet in de voorbereiding, Bojan Jorgacevic blesseerde zich en zie, daar stond Boeckx weer in doel. Waarna de transferperiode afliep en Trond Sollied Jorgacevic nog moeilijk op de bank kon houden en Boeckx alleen de bekerwedstrijden restten. Tot Club Brugge Jorgacevic kwam halen.

Frank Boeckx: "Ik denk dat ik mij bewezen heb in de wedstrijden waarin ik mocht spelen. Van het bestuur hoorde ik dat ze Jorgacevic snel willen vergeten en dat Padt veel in zijn mars heeft, tja, dan voel ik mij samen met Bruzzese een beetje vergeten. Seba vorig seizoen en ik nu, wij hebben toch al iets bewezen. Padt heeft de kans nog niet gekregen, maar ik heb ook lang moeten wachten. Je krijgt het niet cadeau en ik ben niet van plan om het hem of iemand anders cadeau te doen. Ik heb ervoor gewerkt en er lang voor gewacht, het zou dom zijn dat nu uit handen te geven. Het volle vertrouwen van de club zelf heb ik nog niet gevoeld, neen, dat is waar. Daarom dat ik ook nog niet durf te zeggen: hier ben ik! Dat is een beetje de Vlaamse bescheidenheid, zeker? Ik voel me daar ook het beste bij. Misschien moet ik meer mijn ambities durven uitspreken, maar ik hou ze liever voor mijzelf. Ik wil mij eerst bewijzen met prestaties."

Wie je kent van vroeger, zoals Guy Mangelschots, die je naar Sint-Truiden haalde, of Steve Colpaert, met wie je in de topsportschool zat, vindt het verrassend én knap dat je het zolang volhield als tweede keeper.

"Ik heb altijd gezegd dat je als doelman meer geduld moet hebben dan als speler. Op je achttiende er staan, zoals Courtois, dat is weinigen gegeven. Ik heb het ook gedaan, maar ik heb het niet kunnen volhouden ( hij werd ingehaald door Simon Mignolet, nvdr). Als je dan naar een ploeg als Gent gaat, die veel hoger aangeschreven staat dan Sint-Truiden, dan moet je geduld hebben. Ik heb altijd een carrièreplanning gemaakt waardoor ik er nu eigenlijk pas aan begin omdat ik gewacht heb. Twee of drie jaar te lang volgens sommigen. ( lachje) Maar ik denk dat het de juiste keuze was omdat ze het meest natuurlijk aanvoelde: eerst in de schaduw groeien en er dan staan zonder veel leergeld te betalen in de wedstrijden, maar op training."

Wie vindt er dat je te lang gewacht hebt?

"Vrienden en familie zeiden dikwijls dat ik moest spelen om bij te leren, maar ik vond dat niet altijd juist, want in een topploeg krijg je niet altijd het krediet dat je elders wel zou krijgen. Als je dan fouten maakt, word je daarop afgerekend. Dat heb ik vorig seizoen ook gemerkt toen ik één slechte wedstrijd speelde. Maar ik denk dat ik het juiste geduld heb gehad. Nu is het aan mij, als ik de kans krijg, om zoals Herpoel tien jaar in de goal te staan. Dat lijkt mij de logische, niet geforceerde stap die zich aandient."

Je bent een andere keeper dan Jorgacevic: vooral je voetenwerk is beter. Vanwaar komt dat?

