Wanneer er in ons land voor het eerst sprake is van foot-ball (in twee woorden geschreven), in 1855 in de Courrier de l'Escaut, is het nog een halve eeuw wachten op het eerste boek dat aan Koning Voetbal gewijd wordt. Het is getiteld Sport Gai en het is het werk van een zekere Benoni Vander Gheyst, Bobinus voor de intimi. Hij is de reporter van het clubblad van Union Saint-Gilloise, Le Football, waarvan de eerste editie verschijnt in september 1908.

Nu België wereldtop is, wekken ook de publicaties over de Rode Duvels nogal wat interesse op.' Serge Van Hoof

In dat werk zijn de verslagen van de periode van 20 januari 1909 tot 15 juni 1910 gebundeld op 224 pagina's. Ze geven een mooi overzicht van wat voetbal is en vooral wat in die tijd de gewoontes en gebruiken zijn. Zo moet een speler die voor een club een wedstrijd speelt, de belangen van die club blijven verdedigen tot het einde van het seizoen.

Clubleiders rivaliseerden met elkaar in vindingrijkheid om de beste spelers te behouden of aan te trekken. En zeker bij Union stond er aantrekkelijk volk op het veld. Zoals een zekere MauriceMaxTobias. Vanwege zijn talent hadden de geel-blauwen hem losgeweekt bij Racing Club de Bruxelles, waar hij in 1901/02 bij de elite was gedebuteerd.

Elk tussenseizoen werd de man van kortbij gevolgd door het bestuur van Sint-Gillis. De dag voor de eerste competitiewedstrijd kreeg hij zelfs een individuele afzondering, kwestie van hem in extremis niet kwijt te spelen. Het is een strategie die lukt tot in 1909, wanneer de sportief verantwoordelijken bij hem voor een gesloten deur komen te staan.

Daar is een reden voor: hun collega's van Racing Mechelen waren hen te snel af en maakten in het vooruitzicht van de nieuwe competitie van Max een groen-witte speler. Maar hun vreugde zal van korte duur zijn: vanaf 1910 maakt deze voetballer, die niet ongevoelig is voor geld, deel uit van Milan Football and Cricket Club, de voorganger van het huidige AC Milan. Als bij toeval vindt hij daar twee gewezen ploegmaats terug: Louis Van Hege en Roger Piérard. Het is Union dat lijdt dit keer. In Lombardije daarentegen...

© KATRIEN SCHUERMANS

De Gentse stickers

Vier jaar later, aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog, verschijnt het eerste jubileumboek van een club onder de titel Association Athlétique La Gantoise 1864-1914. Wat van oorsprong een eenvoudige turnvereniging was, groeide door de jaren uit tot een omnisportkring waar veel disciplines beoefend werden. Atletiek, wielrennen, schermen en vanaf 1900 ook voetbal. Vervolgens ook nog boksen, savate (het zogenaamde Franse boksen), worstelen, cricket, zwemmen, waterpolo, tennis, kaatsen en hockey, zowel op gras als op ijs.

Vanaf de eeuwwisseling kon La Gantoise zich met 800 leden de grootste sportvereniging van het land noemen. De feestelijkheden voor de vijftigste verjaardag, van 12 tot 19 juli 1914, net voor het begin van de oorlog, zijn de aanleiding om een souvenirboek uit te geven. Dat bevat achttien vignetten, te kleven op de voorziene plaatsen. Het is het eerste stickerboek ooit en het zou later geïmiteerd worden door Panini. Toch ook even signaleren dat de plaatjes met de beeltenissen van de spelers niet door de onderneming uit Modena werden uitgevonden, in de jaren 70, maar dat die vanaf het interbellum gecommercialiseerd werden door merken van chocolade (Duc), kauwgom (Belgian Chewing Gum Cy) en sigarettenblaadjes (Rizla).

25-jarig bestaan

Eind jaren 20 en begin jaren 30 zien we de eerste verjaardagsboeken opduiken. In die tijd zijn er vier clubs die hun zilveren bruiloft vieren en hun parcours in boekvorm gieten: Racing Mechelen, FC Malinois, Sporting Charleroi en Berchem Sport.

'Het gedenkboek Racing Mechelen 1904-1929 is zonder twijfel het mooiste boek gewijd aan het Belgisch voetbal tussen de twee oorlogen', aldus Serge Van Hoof van Heart Books ( zie kader). 'De rivaliteit met buur KV was toegenomen, in die tijd al, en het publiceren van een luxueus boekwerk was een manier om de ander een stap voor te zijn.'

