Hoe lang zou het geleden zijn dat de supporters van AA Gent na een wedstrijd met een tevreden gevoel huiswaarts keerden ? Niet dat de prestatie tegen Genk zo overweldigend goed was, maar er is tenminste weer hoop op beter. Gent balde een vuist, vocht zich op wilskracht vanuit een redelijk herkenbaar tactisch systeem weer in de wedstrijd. Spelers probeerden weer patronen in het spel te stoppen die bijna anderhalf jaar niet meer waar te nemen vielen.
...

Hoe lang zou het geleden zijn dat de supporters van AA Gent na een wedstrijd met een tevreden gevoel huiswaarts keerden ? Niet dat de prestatie tegen Genk zo overweldigend goed was, maar er is tenminste weer hoop op beter. Gent balde een vuist, vocht zich op wilskracht vanuit een redelijk herkenbaar tactisch systeem weer in de wedstrijd. Spelers probeerden weer patronen in het spel te stoppen die bijna anderhalf jaar niet meer waar te nemen vielen. Opvallend was het uitblijven van enige blijk van sympathie voor de ontslagen trainer Jan Olde Riekerink in de aanloop naar en na de wedstrijd. Niemand in Gent zal de Nederlander missen. Met een zucht van opluchting nam Gent afscheid van een debuterende hoofdcoach, wiens aanwezigheid nauwelijks sporen zal nalaten in de annalen van de clubgeschiedenis. Werd bij zijn komst nog nieuwsgierig uitgekeken naar een man die bij het geroemde Ajax met de groten uit het vak samenwerkte, dan kon hij op geen enkel moment die hoge verwachtingen inlossen. Het volstaat niet af en toe je toehoorders te imponeren door quasi nonchalant te melden dat je hebt samengewerkt met Louis van Gaal om de problemen op het veld op te lossen. Niet dat hij ze zelf niet zag : Jan Olde Riekerink toonde zich een uitstekend analyticus, die haarscherp formuleerde wat er fout liep en hoe dat kwam. Alleen volstond die knowhow niet om pasklare antwoorden te vinden voor de problemen op het veld. Op geen enkel moment slaagde hij erin van zijn verzameling spelers een team te vormen dat in een herkenbaar systeem samenspeelt. Faalangst en onzekerheid kenmerkten het optreden van de Gentse spelers. De schrik sloeg de speler om het hart die toevallig in balbezit kwam . Ieder voetbalde op zijn eigen eilandje, vol goeie wil, maar zonder enige samenhang. Eigenlijk legde Olde Riekerink al bij zijn komst de lat voor zichzelf zo hoog dat hij had kunnen weten dat hij er moeilijk over zou raken. De belofte om het thuispubliek met spektakel te verwennen loste hij nooit in. Integendeel : steeds vaker verlieten de trouwe fans, later gevolgd door voorzitter Ivan De Witte, ontmoedigd en voortijdig het stadion, beschaamd om het vertoon van een club die volgens de Nederlander altijd in de topvijf diende te eindigen. De spelers bij thuiswedstrijden verplichten op de eigen helft terug te zakken om te verdedigen helpt daarbij alvast niet. Van de aangekondigde knowhow waarmee hij uit zijn Ajaxverleden de technische en tactische beperkingen in de spelersgroep met een uitgekiende veldbezetting zou opvangen, kwam niets in huis. Velen verbaasden zich hoe onder zijn vlotte babbel en flair een twijfelaar schuilging die nochtans geen raad van anderen inwon of nodig had. Die twijfel bleek uit het veelvuldige geschuif op het veld. Alleen al tegen Bergen wisselde de trainer op de rechterflank drie spelers in negentig minuten en moest Matthieu Verschuere drie keer van positie veranderen. Het leverde allemaal niets op. In feite was het lot van Jan Olde Riekerink bij Gent al langer bezegeld. Wachten was het op het moment waarop iemand de man uit zijn lijden verloste. Precies één jaar geleden stond hij al eens met één voet buiten. Toen kreeg hij na nog geen drie maanden nog net het voordeel van de twijfel, dit keer was er geen hoop meer op beterschap. Toen ook vanuit de spelersgroep zelf geen signalen meer opdoken dat men met de coach verder wilde, was het helemaal afgelopen. Groot was de verbazing dat de opvolger dit keer in eigen rangen werd