Hoe zou het er dinsdagavond aan toe gegaan zijn in Oostende na de wedstrijd van KV tegen RC Genk? Een overwinning, een gelijkspel of een nederlaag, het zal in wezen weinig hebben uitgemaakt: na afloop is het feest. Of dat nog altijd even hevig zal zijn na het vertrek van Marc Coucke naar Anderlecht, dat moet worden afgewacht.
...

Hoe zou het er dinsdagavond aan toe gegaan zijn in Oostende na de wedstrijd van KV tegen RC Genk? Een overwinning, een gelijkspel of een nederlaag, het zal in wezen weinig hebben uitgemaakt: na afloop is het feest. Of dat nog altijd even hevig zal zijn na het vertrek van Marc Coucke naar Anderlecht, dat moet worden afgewacht. Eigenlijk gleed KV Oostende nooit geruisloos door de voetbalwereld. Zelfs niet voor de fusie, toen AS Oostende tussen 1974 en 1977 drie jaar in eerste klasse speelde. De zeer bezadigde René Menu was toen voorzitter en de ondoordringbare Roemeen Norberto Höfling trainer. De stijl was toen wel enigszins anders. Höfling pleegde na iedere match een whisky te drinken, journalisten kregen er ook een. Het Albertpark kolkte vaak, het was er heerlijk toeven. De koffie en broodjes aan de rust smaakten uitstekend en de persconferenties voor het begin van het seizoen pleegden door te gaan in een zeer gastronomische omgeving, naar het beeld van de voorzitter die zich ontfermde over een hotel pal bij het casino. Later, veel later zou ook Marc Coucke op een persconferentie zijn opwachting maken, toen nog als sympathisant. Hij had voor de journalisten, zo herinneren we ons nog, een cadeau meegebracht. Dat moeten een paar flessen shampoo zijn geweest. AS Oostende was inmiddels na de fusie met VG omgedoopt in KV Oostende, de ploeg zakte weg, maar deed toch zijn best om niet in grijsheid te vervallen. Vooral voorzitter Eddy Vergeylen spande zich in om de media te halen of met een publicitaire stunt uit te pakken. Zoals die keer in 1998 toen hij Jean-Marie Pfaff aantrok en die met veel poeha presenteerde, glimmend van trots. Het avontuur duurde maar een paar weken, want Pfaff verbaasde de groep met zeer bizarre trainingsmethoden. Het bracht Vergeylen niet uit zijn evenwicht. Hij vertelde de ene grap na de andere, stapte fluitend door het leven en verbaasde zich zo over de ernst van de voetbalwereld dat hij zei dat sommige mensen dringend aan hun lachspieren geopereerd moesten worden. Vandaag zie je Eddy Vergeylen vaak nog op de tribunes. Hij is al lang met pensioen, verblijft vaak in Spanje en straalt nog altijd dezelfde levenslust uit. Wie hem gaat interviewen, weet zich verzekerd van een uitstekend verhaal. Vol sappige anekdotes.