Had Club Brugge ooit een betere centrale verdediger dan Edi Krieger? Een hele waaier aan buitenlanders passeerde in de loop van de geschiedenis op deze positie de revue, de ene al wat gracieuzer dan de andere, maar niemand die de defensie op een meer efficiënte manier leidde dan deze Oostenrijkse strateeg. Want het was bij Krieger dat de sleutel lag van de gouden Brugse periode, hij bepaalde wanneer de buitenspelval werd opengetrokken.
...

Had Club Brugge ooit een betere centrale verdediger dan Edi Krieger? Een hele waaier aan buitenlanders passeerde in de loop van de geschiedenis op deze positie de revue, de ene al wat gracieuzer dan de andere, maar niemand die de defensie op een meer efficiënte manier leidde dan deze Oostenrijkse strateeg. Want het was bij Krieger dat de sleutel lag van de gouden Brugse periode, hij bepaalde wanneer de buitenspelval werd opengetrokken. Op zijn minst ongewoon was de manier waarop Krieger bij Club Brugge arriveerde. Dat was in 1975, nadat Club in een vriendschappelijke partij op Rapid Wien een forse nederlaag had opgelopen. Trainer Ernst Happel was in alle staten en eiste versterking. Hij wist ook wie. Zo kwam de op dat moment bij Austria Wien spelende Edi Krieger bij Club Brugge terecht. Edi wie? Niemand die van hem had gehoord, Krieger was 28 jaar en had nog geen enkele aanbieding gekregen. Een transfer met risico's, zo vonden velen. Maar de Oostenrijker paste zich meteen wonderwel aan. In tegenstelling tot zijn vrouw, die na drie maanden naar Wenen terugkeerde. Dat bleek voor Krieger niet echt een probleem. Samen met zijn gabber Birger Jensen fladderde hij als een vrije vlinder door het leven. De heren aanschouwden het krieken van de ochtend geregeld vanuit een of ander café. Toen het op dat vlak dreigde te ontsporen, greep Happel in. Vier maanden lang kwam hij iedere avond bij hem thuis. Zo kon Krieger geen stapje in de wereld zetten. In plaats daarvan praatte hij met zijn trainer uren en uren over voetbal. Zo groeide er tussen beiden een zeer hechte band. Toen Krieger in Wenen met vakantie was, trok hij twee, drie keer per week naar het stamcafé van Happel, dan zat hij zwijgend naast hem, terwijl die met zijn oude vrienden een kaartje legde. Het waren andere tijden. Zo reisde Krieger bijvoorbeeld ooit met de trein naar de halve finale van de Europacup voor landskampioenen bij Juventus Turijn. Samen met Paul Courant. Beiden hadden angst om te vliegen. Ze vertrokken twee dagen voordien en waren 24 uur onderweg. En ze kwamen een dag na hun ploegmaats weer in Brugge aan. Geen mens die daar moeilijk over deed. In wezen was daar ook geen aanleiding voor. De prestaties waren uitmuntend en Edi Krieger voedde met zijn lange, strak getrapte ballen het aanvalsspel. Dat kon omdat er met Georges Leekens een voorstopper voor hem stond die dat toeliet en die, zoals Krieger herhaaldelijk zei, veel meer was dan een scheermes. Leekens slaagde er immers ook vaak in een fractie van een seconde sneller te denken dan zijn tegenstander en loste dus veel op door tijdig te anticiperen. Bovendien speelde Club toen dicht tegen de middellijn, dat deed geen enkele andere ploeg in Europa, net zoals geen enkel ander team zijn vleugelverdedigers zo vaak vooruit stuurde. Edi Krieger kreeg daar een kick van. Hij kon dirigeren naar believen. Hij was ook snel, zoals er toen in heel de ploeg veel snelheid zat. En voetbalintelligentie, het vermogen om een stap vooruit te denken. Na zijn afscheid in 1978 is Edi Krieger nog amper in Brugge geweest. Hij leeft als het ware ondergedoken, ver weg van de schijnwerpers van de publiciteit. Hij trainde in Wenen ooit een clubje dat naar de naam Austria Wien luistert. Door een aantal verkeerde calculaties verloor hij op een gegeven moment veel geld. Hij liet zich rollen door perfide zakenmensen, investeerde in wankele aandelen en nam samen met een vennoot een café over dat failliet ging. Krieger heeft daar nooit over geklaagd. Hij praatte, zo merkten we jaren geleden tijdens een ontmoeting in de Oostenrijkse hoofdstad, met vertedering over zijn periode in Brugge en wordt ontroerd als hij denkt aan de enorme vriendschap die er in de ploeg heerste. Vriendschap was voor hem altijd het allerbelangrijkste in het leven. Die band van solidariteit die hij bij Club Brugge aantrof, vond Krieger nergens anders meer terug. Verbaasd was hij daarom op de begrafenis van Ernst Happel, waar Club Brugge door niemand was vertegenwoordigd. In het leven, zo ervoer hij, worden bladzijden snel omgedraaid. ?