De uitgave naar aanleiding van 25 jaar FC Mechelen was meer een mooie brochure dan een echt boek. Net als die enkele bladzijden ter gelegenheid van de eerste kwarteeuw van de Zebra's. Wat de look betreft, komt alleen het werk gewijd aan 25 jaar Berchem Sport een beetje in de buurt van dat van Racing. Dat is aanzienlijk rijker, zowel wat inhoud als illustraties betreft, dan het boek dat in 1930 uitkwam over het vijftigjarige Antwerp. Voor de mannen van het Rooi was het misschien een manier om in Antwerpen hun territorium af te bakenen ten opzichte van hun buren uit Deurne en die van Beerschot.

© KATRIEN SCHUERMANS

'Verbazend is dat er van de club van het Kiel, gecreëerd in 1899, ter gelegenheid van haar eerste glorieperiode in de jaren 20 geen boek is verschenen', vervolgt Van Hoof. 'Dat werd gecompenseerd naar aanleiding van haar vijftigste verjaardag. Het Gedenkboek Royal Beerschot Atletiek Club, uitgegeven in 1950 en waarvan er ook een Franse versie bestaat met de naam Livre d'Or du RBAC, is een echte must voor verzamelaars .'

© KATRIEN SCHUERMANS

Guldenboeken

Midden de jaren 30 komt er een reeks vergelijkbare guldenboeken uit. Het initiatief is van een geïllustreerd Franstalige weekblad, Le Face à Main, dat midden in zijn gewone nummers bijlagen stopt die gewijd zijn aan enkele emblematische clubs. Deze Livres d'or, zes in totaal, betreffen Union, SC Anderlechtois, Daring Club de Bruxelles, Standard, La Gantoise en Olympic Charleroi.

In het geval van de drie clubs uit de hoofdstad gaat het om een eerste historische publicatie. Merkwaardig is dat bij die souvenirboeken Racing de Bruxelles ontbreekt, een club die in het begin van de 20e eeuw nochtans vijf keer landskampioen werd. Behalve in de publicatie naar aanleiding van hun 90-jarige verjaardag, in 1981, waren Les Rats nooit het onderwerp van een mooi boek.

In tegenstelling tot broer-vijand Royal Léopold FC, dat in 1918 zelf een guldenboek uitgaf en waarvan met regelmatige tussenpozen vanaf zijn 50e jaargang in 1943 verjaardagsedities verschenen. Het laatste was dat van zijn 125-jarig bestaan in 2018.

Het succes van het guldenboek van Standard, gepubliceerd door LeFace à Main, brengt de bestuurders van de club op het idee om een luxeversie uit te geven. We zijn dan in 1936, geen speciaal jaar voor een club die gesticht werd in 1898 (of in 1900, naargelang de bron), maar het laat de Rouches toe in het Franstalige landsgedeelte uit te pakken met een eerste publicatie van uitzonderlijke klasse. Standard 1936 verschijnt op 500 exemplaren en is nu voor velen een felbegeerd object.

Memoires en biografieën

Na de oorlog verschijnen de eerste verzamelde memoires. Twee figuren met betrekking tot het WK van 1930 zetten de toon: bondscoach Hector Goetinck en internationaal scheidsrechter John Langenus. De eerste, ex-speler van FC Brugge voor hij trainer werd, haalt zijn rijke verleden op in het werk Voetbalanecdoten. De herinneringen van de tweede, in het Nederlands en het Frans uitgebracht, worden een bestseller: Al fluitend door de wereld. Gevolgd door Voetbal van hier en overal en Onze vrolijke voetballers. Het biedt de gelegenheid om vast te stellen dat er in het moderne voetbal niets is uitgevonden en dat bepaalde scenes, in illo tempore, al vrij hectisch waren. Zoals blijkt uit de beschrijving van de kwartfinale van het WK 1930 tussen Argentinië en Chili:

Eind jaren 20 en begin jaren 30 zien we de eerste verjaardagsboeken opduiken.