"Ik denk dat dat te maken heeft met mijn opleiding bij Lierse. Marcel Vets is daar belangrijk in geweest. Vanaf het moment dat ik daar op mijn achtste in doel stond, zei hij dat een keeper geen keeper was, maar eigenlijk een libero. Hij maakte dat ik ook mee moest spelen op de gewone training en na de training kwam hij er de spelers in wie hij iets zag nog eens uithalen om extra te werken. Ik kan mij herinneren dat Jurgen Cavens een van die spelers was. Als linksvoetige duizend keer dezelfde oefening met rechts doen: een bal die terugkomt vanop de kleine backlijn, één keer laten botsen en sjotten. Voor mij was dat dan na de keeperstraining een halfuur uitlopen omdat ik aanleg had om dik te worden. ( lachje) Uiteindelijk heeft hij mij zo wel doen inzien dat je soms iets extra's moet doen. Al voelde dat toen wel aan als straf: je bent twaalf jaar en iedereen staat na de training in de kantine op de flipperkast te spelen en zich af te vragen wat jij daar loopt te doen." ( lachje)

Neem je graag risico bij het uitvoetballen?

"Ik denk niet dat ik veel risico neem. Het is altijd berekend. Als ik niet zeker ben van wat ik doe, trap ik de bal in de tribune in plaats van uit te voetballen. Ik denk dat ik daar wel een goed evenwicht in gevonden heb. Op training ligt dat anders: daar stamp ik niet graag ballen buiten en maak ik wel eens een fout. Maar dat is dan om het te leren. Spelers die op training bij mij in de ploeg staan, worden soms zot: wat doe je nu?! Maar op training probeer ik de oplossing te vinden waar ik in de wedstrijd niet naar kan zoeken. Met Tim Smolders heb ik daar vorig jaar nog discussie over gehad. ( lachje) Maar ik kan het niet laten om op training de voetballende oplossing te zoeken."

Er zit een speels element in je karakter.

"Ja, als ik niet meer kan lachen, dan leef ik niet meer, denk ik. Er zijn momenten dat ik 's morgens geen zin had om te gaan trainen, omdat ik wist dat ik derde of vierde keus was, en daar tegen mijn goesting stond. Het gaat ook gepaard met prestaties. Maar vorig jaar heeft het na Standard niet lang geduurd voor ik weer aan het lachen was. Ik kan alles goed relativeren - zowel slechte als goede zaken. Ik besef dat aandacht na een goede prestatie ook maar het moment van die dag is. Een typische Vlaming, hé. Ze hebben mij toen na die match wel afgeschermd van de media en achteraf is ook gebleken waarom."

Hoezo?

"Tja, de trainer had een stok om te slaan, hé. Dat hij tijdens de wedstrijd een andere doelman liet opwarmen, was al een teken aan de wand. Ik kon maar beter niets zeggen, want ik zou de volgende wedstrijd toch op de bank of in de tribune zitten. Dat ik van één naar drie schoof, dat was nog het ergste eigenlijk. Rollercoaster Boeckx. ( grijnst) Mijn verdienste is, denk ik, dat ik altijd ben blijven werken voor mezelf. Dury heeft mij daarna nog een uitleg gegeven, maar hij heeft mij niet aan het woord gelaten. Ik ging niet akkoord met zijn uitleg. De wedstrijd daarna speelde Seba tegen Anderlecht en hij had mij vlak daarvoor gezegd dat ik niet zou spelen omdat ik al een paar wedstrijden minder was. Hij gaf voorbeelden, maar die heb ik eigenlijk weggelachen. Dan kon hij beter niets zeggen dan wel iets. Het heeft mij geholpen om de teleurstelling te verbijten. ( lachje) Onder Sollied voelde ik van in het begin zijn vertrouwen. Ik denk dat dat voor iedereen wel geldt onder Sollied, waar je meer met voetbal bezig bent dan met wat wel mag en wat niet, regeltjes die afleiden van het voetbal. Als El Ghanassy met fluorescerende schoenen wil spelen, dan doet hij dat. So be it."

So be it - het zij zo - is iets wat geregeld terugkomt in interviews die je van jou leest of hoort. Schuilt in die berusting die eruit blijkt ook niet het gevaar dat je te veel relativeert en te weinig drive toont?

