Veertien op eenentwintig ! Dat is de score van Bergen sinds de competitiehervatting na de winterstop, vóór het zich vorige zaterdag aanbood op de Bosuil voor wat in december nog een rechtstreeks duel onder degradatiekandidaten leek te zullen worden. Op dat moment bedroeg het verschil tussen de nummers zestien (Bergen) en zeventien (Antwerp) nog slechts één punt. Vóór zaterdag was dat al opgelopen tot elf punten. In de rangschikking van de terugronde staat Bergen mooi vijfde.
...

Veertien op eenentwintig ! Dat is de score van Bergen sinds de competitiehervatting na de winterstop, vóór het zich vorige zaterdag aanbood op de Bosuil voor wat in december nog een rechtstreeks duel onder degradatiekandidaten leek te zullen worden. Op dat moment bedroeg het verschil tussen de nummers zestien (Bergen) en zeventien (Antwerp) nog slechts één punt. Vóór zaterdag was dat al opgelopen tot elf punten. In de rangschikking van de terugronde staat Bergen mooi vijfde. Hoe valt zo'n spectaculaire remonte te verklaren ? Zeker is dat Bergen optimaal gebruik heeft gemaakt van de transferperiode in januari. Het legde, na een grondige sportieve doorlichting, vrijwel een volledig nieuwe ploeg onder contract. Wie niet kon aarden onder het regime van de Italiaanse trainer Sergio Brio, mocht opkrassen. In hun plaats kwamen andere spelers : vier Italianen, een Fin en een Braziliaan. Daarnaast werd ook een banneling uit de C-kern opgevist en voltrok zich de stilaan definitieve doorbraak van een eigen jeugdproduct (zie kaderstuk). Geo Van Pyperzele zag het allemaal graag gebeuren. Van Pyperzele was ooit trainer, daarna voorzitter van het sportief comité van de club. Hij maakte de opgang van derde naar eerste klasse mee, maar verdween toen naar de achtergrond. Officieel wegens te veel werk, zo zegt hij zelf. Sinds 1 november 2003 is hij terug, als manager. "Tenminste, dat is de titel die ze me hebben gegeven." Van Pyperzele was niet de enige die kwam. Een paar maanden eerder had voorzitter DominiqueLeone, een steenrijke man met verscheidene bedrijven die actief zijn in de industrie en de afvalsector, het dagelijks bestuur van de club al in handen van Alain Lommers gelegd. Wat later daverde de hele club op haar grondvesten. Manager Jean-Claude Verbist, trainer Marc Grosjean, de hulptrainer, de ploegafgevaardigde, de dokter, de kinesist en de persverantwoordelijke : allemaal moesten ze baan ruimen. Weg was in één klap ook het enthousiasme van vorig seizoen, toen Bergen maar net door Standard van de titel beste ploeg in Wallonië kon worden gehouden. Dat was, zo leek het, het gevolg geweest van een uitgekiend spelersbeleid : spelers werden aangetrokken van wie de carrière in het slop zat en die op revanche aasden ( Cédric Roussel, Olivier Suray, Eric Joly, Liviu Ciobotariu, Marco Casto), en zij werden gekoppeld aan onbekende, goedkope jongens ( Thaddée Gorniak en Mustapha Douai, overlevers van de promotie uit tweede klasse, en good old Olivier Berquemanne, al sinds 1977 aangesloten bij de club). Toen de resultaten dit seizoen tegenvielen, was het tijd voor de afrekeningen. Vooral met degenen die het sportieve beleid bepaalden en de tegenvallende transfers hadden gedaan. Nu wordt toegegeven dat men te laat met Roussel ging praten over een contractverlenging, maar de topschutter mikte hoe dan ook hoger. Zijn vervangers, Louis Gomis en Emmanuel Kenmonge losten de verwachtingen niet in. Centraal bleek Cheikh Gadiaga, eerder al mislukt bij Lierse, ook niet te voldoen en de van Ingelmunster overgenomen Moussa Touré viel ook al door de mand. Van Pyperzele : "Ik wil met niemand afrekenen, maar je kan inderdaad bezwaarlijk zeggen dat er goed gewerkt is tijdens de zomer." Om voorbereid te zijn op de opening van de transferperiode in januari maakte Geo Van Pyperzele, samen met de technische staf, die dan al onder leiding stond van voormalig Juventusspeler Sergio Brio, een doorlichting van de kern. Tevens maakte hij een rondgang langs zijn vrienden. "Laat het me zo stellen : het moest gedaan zijn om zomaar alles binnen te halen wat Pietro Allatta hier aanbood. Ik verwijt hem