Ik heb de berichtgeving voor en na de topper met verbazing gevolgd", zegt Leo Neels, professor mediarecht. "Ik besef dat er heel wat sportieve rivaliteit leeft in de aanloop naar een belangrijke wedstrijd. De vraag is waarom die gezonde rivaliteit gepaard moet gaan met onvriendelijkheid, of zelfs verbale agressie. Clubbesturen hebben altijd de mond vol van professionalisering, maar dan vind ik dat bestuurders en sporters op zijn minst moeten streven naar enige hoffelijkheid tegenover elkaar. Wat mij betreft duidt die verbale agressie op een blijvende vorm van amateurisme.
...

Ik heb de berichtgeving voor en na de topper met verbazing gevolgd", zegt Leo Neels, professor mediarecht. "Ik besef dat er heel wat sportieve rivaliteit leeft in de aanloop naar een belangrijke wedstrijd. De vraag is waarom die gezonde rivaliteit gepaard moet gaan met onvriendelijkheid, of zelfs verbale agressie. Clubbesturen hebben altijd de mond vol van professionalisering, maar dan vind ik dat bestuurders en sporters op zijn minst moeten streven naar enige hoffelijkheid tegenover elkaar. Wat mij betreft duidt die verbale agressie op een blijvende vorm van amateurisme. "Ik behoor niet tot degenen die de media met alle zonden van Israël willen beladen. In principe brengen journalisten louter verslag uit van toestanden die ze waarnemen. Maar wat ik wél mis, is een stukje kritische distantie. Door de overdreven media-aandacht worden feiten uit hun context gehaald. De media zijn niet de oorzaak van de uit de hand gelopen wedstrijd, maar vaak willen de hoofdrolspelers hun eigen rol nog meer in de verf zetten omwille van de media-aandacht. In het parlement verlopen zittingen ook een stuk geanimeerder als de camera's op het halfrond gericht zijn. "De meeste journalisten zullen aanvoeren dat ze net wél kritisch waren na die bewuste tackle. Maar ze vergeten daarbij dat de sportieve rivaliteit geleidelijk geëscaleerd is zonder dat ze zelf voldoende aan de alarmbel trokken. De journalisten zijn voor een stuk meegegaan in de opgehitste sfeer. Nu kwam er uiteraard wel een storm van kritiek, maar helaas vervallen de media dan te vaak in 'extreme' kritiek en een zwart-witvoorstelling van de feiten. "De manier waarop de pers Axel Witsel onder vuur heeft genomen, neigt sterk naar een zondebokmechanisme. In de sportverslaggeving hangt nog steeds een zweem van vedettisme, waardoor de slinger ook naar de andere kant kan doorslaan: de grote schuldige krijgt een reputatieproces en zelfs een karaktermoord is nooit ver weg. Niet alleen de sportjournalistiek maakt die fout, denk maar aan wat er over Marianne Dupon verscheen na de zelfdoding van Yasmine. "Sport wordt in mijn ogen te veel losgetrokken uit zijn maatschappelijke context. Journalisten focussen op de 'lichtbak' van de vedetten, maar laten daarbij een aantal blinde vlekken onbelicht. Trainers, bestuurders, spelers én de media bezondigen zich te vaak aan 'verbaal hooliganisme'. Redacties moeten zich afvragen of ze dergelijke oorlogsretoriek niet kritischer moeten behandelen in plaats van de sappige quotes uit te vergroten." De Raad voor Journalistiek, de instelling voor zelfregulering van de Vlaamse media, stelt regelmatig een aantal richtlijnen op over actuele thema's als racisme, zelfdoding, migratie, ... Dringen zulke afspraken zich ook op wat betreft de sportjournalistiek? Flip Voets: "Ik merk in de sportjournalistiek soms een gebrek aan terughoudendheid, aan afstand. Datzelfde persoonlijk engagement vind je ook bij cultuur- of politieke journalisten. Sowieso denk ik niet dat er nood is aan aparte richtlijnen, de sportpers kan best terugvallen op de algemene regels van de journalistiek. Een journalist moet bij de feiten blijven en daarover verslag uitbrengen. Essentieel is dat je niet té nauw verbonden bent. "Anderzijds is het logisch dat het klimaat waarin een journalist werkt, zich ook in zijn stukken reflecteert. Een journalist die ophitsende of agressieve taal registreert, moet uiteraard wel opletten dat hij die niet bewust of onbewust versterkt. Vooral bij de keuze van titels en quotes loert het gevaar om de hoek. De concurrentie in de media is bikkelhard en iedereen wil scoren met pittige uitspraken. Er is de laatste jaren in het voetbal een zekere 'verruwing' merkbaar, dus ergens is het wel logisch dat die tendens ook terugkeert in de stukken. De kunst van goede journalistiek is echter om daarbij ook een kritische noot te plaatsen." Leo Neels (°1948) is licentiaat en doctor in de Rechtsgeleerdheid (KULeuven). Hij is deeltijds hoofddocent in het Media- en Communicatierecht (KULeuven en UAntwerpen). Filip Voets is secretaris-generaal van de Raad voor Journalistiek. Hij is jurist en was voordien jarenlang radiojournalist en eindredacteur televisie bij de openbare omroep VRT. door bregt vermeulenIedereen wil scoren met pittige uitspraken.