'Puur sportief en economisch gezien klinkt een eengemaakte liga alleen maar logisch. Momenteel stellen beide competities afzonderlijk niets voor. Een drama. In Ierland zijn er maar een paar clubs die op een min of meer professionele basis kunnen werken. In Noord-Ierland eentje: Linfield. Er zijn een drietal deftige voetbalstadions. Het tv-contract is een lachertje.' Aan het woord is Emmet Malone, vooraanstaand voetbalcorrespondent van de Irish Times en fan van de plannen om Noord-Ierland en de Republiek Ierland te verenigen in één competitie, de All Island League, die al vanaf 2021 zou aanvatten. Gesprekken tussen clubs uit beide landsdelen verliepen de voorbije weken in een uiterst positieve sfeer.'

De Noord-Ierse federatie heeft zich uitgesproken tégen een eengemaakte liga. Nochtans werd er een goed plan uitgewerkt.' - Emmet Malone

'Alleen heeft de IFA, de Noord-Ierse federatie, zich al uitgesproken tégen zo'n eengemaakte liga. Die negatieve houding van het IFA bemoeilijkt de zaken natuurlijk. 2021 halen wordt zeer onwaarschijnlijk. Initiatiefnemer Kieran Lucid werkte nochtans een goed plan uit en projecteert een omzet tussen de zes en tien miljoen euro', zegt Malone.

Ook politiek ligt het idee van een All Island League nog steeds moeilijk, merkt de Ierse journalist op. 'Voetbal is meer dan de andere sporten in Ierland - die nooit anders dan een eengemaakte competitie kenden - een working class aangelegenheid. Voetbalclubs zijn nog steeds nauw verbonden aan lokale gemeenschappen, zeker bij de protestanten in Noord-Ierland. Het is een kwestie van ideologie. In het Zuiden zijn de meeste mensen voor een eengemaakt Ierland, in het Noorden heb je minstens de helft van de bevolking die tegen een eengemaakt Ierland is. Die mensen staan wantrouwig tegenover zo'n liga omdat ze denken dat er een achterliggende agenda bestaat. Maar ik vind het de poging waard. Wat hebben we te verliezen? We hebben miljoenen euro's nodig om de hele omkadering van ons voetbal een facelift te geven. Om dat proces te versnellen zou een All Island League de beste oplossing zijn.'

David McGoldrick is de spits van de Ierse nationale ploeg. Hij scoorde op het veld van Zwitserland., BELGAIMAGE
David McGoldrick is de spits van de Ierse nationale ploeg. Hij scoorde op het veld van Zwitserland. © BELGAIMAGE

Op de uitkomst van een Brexit hoeven de clubs niet te wachten, meent de journalist. 'Niemand weet wanneer daar een beslissing in valt. Ik denk zelfs dat de initiatiefnemers van deze All Island League een kans zien in de Brexit, die nieuwe geldstromen in gang zal zetten. Ik geloof ook niet in zo een slechte Brexitdeal dat een ploeg uit het Noorden niet meer kan spelen tegen een uit het Zuiden.'

De unieke positie van Derry City

De Brexit, een kat vindt er haar jongen niet meer in terug. Een harde of softe deal? En wanneer in godsnaam? Niet enkel clubs in de Premier League wachten (bang) het verdict af. Voor veel clubs op het Ierse eiland zijn het eveneens spannende tijden. Misschien nog het meest voor Derry City FC, een club die haar basis heeft in Londenderry, op Noord-Iers grondgebied, maar al sinds 1987 uitkomt in de Ierse Premier Division.

Als katholiek georiënteerde club in een grotendeels protestantse regio kende Derry City FC in de roerige jaren zeventig te veel problemen in de Noord-Ierse competitie, waar hun spelers en fans verketterd en belaagd werden. Sinds ze in 1989 de Ierse landstitel wonnen, mogen ze zich de enige club noemen die zowel in de Ierse als de Noord-Ierse competitie kampioen speelde.

