Het aantal profs is tegenover vorig jaar licht gedaald, maar dat kan nog veranderen door de extreem vroege start van de competitie, meer dan een maand voor het afsluiten van de transferperiode. Vorig jaar lag het aantal profs het hoogst (448). In 1994/95 startte de eerste klasse met 364 profvoetballers. Dat waren er gemiddeld 20 per kern, nu zijn dat er 24.
...

Het aantal profs is tegenover vorig jaar licht gedaald, maar dat kan nog veranderen door de extreem vroege start van de competitie, meer dan een maand voor het afsluiten van de transferperiode. Vorig jaar lag het aantal profs het hoogst (448). In 1994/95 startte de eerste klasse met 364 profvoetballers. Dat waren er gemiddeld 20 per kern, nu zijn dat er 24. In vergelijking met de twee vorige seizoenen is het aantal Belgen in de eerste klasse opnieuw gestegen. Met 57 procent zitten we bijna op het niveau van 2003/04. In 1994/95 bedroeg het percentage Belgen in de hoogste afdeling nog 72 procent. Zeven van de achttien eersteklassers telden bij het afsluiten van dit dossier meer buitenlanders dan Belgen. Het zijn Bergen, Beveren, Charleroi, Gent, Lokeren, Moeskroen en Standard. Vorig jaar waren landgenoten bij zes clubs in de minderheid, het jaar daarvoor bij vijf. Beveren telt nog altijd het minste aantal Belgen (29 procent) maar is aan een inhaalbeweging bezig : vorig seizoen bedroeg hun aandeel slechts 15 procent. Standard maakt een nog groter inhaalmanoeuvre : het ging van 17 naar 45 procent. Roeselare (88 procent) is net als vorig seizoen het meest Belgisch getint, gevolgd door Zulte Waregem (82 procent) en Sint-Truiden (73 procent). De sportieve resultaten gaven hen alvast gelijk. Op het aantal buitenlanders staat in België sinds het arrest-Bosman geen beperking. Omdat evenmin kwalitatieve eisen worden gesteld aan buitenlandse nieuwkomers, geldt België voor buitenlanders en hun managers al jaren als de ideale testmarkt. Wie hier voldoende caps verzamelt voor de nationale ploeg, mag dromen van een club in een hoger aangeschreven competitie. In de top tien van de in de eerste klasse vertegenwoordigde nationaliteiten is Frankrijk nog duidelijker dan de vorige twee jaren koploper. Bijna één speler op twaalf in de eerste klasse is een Fransman. Tien jaar geleden waren er géén Fransen in onze hoogste afdeling, wegens onbetaalbaar. De massale productie van talenten in de centres de formation en de toegenomen werkloosheid in eigen land nopen veel Fransen ertoe hun financiële eisen te verlagen en hun toevlucht hier te zoeken. Het aantal Fransen is bijna dubbel zo groot als het aantal Ivorianen, net als vorig jaar de op een na talrijkste groep. Na het vertrek van Jean-Marc Guillou uit Beveren slinkt hun aantal. Servië & Montenegro blijft op de derde plaats : omdat zich bij de rondvraag geen Montenegrijnen outten, blijft dit seizoen de oude landsbenaming gehandhaafd. De Kroaten wippen over de Brazilianen naar de vierde plaats. Vorig jaar was er één Argentijn bij de competitiestart, nu duikt Argentinië met negen spelers (in slechts twee clubs) de top tien binnen. Ook Kameroen verschijnt in die top tien. Australië (nog twee spelers in eerste, twee jaar geleden nog tien) staat er niet meer in. Hoe het vroeger was ? In 1994/95 waren van de 103 buitenlanders de Hongaren, Brazilianen en Nederlanders (elk net 11 spelers) het best vertegenwoordigd. Geen club levert meer eersteklassespelers dan Club Brugge (achttien). Zes zitten in de eigen kern, twaalf voetballen bij een van de zeventien andere eersteklassers. Ook vorig jaar leverde Club de meeste spelers in de eerste klasse. Lierse, in 2000 nog nummer één, neemt de tweede plaats in die afgelopen seizoen aan Brussels toe kwam. Twee jaar geleden kwamen de meeste Belgen in eerste nog van Anderlecht (zeventien), dat nu derde staat. Westerlo (in de voorbije competitie laatste met slechts drie spelers) schuift flink op, Gent zakt naar het niveau van Zulte Waregem, dat net als vorig jaar onderaan staat, onder het niveau van ex-eersteklassers als Club Luik, La Louvière en KV Mechelen. Opmerkelijk : alle zeven Belgen van Beveren kregen hun opleiding in eigen huis. Niemand heeft komend seizoen meer eigen talenten in de kern dan STVV. Liefst 41procent van de A-kernspelers kreeg een opleiding op Staaien. Lierse en Germinal Beerschot (elk 35 procent) en Moeskroen (33 procent) volgen. De nummers één en twee van verleden seizoen (Club en Cercle, toen respectievelijk met 34 en 35 procent) halen nu 23 en 32 procent. Het minst eigen talenten tellen Gent (12 procent), Bergen (13) en Zulte Waregem (14). Vorig jaar waren dat Westerlo (9) en opnieuw Gent (8), dat een paar jaar na het vertrek van Johan Boskamp de jeugdwerking op een laag pitje zette wegens onvoldoende rendabel qua verhouding prijs-kwaliteit. De gegevens op deze pagina's zijn gebaseerd op gegevens die tot en met 20 juli zijn opgenomen in deze competitiespecial. Wel werd de transfer van Patrice Noukeu van Moeskroen naar Gent meegerekend. De vergelijkingen met vorige seizoenen gebeurden met de gegevens die beschikbaar waren op het moment dat die competitiespecials werden afgesloten. Eigen jeugd betreft die spelers die vanuit de jeugdopleiding in de A-kern belandden. Sven Verdonck is van oorsprong een Lierseproduct maar wordt als jeugdproduct van Genk beschouwd omdat hij daar de overstap maakte van de jeugdopleding naar de A-kern. GEERT FOUTRé