"Maar ik héb ambitie, veel ambitie. Alleen vind ik niet dat dat altijd uitgesproken moet worden. Een blaffende hond bijt niet, hé, je kan ook weinig zeggen en veel doen. Uiteindelijk heb ik van niemand het vertrouwen nodig, alleen van mijzelf. Maar als mensen achter je staan is het natuurlijk veel leuker dan wanneer ze niet achter je staan. Ik ga niet vragen om steun of vertrouwen, dat is iets wat je moet afdwingen.

"Maar ik was altijd al bezig met het feit dat er meer dingen zijn in het leven dan voetballen. Mijn vader was op zijn achttiende een getalenteerde doelman en kon stappen hogerop zetten, maar hij brak zijn arm en heeft nooit meer in het doel gestaan. Daarom volg ik nu ook avondschool koken, om iets te hebben om op terug te vallen. Ik wil niet alleen aangezien worden als voetballer, want dan word je in een hoekje geplaatst. En als doelman is dat nog een nauwer hokje dan als speler. ( lacht) Ik probeer daar wel op te letten."

Waarom?

"Ik vind dat een mens meer is dan alleen maar zijn beroep. Ik wil nog iets anders zijn dan voetballer. Ik wil ook de mens Frank Boeckx zijn."

El Gordito

Een van je vrienden is Jelle Cherlet, die bij KRC Gent Zeehaven speelt en sinds het vertrek van je vriendin bij je logeert in Gijzenzele. Hebben jullie iets met Gijzenzele?

"Als ze op zondag thuis spelen gaan we met een bende vrienden altijd kijken. ( lacht) Ja, dat is plezant, hé. En die gasten appreciëren dat ook dat wij komen kijken. Na de match drink ik dan een pint en ga ik naar huis. Dat is mijn weekend. Ik heb vroeger weleens een accident gehad bij Sint-Truiden. Ik steek het niet weg en misschien heeft dat ergens wel een vertekend beeld van mij gecreëerd. Maar ik heb eruit geleerd en dat is het belangrijkste. Nu wandel ik vijftig meter en ik kruip mijn bed in."

Hét voetbalmoment van Jelle is een wedstrijd op het WK in Zuid-Afrika tussen Ghana en Uruguay, zijn favoriete land. Heb jij daar óók iets mee?

"Met dezelfde kameraden zijn we allemaal supporter van Uruguay. Niemand begrijpt dat eigenlijk, maar het is dan ook heel dom ontstaan. ( lachje) België was niet naar het WK in Zuid-Afrika dus we zijn gaan kijken op Unibet wie er eigenlijk heel laag stond qua coëfficiënt om voor te supporteren. 'Een Afrikaans land, neen, allee, kom, Uruguay!' Allemaal een truitje gekocht en dan allemaal op de Kouter in Gent op groot scherm gaan kijken. Ze worden derde op het WK en ze winnen de Copa América het jaar daarna. Sindsdien zijn het alleen maar mooie momenten geweest. Toen België tegen Frankrijk speelde, wonnen zij van Italië. Jelle zat naast mij in de zetel: de tv stond op de match van België en op de salontafel stond de livestream van Italië-Uruguay. ( lacht) Mijn vrienden hebben op Facebook ook een Belgian Uruguayan supportersfederatie opgericht."

En onlangs ben je naar Liverpool gaan kijken.

"Eigenlijk was het geen goede wedstrijd: 0-0 tegen Swansea, weinig kansen, weinig doelgevaar, weinig beleving. Behalve met de bekerfinale van Gent heb ik nog niet zo vaak kippenvel gekregen in een stadion, maar 45.000 mensen die uit volle borst 'You'll never walk alone' zingen, is echt top."

Heb je Pepe Reina, je idool, achteraf kunnen ontmoeten?