Maar wat als er na de Brexit weer grenscontroles komen tussen beide delen van het Ierse eiland? Of als een einde gesteld wordt aan het vrije verkeer van arbeidskrachten tussen EU- en niet-EU-lidstaten? Zo'n scenario kan impliceren dat veel Noord-Ierse voetballers voor de Ierse nationaliteit zullen kiezen (nu bezitten ze vaak beide), om EU-burger te kunnen blijven. En zou dus ook de nationale ploeg van Noord-Ierland op termijn serieus afromen. Voor investeerders zou de Republiek Ierland bovendien een pak interessanter worden dan Noord-Ierland. Een cascade van verstrekkende gevolgen.

Lawrence Moore, pr- en mediaverantwoordelijke van Derry City FC, zucht eens. Het seizoen in de Ierse Premier Division - dat loopt van februari tot eind oktober - is net afgelopen, Derry City FC eindigde als semiprofessionele club op een verdienstelijke vierde plek en mag volgend jaar Europa in. Een terugkeer naar de Noord-Ierse competitie lijkt voor hen alvast géén optie, al heeft dat niets te maken met het onveiligheidsgevoel van enkele decennia geleden. Lawrence Moore: 'Het politieke spectrum in Noord-Ierland is de voorbije tien jaar enorm veranderd. Uiteraard is de situatie niet meer dezelfde als in de jaren zeventig. De nieuwe generaties zijn een pak toleranter. Een goed voorbeeld daarvan is dat wij ons stadion The Brandywell tijdelijk delen met Institute, een club uit de Noord-Ierse Premiership. Zonder dat daar enige problemen van komen met supporters.

'De voorbije twintig jaar heeft de stad enorme veranderingen ondergaan', gaat Moore verder. 'De voetbalclub heeft daarin zijn rol gespeeld. Het was een van mijn opdrachten toen ik hier als pr-verantwoordelijke aan de slag ging: we moesten onze hand uitreiken naar álle mensen. Ongeacht geloof of kleur. We hebben spelers van beide landsdelen, van alle soorten religie en afkomst. Wij zijn voor wervingsacties naar protestantse scholen gegaan, of naar wijken die vroeger als antirepublikeins te boek stonden. Onze fanbase is nu zeer divers. Wij hebben zelfs geen politie-aanwezigheid bij thuiswedstrijden, we werken enkel met stewards en dat loopt zonder incidenten.'

Een van de vele muurschilderingen in Fall Road, Belfast. Herinneringen aan een turbulent verleden., BELGAIMAGE
Een van de vele muurschilderingen in Fall Road, Belfast. Herinneringen aan een turbulent verleden. © BELGAIMAGE

Europese vetpotten

Waarnemers vrezen in geval van een harde Brexit echter een terugkeer naar de etnisch- religieuze polarisatie van voor het Goedevrijdagakkoord in 1998. De zogeheten Troubles, een turbulente periode die van de jaren zestig tot eind jaren negentig liep en waarbij vele slachtoffers vielen door terreur- en burgergeweld tussen protestanten en katholieken, unionisten (zij die bij het Verenigd Koninkrijk willen horen) en republikeinen (zij die een autonoom en verenigd Ierland willen).

Het is tijdens die Troubles dat ook het Ierse voetbal rake klappen kreeg. Voetbalfans durfden nog amper een wedstrijd van hun favoriete team bij te wonen - voornamelijk in de regio rond Belfast. Toeschouwersaantallen liepen drastisch terug tot amper duizend à tweeduizend per wedstrijd in de eerste klasse. Dat is tot op vandaag het gemiddelde aantal toeschouwers. Ook in het zuiden van het land trouwens. Om u een idee te geven: Dundalk FC, de ploeg die in de Ierse competitie vijf van de voorbije zes landstitels won, kan in het Oriel Park maximum 4500 supporters ontvangen.

De Ierse voetbalfans richten al enkele decennia hun focus bijna uitsluitend op de Premier League. Ze zijn supporters van Liverpool en Manchester United. Cijfers onderstrepen dat: per jaar reizen zo'n 100.000 Ieren naar Engeland om er in totaal meer dan 120 miljoen euro te spenderen aan voetbaltickets en merchandising. Ook Celtic Glasgow (voor de katholieken) en Glasgow Rangers (voor de protestanten) zijn massaal gevolgde clubs in Ierland. Er ligt dus niemand wakker van een strijd tussen Bohemians, Dundalk of Shamrock Rovers.