'Tien seconden voor de rust zette Monti, de Argentijnsche spil, dezelfde die later naar Italië ging spelen, een voetje aan een Chileen. Die fout werd bestraft. Het was tot dan toe rustig geweest. Ik zag den Chileen, aan wien het voetje gezet was, kalm naar Monti gaan, hem het achterhoofd nemen en streelen. Wat zijn ze toch lief voor elkaar, dacht ik. Maar daar klemde de Chileen plots het hoofd van Monti vast in zijn hand en gaf hem met de andere een direct naar al de regels van de bokskunst!

Nu gebeurde iets wat met geen pennen te beschrijven is. Op hetzelfde ogenblik vloog iedere Argentijn op den dichtsbijzijnden Chileen en zoo zag men elf gelijktijdige bokskampen, naar Fransche savateregelen, want er werd nog bij getrapt. Er kwamen bloedneuzen van en andere kwetsuren. De politie kwam er tusschen, terwijl rond ieder bokspaar een persfotograaf natuurlijk géén enkele beweging van het geweldig interessant gebeuren - uit een oogpunt van reportage wel te verstaan - missen wou.

Er kwam weer orde. De wonden werd geheeld en de vrede geteekend! Volgens de spelregels moesten hier al de spelers uitgesloten worden en diende te kamp te eindigen bij gebrek aan spelers. Maar andere landen, andere zeden. Zooiets kan voorkomen en er moest toch een halve-finalist gekend zijn. Er werd dus voortgespeeld. En de heeren speelden hun wedstrijd zoo rustig en sportief uit alsof er helemaal niets gebeurd was. Argentinië won met 3-1 en de Chileenen gingen hun tegenstander hartelijk gelukwenschen!'

Grote spelers en grote clubs

Eind 1949 schrijft de meest gereputeerde Belgische voetballer van het interbellum, Raymond Braine, zijn memoires: Duizend en één match, de gedenkschriften van Raymond Braine (zie Sport/Voetbalmagazine van 19 december 2018). Hij krijgt navolging van een andere sinjoor, Jef Mermans: Het voetbal en ik.

© KATRIEN SCHUERMANS

Er volgen nog veel Belgische spelers met naam die onderwerp zijn van de verschijning van een boek. Eerst de acteurs van het WK 1970: Paul Van Himst ( Monsieur Football), Wilfried Van Moer ( 8), Christian Piot ( Les Mains d'or), Raoul Lambert ( Voetballen is aanvallen). Vervolgens een reeks gewijd aan de Rode Duivels en hun coaches: van Philippe Albert ( L'Ardennais) tot Marc Wilmots ( Diable d'homme), via onder meer Erik Gerets ( De Leeuw), Michel Preud'homme ( Del'enfer au paradis), Raymond Goethals ( Le douzième homme) en Robert Waseige ( L'entraîneur citoyen). Ook de goede resultaten van onze meest emblematische clubs op nationaal en internationaal vlak zetten aan tot publiceren. In 1969 schrijft Raymond AretsLe Grand Défi als hommage aan Standard, dat eindelijk weer kampioen is geworden. Dat is een absolute voltreffer. In het officiële boek van 100 jaar Standard, van de hand van onze oud-collega Pierre Bilic, haalt Arets herinneringen op aan die publicatie.

© KATRIEN SCHUERMANS

' Mijn hele leven zal ik de signeersessie die gepaard ging met de lancering van mijn boek blijven herinneren, in de Grand Bazar van de Place Saint-Lambert. Er zijn dranghekkens geplaatst moeten worden om de menigte te kanaliseren. De mensen stonden in file om een gesigneerd exemplaar te kunnen bemachtigen. In minder dan drie uur zijn er toen zeshonderd boeken de deur uitgegaan. Voor het eerst overschreed bij ons een sportboek de kaap van 20.000 verkochte exemplaren.'

Daar liet Arets het niet bij. Van zijn pen verschenen nog zes andere boeken over de Rouches: Standard Europe, Standard Le Grand Pari, Standard La Furia, Standard Happel, Standard Goethals en Standardissimo.

En tot slot: Crossing!

In het spoor van Raymond Arets engageren anderen zich om een boek over een club te schrijven, zoals Roger De Somer ( Anderlecht Le Grand Espoir), Jean-Marie Peterken ( FC Liégeois, Une Grande Vocation), Bob Geuens ( 80 jaar goud-zwart, LierseSK), Pierre Danvoye ( 100 ans Royal Charleroi Sporting Club), Hector Mahau ( Olympic Charleroi), Roland Podevijn ( Cercle Brugge 1899-1989) en Daniel Renard ( L'épopée du RFC Sérésien).

