Het was ergens deze zomer. Georges Leekens, de trainer van Sporting Lokeren, zag het helemaal voor zich: de snelle Benito Raman rond Tom De Sutter. De ex-bondscoach kent zijn klassieken en mikte op een combinatie à la Koller-Radzinski in het begin van deze eeuw bij Anderlecht, of Dosunmu-Paas in het fantastische jaar dat Westerlo in 2003/04 had, toen de ene zestien keer scoorde en de andere tienmaal. Het leverde Westel toen een zesde plaats in de eindstand op en Jan Ceulemans veel lof.
...

Het was ergens deze zomer. Georges Leekens, de trainer van Sporting Lokeren, zag het helemaal voor zich: de snelle Benito Raman rond Tom De Sutter. De ex-bondscoach kent zijn klassieken en mikte op een combinatie à la Koller-Radzinski in het begin van deze eeuw bij Anderlecht, of Dosunmu-Paas in het fantastische jaar dat Westerlo in 2003/04 had, toen de ene zestien keer scoorde en de andere tienmaal. Het leverde Westel toen een zesde plaats in de eindstand op en Jan Ceulemans veel lof. De entourage van Raman raadde hem aan om op de aanbieding in te gaan. Maar hij dacht er anders over: 'We gaan toch nog even naar Standard', zei hij. De luister van Luik en hogere ambities spraken hem meer aan. Zijn begeleiders, die het huis goed kenden, wezen op het speciale karakter van de Rouches, maar Benito bleef aandringen. 'Buikgevoel', gaf hij aan als reden. Een tijdje geleden moest hij wel toegeven dat ze gelijk hadden. 'Speciale club toch, Standard...' Dat hij uit Gent weg wilde, was eigenlijk allang een uitgemaakte zaak. Tijdens de Europese match tegen Valencia vorig seizoen brak er iets. Van de bank in de 55e minuut, weer naar de kant in de 85e. 'Benito riskeerde een uitsluiting', rechtvaardigde de trainer zijn ingreep. De entourage van de speler vond dat het niet hoefde, dat de speler zichzelf wel onder controle had. Het zit in zijn manier van spelen. Raman is genereus, doseert de inspanningen niet en gaat er altijd voor de volle honderd procent voor. Kortom: risicogevaar. Na Nieuwjaar werden de eerste contacten met anderen gelegd. Genk leek even een optie, STVV werd een tijdelijke vluchthaven, Lokeren was deze zomer concreet, maar uiteindelijk werd het Standard, morgen te gast in Gent. Welke erfenis liet Benito Raman daar achter? Op het eerste gezicht mooie statistieken. Raman wordt op 7 november nog altijd maar 22 en heeft er inmiddels al 132 wedstrijden in eerste klasse op zitten. Daarin scoorde hij 29 keer. Die 132 kwamen er niet allemaal in het shirt van AA Gent, de gewezen landskampioen leende zijn parel geregeld uit in de hoop dat hij elders verder kon rijpen. Bij Kortrijk werkte hij een eerste keer onder Hein Vanhaezebrouck, Beerschot hield hij zogoed als op zijn eentje in eerste klasse tijdens PO3 tegen Cercle. Iemand van Gent: 'Wij geloofden sterk in zijn potentieel, maar telkens waren er ook twijfels. Hij kón het, op basis van zijn talent, maar kon hij het ook over een langere periode volhouden? Benito zit altijd vol goeie bedoelingen, maar na vijf, zes weken zag je telkens een terugval. Wij hoopten dat hij die tijdens die uitleenbeurten zou leren te vermijden.' Over zijn kwaliteiten is iedereen het eens: Raman is snel, doelgericht en staat vaak op de goeie plaats. Hij mist nog wel wat kansen, wat efficiëntie, maar in verhouding tot zijn leeftijd scoort hij niet slecht in de statistieken. Bal aan de voet sterk, een goeie pass, al zie je die in wedstrijden nog iets te weinig. Geen echte 9, al kan hij die positie aan, eerder een 9,5 rond een diepe spits. Maar vooral: een liefhebber van veel vrijheid. Of zoals iemand die nog met hem werkte het omschrijft: 'Laat hem maar lopen!' Iemand met diepgang zonder bal: in het moderne voetbal zijn het witte raven en in die zin een droom voor een trainer. Een droom, maar ook een nachtmerrie, want troeven zijn soms ook nadelen. Steeds zoeken en loeren naar ruimte kan ook zijn: zich niet houden aan een tactisch strak schema. Alles aan honderd procent doen kan ook zijn: het overzicht missen of, erger nog, gaan voor eigen succes. Zelfvertrouwen heet in moeilijke periodes snel overmoed. Toen begin vorig seizoen alles binnen vloog, had hij het over topschutter worden en 26 keer scoren. Moeilijk om dan weer beide voetjes op de grond te zetten. A rebel with a cause was hij. Eentje met een rugzakje, een handleiding. Niet direct opgegroeid in ideale omstandigheden, maar al snel herkend als een groot talent. Zijn eerste contract als prof werd gevierd met een glas champagne. Het leek alsof Gent zijn eigen Messi had opgeleid. Zelf zag hij wel wat overeenkomsten met Zlatan. Raman had de biografie van de Zweed, opgegroeid in een moeilijke buurt van Malmö, gelezen en daarin dingen van zichzelf herkend. Zijn talent erkennen deed ook Nike, dat al snel de jeugdinternational onder contract nam. Een anekdote uit die tijd: toen vader Raman wat materiaal van zijn zoon kwam ophalen en beide partijen afspraken bij een wegrestaurant langs de snelweg, toonde pa fier de nieuwe auto van zijn zoon, die zelf nog geen rijbewijs had. Waarop de commerciële man van het sportmerk zei: 'Mooi, die cabrio, maar doe nu maar het dak dicht, het regent wat hard, neen?' Zlatan bleef zijn vrienden van de wijk lang trouw, Benito de zijne ook. Af en toe verschenen ze langs het trainingsveld, mannen met een hanenkam en met inkt beschreven lichamen. Indrukwekkend stoer. Maar als de club er dan wat van zei, was het antwoord: 'Het zijn mijn maten en het zijn goeie gasten.' De fans genoten van zijn spontaniteit, want Raman bezorgde hen momenten van intens genot. Scoren op Anderlecht, op het einde van de reguliere competitie in het kampioensjaar. De goal in Brugge later tijdens de play-offs, in de praktijk de goal van de titel. Hij speelde toen, verrassend, diep in de spits, een zet waarvoor de trainer, beducht op bedrijfsspionage, zelfs speciaal was uitgeweken naar Deinze om hem daar in te oefenen. Het was, helaas, het laatste hoogtepunt voor Raman. Gent verloor gaandeweg immers het vertrouwen in zijn Messi. De focus verschoof van (het verfijnen van) zijn kwaliteiten naar zijn gebreken. Op training verschijnen in een dikke auto: het is on-Gents. Dat hij niet werkte aan zijn lichaam en zijn fysiek: ook on-Gents, met een groep waarin de meesten 200 procent voor hun vak leefden. In het gedisciplineerde, fysiek veeleisende voetbal van de trainer een drama. Ook het bijsturen van zijn levenshouding naast het veld leek maar niet te lukken. Hij wordt geseind in de snooker, ook al voor een match, wordt beboet en viert vervolgens een doelpunt met een... snookerstoot. Als hij ook nog eens op het veld via de megafoon de Brugse fans beledigt, is de maat vol. Gent begeleidt Messi naar de uitgang, ondanks de 15 goals in 69 wedstrijden en de dip die Moses Simon kende en waarvan Raman niet profiteerde. Het zou kunnen, zegt iemand die nauw met hem werkte, dat het (nog) allemaal jeugdzonden zijn. Er wordt achter de schermen, al vier jaar lang, gewerkt aan de begeleiding. Op initiatief van zijn zaakwaarnemer, de clubwerking overstijgend, eerst in overleg met Gent, nu met Standard. Dat werk achter de schermen gaat vooruit, maar is ook schipperen tussen bijsturen en zijn kracht, een grote impulsiviteit en een drang naar scoren, bewaren. Het kan, na vijf seizoenen eerste klasse, dus nog alle kanten uit. DOOR PETER T'KINT - FOTO BELGAIMAGE