Uiteraard weerspiegelt die desinteresse zich in de kapitaalkracht van de clubs. Zowel in Noord-Ierland als in Ierland kunnen eersteklassers amper of niet op professionele basis functioneren. Een voorbeeld: in 2006 werd Shelbourne kampioen in Ierland, hoewel het zijn spelers niet meer kon uitbetalen.

Aan die impasse wil de Ierse zakenman Kieran Lucid iets veranderen. Hij maakte zijn fortuin in de technologische sector en sinds hij twee jaar geleden zijn bedrijf verkocht, manifesteert hij zich in de voetbalwereld. 'Hij organiseert al enkele jaren een toernooi voor jeugdteams uit beide Ierlanden, ik geloof echt in zijn goede bedoelingen', zegt Irish Times-correspondent Emmet Malone.

De competitie zou bestaan uit twaalf teams, zes uit het Noorden en zes uit het Zuiden van het land. Met daaronder nog twee nationale competities. Daar nijpt het schoentje volgens Lawrence Moore van Derry City FC: 'Dat het voor de clubs die aan de All Island League deelnemen, beterschap inhoudt, staat vast. Maar wat met de teams die uit de boot vallen? Bovendien gaapt er momenteel een niveauverschil tussen de Ierse en Noord-Ierse competitie. Volgens mij speelt vooral dat een rol in de afkeuring van de IFA. Zoals het er nu voor staat, zouden de vier Europese plekken waarschijnlijk naar teams uit het Zuiden gaan.'

Zelfs de voorrondes van de Europa League betekenen voor de Ierse voetbalclubs heuse vetpotten. Overleef je enkele voorrondes levert dat in totaal al gauw een premie van 250.000 euro op. Als je weet dat de Noord-Ierse kampioen Linfield FC vorig seizoen van de IFA een kampioenspremie ontving van 50.000 euro, is de rekening snel gemaakt.

Vrezen voor veiligheid

Dominic Foley, ex-spits van KAA Gent en Cercle Brugge, dezer dagen een rustig leven leidend in zijn geboortedorp Charleville, haalt er zijn schouders bij op. Al ziet hij een All Island League best zitten. 'Ik vind het zeker het proberen waard, want alles laten zoals nu helpt ons voetbal ook niet vooruit. Maar zulke gesprekken zijn er in het verleden al vaak geweest, dus eerlijk gezegd laat het de meeste Ieren een beetje koud. Je leest er ook amper over in de krant. Ik vermoed dat er niets concreet in gang zal gezet worden voor er een beslissing is over de Brexit.' Foley oordeelt wel dat het momentum nu beter is dan bij vorige pogingen. 'Noord-Ierland heeft bijvoorbeeld voor het eerst een regering die uit de twee clans bestaan: protestanten en katholieken. Unionisten én republikeinen. Wie dat twintig jaar geleden gezegd zou hebben, werd gek verklaard. Zeg dus nooit nooit.'

Mick McCarthy is de bondscoach van Ierland., BELGAIMAGE
Mick McCarthy is de bondscoach van Ierland. © BELGAIMAGE

Al heeft hij ook zijn bedenkingen: 'Veiligheid zou zeker een probleem worden in een All Island League. Vooral door de rondtrekkende voetbalclans. Denk aan de rivaliteit tussen Club Brugge en Gent, voeg daar liters alcohol en nog een religieuze component aan toe: dan krijg je een explosieve cocktail. Zeker gezien de Brexitsituatie. Ongeacht de uitkomst zal er altijd één groep zich benadeeld voelen, de kans bestaat dat die frustratie geventileerd wordt via het voetbal. In het rugby werkt die unitaire competitie zonder problemen, maar dat komt omdat ze daar nooit anders gekend hebben. De rugbyfederatie is nooit gesplitst geweest. Bovendien heerst in die sport een totaal andere fancultuur. Voetbal heeft nu eenmaal die hostiele, agressieve supporterscultuur. Dat zie je in elk land.'