niets : hij doet zijn werk en het was niet hij die al die spelers een contract gaf. Maar het was duidelijk dat hij niet aanbracht wat wij echt nodig hadden. Ik heb dan contact opgenomen met andere managers, met name Roger Henrotay en Didier Frenay. Zij zijn met spelers op de proppen gekomen die ons nu van groot nut zijn. Henrotay dokterde uit hoe we ons Wamberto konden permitteren, Frenay bracht Jari Niemi aan." De ploeg die tot de winterstop nauwelijks aan scoren toekwam, onderging een fundamentele gedaanteverwisseling. Van Pyperzele : "We hebben nu het genie van de Braziliaan gekoppeld aan het opportunisme en de kracht van Niemi. Dat vermengt Brio dan weer met het verdedigende realisme van de Italianen. Met Roberto Mirri en Alberto Malusci hebben we een sterk duo achterin. We moeten ons er wel voor hoeden dat we niet te veel Italianen contacteren. Op dit moment is de sfeer goed, maar we willen niet het Beveren van Wallonië worden, met tien Italianen en een Belg. Er moeten lokale jongens bij." Over de financiering van al die transacties lost Van Pyperzele, ook na enig aandringen, niets. Joly en Roussel, bijvoorbeeld, werden vorig seizoen nog betaald door respectievelijk AA Gent en Wolverhampton en enkele spelers kwamen van het Franse Paris Saint-Germain, dat ze ook betaalde. Op Wamberto na waren alle spelers die na nieuwjaar kwamen, vrij. Van Pyperzele : "We hebben daar maximaal van geprofiteerd. Voor Wamberto hebben we een oplossing uitgedokterd in samenspraak met zijn manager. Meer zeg ik niet over de financiering."Een mens vraagt zich niettemin af hoe Bergen het allemaal voor mekaar krijgt. Holcim, de (nauwelijks leesbare) shirtsponsor, is een lokaal cementbedrijf en al jaren trouw sponsor. Andere topsponsors zie je niet. Het huidige stadion heeft een beperkte capaciteit van maximaal 9000 toeschouwers. Voor de bezoekers is er hooguit plaats voor 350 man. De opkomstcijfers zijn verre van florissant : op de eerste negen thuiswedstrijden kwamen afgerond 14.000 betalende toeschouwers af, een gemiddelde van ongeveer 1500 per wedstrijd. Het aantal abonnees schat de club op "een goeie 1200, hooguit". Eén zaak is duidelijk : Pietro Allatta heeft niet langer vrij spel. Allatta was lange tijd de sterke man achter de schermen in Bergen, hoewel hij er officieel geen functie bekleedde. Vroeger was hij aangesloten bij URS du Centre, waar hij volgens de database van de voetbalbond ontslag nam op 10 november 1998. Een makelaarslicentie heeft hij niet, wel een gerechtelijk verleden. Eind januari 2001 werd hij door het Hof van Beroep in Brussel veroordeeld voor koppelbazerij in de regio Centre. Samen met zijn broer Salvatore was hij al op 17 februari 2000 veroordeeld in eerste aanleg en die straf werd min of meer bevestigd. Salvatore kreeg vijf jaar cel (de helft met uitstel), Pietro vier jaar (helemaal met uitstel). Gesterkt door het succes van vorig seizoen manifesteerde Allatta, steevast aanwezig op de trainingen, zich steeds meer, ook in de media. Elio Di Rupo zag dat met lede ogen aan. Di Rupo, voorzitter van de Franstalige socialisten (PS) en burgemeester van de stad, heeft een broer in de bouwsector en verdroeg het moeilijk dat zijn club en zijn familie met een figuur als Allatta zouden worden vereenzelvigd. En dus werd hij vriendelijk verzocht een stap achteruit te zetten, terug in de anonimiteit. Weg is hij zeker niet, daarvoor behartigt hij nog te veel spelerszaken, maar hij is iets minder manifest aanwezig. Van Pyperzele : "Hij mag ons nog altijd spelers aanbieden, maar we doen nu ook zaken met andere makelaars. Het is duidelijk dat we verder zullen gaan op de weg die deze club twee jaar geleden bij de promotie is ingeslagen : we trekken spelers aan die uit zijn op revanche en die Bergen als springplank voor een relance willen gebruiken. Zie Roussel en zie Wamberto, die al diverse keren beslissend was dit seizoen." door Peter T'KintElio Di Rupo zag met lede ogen aan hoe Pietro Allatta, veroordeeld voor koppelbazerij, zich steeds meer manifesteerde. 'We moeten niet het Beveren van Wallonië worden, met tien Italianen en een Belg.'