Musene, Musinis, Muysen. Het zijn de oude schrijfwijzen van Muizen, dat in 1929 de huidige naam kreeg. Het dorp was altijd een zelfstandige deelgemeente geannexeerd aan de provincie Brabant tot het in 1976 abrupt gefuseerd werd met Mechelen, een maatregel van de toenmalige socialistische regering. Sindsdien maakt Muizen deel uit van de provincie Antwerpen. De Muizenaar weet nog steeds niet exact waarom.
...

Musene, Musinis, Muysen. Het zijn de oude schrijfwijzen van Muizen, dat in 1929 de huidige naam kreeg. Het dorp was altijd een zelfstandige deelgemeente geannexeerd aan de provincie Brabant tot het in 1976 abrupt gefuseerd werd met Mechelen, een maatregel van de toenmalige socialistische regering. Sindsdien maakt Muizen deel uit van de provincie Antwerpen. De Muizenaar weet nog steeds niet exact waarom.De gemeente, van oudsher een echt boerendorp, kent een woelige historiek. In de negende eeuw verwoestten de Noormannen de kerk van Muizen en in 1944 werd de Sint-Lambertuskerk vernield na bombardementen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Enkel de toren hield stand. Nog wat later, tussen 1971 en 1972, vond het absolute dieptepunt plaats in de Muizense geschiedenis: moordenaar Staf Van Eyken, alias de Vampier van Muizen, zette met zijn misdaden het dorp op een kwalijke wijze op de kaart. Vandaag is hij de langst zittende levende gedetineerde. Nog steeds kijkt de Muizenaar met een bonkend hart in de keel en klotsende oksels terug naar die periode. De ijkpunten in de gemeente zijn de Sint-Albertuskerk en de vernieuwde Sint-Lambertuskerk. De mensen van achter den berg, worden de woonachtigen nabij het eerstgenoemde gebedshuis genoemd. Hoewel het het meest stedelijke deel van Muizen is, zijn er nauwelijks handelszaken te vinden. Met moeite vind je er een beenhouwer en een bakker. Daarvoor moet je naar Mechelen. Muizen ligt in een stedelijk gebied, maar heeft een landelijke mentaliteit. Dat is de contradictorische samenvatting van het dorp. De streek ondergaat vandaag wel een evolutie. De oprichting van nieuwe wijken werkt de verstedelijking in de hand, wat gepaard gaat met een multiculturele bloei en een verjongingsproces in een vergrijsde omgeving. Die kentering gaat helaas ook ten koste van de plaatselijke boeren. Zo kent Muizen nog maar één landbouwer, die dan nog op het punt staat te verhuizen. Wie meegaat in de evolutie is de plaatselijke trots KFC Muizen, opgericht in 1924, al beweren sommigen dat de club pas tien jaar later in het leven is geroepen. Wat de oorspronkelijke clubkleuren betreft is er evenmin eensgezindheid. Het huidige geel-groen of toch geel-blauw? Voorzitter René de Cuyper weet hier geen uitsluitsel over te brengen. 'Men claimt dat de clubkleuren van oorsprong geel-blauw zijn, maar dat een vroegere materiaalmeester, aangeschoten van de drank, een verkeerde bestelling heeft gemaakt. Anderen fluisteren dan weer dat de truitjes verkeerd werden gewassen en het blauw naar groen zou zijn overgegaan. (lacht) Maar er is ook een politieke theorie over het shirtraadsel', vervolgt de Cuyper. 'Het blauw van de toenmalige liberale partij moest door de katholiek gezinden binnen de club koste wat kost vervangen worden door groen.' Ondanks de aanhechting aan de provincie Antwerpen in 1976 bleef KFC jarenlang actief in de Brabantse reeksen. Een promotie naar eerste provinciale in 2002 bleek het enige hoogtepunt. Vanaf dan ging het bergafwaarts. Tien jaar na de promotie en enkele degradaties later, verkaste de club uiteindelijk naar Antwerpen en herbegon het team waar het eindigde in Brabant: de vierde provinciale. Schommelend in de provinciale reeksen is geel-groen elke zondag een trekpleister voor de gemiddelde Muizenaar. Nog meer dan de zoo van Planckendael, die 750 meter verderop ligt en vanuit de kantine van de club met een verrekijker te zien is. Af en toe komt Sam Gooris over de vloer bij de club waar hij in zijn jeugd speelde. Verder kan KFC Muizen nog op toeschouwers uit onverwachte hoek rekenen. 'De ooievaars van de zoo nestelen zich bij tijd en wijlen op het dak van ons complex. Het voetbal in Muizen moet dan toch de moeite waard zijn', knipoogt de Cuyper.