Emmet Malone erkent, maar nuanceert die stelling. 'De vrees voor oplaaiend supportersgeweld is een tegenargument dat je inderdaad vaak hoort. Ik wil niet beweren dat er géén problemen zouden opduiken - er leven nog steeds fanatiekelingen aan beide kanten van de grens - maar de politieke tegenstellingen zijn bijlange niet meer te vergelijken met vroeger. In de jaren tachtig moest ik echt om mijn leven vrezen als ik in Belfast naar een wedstrijd ging kijken. We hebben hier in een recent verleden de Setanta Cup gekend, waarbij Noord-Ierse en Ierse clubs elkaar troffen: dat verliep zonder enige problemen.'

Dominic Foley, die in eigen land voor Bohemians en Limerick voetbalde, pleit echter voor een andere denkpiste: 'Er schuilt volgens mij voldoende potentie in de Ierse competitie om op eigen benen een volwaardige liga te creëren. Als Man U of Liverpool in Ierland komen spelen, zitten de stadions vol. Idem dito voor onze nationale ploeg. Voetbal is dus zeker populair genoeg, alleen is het zo scheef gegroeid dat iedereen focust op de Engelse competitie. Zowel jonge spelers, die al op heel jonge leeftijd naar daar vertrekken, als voetbalfans, die eerder de Premier League volgen dan de Ierse competitie. Een betere promotie en marketing van onze eigen competitie kan die mentaliteit wijzigen.

Een duel tussen Larnaca en Dundalk in de voorronde van de Europa League vorig jaar. De Ierse landskampioen speelt zijn thuismatchen in het Oriel Park., BELGAIMAGE
Een duel tussen Larnaca en Dundalk in de voorronde van de Europa League vorig jaar. De Ierse landskampioen speelt zijn thuismatchen in het Oriel Park. © BELGAIMAGE

'In die zin beweegt er wel wat bij de federatie, waar er de laatste tijd enkele nieuwe namen de leiding hebben genomen. Iemand als Nial Quinn, een grote meneer in het Ierse voetbal, lanceerde al goede ideeën om het economisch model aantrekkelijker te maken voor bedrijven. Een belastingvoordeel voor zij die in het voetbal willen investeren bijvoorbeeld', besluit Foley zijn betoog.

Ook bij Derry City FC denken ze eerder stapsgewijs dan aan een radicale ommezwaai. Lawrence Moore wijst op het initiatief van de Champions Cup, die afgelopen week afgewerkt werd. Een heen- en terugwedstrijd tussen Linfield FC en Dundalk FC, respectievelijk de kampioenen van Noord-Ierland en Ierland. Daarmee werd een oude traditie opnieuw leven in geblazen. Tussen 2005 en 2014 werd de Setanta Cup georganiseerd, een soort play-offs tussen de vier beste teams uit beide regio's. 'Als die Champions Cup het nodige enthousiasme losweekt, kan je op termijn aan een volgende stap gaan denken', aldus Moore. 'Maar in 2021 al een nieuwe eengemaakte competitie lijkt me onmogelijk.'

Naar één nationale ploeg?

Het is opvallend dat voetbal zowat de enige populaire sport is op het Ierse eiland die géén eengemaakte nationale ploeg voortbrengt. In hurling (teamsport met sticks en een bal), Gaelic Football en rugby, de drie grootste sporten in Ierland, vormen Noord-Ieren en Ieren samen een team. Rugby toont waartoe dat kan leiden: in 2018 wonnen ze de prestigieuze Six Nations Cup en begin 2019 stond de ploeg voor het eerst in de historie nummer één op de wereldranking. In het Croke Park, met zijn 82.000 zitjes een van de grootste stadions in Europa, weerklinkt steevast de Ireland Call, een lied dat in 1995 speciaal gecomponeerd werd als neutraal volkslied ter vervanging van het Ierse volkslied Amhrán na bhFiann en het God Save the Queen van Noord-Ierland en het Verenigd Koninkrijk.

