Er wordt volop gewerkt in en rond de Genkse Luminus Arena, en dat heeft alles te maken met de loting voor de Champions League. Zo'n topcompetitie laat de club ook toe om wat al langer op het to do-lijstje stond bij te werken.
...

Er wordt volop gewerkt in en rond de Genkse Luminus Arena, en dat heeft alles te maken met de loting voor de Champions League. Zo'n topcompetitie laat de club ook toe om wat al langer op het to do-lijstje stond bij te werken. Tevreden bladert algemeen directeur Erik Gerits door de kersverse presentatiebrochure van de eigen club die bestemd is voor de Europese tegenstanders. Een mooi visitekaartje, maar eigenlijk heeft Genk dat niet meer nodig. Voorbij is de tijd dat men in het buitenland Gent en Genk door elkaar haalde, en dat post, bestemd voor de ene club, aan de andere kant van Vlaanderen belandde. Vandaag is Genk een sterk merk in Europa door de faam van zijn jeugdacademie die buitenlandse toppers afleverde ( Kevin De Bruyne, Thibaut Courtois, Timothy Castagne,...) en zijn kunst om jong buitenlands talent te kneden tot potentiële toppers. Het maakt dat Gheorghe Hagi zijn zoon Ianis naar een club stuurde die hij kort tevoren waarschijnlijk niet eens op de kaart kon situeren, en dat goeie voetballers als Paul Onuachu en Patrik Hrosovsky een paar dagen voor de CL-loting in Genk en niet elders worden voorgesteld. Het goed transfereren van jong talent liet de kampioen ook toe om in eigen land een financiële buffer aan te leggen. Voorbij is de tijd dat technisch directeur Dimitri de Condé in het buitenland speurde, bij zijn thuiskomst enthousiast een paar namen presenteerde, om prompt te horen dat er geen geld was om nieuwe spelers te halen. Pas met de verkoop van de resterende transferrechten op Sergej Milinkovic-Savic (voor negen miljoen, evenveel als zijn transferprijs twee jaar eerder) in 2017 bezorgde KRC Genk zichzelf een financiële buffer waardoor het sindsdien geen speler meer moest verkopen om het budgettaire gat dicht te rijden. Daardoor kunnen De Condé en zijn scoutingteam nu wél de spelers naar Genk halen van wie ze overtuigd zijn, ook nu de prijzen flink zijn gestegen. Deze zomer haalde de kampioen liefst vijf voetballers voor wie telkens iets minder of meer dan vijf miljoen euro moest betaald worden. Dat kan ook met het budget dat de landskampioen dit jaar hanteert. Met 60 miljoen (Europees voetbal en transfers inbegrepen) moet Genk enkel nog Club Brugge (70 miljoen) laten voorgaan. Vorig jaar stond Genk op de Belgische rangschikking qua budgetten met 25 miljoen nog op een vijfde plaats, gedeeld met Antwerp. Die sprong dankt het aan de 15,2 miljoen startpremie voor de Champions League die het dit jaar opstrijkt en de 43 miljoen inkomsten van deze zomer (20 miljoen voor Leandro Trossard, 13 miljoen voor Roeslan Malinovski, 8 miljoen voor Joseph Aidoo en 1,5 miljoen voor Marcus Ingvartsen). De enige uitzondering op het profiel van de doorsnee-Genkse aanwinst, is de Slovaak Patrik Hrosovsky die al 27 jaar is. 'Maar we hebben ook rendement op korte termijn nodig, stabiliteit en leiderscapaciteiten. Die brengt Patrik ons, ' rechtvaardigde De Condé de atypische aankoop. Net als de Nigeriaanse spits Onuachu (25) volgden De Condé en zijn team de Slovaak al twee jaar. De reden waarom het zo lang duurde? 'Omdat we de voorbije jaren onze financiële beperkingen hadden, die dankzij de inkomsten van de CL nu niet meer gelden.' Tegen Anderlecht viel Hrosovsky al even in maar drukte hij zijn stempel nog niet. Op Club Brugge had zelfs ex-Genktrainer Philippe Clement hem in de basis verwacht, maar de Slovaak maakte pas na de rust zijn opwachting. Daardoor startte de kampioen met een bank met vier spelers die deze zomer voor samen meer dan zestien miljoen euro werden aangetrokken ( Ianis Hagi, Hrosovsky, Onuachu, Carlos Cuesta) en waar in extremis Benjamin Nygren en Stephen Odey (samen zo'n 6,5 miljoen euro) afvielen. Straf. Ook straf was dat twee Genkse sterkhouders startten van wie iedereen verwachtte dat ze rond deze tijd bij een buitenlandse club zouden voetballen. Met Sander Berge en topschutter Ally Samatta trad Genk op Club Brugge aan met liefst negen spelers met wie het drie maanden geleden de titel won. Zonder de blessure van doelman Danny Vukovic waren dat er zelfs tien geweest. De elfde, de Pool Jakub Piotrowski, die vorig jaar amper speelde, zwoegde zich te pletter, maar Genk kreeg pas grip op de match toen Hrosovsky na rust inviel. Meteen kwam er meer lijn in het Genkse spel, raakten de Limburgers steeds vaker op de Brugse helft, en zorgden ze voor meer dreiging, altijd met een voet van Hrosovsky in zo'n actie. Van nature is de intelligente maar ietwat timide Slovaak een controlerende middenvelder, maar zelf omschrijft hij zich als een box-to-box. In die hoedanigheid toonde hij zich op Club ook. Heerlijke voetballer, technisch begaafd, hard werkend, zich overal aanbiedend, klaar kijkend en met een goeie pass in de voet. Een type-Malinovski, noemde Dimitri de Condé hem eerder op de week, op de vraag wat hem twee jaar geleden al zo aansprak in de toenmalige speler van Viktoria Pilsen. Het gevolg? Meteen na zijn inbreng kwam ook Sander Berge, die tot dan enkel Hans Vanaken geneutraliseerd had, steeds meer dreigen, kon Bryan Heynen zonder omkijken een rij naar voor, en werden de flankspelers mooi tussen de lijnen aangespeeld. Kortom: met Hrosovsky heeft Genk weer een middenveld dat dominant en op een ander ritme kan voetballen dan tot voor zondag het geval was. Op de vraag waarom hij voor KRC Genk had gekozen, antwoordde de Slovaak dat hij na tien jaar bij Pilsen aan een nieuwe uitdaging toe was. De Tsjechische club weigerde de afgelopen jaren om hem te laten gaan, door een enorm hoge prijs op zijn hoofd te zetten. Pas toen Genk zijn bod van vijf naar zes miljoen verhoogde en de speler eerst nog de Europese voorrondes met Pilsen (onder meer tegen Antwerp) liet afwerken, ging die akkoord met de verkoop. Het maakt dat Genk tenminste één speler in zijn rangen heeft met Champions League-ervaring. De anderen juichten toen ze vrijdag de loting hoorden. In een filmpje waarin gevraagd werd waaraan ze dachten toen ze de naam van de tegenstanders hoorden, antwoordde Sander Berge bij het horen van Napoli 'pizza' en bij Liverpool 'The Beatles'. Met de CL-deelname realiseren de meeste Genkse spelers een kinderdroom. Tot voor een paar weken dreigde op basis van het getoonde spel die droom wel eens in een sportieve nachtmerrie te zullen ontaarden. Met de inbreng van Hrosovsky is dat plots veranderd. Met hem heeft Genk de motor die het nog ontbeerde, en die het hard zal nodig hebben wanneer de Europese schijnwerpers straks aanfloepen.