"Hij heeft ons goeiendag gezegd tijdens de opwarming, maar na de wedstrijd hebben we hem met rust gelaten. We zijn direct teruggekeerd. Het was via hem dat we uitgenodigd waren eigenlijk. César ( Arzo, nvdr), die mee is gegaan, heeft samen gespeeld met hem in Villarreal. We hadden kaarten gekregen van hem vlak aan de cornervlag waar hij opwarmde, dus hij heeft ons wel teken gedaan. Het was een toffe ervaring. Ik ben ook altijd supporter geweest van Liverpool. Reina is voor mij de perfecte keeper: ik spiegel mij aan hem. Als ik doe wat hij doet, is het goed. De hond die ik samen met mijn ex-vriendin had, heette ook Reina. 'Koningin' in het Spaans, maar voor mij had het dus wel een iets andere betekenis dan voor mijn vriendin. ( grijnst) Ik vind hem heel sterk op hoge ballen en zijn omschakeling is fantastisch: hij trapt perfect uit vanuit de hand en vanop de grond. Hij kan een aanval lanceren met één uitworp. Dat is een beetje het profiel van doelman dat mij bevalt. Niet de meest lange slungelige keeper, maar meer een atletische, explosieve en geblokte."

Ze noemen hem wel El Gordo ...

"... El Gordito ..."

... De Dikke.

"Misschien ook daarom dat hij mij aanspreekt ( grijnst), maar wat hij doet is wel indrukwekkend."

Waarom is Stijnen ook een voorbeeld voor jou?

"Niet echt qua speelstijl, maar meer omdat hij net als ik lang gewacht heeft om zijn kans te krijgen en er dan stónd. Het zit hem in de mentaliteit om er te komen, niet te hoog van de toren blazen, maar ervoor werken. Hij heeft achter Butina en Verlinden gezeten, maar toen hij zijn kans kreeg, heeft hij die niet meer afgestaan tot wat er gebeurd is. Sommigen nemen nu eenmaal meer tijd om zich te ontplooien binnen een club."

Dat Stijnen een voorbeeld is voor jou was de titel boven een kranteninterview niet lang nadat hij door de internetaffaire aan de kant was geschoven. Bij Gent vonden ze dat geen gelukkige vergelijking.

"Oké, maar ik heb nochtans uitgelegd waarom hij een voorbeeld is. Maar je kan zo alles uit de context trekken natuurlijk. Hij was een van de doelmannen die mij een berichtje stuurden na die wedstrijd tegen Standard. 'Vergeet niet dat er morgen nog gevoetbald zal worden.' Terwijl hijzelf in de shit zat, vond hij toch de tijd om mij een hart onder de riem te steken. Dus voor mij blijft hij een voorbeeld. Op sommige vlakken."

Je noemde jezelf geen penaltyspecialist, maar door er drie te stoppen schakelde je Club Brugge wel uit in de beker.

"Een goed getrapte penalty pakt geen enkele keeper. Drie van de vijf van Brugge waren door het midden getrapt. Als je dus als keeper gewoon blijft staan, pak je er drie. Yassine signaleerde dat ook toen ik die penalty binnen kreeg op Beerschot van Kagelmacher - geweldige speler trouwens! ( lacht) Uruguayaan, hé. Yassine zei: blijf staan, hij trapt door het midden. Ik dook naar rechts, maar hij trapte inderdaad rechtdoor."

Leid, volg of trap het af

Op Twitter profileer je jezelf met de leuze: 'me and myself playing at the big world'. Waarom?

"Ik denk dat ik die van Twitter zelf gehaald heb, maar mijn motto is eigenlijk: 'Lead, follow or get out of here - Leid, volg of trap het af'."

En welke van de drie gaat op voor jou?

"Ik denk dat je altijd een leider kan worden, maar van nature ben ik het niet, daar ben ik te speels voor. Ik zie nog geen legerofficier grappen maken met zijn soldaten. Ik denk dat ik een volger ben. Voor iemand die een goede leider is, zal ik alles doen om hem te steunen. Met Arzo heb ik een heel goede band en ik denk dat het met hem en Melli wel klikt. Het zijn twee verdedigers die durven anticiperen en vooruit verdedigen en ik kan, denk ik, die ruimte die achter hen dan valt goed opvullen."