gezocht en gevonden. Ook nu toonde Herman Vermeulen zich niet erg happig om de comfortabele plek van assistent-trainer en hoofd opleidingen in te ruilen voor de wankele stoel van hoofdtrainer. Bij zijn vorige vier interims kon hij geen positieve kentering teweegbrengen. Ook al omdat hij door het benadrukken van het voorlopige karakter van zijn opdracht geen autoriteit bij de spelers kon afdwingen. Dit keer ligt dat anders. In zijn nieuwe functie kan Vermeulen geen compromissen meer sluiten, maar moet hij knopen doorhakken. De tijdsgeest speelt ook in zijn voordeel. Merkte hij voorheen op dat niemand in het voetbal op Herman Vermeulen zat te wachten en dat hij geen zin had om toe te treden tot het rijtje BV's, dan wemelt het nu in eerste klasse van voormalige nobody's die toch een plaats in de zon konden afdwingen en bij de start over niet meer troeven beschikken dan de nieuwe coach van Gent. Met deze verrassende zet creëerde AA Gent alvast voor zichzelf een dubbele winwinsituatie, om het met de woorden van Vermeulens leermeester Trond Sollied uit te drukken. Het komt tegemoet aan de verzuchtingen van de financieel verantwoordelijken, die lang een veto stelden tegen een trainersontslag omdat dat de club té veel zou kosten. Niet toevallig onderstreepte De Witte na de beschamende wedstrijd tegen Bergen in zijn betoog de absolute prioriteit voor AA Gent dit seizoen : het saneren van de financiën. De trainer mocht alleen ontslagen worden als er geen bijkomende kosten voor een vervanger nodig waren. Vermeulen was al in dienst en is zo de goedkoopste oplossing waar de hoofdsponsor een punt van maakte. Als straks blijkt dat de vakkennis van de theoreticus bij uitstek ook een garantie is voor succes op het veld, mag De Witte zich met deze vondst in de handen wrijven. Faalt Vermeulen, dan heeft Gent zes maanden de tijd om rustig een nieuwe trainer te zoeken. Al eerder maakte het de net ontslagen Olde Riekerink duidelijk dat zijn verbintenis na dit seizoen beëindigd zou worden, al was toen van Vermeulen als hoofdtrainer nog geen sprake. Met zijn aanstelling staat Vermeulen met de rug tegen de muur voor zijn groot examen : de weg terug naar een veilige plaats in de schaduw lijkt voor hem afgesloten. Mislukt zijn missie, dan moet Gent niet alleen op zoek naar een nieuwe hoofdtrainer maar ook naar een bewaker van de sportieve lijn. Als hoofd opleidingen en klankbord voor spelers en bestuur vormde Vermeulen de rode draad binnen de club. Ook al vroeg men zich in de bestuurskamer wel eens af of hij beide functies die hem van boven opgelegd werden, wel kon verenigen. Voor doorstroming van onder uit kon hij bijvoorbeeld vooralsnog niet zorgen. Toch lijkt Vermeulen de juiste man op het juiste moment om Gent weer aan het voetballen te krijgen. Als geen ander kent hij het huis en weet hij hoe om te gaan met de verlammende druk die bij Gent steeds op de schouders van de trainer rust. Makkelijk wordt dat ook nu niet. Door het gebrek aan geld zit Gent aanvallend te krap om een rol van betekenis te spelen in de subtop, ook werd dat vooraf wél nadrukkelijk gevraagd. Topvoetbal mag men in het Ottenstadion met deze kern niet verwachten. Maar uit dit materiaal is ondanks alle beperkingen alvast méér te halen dan wat totnogtoe gebeurde. Aan Vermeulen om met een goed tactisch plan en enthousiasme het misnoegde volk op de tribunes weer te vermaken. Lukt dat niet, dan is het afwachten welke keuze Ivan De Witte straks maakt. Kiest hij voor een nieuwe onbekende, een type Robert Maaskant die straks einde contract is bij het Nederlandse RBC, of keert hij zich opnieuw naar de Belgische markt ? Dat kan. Op voorwaarde dat kandidaten afstand nemen van de astronomische salarissen, die Gent zich met de nieuwe financiële koers, gericht op een gezond beleid, niet meer wil en kan betalen. door Geert Foutré en Frédéric VanheuleDe weg terug naar een veilige plaats in de schaduw lijkt voor Vermeulen afgesloten.