© KATRIEN SCHUERMANS

Van zowat elke club die ooit bij de elite speelde, van Eendracht Aalst tot Zulte Waregem, is intussen al wel ergens een referentieboek verschenen. Tot voor kort was er nog één uitzondering: Crossing. Maar nu is ook die lacune ingevuld. Werner Verhulst publiceerde zopas het boek Crossing de Schaerbeek. L'histoire oubliée d'un club de première division.

Veel leesgenot!

Een boekhandel in het hart van de sport

Het bestaat: een boekhandel die zich uitsluitend richt op sport in het algemeen en op voetbal in het bijzonder. In België moet je daarvoor bij Heart Books in Rijmenam zijn.

'Sinds de sluiting van de sportboekhandel in de Rue Saint Séverin in Luik in 1996 baat ik de in ons land nog enige resterende boekhandel in zijn genre uit', zegt Serge Van Hoof. 'Mijn vroegere collega had zo'n goeie duizend boeken staan. Ik heb er vijf à zes keer meer. Zeventig procent daarvan gaat over voetbal, twintig procent over wielrennen en de rest over andere sportdisciplines. Algemeen gesproken zijn boeken over clubs populairder dan boeken over spelers. Veruit het populairst is Antwerp. De uitgaven van de 50e, de 75e, de 100e en de 125e verjaardag zijn erg gewild. Ook alles wat gerelateerd is aan Standard verkoopt als zoete broodjes. Club Brugge bijvoorbeeld doet het hier minder goed. Merkwaardig is dat de uitgave naar aanleiding van zijn 100-jarig bestaan minder klasse heeft dan die van de 90 jaar van zijn buur Cercle. In een bibliotheek trekt die laatste alle aandacht. Dat geldt ook voor het boek over 25 jaar Racing Mechelen. Dat neigt echt naar kunst.'

In die intussen meer dan twee decennia dat Van Hoof Heart Books exploiteert, zag hij het profiel van verzamelaars en andere liefhebbers van voetbalboeken evolueren.

'In het begin was het publiek dat hier kwam relatief oud, ' vertelt hij, 'maar sinds de intrede van het internet nemen de jonge mensen het meer en meer over. Ik stel ook een internationalisatie vast: tussen mijn vaste klanten zitten Zuid-Amerikanen en Aziaten, vooral Japanners. Nu België wereldtop is, wekken ook de publicaties over de meest tot de verbeelding sprekende Rode Duvels nogal wat interesse op. Dat is momenteel het geval voor Eden Hazard, Vincent Kompany en Kevin De Bruyne. Opmerkelijk is dat de vroegere vedetten het minder goed doen. Een Paul Van Himst bijvoorbeeld verkoopt minder goed dan een Gille Van Binst. Blijkbaar verkiezen de fans iemand die geen blad voor de mond neemt boven een ancien die veel wijzere woorden spreekt.'

Heart Books, Serge Van Hoof, Oude Booischotsebaan 31, 2820 Rijmenam (Bonheiden). Tel: 015 52 86 21.

Website: www.sportsmemories.be

De geschiedenis van het Belgisch voetbal (x5)

Doorheen de tijd stelden verscheidene auteurs de geschiedenis van ons voetbal te boek. De eerste die er zich aan waagde, was Victor Boin, stichter van de Belgische sportpersbond, naar aanleiding van het 50-jarig bestaan van de KBVB: Geschiedenis van de voetbalsport in België en Belgisch Kongo / Le livre d'or du football en Belgique et au Congo Belge.

Een halve eeuw later, weer onder auspiciën van de voetbalbond, brengen de sportjournalisten Henry Guldemont en Bob Deps een geüpdatete versie uit: 100 jaar voetbal in België. Eerder was er van Guldemont ook al Toute l'histoire du football belge verschenen, eveneens een referentieboek.

Jean Fraiponts, ex-manager van Germinal Ekeren, en Dirk Willocx, spil van het clubblad van Antwerp, publiceren vanaf 2003 de Kroniek van het Belgisch voetbal. Een meesterlijk werk, maar niet volledig, want het eindigt in het interbellum.

Tenslotte verschijnt er in 2008 van Raf Willems het complete werk De eeuw van het Belgisch voetbal. Van Raymond Braine tot Moussa Dembélé.