Een eengemaakte voetbalploeg zou ook veel competitiever voor de dag komen dan nu het geval is. 'Maar zoiets zie ik tijdens mijn leven niet meer gebeuren', klinkt het bij de Noord-Ier Lawrence Moore. 'Beide nationale teams hebben een eigen cultureel erfgoed, traditie en historie', zegt de clubmedewerker van Derry City FC. 'Ik ben ervan overtuigd dat de meerderheid van de supporters geen eengemaakte nationale ploeg wil.'

Emmet Malone, journalist van TheIrish Times, trekt echter aan de alarmbel. 'Beide nationale ploegen doen het nu niet slecht, maar ik verwacht dat de Ierse nationale ploegen moeilijke tijden tegemoet gaan. Onze jeugdtalenten komen nog amper terecht bij topteams in Engeland - wat vroeger wel het geval was - het niveau zal achteruit gaan.'

Die devaluatie creëert mogelijk het momentum voor een eengemaakte nationale ploeg, redeneert Malone. 'In de jaren zeventig en tachtig waren er al concrete gesprekken over een gezamenlijke nationale ploeg. Maar toen kende Noord-Ierland een topperiode, met onder andere Martin O'Neill en George Best. Dus was er weinig interesse van hun kant. Nadien kantelde het momentum in ons voordeel. Eigenlijk moet je wachten op een periode waarin beide Ierlanden een zwakke nationale ploeg hebben om zoiets door te drukken. De oprichting van een All Island League kan een opstapje betekenen.

'Een eengemaakte competitie kan een mentaliteitswijziging teweegbrengen, want dan zullen clubs uit het Noorden en het Zuiden sowieso meer in contact komen met elkaar. Dat kan bruggen bouwen tussen fans, bestuurders en media, en de identificatie met het Ierse voetbal verstevigen', denkt Malone.Zeker nu beide Ierlanden meedingen naar een EK-ticket en er de voorbije grote toernooien vaak bij waren, lijkt de nood aan een eengemaakte ploeg helemaal verdwenen. Of het moet zijn dat beide alsnog naast een EK-ticket grijpen en de All Island League vanaf 2021 een gigantisch succes blijkt natuurlijk...