Hoe zie je je toekomst?

"De toekomst voorspellen is moeilijk en als je naar het verleden kijkt zeker in mijn geval. (lachje) Maar mijn ambitie is absoluut nu het seizoen goed rond te maken."

Het feestcomité van de jeugdafdeling van AA Gent wilde jouw shirt met 'Frank the Tank' commercialiseren, maar dat is op een njet van de club gestoten. 'We willen geen keepers voortrekken', liet commercieel directeur Patrick Lips optekenen. Jammer?

"Het was niet mijn initiatief, dus ik lig er zeker niet wakker van. So be it." ( lachje)

DOOR RAOUL DE GROOTE - BEELDEN: KOEN BAUTERS

"Nu is het aan mij, als ik de kans krijg, om zoals Herpoel tien jaar in de goal te staan. Dat lijkt mij de logische stap."

Sinds hij vorig seizoen tegen Standard een paar keer flagrant in de fout ging en Francky Dury Sébastien Bruzzese nog tijdens de eerste helft liet opwarmen, leek het lot van Frank Boeckx als eerste doelman bezegeld bij AA Gent. Maar Sergio Padt kwam met conditionele achterstand uit Nederland, Bruzzese imponeerde niet in de voorbereiding, Bojan Jorgacevic blesseerde zich en zie, daar stond Boeckx weer in doel. Waarna de transferperiode afliep en Trond Sollied Jorgacevic nog moeilijk op de bank kon houden en Boeckx alleen de bekerwedstrijden restten. Tot Club Brugge Jorgacevic kwam halen. Frank Boeckx: "Ik denk dat ik mij bewezen heb in de wedstrijden waarin ik mocht spelen. Van het bestuur hoorde ik dat ze Jorgacevic snel willen vergeten en dat Padt veel in zijn mars heeft, tja, dan voel ik mij samen met Bruzzese een beetje vergeten. Seba vorig seizoen en ik nu, wij hebben toch al iets bewezen. Padt heeft de kans nog niet gekregen, maar ik heb ook lang moeten wachten. Je krijgt het niet cadeau en ik ben niet van plan om het hem of iemand anders cadeau te doen. Ik heb ervoor gewerkt en er lang voor gewacht, het zou dom zijn dat nu uit handen te geven. Het volle vertrouwen van de club zelf heb ik nog niet gevoeld, neen, dat is waar. Daarom dat ik ook nog niet durf te zeggen: hier ben ik! Dat is een beetje de Vlaamse bescheidenheid, zeker? Ik voel me daar ook het beste bij. Misschien moet ik meer mijn ambities durven uitspreken, maar ik hou ze liever voor mijzelf. Ik wil mij eerst bewijzen met prestaties." "Ik heb altijd gezegd dat je als doelman meer geduld moet hebben dan als speler. Op je achttiende er staan, zoals Courtois, dat is weinigen gegeven. Ik heb het ook gedaan, maar ik heb het niet kunnen volhouden ( hij werd ingehaald door Simon Mignolet, nvdr). Als je dan naar een ploeg als Gent gaat, die veel hoger aangeschreven staat dan Sint-Truiden, dan moet je geduld hebben. Ik heb altijd een carrièreplanning gemaakt waardoor ik er nu eigenlijk pas aan begin omdat ik gewacht heb. Twee of drie jaar te lang volgens sommigen. ( lachje) Maar ik denk dat het de juiste keuze was omdat ze het meest natuurlijk aanvoelde: eerst in de schaduw groeien en er dan staan zonder veel leergeld te betalen in de wedstrijden, maar op training." "Vrienden en familie zeiden dikwijls dat ik moest spelen om bij te leren, maar ik vond dat niet altijd juist, want in een topploeg krijg je niet altijd het krediet dat je elders wel zou krijgen. Als je dan fouten maakt, word je daarop afgerekend. Dat heb ik vorig seizoen ook gemerkt toen ik één slechte wedstrijd speelde. Maar ik denk dat ik het