"Vijf jaar geleden kwam ik naar Bree", begint de Nederlander Johan Roijakkers zijn wonderbaarlijke verhaal. "Maar ik raakte nooit verder dan een stek als vaste tiende of zelfs elfde man, ik was simpelweg niet goed genoeg. Ik leerde op elke training ontzettend veel bij en zolang ik het gevoel had beter te worden, kon ik daarmee leven. Ik heb altijd al een bepaalde voorliefde gekoesterd voor het tactische aspect van de sport. Op training fungeerde ik dikwijls als flexibele pion om tactische concepten in te oefenen. Ik kende alle systemen, op elke positie."
...

"Vijf jaar geleden kwam ik naar Bree", begint de Nederlander Johan Roijakkers zijn wonderbaarlijke verhaal. "Maar ik raakte nooit verder dan een stek als vaste tiende of zelfs elfde man, ik was simpelweg niet goed genoeg. Ik leerde op elke training ontzettend veel bij en zolang ik het gevoel had beter te worden, kon ik daarmee leven. Ik heb altijd al een bepaalde voorliefde gekoesterd voor het tactische aspect van de sport. Op training fungeerde ik dikwijls als flexibele pion om tactische concepten in te oefenen. Ik kende alle systemen, op elke positie." Als dank voor zoveel inzet en loyaliteit duidde headcoachPaul Ver- vaeck hem de voorbije zomer als assistent-coach aan. Ondertussen zou Roijakkers ook speler blijven. De jonge Nederlander wist eerst niet goed of hij blij dan wel ontgoocheld moest zijn : "Vervaeck zei me op de man af : 'Als speler kom je tekort op dit niveau, maar als coach kan je misschien meer bereiken.' Dus werd ik zijn assistent. Ik lag zeer goed in de groep omdat ik altijd hard werkte en nooit klaagde. Het was moeilijk om een evenwicht te vinden tussen mijn rol als speler en als assistent-coach : de ene keer zit je in de kleedkamer, de andere keer bij de coach. Mijn relatie met Vervaeck was goed, we bekeken samen video's van wedstrijdfasen en ook de voorbereiding deden we altijd samen. Ik heb veel van hem geleerd, vooral zijn aanvallende structuren waren zeer goed. Vervaeck drukte me echter op het hart dat ik een eigen visie moest ontwikkelen en niet zomaar mocht kopiëren. Ondertussen heb ik de knop omgedraaid : vroeger wilde ik verbeteren als speler, nu als coach. Mijn spelerscarrière beschouw ik als een afgesloten hoofdstuk, ik denk niet dat ik ooit nog zal spelen. Daar heb ik geen moeite mee, want coachen vind ik ook leuk."Samen met het bericht van het ontslag van coach Vervaeck en manager Eddy Swaeb, kwam de melding dat Johan Roijakkers de leiding zou overnemen in samenwerking met een andere speler, Wim Vanhaele. Na een pijnlijke nederlaag in de beker van België tegen Falco Sint-Amandsberg (in de terug- ronde goedgemaakt met een 98-63- overwinning) werd echter duidelijk dat die duo-aanpak niet werkte. "Wim wilde én speler én coach zijn", zegt Roijakkers. "Dat ging niet, het werd niet gerespecteerd door de andere spelers. Iedereen wilde zijn zegje doen en onze defense was absoluut klote. Toen Wim mij na Falco liet vallen, knakte er iets in mij. Tegen het bestuur heb ik gezegd : op deze manier niet. De groep besloot dat ik alleen mocht doorgaan en dat Wim weer gewoon speler zou worden. Na de zege op Antwerpen zag je dat de spelers vertrouwen in mij kregen. Vervolgens wonnen we ook op Charleroi en Pepinster en als ik nu iets zeg, luistert iedereen meteen. Ik besef echter dat ik hier niet zou staan als ik in mijn eerste drie wedstrijden verloren had tegen Antwerpen en Wevelgem." Tijdens de wedstrijden durft Roijakkers