Muurschildering in Belfast, ter ere van een treffen tussen het Noord-Ierse en protestantse Cliftonville en Celtic Glasgow, populair bij de katholieke Ieren., BELGAIMAGE
Muurschildering in Belfast, ter ere van een treffen tussen het Noord-Ierse en protestantse Cliftonville en Celtic Glasgow, populair bij de katholieke Ieren. © BELGAIMAGE
'Puur sportief en economisch gezien klinkt een eengemaakte liga alleen maar logisch. Momenteel stellen beide competities afzonderlijk niets voor. Een drama. In Ierland zijn er maar een paar clubs die op een min of meer professionele basis kunnen werken. In Noord-Ierland eentje: Linfield. Er zijn een drietal deftige voetbalstadions. Het tv-contract is een lachertje.' Aan het woord is Emmet Malone, vooraanstaand voetbalcorrespondent van de Irish Times en fan van de plannen om Noord-Ierland en de Republiek Ierland te verenigen in één competitie, de All Island League, die al vanaf 2021 zou aanvatten. Gesprekken tussen clubs uit beide landsdelen verliepen de voorbije weken in een uiterst positieve sfeer.' 'Alleen heeft de IFA, de Noord-Ierse federatie, zich al uitgesproken tégen zo'n eengemaakte liga. Die negatieve houding van het IFA bemoeilijkt de zaken natuurlijk. 2021 halen wordt zeer onwaarschijnlijk. Initiatiefnemer Kieran Lucid werkte nochtans een goed plan uit en projecteert een omzet tussen de zes en tien miljoen euro', zegt Malone. Ook politiek ligt het idee van een All Island League nog steeds moeilijk, merkt de Ierse journalist op. 'Voetbal is meer dan de andere sporten in Ierland - die nooit anders dan een eengemaakte competitie kenden - een working class aangelegenheid. Voetbalclubs zijn nog steeds nauw verbonden aan lokale gemeenschappen, zeker bij de protestanten in Noord-Ierland. Het is een kwestie van ideologie. In het Zuiden zijn de meeste mensen voor een eengemaakt Ierland, in het Noorden heb je minstens de helft van de bevolking die tegen een eengemaakt Ierland is. Die mensen staan wantrouwig tegenover zo'n liga omdat ze denken dat er een achterliggende agenda bestaat. Maar ik vind het de poging waard. Wat hebben we te verliezen? We hebben miljoenen euro's nodig om de hele omkadering van ons voetbal een facelift te geven. Om dat proces te versnellen zou een All Island League de beste oplossing zijn.' Op de uitkomst van een Brexit hoeven de clubs niet te wachten, meent de journalist. 'Niemand weet wanneer daar een beslissing in valt. Ik denk zelfs dat de initiatiefnemers van deze All Island League een kans zien in de Brexit, die nieuwe geldstromen in gang zal zetten. Ik geloof ook niet in zo een slechte Brexitdeal dat een ploeg uit het Noorden niet meer kan spelen tegen een uit het Zuiden.' De Brexit, een kat vindt er haar jongen niet meer in terug. Een harde of softe deal? En wanneer in godsnaam? Niet enkel clubs in de Premier League wachten (bang) het verdict af. Voor veel clubs op het Ierse eiland zijn het eveneens spannende tijden. Misschien nog het meest voor Derry City FC, een club die haar basis heeft in Londenderry, op Noord-Iers grondgebied, maar al sinds 1987 uitkomt in de Ierse Premier Division. Als katholiek georiënteerde club in een grotendeels protestantse regio kende Derry City FC in de roerige jaren zeventig te veel problemen in de Noord-Ierse competitie, waar hun spelers en fans verketterd en belaagd werden. Sinds ze in 1989 de Ierse landstitel wonnen, mogen ze zich de enige club noemen die zowel in de Ierse als de Noord-Ierse competitie kampioen speelde. Maar wat als er na de Brexit weer grenscontroles komen tussen beide delen van het Ierse eiland? Of als een einde gesteld wordt aan het vrije verkeer van arbeidskrachten tussen EU- en niet-EU-lidstaten? Zo'n scenario kan impliceren dat veel Noord-Ierse voetballers voor de Ierse nationaliteit zullen kiezen (nu bezitten ze vaak beide), om EU-burger te kunnen blijven. En zou dus ook de nationale ploeg van Noord-Ierland op termijn serieus afromen. Voor investeerders zou de Republiek Ierland bovendien een pak interessanter worden dan Noord-Ierland. Een cascade van verstrekkende gevolgen. Lawrence Moore, pr- en mediaverantwoordelijke van Derry City FC, zucht eens. Het seizoen in de Ierse Premier Division - dat loopt van februari tot eind oktober - is net afgelopen, Derry City FC eindigde als semiprofessionele