juiste geduld heb gehad. Nu is het aan mij, als ik de kans krijg, om zoals Herpoel tien jaar in de goal te staan. Dat lijkt mij de logische, niet geforceerde stap die zich aandient." "Ik denk dat dat te maken heeft met mijn opleiding bij Lierse. Marcel Vets is daar belangrijk in geweest. Vanaf het moment dat ik daar op mijn achtste in doel stond, zei hij dat een keeper geen keeper was, maar eigenlijk een libero. Hij maakte dat ik ook mee moest spelen op de gewone training en na de training kwam hij er de spelers in wie hij iets zag nog eens uithalen om extra te werken. Ik kan mij herinneren dat Jurgen Cavens een van die spelers was. Als linksvoetige duizend keer dezelfde oefening met rechts doen: een bal die terugkomt vanop de kleine backlijn, één keer laten botsen en sjotten. Voor mij was dat dan na de keeperstraining een halfuur uitlopen omdat ik aanleg had om dik te worden. ( lachje) Uiteindelijk heeft hij mij zo wel doen inzien dat je soms iets extra's moet doen. Al voelde dat toen wel aan als straf: je bent twaalf jaar en iedereen staat na de training in de kantine op de flipperkast te spelen en zich af te vragen wat jij daar loopt te doen." ( lachje) "Ik denk niet dat ik veel risico neem. Het is altijd berekend. Als ik niet zeker ben van wat ik doe, trap ik de bal in de tribune in plaats van uit te voetballen. Ik denk dat ik daar wel een goed evenwicht in gevonden heb. Op training ligt dat anders: daar stamp ik niet graag ballen buiten en maak ik wel eens een fout. Maar dat is dan om het te leren. Spelers die op training bij mij in de ploeg staan, worden soms zot: wat doe je nu?! Maar op training probeer ik de oplossing te vinden waar ik in de wedstrijd niet naar kan zoeken. Met Tim Smolders heb ik daar vorig jaar nog discussie over gehad. ( lachje) Maar ik kan het niet laten om op training de voetballende oplossing te zoeken." "Ja, als ik niet meer kan lachen, dan leef ik niet meer, denk ik. Er zijn momenten dat ik 's morgens geen zin had om te gaan trainen, omdat ik wist dat ik derde of vierde keus was, en daar tegen mijn goesting stond. Het gaat ook gepaard met prestaties. Maar vorig jaar heeft het na Standard niet lang geduurd voor ik weer aan het lachen was. Ik kan alles goed relativeren - zowel slechte als goede zaken. Ik besef dat aandacht na een goede prestatie ook maar het moment van die dag is. Een typische Vlaming, hé. Ze hebben mij toen na die match wel afgeschermd van de media en achteraf is ook gebleken waarom." "Tja, de trainer had een stok om te slaan, hé. Dat hij tijdens de wedstrijd een andere doelman liet opwarmen, was al een teken aan de wand. Ik kon maar beter niets zeggen, want ik zou de volgende wedstrijd toch op de bank of in de tribune zitten. Dat ik van één naar drie schoof, dat was nog het ergste eigenlijk. Rollercoaster Boeckx. ( grijnst) Mijn verdienste is, denk ik, dat ik altijd ben blijven werken voor mezelf. Dury heeft mij daarna nog een uitleg gegeven, maar hij heeft mij niet aan het woord gelaten. Ik ging niet akkoord met zijn uitleg. De wedstrijd daarna speelde Seba tegen Anderlecht en hij had mij vlak daarvoor gezegd dat ik niet zou spelen omdat ik al een paar wedstrijden minder was. Hij gaf voorbeelden, maar die heb ik eigenlijk weggelachen. Dan kon hij beter niets zeggen dan wel iets. Het heeft mij geholpen om