" Jean Dockx, Jean Dockx, Jean Dockx..."
...

" Jean Dockx, Jean Dockx, Jean Dockx..." Gedurende een twintigtal minuten trachtten duizenden zingende supporters Raymond Goethals te overhalen om papa Doc in te brengen. Daar, in het Prinsenpark van Parijs, Beker der Bekerwinnaars, op het scorebord 4-0. De trainer was te euforisch om iets te ontwaren. Hij vroeg zich waarschijnlijk af waarom de jonge Franky Vercauteren die gebaren wierp naar de bank. De toenmalige assistent-trainer Martin Lippens fluisterde Goethals in het oor : "Trainer, de supporters willen Dockx en Franky is bereid zijn plaats af te staan." Op drie minuten van de triomf tegen Austria Wien, gaf Goethals uiteindelijk toe aan de eis van het publiek. Op 37-jarige leeftijd mocht Jean in zijn laatste Europese finale aantreden. Niet lang daarna organiseerde Anderlecht zijn afscheidsmatch. De galapartij draaide uit op een anticlimax. Jean blesseerde zich zwaar en zag op een pijnlijke wijze een einde gesteld aan een lange en imposante carrière. Balans : 35 internationale A-caps en met Anderlecht twee landstitels, vier nationale bekers, twee Beker der Bekerwinnaars en een Europese Supercup tegen Bayern München. Jaren later ondervond hij zelf, als assistent van Goethals, hoe zijn leermeester kon opgaan in het moment. "Trainer, je mag geen vervangingen meer doorvoeren, je hebt er al drie gedaan." Jean vertelt de anekdote met het zachtaardig en licht sarcastisch monkellachje dat hem zo typeerde. Op 22 november 1967 gunde Constant Vanden Stock, op dat moment technisch directeur van de nationale ploeg, hem zijn eerste selectie voor de Rode Duivels. Op het WK van 1970 kreeg hij van Raymond Goethals het volste vertrouwen. De middenvelder van Racing White veroverde een plaatsje in een elftal dat voor de rest enkel uit Bruggelingen, Luikenaars en Brusselaars bestond. Op dat mislukte WK werd Jean Dockx algemeen als de enige speler op niveau beschouwd. Raimundo behield hem als titularis in de nationale elf en liet hem een laatste maal opdraven op 15 november 1975 tegen Frankrijk. Een jaar later zette de meest gemediatiseerde coach uit de Belgische geschiedenis zelf een stapje achteruit. Het pad van de twee heren kruiste weer van 1987 tot 1989, in de dug-out van Anderlecht. De ene als hoofdtrainer, de andere als tweede assistent. En tussen hen in Martin Lippens als eerste hulptrainer. Tussen de twee Brusselaars, kon Mechelaar Dockx ook wel eens grappig uit de hoek komen. Hij was een serieus man, sober, maar altijd goedlachs. Geboren op 24 mei 1941 in Sint-Katelijne-Waver, sloot Dockx zich een eerste maal aan bij KV Mechelen, dicht bij huis. Als zestienjarige knaap maakte hij zijn debuut in het eerste elftal van Mechelen. Na een kwartier tekende hij zijn eerste doelpunt aan. De acht daaropvolgende jaren ontpopt de kleine prins zich tot vaandeldrager van de club. Tijdens het seizoen 66-67 liep Dockx een zware blessure op. Het Mechelse bestuur vreesde het einde van zijn carrière. Er werd hem niets in de weg gelegd om naar promovendus Racing White te verkassen. Onder leiding van Norberto Höfling werd Dockx gebombardeerd tot draaischijf van een geheel ( Waseige, Stassart, Wynants, Carlos Lua, Paulinho,...) dat zich gemakkelijk wist te handhaven bij de elite en in 1969 zelfs de bekerfinale betwistte. Sporting, waar Constant Vanden Stock net de leiding van de club had overgenomen, tastte diep in de geldbuidel voor de Mechelse middenvelder. Het zag in de onvermoeibare werkmier, die bovendien technisch en tactisch zijn mannetje stond, een ideale aanvulling voor Paul Van Himst. Op dertigjarige leeftijd trok Dockx een eerste maal het paars-witte truitje aan. Wat laat, ja, maar door een lange carrière (tot zijn 37), wist Dockx nog een rijkgevuld palmares uit te bouwen. Nochtans kende hij een moeilijk debuut, om daarna uit te groeien tot onbetwiste titularis. Samen met hem werden twee andere zwaargewichten aangetrokken : de adembenemende Robbie Rensenbrink en de autoritaire en strenge Georg Kessler, die de troepen naar succes moest leiden. De hoge verwachtingen ketsten af op een valse start. Terwijl Kessler de nieuwelingen Dockx, Van Binst en Broos gemakkelijk in het gareel deed lopen, kende de Duitser des te