Ongetwijfeld zullen er nog andere volgen, want sinds 2008 maakt het Belgisch voetbal met de Rode Duivels echt een gouden tijdperk door.

© KATRIEN SCHUERMANS
Wanneer er in ons land voor het eerst sprake is van foot-ball (in twee woorden geschreven), in 1855 in de Courrier de l'Escaut, is het nog een halve eeuw wachten op het eerste boek dat aan Koning Voetbal gewijd wordt. Het is getiteld Sport Gai en het is het werk van een zekere Benoni Vander Gheyst, Bobinus voor de intimi. Hij is de reporter van het clubblad van Union Saint-Gilloise, Le Football, waarvan de eerste editie verschijnt in september 1908. In dat werk zijn de verslagen van de periode van 20 januari 1909 tot 15 juni 1910 gebundeld op 224 pagina's. Ze geven een mooi overzicht van wat voetbal is en vooral wat in die tijd de gewoontes en gebruiken zijn. Zo moet een speler die voor een club een wedstrijd speelt, de belangen van die club blijven verdedigen tot het einde van het seizoen. Clubleiders rivaliseerden met elkaar in vindingrijkheid om de beste spelers te behouden of aan te trekken. En zeker bij Union stond er aantrekkelijk volk op het veld. Zoals een zekere MauriceMaxTobias. Vanwege zijn talent hadden de geel-blauwen hem losgeweekt bij Racing Club de Bruxelles, waar hij in 1901/02 bij de elite was gedebuteerd. Elk tussenseizoen werd de man van kortbij gevolgd door het bestuur van Sint-Gillis. De dag voor de eerste competitiewedstrijd kreeg hij zelfs een individuele afzondering, kwestie van hem in extremis niet kwijt te spelen. Het is een strategie die lukt tot in 1909, wanneer de sportief verantwoordelijken bij hem voor een gesloten deur komen te staan. Daar is een reden voor: hun collega's van Racing Mechelen waren hen te snel af en maakten in het vooruitzicht van de nieuwe competitie van Max een groen-witte speler. Maar hun vreugde zal van korte duur zijn: vanaf 1910 maakt deze voetballer, die niet ongevoelig is voor geld, deel uit van Milan Football and Cricket Club, de voorganger van het huidige AC Milan. Als bij toeval vindt hij daar twee gewezen ploegmaats terug: Louis Van Hege en Roger Piérard. Het is Union dat lijdt dit keer. In Lombardije daarentegen... Vier jaar later, aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog, verschijnt het eerste jubileumboek van een club onder de titel Association Athlétique La Gantoise 1864-1914. Wat van oorsprong een eenvoudige turnvereniging was, groeide door de jaren uit tot een omnisportkring waar veel disciplines beoefend werden. Atletiek, wielrennen, schermen en vanaf 1900 ook voetbal. Vervolgens ook nog boksen, savate (het zogenaamde Franse boksen), worstelen, cricket, zwemmen, waterpolo, tennis, kaatsen en hockey, zowel op gras als op ijs. Vanaf de eeuwwisseling kon La Gantoise zich met 800 leden de grootste sportvereniging van het land noemen. De feestelijkheden voor de vijftigste verjaardag, van 12 tot 19 juli 1914, net voor het begin van de oorlog, zijn de aanleiding om een souvenirboek uit te geven. Dat bevat achttien vignetten, te kleven op de voorziene plaatsen. Het is het eerste stickerboek ooit en het zou later geïmiteerd worden door Panini. Toch ook even signaleren dat de plaatjes met de beeltenissen van de spelers niet door de onderneming uit Modena werden uitgevonden, in de jaren 70, maar dat die vanaf het interbellum gecommercialiseerd werden door merken van chocolade (Duc), kauwgom (Belgian Chewing Gum Cy) en sigarettenblaadjes (Rizla). Eind jaren 20 en begin jaren 30 zien we de eerste verjaardagsboeken opduiken. In die tijd zijn er vier clubs die hun zilveren bruiloft vieren en hun parcours in boekvorm gieten: Racing Mechelen, FC Malinois, Sporting Charleroi en Berchem Sport. 'Het gedenkboek Racing Mechelen 1904-1929 is zonder twijfel het mooiste boek gewijd aan het Belgisch voetbal tussen de twee oorlogen', aldus Serge Van Hoof van Heart Books ( zie kader). 