Wat voor werk doe je ?

Ik ben kinderverpleegkundige in het Academisch Ziekenhuis van Maastricht. We werken in verschillende shiften. Dat is niet altijd even gemakkelijk. Nu heb ik de nachtdienst, maar volgende week ochtenddienst. Die wisseling maakt het moeilijk. Ik moet bijna elke week volgens een ander ritme leven. Het liefst heb ik ochtenddienst. Dan moet ik wel heel vroeg opstaan, maar als ik gedaan heb met werken, heb ik nog een hele namiddag. Als ik middagdienst heb, slaap ik sowieso al langer. De voormiddag vliegt dan voorbij, voor je het weet is het middag. Vanaf dan hou ik de klok constant in het oog, schrik o...

Ik ben kinderverpleegkundige in het Academisch Ziekenhuis van Maastricht. We werken in verschillende shiften. Dat is niet altijd even gemakkelijk. Nu heb ik de nachtdienst, maar volgende week ochtenddienst. Die wisseling maakt het moeilijk. Ik moet bijna elke week volgens een ander ritme leven. Het liefst heb ik ochtenddienst. Dan moet ik wel heel vroeg opstaan, maar als ik gedaan heb met werken, heb ik nog een hele namiddag. Als ik middagdienst heb, slaap ik sowieso al langer. De voormiddag vliegt dan voorbij, voor je het weet is het middag. Vanaf dan hou ik de klok constant in het oog, schrik om te laat te vertrekken. Ik speel volleybal. We zijn een goede middenmoter in tweede provinciale in Limburg. We gaan regelmatig op stap, dat is heel belangrijk voor de groepssfeer. Ik ben de libero van de ploeg. Dat wil zeggen dat ik alleen in het achterveld speel. Ik sta er om de recepties zo goed mogelijk aan het net te krijgen en zoveel mogelijk ballen te verdedigen. Het is niet altijd gemakkelijk om alles te combineren : die wisselende shiften op het werk, het huishouden en de volleybal. Maar met een goede planning lukt het wel. (Resoluut) Volleybal. Daarin is meer actie dan in voetbal. Ongeveer elke dertig seconden wordt er een punt gemaakt. Voetballers lopen soms negentig minuten achter een bal zónder dat ze scoren. Met geluk zie je enkele goede acties in een hele wedstrijd. De actie van het volleybal trekt me meer aan. Ik zou hem wel volgen, maar liefst naar een land waar ik me verstaanbaar kan maken. Pas op, een taal kun je leren. Maar ik heb schrik dat ik me er zou vervelen. Ik heb ook wel last van heimwee. Die zou alleen maar groter worden, mocht ik er niets om handen hebben. Enorm ijdel. Ik geloof dat er in de badkamer meer crèmes en potjes van hem staan dan van mij. Als we samen in de badkamer staan om ons klaar te maken, ben ik steevast eerder klaar. Behalve 's morgens als hij moet gaan trainen, dan trekt hij er zich niets van aan. Dan kamt hij zelfs zijn haren niet. (Tot Bernt :) Ik heb toch gelijk, hé ? Soms wel. Ik heb het nogal moeilijk met al die aandacht. Iedereen die een babbeltje met je wilt slaan, die vraagt hoe het met je gaat. Ze denken dat ze je goed kennen, terwijl ze me enkel kennen als de vriendin van Bernt. Daar houdt het voor hen op. Die mensen hebben het beste met me voor, maar het is niet altijd even gemakkelijk. Vooral in het begin moest ik wennen aan die aandacht. We hebben een hondje, Senne. Maar hij blijft vaker bij mijn ouders dan bij ons. Daar heeft hij een tuin waarin hij kan rondlopen en ravotten. Maar hij komt geregeld logeren bij ons. Ik heb in Nederland verpleegkunde gestudeerd. Meteen na mijn studies kreeg ik een job aangeboden in het ziekenhuis van Maastricht. Het zou zonde zijn die kans zomaar op te geven. Bovendien is het in Limburg veel rustiger dan in Antwerpen. Een drukke stad zegt ons allebei niet zo veel. We hebben door onze job nogal een druk leven, dan is het fijn om in een rustige buurt te wonen. door Griet Geebelen