de teleurstelling te verbijten. ( lachje) Onder Sollied voelde ik van in het begin zijn vertrouwen. Ik denk dat dat voor iedereen wel geldt onder Sollied, waar je meer met voetbal bezig bent dan met wat wel mag en wat niet, regeltjes die afleiden van het voetbal. Als El Ghanassy met fluorescerende schoenen wil spelen, dan doet hij dat. So be it." "Maar ik héb ambitie, veel ambitie. Alleen vind ik niet dat dat altijd uitgesproken moet worden. Een blaffende hond bijt niet, hé, je kan ook weinig zeggen en veel doen. Uiteindelijk heb ik van niemand het vertrouwen nodig, alleen van mijzelf. Maar als mensen achter je staan is het natuurlijk veel leuker dan wanneer ze niet achter je staan. Ik ga niet vragen om steun of vertrouwen, dat is iets wat je moet afdwingen. "Maar ik was altijd al bezig met het feit dat er meer dingen zijn in het leven dan voetballen. Mijn vader was op zijn achttiende een getalenteerde doelman en kon stappen hogerop zetten, maar hij brak zijn arm en heeft nooit meer in het doel gestaan. Daarom volg ik nu ook avondschool koken, om iets te hebben om op terug te vallen. Ik wil niet alleen aangezien worden als voetballer, want dan word je in een hoekje geplaatst. En als doelman is dat nog een nauwer hokje dan als speler. ( lacht) Ik probeer daar wel op te letten." "Ik vind dat een mens meer is dan alleen maar zijn beroep. Ik wil nog iets anders zijn dan voetballer. Ik wil ook de mens Frank Boeckx zijn." "Als ze op zondag thuis spelen gaan we met een bende vrienden altijd kijken. ( lacht) Ja, dat is plezant, hé. En die gasten appreciëren dat ook dat wij komen kijken. Na de match drink ik dan een pint en ga ik naar huis. Dat is mijn weekend. Ik heb vroeger weleens een accident gehad bij Sint-Truiden. Ik steek het niet weg en misschien heeft dat ergens wel een vertekend beeld van mij gecreëerd. Maar ik heb eruit geleerd en dat is het belangrijkste. Nu wandel ik vijftig meter en ik kruip mijn bed in." "Met dezelfde kameraden zijn we allemaal supporter van Uruguay. Niemand begrijpt dat eigenlijk, maar het is dan ook heel dom ontstaan. ( lachje) België was niet naar het WK in Zuid-Afrika dus we zijn gaan kijken op Unibet wie er eigenlijk heel laag stond qua coëfficiënt om voor te supporteren. 'Een Afrikaans land, neen, allee, kom, Uruguay!' Allemaal een truitje gekocht en dan allemaal op de Kouter in Gent op groot scherm gaan kijken. Ze worden derde op het WK en ze winnen de Copa América het jaar daarna. Sindsdien zijn het alleen maar mooie momenten geweest. Toen België tegen Frankrijk speelde, wonnen zij van Italië. Jelle zat naast mij in de zetel: de tv stond op de match van België en op de salontafel stond de livestream van Italië-Uruguay. ( lacht) Mijn vrienden hebben op Facebook ook een Belgian Uruguayan supportersfederatie opgericht." "Eigenlijk was het geen goede wedstrijd: 0-0 tegen Swansea, weinig kansen, weinig doelgevaar, weinig beleving. Behalve met de bekerfinale van Gent heb ik nog niet zo vaak kippenvel gekregen in een stadion, maar 45.000 mensen die uit volle borst 'You'll never walk alone' zingen, is echt top." "Hij heeft ons goeiendag gezegd tijdens de opwarming, maar na de wedstrijd hebben we hem met rust gelaten. We zijn direct teruggekeerd. Het was via hem dat we uitgenodigd waren eigenlijk. César ( Arzo, nvdr), die mee is gegaan, heeft samen gespeeld met hem in Villarreal. We hadden kaarten gekregen van hem vlak aan de cornervlag waar hij opwarmde, dus hij heeft ons wel teken gedaan. Het was een toffe ervaring. Ik ben ook altijd supporter geweest van Liverpool. Reina is voor mij de perfecte keeper: ik spiegel mij aan hem. Als ik doe wat hij doet, is het goed. De hond die ik samen met mijn ex-vriendin had, heette ook Reina. 