af en toe nog eens om een goedkeurende blik lonken bij voorzitter Rik Monnens of manager Rudi Kuyl, maar dat getuigt enkel van een zekere gedienstigheid. Het blijft opmerkelijk dat een jonge twintiger die uiteindelijk nog maar weinig bewezen had in de basketwereld, zo vlug het vertrouwen kreeg van een hele lichting anciens. Zelf staat de benjamin daar niet te veel bij stil. " Hun zien ook dat ik er veel voor doe en dat dwingt respect af. Ik heb er geen moeite mee om ervaren spelers commando's te geven. Vlak na mijn aanstelling maakte ik voor de groep een video met allemaal verdedigende blunders. Nadien laat ik hen de goede dingen zien, zoals na Antwerpen en Charlerloi. Ik toon hen dat als ze naar mij luisteren en goed roteren, dat ook resultaat oplevert. Als de spelers zien dat Marcus Faison driemaal balverlies lijdt omdat hij ingesloten is door drie man van ons, dan wéten ze dat het werkt." Aan het aanvallende concept van Vervaeck veranderde Roijakkers niets. "Dat was schitterend, maar verdedigend vond ik dat het anders kon. Tijdens oefenpartijtjes geef ik bijvoorbeeld vier punten extra als je een charge ( een speler opwachten, nvdr) neemt en vervolgens zie je iedereen als een gek voor die charge gaan. Zaterdag op de wedstrijd merk ik dan dat mijn spelers met drie man één tegenstander staan op te wachten. Verdedigend staan we nu ijzersterk. Ik hanteer een octopus-defense, waarbij iedereen elkaar helpt en snel doorschuift. Dat systeem werkt uitstekend : zowel Charleroi als Pepinster kon een paar keer geen shot creëren binnen de 24 seconden. Pepinster raakte soms zelfs niet over de middellijn. Die verdedigende instelling heb ik geleerd op de basketbalkampen van Ton Boot, die ik destijds als zestienjarige volgde." H erbert Baert, één van de spelers die onder Roijakkers helemaal openbloeide, verklaarde in de kranten : 'Johan brengt ons Nederlandse arrogantie bij.' Roijakkers erkent : "In Nederland is het geloof in eigen kunnen groter. Ik probeer mijn tien spelers beter te maken dan die van de tegenstander door uit te gaan van onze eigen sterkte. Zo zeg ik tegen YvesDupont : 'Wat kan het mij schelen of daar nu Len Matela of Andre Riddick staat, jij bent de beste center van België !' Ook vertel ik mijn spelers dat degene die openstaat, een shot moet nemen en geloven dat hij zal scoren. De vier anderen gaan er daarentegen van uit dat hij mist en kiezen voor de rebound. Ik roteer nu ook anders. Als iemand in foutenlast is, laat ik hem staan. Dupont ging vroeger bijvoorbeeld na twee fouten minder agressief spelen omdat hij schrik had om gewisseld te worden bij een derde fout. Terwijl hij nu weet dat hij blijft staan. Mannen als Dupont, Baert en Van- haele acht ik ervaren genoeg om met een foutenlast te spelen." De anciens heeft Roijakkers op korte tijd kunnen overtuigen, maar hoe gaat hij om met de jongeren in de kern ? De mannen wiens toekomstplannen en ambities hij deelde. "Bij een coachwissel zijn er altijd jongens die denken dat ze meer kansen zullen krijgen", weet hij. "Maar ik roteer zoals ik denk dat we het hoogste rendement halen. Voorlopig zijn Jochen Ceyssens en Wim Vanhaele daar de dupe van. Ik zit hier om te winnen, punt uit. Als ik iedereen te vriend wil houden, moet ik met een chronometer langs de zijlijn zitten om ervoor te zorgen dat iedereen evenveel speelt. Ik doe gewoon wat het beste is voor Bree. Of je nu 18 of 28 bent, interesseert mij niet, de beste speelt." door Matthias Stockmans