Even terug naar de 36e ronde van de GP van Singapore, anderhalve week geleden. Je zag het zo slecht aflopen, hoe Lewis Hamilton van het verkeer profiteerde om zijn McLaren naast de Red Bull van Mark Webber te hijsen in een poging om de derde plaats te pakken. Aan het einde van het rechte stuk waarop die krachtmeting zich ontvouwde, wachtte immers een scherpe linkse bocht, bovendien nogal smal. En ja, de rechtervoorband van Webber raakte de linkerachterband van Hamilton. De McLaren liep onherstelbare averij op.
...

Even terug naar de 36e ronde van de GP van Singapore, anderhalve week geleden. Je zag het zo slecht aflopen, hoe Lewis Hamilton van het verkeer profiteerde om zijn McLaren naast de Red Bull van Mark Webber te hijsen in een poging om de derde plaats te pakken. Aan het einde van het rechte stuk waarop die krachtmeting zich ontvouwde, wachtte immers een scherpe linkse bocht, bovendien nogal smal. En ja, de rechtervoorband van Webber raakte de linkerachterband van Hamilton. De McLaren liep onherstelbare averij op. Aandoenlijk om te zien was het, hoe Hamilton er een kwartier later met gebogen hoofd bij zat, terwijl zijn collega's nog bezig waren op de piste. De Brit had immers gegokt en verloren, zo gold de overtuiging. Want dat kampioenschap zou nu wel even voorbij zijn voor Lewis. Het lokte bij de Britse persjongens scherpe reacties uit. "Waarom gaat hij zo driest in de aanval, nadat hij twee weken eerder in Monza ook al uit de race verdween na een veel te enthousiaste aanval op Massa? Beseft hij dan niet dat de wereldtitel op het spel staat?" En Lewis zelf, neen, hij fulmineerde niet tegen Webber. Noemde het braafjes een race-incident - de F1-term waarmee men bedoelt dat geen van de twee schuld treft. "Na Monza overkomt het me opnieuw: eruit geknokt in een duel. Dat weegt door in het klassement. Neen, ik denk nu niet meer aan de wereldtitel", zei de Brit. "Ik ga naar de laatste vier koersen om me te amuseren." Wie Hamilton een beetje kent, weet dat hij daar eventjes zichzelf niet was. De man hoort immers bij het zeldzame ras van coureurs die nog even gas geven terwijl de anderen al remmen. "Alleen winnen interesseert me", zegt hij vaak. En dat siert hem, net zoals het een meerwaarde is voor de sport. Formule 1 is immers een kwestie van snelheid en limieten. Tot het uiterste gaan in uiterste omstandigheden. Zoals Sebastian Vettel in de slotronden van Singapore niet deed: de jonge Duitser zat te rekenen achter het stuur, klaar om de belangrijke punten van de tweede plaats binnen te halen en in de titelstrijd te blijven. Een strategie die niet altijd tot de verbeelding spreekt, maar wel de hoogste interestvoet heeft. Meer coureurs in de geschiedenis van de formule 1 die met rekenen wereldkampioen werden - Niki Lauda en Alain Prost waren meesters in de materie - dan met pezen alsof hun leven ervan afhing. Zoals Lewis Hamilton, die al helemaal hersteld is van zijn dipje en met een heel ander discours in het vliegtuig naar Japan stapte om er zondag te racen. "Er is nog helemaal niets verloren voor de titel", beweerde hij stellig. "Ik ben nog altijd derde in de stand, op minder dan één overwinning van de leider. Ondertussen zag ik de beelden. Ik vind niet dat ik in Singapore te veel risico's nam. Mijn rijstijl pas ik dus niet aan: ik ben een autoracer en doe dat met volle overgave." Hij had evengoed kunnen zeggen: "Ik ben een krijger."