'De rivaliteit met buur KV was toegenomen, in die tijd al, en het publiceren van een luxueus boekwerk was een manier om de ander een stap voor te zijn.' De uitgave naar aanleiding van 25 jaar FC Mechelen was meer een mooie brochure dan een echt boek. Net als die enkele bladzijden ter gelegenheid van de eerste kwarteeuw van de Zebra's. Wat de look betreft, komt alleen het werk gewijd aan 25 jaar Berchem Sport een beetje in de buurt van dat van Racing. Dat is aanzienlijk rijker, zowel wat inhoud als illustraties betreft, dan het boek dat in 1930 uitkwam over het vijftigjarige Antwerp. Voor de mannen van het Rooi was het misschien een manier om in Antwerpen hun territorium af te bakenen ten opzichte van hun buren uit Deurne en die van Beerschot. 'Verbazend is dat er van de club van het Kiel, gecreëerd in 1899, ter gelegenheid van haar eerste glorieperiode in de jaren 20 geen boek is verschenen', vervolgt Van Hoof. 'Dat werd gecompenseerd naar aanleiding van haar vijftigste verjaardag. Het Gedenkboek Royal Beerschot Atletiek Club, uitgegeven in 1950 en waarvan er ook een Franse versie bestaat met de naam Livre d'Or du RBAC, is een echte must voor verzamelaars .' Midden de jaren 30 komt er een reeks vergelijkbare guldenboeken uit. Het initiatief is van een geïllustreerd Franstalige weekblad, Le Face à Main, dat midden in zijn gewone nummers bijlagen stopt die gewijd zijn aan enkele emblematische clubs. Deze Livres d'or, zes in totaal, betreffen Union, SC Anderlechtois, Daring Club de Bruxelles, Standard, La Gantoise en Olympic Charleroi. In het geval van de drie clubs uit de hoofdstad gaat het om een eerste historische publicatie. Merkwaardig is dat bij die souvenirboeken Racing de Bruxelles ontbreekt, een club die in het begin van de 20e eeuw nochtans vijf keer landskampioen werd. Behalve in de publicatie naar aanleiding van hun 90-jarige verjaardag, in 1981, waren Les Rats nooit het onderwerp van een mooi boek. In tegenstelling tot broer-vijand Royal Léopold FC, dat in 1918 zelf een guldenboek uitgaf en waarvan met regelmatige tussenpozen vanaf zijn 50e jaargang in 1943 verjaardagsedities verschenen. Het laatste was dat van zijn 125-jarig bestaan in 2018. Het succes van het guldenboek van Standard, gepubliceerd door LeFace à Main, brengt de bestuurders van de club op het idee om een luxeversie uit te geven. We zijn dan in 1936, geen speciaal jaar voor een club die gesticht werd in 1898 (of in 1900, naargelang de bron), maar het laat de Rouches toe in het Franstalige landsgedeelte uit te pakken met een eerste publicatie van uitzonderlijke klasse. Standard 1936 verschijnt op 500 exemplaren en is nu voor velen een felbegeerd object. Na de oorlog verschijnen de eerste verzamelde memoires. Twee figuren met betrekking tot het WK van 1930 zetten de toon: bondscoach Hector Goetinck en internationaal scheidsrechter John Langenus. De eerste, ex-speler van FC Brugge voor hij trainer werd, haalt zijn rijke verleden op in het werk Voetbalanecdoten. De herinneringen van de tweede, in het Nederlands en het Frans uitgebracht, worden een bestseller: Al fluitend door de wereld. Gevolgd door Voetbal van hier en overal en Onze vrolijke voetballers. Het biedt de gelegenheid om vast te stellen dat er in het moderne voetbal niets is uitgevonden en dat bepaalde scenes, in illo tempore, al vrij hectisch waren. Zoals blijkt uit de beschrijving van de kwartfinale van het WK 1930 tussen Argentinië en Chili: 'Tien seconden voor de rust zette Monti, de Argentijnsche spil, dezelfde die later naar Italië ging spelen, een voetje aan een Chileen. Die fout werd bestraft. Het was tot dan toe rustig geweest. Ik zag den Chileen, aan wien het voetje gezet was, kalm naar Monti gaan, hem het achterhoofd nemen en streelen. Wat zijn ze toch lief voor elkaar, dacht ik. Maar daar klemde de Chileen plots het