meer problemen met gevestigde waarden als Van Himst, Mulder, Plaskie, Kialunda,... Op het einde van het seizoen 1971/72 kon Anderlecht evenwel pronken met de dubbel. Dockx, in 1963 getuige van de EC1-partij Anderlecht-Dundee (1-4), heeft altijd beweerd dat dát voor hem nochtans de mooiste prestatie was die hij ooit van Sporting aanschouwde. "Het was geen voetbal meer, maar ballet. Ik ben akkoord met Van Binst als hij zegt dat dat het beste Anderlechtelftal ooit was. Met jongens als Van Himst, Jurion, Verbiest, Puis, Hanon en anderen. Maar de ploeg waar ik deel van uitmaakte, haalde drie opeenvolgende Europese finales en straalde eveneens veel klasse uit. Bovendien liepen bij ons toch ook namen rond als Rensenbrink, Vercauteren, Coeck, Thissen, Broos, Dusbaba en een opportunist als Swat Vander Elst," mijmerde Jean Dockx. Tegen Hamburg in 1977, zag hij een knal uiteenspatten op de staak. Na de wedstrijd vertelde Dockx, 36 en bijna volledig ingetaped, al lachend : "Spijtig, een doelpunt in zo'n belangrijke match had misschien nog een lucratieve transfer kunnen opleveren." Toen hij op zijn 34 einde contract was, wilde Anderlecht hem afdanken, maar uiteindelijk bood de club hem nog een éénjarig contract aan. Net zoals de twee volgende jaren. In 1978, na 394 wedstrijden in eerste klasse, 45 doelpunten en 38 Europese wedstrijden, trok de Mechelaar evenwel zijn conclusies. Als speler-trainer promoveerde hij met provincialer Bornem (1978/80) naar bevordering en vervolgens trachtte hij Assent (1980/82) op de rails te krijgen. Het seizoen 1982/83 betekende zijn debuut als hoofdcoach in eerste klasse. In Molenbeek kreeg hij de generatie Patrick Thairet, Frank Van der Elst, Patrick Gollière onder zijn vleugels. Het jaar daarop bood Antwerp hem een nieuwe kans. Korte passages, dus. Dockx, gevoelig voor elke vorm van stress, voelde zich onwennig om als numero uno op de bank te zitten. Ondanks de talrijke aanbevelingen van zijn entourage, verkoos hij achter de schermen te werken. In 1984 aanvaardde een dolblije Dockx het voorstel van Anderlecht om assistent van Paul Van Himst te worden. Een rol die hij vijftien jaar lang, tot en met 1999, vervulde. Nadien werd hij aangesteld als hoofd van de scoutingcel en vloog hij de hele wereld rond, op zoek naar talent. Vervolgens werd zijn functie uitgebreid naar technisch adviseur, blijk van zijn competentie. De bermudashort en T-shirt werden ingeruild voor maatpak en das. Een nieuwigheid die we slechts even mochten bewonderen.Jean was de ideale assistent, de hoofdtrainer moest zich nooit zorgen maken om enige potenzagerij, aangezien hij toch geen ambitie in die richting koesterde. Had hij gewild, kon hij probleemloos het trainersvak instappen. Bij Anderlecht natuurlijk, maar ook Standard, Charleroi en AA Gent deden hem een voorstel. Bij AA Gent had men hem graag samen met Boskamp zien werken. Bossie, de grote vriend van Dockx, met wie hij recent nog een week in Dubai doorbracht. Net zoals andere oud-spelers depanneerde Jean Dockx zijn ploeg wel eens in geval van nood. Tijdens het seizoen 1998/99 realiseerde hij, samen met Vercauteren, een huzarenstukje. Onder Arie Haan bengelde Sporting op een historische laatste plaats, werd het door Zürich uitgeschakeld in de Europabeker en had het net een 6-0-nederlaag geleden in Westerlo. Met het duo Dockx-Vercauteren aan het hoofd eindigde Anderlecht nog op een derde plaats en won het onder meer tegen Standard met 6-0 (Dockx : "Een magisch moment en een unieke herinnering in mijn trainerscarrière."). Het recept voor dat succes ? De clubman verwoordde het zelf als volgt : "Haan had het zelfvertrouwen van sommige spelers aangetast met enkele ongelukkige verklaringen in de pers. Je moet als trainer juist veel praten met je spelers, kort bij hen staan in moeilijke momenten en de trainingen aanpassen zodat ze hun vertrouwen herwinnen. Franky en ik geloofden in het kunnen van de groep, de resultaten volgden." Brave, simpele en wijze woorden, die de visie reflecteerden van een man die kalm en sereen doorheen het leven én het voetballandschap wandelde. Zijn overlijden sloeg Anderlcht met verstomming. De leegde die Jean Dockx nalaat zal moeilijk kunnen opgevuld worden.door Henry Guldemont.