club op een verdienstelijke vierde plek en mag volgend jaar Europa in. Een terugkeer naar de Noord-Ierse competitie lijkt voor hen alvast géén optie, al heeft dat niets te maken met het onveiligheidsgevoel van enkele decennia geleden. Lawrence Moore: 'Het politieke spectrum in Noord-Ierland is de voorbije tien jaar enorm veranderd. Uiteraard is de situatie niet meer dezelfde als in de jaren zeventig. De nieuwe generaties zijn een pak toleranter. Een goed voorbeeld daarvan is dat wij ons stadion The Brandywell tijdelijk delen met Institute, een club uit de Noord-Ierse Premiership. Zonder dat daar enige problemen van komen met supporters. 'De voorbije twintig jaar heeft de stad enorme veranderingen ondergaan', gaat Moore verder. 'De voetbalclub heeft daarin zijn rol gespeeld. Het was een van mijn opdrachten toen ik hier als pr-verantwoordelijke aan de slag ging: we moesten onze hand uitreiken naar álle mensen. Ongeacht geloof of kleur. We hebben spelers van beide landsdelen, van alle soorten religie en afkomst. Wij zijn voor wervingsacties naar protestantse scholen gegaan, of naar wijken die vroeger als antirepublikeins te boek stonden. Onze fanbase is nu zeer divers. Wij hebben zelfs geen politie-aanwezigheid bij thuiswedstrijden, we werken enkel met stewards en dat loopt zonder incidenten.' Waarnemers vrezen in geval van een harde Brexit echter een terugkeer naar de etnisch- religieuze polarisatie van voor het Goedevrijdagakkoord in 1998. De zogeheten Troubles, een turbulente periode die van de jaren zestig tot eind jaren negentig liep en waarbij vele slachtoffers vielen door terreur- en burgergeweld tussen protestanten en katholieken, unionisten (zij die bij het Verenigd Koninkrijk willen horen) en republikeinen (zij die een autonoom en verenigd Ierland willen). Het is tijdens die Troubles dat ook het Ierse voetbal rake klappen kreeg. Voetbalfans durfden nog amper een wedstrijd van hun favoriete team bij te wonen - voornamelijk in de regio rond Belfast. Toeschouwersaantallen liepen drastisch terug tot amper duizend à tweeduizend per wedstrijd in de eerste klasse. Dat is tot op vandaag het gemiddelde aantal toeschouwers. Ook in het zuiden van het land trouwens. Om u een idee te geven: Dundalk FC, de ploeg die in de Ierse competitie vijf van de voorbije zes landstitels won, kan in het Oriel Park maximum 4500 supporters ontvangen. De Ierse voetbalfans richten al enkele decennia hun focus bijna uitsluitend op de Premier League. Ze zijn supporters van Liverpool en Manchester United. Cijfers onderstrepen dat: per jaar reizen zo'n 100.000 Ieren naar Engeland om er in totaal meer dan 120 miljoen euro te spenderen aan voetbaltickets en merchandising. Ook Celtic Glasgow (voor de katholieken) en Glasgow Rangers (voor de protestanten) zijn massaal gevolgde clubs in Ierland. Er ligt dus niemand wakker van een strijd tussen Bohemians, Dundalk of Shamrock Rovers. Uiteraard weerspiegelt die desinteresse zich in de kapitaalkracht van de clubs. Zowel in Noord-Ierland als in Ierland kunnen eersteklassers amper of niet op professionele basis functioneren. Een voorbeeld: in 2006 werd Shelbourne kampioen in Ierland, hoewel het zijn spelers niet meer kon uitbetalen. Aan die impasse wil de Ierse zakenman Kieran Lucid iets veranderen. Hij maakte zijn fortuin in de technologische sector en sinds hij twee jaar geleden zijn bedrijf verkocht, manifesteert hij zich in de voetbalwereld. 'Hij organiseert al enkele jaren een toernooi voor jeugdteams uit beide Ierlanden, ik geloof echt in zijn goede bedoelingen', zegt Irish Times-correspondent Emmet Malone. De competitie zou bestaan uit twaalf teams, zes uit het Noorden en zes uit het Zuiden van het land. Met daaronder nog twee nationale competities. Daar nijpt het schoentje volgens Lawrence Moore van Derry City FC: 'Dat het voor de clubs die aan de All Island League deelnemen, beterschap inhoudt, staat vast. Maar wat met de teams die uit de boot vallen? Bovendien gaapt er momenteel een niveauverschil tussen de Ierse en Noord-Ierse competitie. Volgens mij speelt vooral dat een rol in de afkeuring van de IFA. Zoals het er nu voor staat, zouden de vier Europese plekken waarschijnlijk naar teams uit het Zuiden gaan.' Zelfs de voorrondes van de Europa League betekenen voor de Ierse voetbalclubs heuse vetpotten. Overleef je enkele voorrondes levert dat in totaal al gauw een premie van 250.000 euro op. Als je weet dat de Noord-Ierse kampioen Linfield FC vorig seizoen van de IFA een kampioenspremie ontving van 50.000 euro, is de rekening snel gemaakt.Dominic Foley, ex-spits van KAA Gent en Cercle Brugge, dezer dagen een rustig leven leidend in zijn geboortedorp Charleville, haalt er zijn schouders bij op. Al ziet hij een All Island League best zitten. 