'Koningin' in het Spaans, maar voor mij had het dus wel een iets andere betekenis dan voor mijn vriendin. ( grijnst) Ik vind hem heel sterk op hoge ballen en zijn omschakeling is fantastisch: hij trapt perfect uit vanuit de hand en vanop de grond. Hij kan een aanval lanceren met één uitworp. Dat is een beetje het profiel van doelman dat mij bevalt. Niet de meest lange slungelige keeper, maar meer een atletische, explosieve en geblokte." "... El Gordito ..." "Misschien ook daarom dat hij mij aanspreekt ( grijnst), maar wat hij doet is wel indrukwekkend." "Niet echt qua speelstijl, maar meer omdat hij net als ik lang gewacht heeft om zijn kans te krijgen en er dan stónd. Het zit hem in de mentaliteit om er te komen, niet te hoog van de toren blazen, maar ervoor werken. Hij heeft achter Butina en Verlinden gezeten, maar toen hij zijn kans kreeg, heeft hij die niet meer afgestaan tot wat er gebeurd is. Sommigen nemen nu eenmaal meer tijd om zich te ontplooien binnen een club." "Oké, maar ik heb nochtans uitgelegd waarom hij een voorbeeld is. Maar je kan zo alles uit de context trekken natuurlijk. Hij was een van de doelmannen die mij een berichtje stuurden na die wedstrijd tegen Standard. 'Vergeet niet dat er morgen nog gevoetbald zal worden.' Terwijl hijzelf in de shit zat, vond hij toch de tijd om mij een hart onder de riem te steken. Dus voor mij blijft hij een voorbeeld. Op sommige vlakken." "Een goed getrapte penalty pakt geen enkele keeper. Drie van de vijf van Brugge waren door het midden getrapt. Als je dus als keeper gewoon blijft staan, pak je er drie. Yassine signaleerde dat ook toen ik die penalty binnen kreeg op Beerschot van Kagelmacher - geweldige speler trouwens! ( lacht) Uruguayaan, hé. Yassine zei: blijf staan, hij trapt door het midden. Ik dook naar rechts, maar hij trapte inderdaad rechtdoor." "Ik denk dat ik die van Twitter zelf gehaald heb, maar mijn motto is eigenlijk: 'Lead, follow or get out of here - Leid, volg of trap het af'." "Ik denk dat je altijd een leider kan worden, maar van nature ben ik het niet, daar ben ik te speels voor. Ik zie nog geen legerofficier grappen maken met zijn soldaten. Ik denk dat ik een volger ben. Voor iemand die een goede leider is, zal ik alles doen om hem te steunen. Met Arzo heb ik een heel goede band en ik denk dat het met hem en Melli wel klikt. Het zijn twee verdedigers die durven anticiperen en vooruit verdedigen en ik kan, denk ik, die ruimte die achter hen dan valt goed opvullen." "De toekomst voorspellen is moeilijk en als je naar het verleden kijkt zeker in mijn geval. (lachje) Maar mijn ambitie is absoluut nu het seizoen goed rond te maken." "Het was niet mijn initiatief, dus ik lig er zeker niet wakker van. So be it." ( lachje) DOOR RAOUL DE GROOTE - BEELDEN: KOEN BAUTERS"Nu is het aan mij, als ik de kans krijg, om zoals Herpoel tien jaar in de goal te staan. Dat lijkt mij de logische stap."