Volgens Raoul Peeters, trainer van SV Roeselare, valt er alleen maar positief te spreken over Pieterjan Monteyne, de amper achttienjarige linksachter van GBA. Een nuchtere en kalme jongen, die eenmaal op het veld een heel zelfverzekerde indruk laat. Dat wordt bevestigd tijdens het vraaggesprek, waarin de jeugdinternational na een aarzelend begin - zenuwachtige trekjes aan ring en uurwerk - al gauw onder stoom geraakt. Een monoloog van een beloftevolle verdediger, die op aanraden van Franky Van der Elst naar het Kiel verhuisde.
...

Volgens Raoul Peeters, trainer van SV Roeselare, valt er alleen maar positief te spreken over Pieterjan Monteyne, de amper achttienjarige linksachter van GBA. Een nuchtere en kalme jongen, die eenmaal op het veld een heel zelfverzekerde indruk laat. Dat wordt bevestigd tijdens het vraaggesprek, waarin de jeugdinternational na een aarzelend begin - zenuwachtige trekjes aan ring en uurwerk - al gauw onder stoom geraakt. Een monoloog van een beloftevolle verdediger, die op aanraden van Franky Van der Elst naar het Kiel verhuisde. Pieterjan Monteyne : "Vanaf de duiveltjes heb ik alle jeugdreeksen doorlopen bij SV Roeselare. Altijd op de linkse kant, afwisselend als middenvelder en als verdediger. Al mijn vrienden van op school, onder wie Brecht Verbrugghe van AA Gent, hadden zich ingeschreven. Ik ben altijd gek geweest van voetbal. Paolo Maldini, een van de beste linksachters ter wereld, en Marc Degryse waren mijn idolen. Maldini is perfect tweevoetig, heel sterk in de duels en leeft zich ook graag offensief uit. Degryse was een jongen uit de streek. Ardooie ligt maar op tien minuten van Roeselare. Ik bewonderde hem vooral voor zijn sublieme acties. "Vorig seizoen begon ik bij de B-kern van Dirk Azou, maar midden augustus werd ik samen met Angelo Paravizzini overgeheveld naar de eerste ploeg. Het was heel anders, ik kreeg voor het eerst mijn kans tussen profs. Ik debuteerde op de vierde speeldag thuis tegen Cercle Brugge. Daarna speelde ik nagenoeg alle wedstrijden. Het was wel niet altijd gemakkelijk te combineren met mijn laatste jaar wetenschappen-wiskunde. Ik moest verplicht aanwezig zijn in de lessen. Samen met de trainer kozen we dan maar voor de gulden middenweg. Het gebeurde geregeld dat ik meetrainde met de invallers. "De concreetste interesse kwam er van KV Mechelen en GBA. Had ik voor het financiële aspect geopteerd, dan speelde ik nu voor KV Mechelen. Uiteindelijk koos ik voor GBA, omdat ze in eerste klasse speelden en Franky Van der Elst mij absoluut wilde. Hij wilde met een jonge ploeg spelen en zat ongeveer zeven keer in de tribune om te scouten. Ik voelde me vereerd, maar twijfelde lang omdat deze stap misschien te vroeg kwam. Ik ben nog maar achttien en had schrik om in de anonimiteit verzeild te geraken. Bij SV Roeselare was ik immers zeker van een basisplaats. Na een gesprek met mijn ouders zag ik het liever als een unieke kans, die niet voor iedereen is weggelegd. Bovendien kon ik het voetbal blijven combineren met studies handelsingenieur aan de Ufsia. Ik wil nog iets doen na het voetbal en liever niet in dat beperkte wereldje blijven.""Ook Ajax was fel voor mijn overgang. Ze hadden me aan het werk gezien in Slovakije en betaalden blijkbaar ook een deel van de transfersom ( 12 miljoen frank, nvdr). Ik kon niet klagen, hé ( lacht). Bij de afsluitende onderhandelingen was Leo Beenhakker aanwezig. Hij vroeg me of ik geïnteresseerd was. Ik kon alleen maar bevestigend antwoorden. In het leven moet je af en toe wat risico's nemen. Maar Ajax is nog veraf, hoor. Als ik mijn vijfjarig contract hier uitdien, ben ik nog altijd maar 23. Het is alleszins een club die aanspreekt. "Ik kende een probleemloze aanpassing. Alleen fysiek was de verandering groot, doordat we soms twee- tot driemaal per dag trainden. Het was ook mijn eerste echte voorbereiding met een A-kern. Gelukkig hield de trainer rekening met de vermoeidheid en zware benen. Ik kroop vaak al om tien uur doodmoe in bed. Het eerste contact met Marc Degryse gaf me een raar gevoel. Ik kende hem enkel vanop TV, maar op stage waren we kamergenoten. Marc is, op en naast het veld, de perfecte raadgever voor de jongeren. Je kan veel opsteken van zijn tips. Er bestaat geen afstand. Hij is gewoon een goede vriend en collega geworden. Voor mij blijft hij een sterke persoonlijkheid. Maar hij is niet de enige. Je hebt ook nog Franky Van der Elst, Willy Wellens en Simon Tahamata. Die mannen kennen iets van voetbal. Een ideale omgeving om bij te leren. Dank zij hen kan ik veel ervaring opdoen. Vooral Simon is ongelofelijk. Op training speelt hij vaak mee. Echt schitterend wat hij nog allemaal kan. Gelukkig speelt hij meestal op links. ( lacht) "Mijn beste kwaliteiten zijn verdedigend, maar ik moet nog veel bijleren. Dat besef ik maar al te goed. Mijn inspelen met de rechtse voet is voor verbetering vatbaar, terwijl ook mijn kopspel bijlange nog niet perfect is. Ik heb ook nog niet de kracht en fysiek om de hele flank voor mij te nemen. Dat kan alleen maar verbeteren. Ik moet ook nog leren mijn wedstrijd beter in te delen. Gelukkig heb ik hier een zekere foutenmarge. De trainers zullen de jongeren niet snel afbreken. "Het niveauverschil tussen eerste en tweede klasse is minder groot dan verwacht. De snelheid van uitvoering ligt hoger, je komt ook tegen betere tegenstanders te staan. Maar je krijgt wel iets meer ruimte om uit te voetballen. Tot op dit moment ondervond ik de meeste problemen met Aruna Dindane. Hij is heel onvoorspelbaar in zijn acties, heel explosief en bezorgde me een lastige avond." "Voor het eerst sta ik op eigen benen. Ik woon op een appartement in het centrum, op amper tweehonderd meter van de Ufsia. Nu moet ik zelf voor mijn eten instaan en mijn verantwoordelijkheid leren opnemen. Gelukkig krijg ik veel steun van mijn ouders. De potjes met eten zijn vaak welkom ( lacht). Het was een stap in het onbekende, maar toch goed berekend. Ik kan geregeld naar huis, ook om mijn vriendin eens op te zoeken. Die contacten moet je ook onderhouden, hé. Het is niet hetzelfde als je bijvoorbeeld alleen in Amsterdam verblijft. "Dat ik al zoveel aan spelen toekwam, verbaast me zelf ook. Ik sta al verder dan ik het verwachtte. Eigenlijk moet ik zeggen : chapeau voor de trainer, die de jongeren zoveel kansen geeft. Hij wil het risico nemen om met ons te spelen. Alleen moet ik opletten dat de belasting niet te zwaar wordt, want met de min negentienjarigen zijn we in volle kwalificatiestrijd voor het EK. Dat zijn vaak midweekwedstrijden. Maar het is wel een toffe ervaring die ik niet graag mis."door Frédéric Vanheule