'Ik vind het zeker het proberen waard, want alles laten zoals nu helpt ons voetbal ook niet vooruit. Maar zulke gesprekken zijn er in het verleden al vaak geweest, dus eerlijk gezegd laat het de meeste Ieren een beetje koud. Je leest er ook amper over in de krant. Ik vermoed dat er niets concreet in gang zal gezet worden voor er een beslissing is over de Brexit.' Foley oordeelt wel dat het momentum nu beter is dan bij vorige pogingen. 'Noord-Ierland heeft bijvoorbeeld voor het eerst een regering die uit de twee clans bestaan: protestanten en katholieken. Unionisten én republikeinen. Wie dat twintig jaar geleden gezegd zou hebben, werd gek verklaard. Zeg dus nooit nooit.' Al heeft hij ook zijn bedenkingen: 'Veiligheid zou zeker een probleem worden in een All Island League. Vooral door de rondtrekkende voetbalclans. Denk aan de rivaliteit tussen Club Brugge en Gent, voeg daar liters alcohol en nog een religieuze component aan toe: dan krijg je een explosieve cocktail. Zeker gezien de Brexitsituatie. Ongeacht de uitkomst zal er altijd één groep zich benadeeld voelen, de kans bestaat dat die frustratie geventileerd wordt via het voetbal. In het rugby werkt die unitaire competitie zonder problemen, maar dat komt omdat ze daar nooit anders gekend hebben. De rugbyfederatie is nooit gesplitst geweest. Bovendien heerst in die sport een totaal andere fancultuur. Voetbal heeft nu eenmaal die hostiele, agressieve supporterscultuur. Dat zie je in elk land.' Emmet Malone erkent, maar nuanceert die stelling. 'De vrees voor oplaaiend supportersgeweld is een tegenargument dat je inderdaad vaak hoort. Ik wil niet beweren dat er géén problemen zouden opduiken - er leven nog steeds fanatiekelingen aan beide kanten van de grens - maar de politieke tegenstellingen zijn bijlange niet meer te vergelijken met vroeger. In de jaren tachtig moest ik echt om mijn leven vrezen als ik in Belfast naar een wedstrijd ging kijken. We hebben hier in een recent verleden de Setanta Cup gekend, waarbij Noord-Ierse en Ierse clubs elkaar troffen: dat verliep zonder enige problemen.' Dominic Foley, die in eigen land voor Bohemians en Limerick voetbalde, pleit echter voor een andere denkpiste: 'Er schuilt volgens mij voldoende potentie in de Ierse competitie om op eigen benen een volwaardige liga te creëren. Als Man U of Liverpool in Ierland komen spelen, zitten de stadions vol. Idem dito voor onze nationale ploeg. Voetbal is dus zeker populair genoeg, alleen is het zo scheef gegroeid dat iedereen focust op de Engelse competitie. Zowel jonge spelers, die al op heel jonge leeftijd naar daar vertrekken, als voetbalfans, die eerder de Premier League volgen dan de Ierse competitie. Een betere promotie en marketing van onze eigen competitie kan die mentaliteit wijzigen. 'In die zin beweegt er wel wat bij de federatie, waar er de laatste tijd enkele nieuwe namen de leiding hebben genomen. Iemand als Nial Quinn, een grote meneer in het Ierse voetbal, lanceerde al goede ideeën om het economisch model aantrekkelijker te maken voor bedrijven. Een belastingvoordeel voor zij die in het voetbal willen investeren bijvoorbeeld', besluit Foley zijn betoog. Ook bij Derry City FC denken ze eerder stapsgewijs dan aan een radicale ommezwaai. Lawrence Moore wijst op het initiatief van de Champions Cup, die afgelopen week afgewerkt werd. Een heen- en terugwedstrijd tussen Linfield FC en Dundalk FC, respectievelijk de kampioenen van Noord-Ierland en Ierland. Daarmee werd een oude traditie opnieuw leven in geblazen. Tussen 2005 en 2014 werd de Setanta Cup georganiseerd, een soort play-offs tussen de vier beste teams uit beide regio's. 'Als die Champions Cup het nodige enthousiasme losweekt, kan je op termijn aan een volgende stap gaan denken', aldus Moore. 'Maar in 2021 al een nieuwe eengemaakte competitie lijkt me onmogelijk.'