hoofd van Monti vast in zijn hand en gaf hem met de andere een direct naar al de regels van de bokskunst!Nu gebeurde iets wat met geen pennen te beschrijven is. Op hetzelfde ogenblik vloog iedere Argentijn op den dichtsbijzijnden Chileen en zoo zag men elf gelijktijdige bokskampen, naar Fransche savateregelen, want er werd nog bij getrapt. Er kwamen bloedneuzen van en andere kwetsuren. De politie kwam er tusschen, terwijl rond ieder bokspaar een persfotograaf natuurlijk géén enkele beweging van het geweldig interessant gebeuren - uit een oogpunt van reportage wel te verstaan - missen wou.Er kwam weer orde. De wonden werd geheeld en de vrede geteekend! Volgens de spelregels moesten hier al de spelers uitgesloten worden en diende te kamp te eindigen bij gebrek aan spelers. Maar andere landen, andere zeden. Zooiets kan voorkomen en er moest toch een halve-finalist gekend zijn. Er werd dus voortgespeeld. En de heeren speelden hun wedstrijd zoo rustig en sportief uit alsof er helemaal niets gebeurd was. Argentinië won met 3-1 en de Chileenen gingen hun tegenstander hartelijk gelukwenschen!'Eind 1949 schrijft de meest gereputeerde Belgische voetballer van het interbellum, Raymond Braine, zijn memoires: Duizend en één match, de gedenkschriften van Raymond Braine (zie Sport/Voetbalmagazine van 19 december 2018). Hij krijgt navolging van een andere sinjoor, Jef Mermans: Het voetbal en ik.Er volgen nog veel Belgische spelers met naam die onderwerp zijn van de verschijning van een boek. Eerst de acteurs van het WK 1970: Paul Van Himst ( Monsieur Football), Wilfried Van Moer ( 8), Christian Piot ( Les Mains d'or), Raoul Lambert ( Voetballen is aanvallen). Vervolgens een reeks gewijd aan de Rode Duivels en hun coaches: van Philippe Albert ( L'Ardennais) tot Marc Wilmots ( Diable d'homme), via onder meer Erik Gerets ( De Leeuw), Michel Preud'homme ( Del'enfer au paradis), Raymond Goethals ( Le douzième homme) en Robert Waseige ( L'entraîneur citoyen). Ook de goede resultaten van onze meest emblematische clubs op nationaal en internationaal vlak zetten aan tot publiceren. In 1969 schrijft Raymond AretsLe Grand Défi als hommage aan Standard, dat eindelijk weer kampioen is geworden. Dat is een absolute voltreffer. In het officiële boek van 100 jaar Standard, van de hand van onze oud-collega Pierre Bilic, haalt Arets herinneringen op aan die publicatie. ' Mijn hele leven zal ik de signeersessie die gepaard ging met de lancering van mijn boek blijven herinneren, in de Grand Bazar van de Place Saint-Lambert. Er zijn dranghekkens geplaatst moeten worden om de menigte te kanaliseren. De mensen stonden in file om een gesigneerd exemplaar te kunnen bemachtigen. In minder dan drie uur zijn er toen zeshonderd boeken de deur uitgegaan. Voor het eerst overschreed bij ons een sportboek de kaap van 20.000 verkochte exemplaren.' Daar liet Arets het niet bij. Van zijn pen verschenen nog zes andere boeken over de Rouches: Standard Europe, Standard Le Grand Pari, Standard La Furia, Standard Happel, Standard Goethals en Standardissimo. In het spoor van Raymond Arets engageren anderen zich om een boek over een club te schrijven, zoals Roger De Somer ( Anderlecht Le Grand Espoir), Jean-Marie Peterken ( FC Liégeois, Une Grande Vocation), Bob Geuens ( 80 jaar goud-zwart, LierseSK), Pierre Danvoye ( 100 ans Royal Charleroi Sporting Club), Hector Mahau ( Olympic Charleroi), Roland Podevijn ( Cercle Brugge 1899-1989) en Daniel Renard ( L'épopée du RFC Sérésien). Van zowat elke club die ooit bij de elite speelde, van Eendracht Aalst tot Zulte Waregem, is intussen al wel ergens een referentieboek verschenen. Tot voor kort was er nog één uitzondering: Crossing. Maar nu is ook die lacune ingevuld. Werner Verhulst publiceerde zopas het boek Crossing de Schaerbeek. L'histoire oubliée d'un club de première division.Veel leesgenot!