Wesley Sonck : "Tuurlijk voel ik mij momenteel ongelooflijk goed in mijn vel. Als je vertrouwen krijgt van iedereen rondom je loopt het als vanzelf, en dat is het beste wat je kan overkomen.
...

Wesley Sonck : "Tuurlijk voel ik mij momenteel ongelooflijk goed in mijn vel. Als je vertrouwen krijgt van iedereen rondom je loopt het als vanzelf, en dat is het beste wat je kan overkomen. "Als kleine jongen droomde ik er altijd van om voetballer te worden. Mijn jongere broer, die bij Geraardsbergen speelt, en ik waren allebei bezeten van het spelletje. Met vrienden voetbalden we elke dag op straat. Tien jaar speelde ik bij VK Ninove. Plezier was het belangrijkste. Als scholier kwam Molenbeek mij halen, en op een dag stond ik opeens toevallig op de feuille voor de wedstrijd van de eerste ploeg tegen Germinal. Op de vrijdagtraining was iemand uitgevallen met een ontstoken teennagel. Aanvankelijk was ik zestiende man en moest ik me niet eens omkleden, maar om de een of andere reden kwam ik uiteindelijk toch op de bank terecht. Op het einde mocht ik zelfs invallen en scoorde ik warempel - op mijn verjaardag nog wel. Je weet niet wat er gebeurt. Een paar weken later kom je tegen Sint-Truiden voor het eerst aan de aftrap, win je met 0-2 en maak je ze alletwee. Ik werd meteen geroepen voor mijn eerste profcontract. Je bent in de wolken. Ik ben er met mijn nonkel naartoe gegaan, maar het enige wat ik mij nog herinner, is dat ik zo snel mogelijk dat papier wilde tekenen. "Wat later ben ik alleen gaan wonen. Thuis waren er problemen, en tenslotte hadden mijn vriendin en ik alletwee vast werk. Ik herinner mij nog dat er maanden waren dat zij, als bediende in een farmaceutisch bedrijf, gewoon meer verdiende dan ik. Ik had een minimumcontract, en winnen deed Molenbeek sowieso al niet veel. Bovendien werd er niet op tijd betaald, maar liepen de rekeningen wel voort. Daar komen natuurlijk problemen van. Van thuis hadden we niks meegekregen, wegens niet rijk, dus moesten we alles alleen doen. Langzaam aan worstelden we er ons door. "Elf goals maakte ik. Molenbeek degradeerde, maar ik wou niet in tweede sjotten. Germinal bood 20 miljoen, heel veel geld voor iemand die gratis was gekomen, maar het bod werd geweigerd. Ik bleef volharden en dreigde zelfs met de wet van '78. Uiteindelijk kregen ze 16,5 miljoen. Hadden ze mij niet laten vertrekken, dan had ik absoluut zeker mijn contract verbroken. Als ik een wil heb, drijf ik die door. Ik zei : ik wil weg, punt aan de lijn. Gezien mijn prestaties nadien is het voor mij een hele goeie zet geweest.""Ik durf wel dingen doen, waarvan ik vind dat ik ze mòet doen. Zo ben ik altijd geweest. Mij is geleerd dat je moet vechten voor alles wat je toekomt. Dat doe ik dan ook altijd. Soms is het irritant voor anderen, hoor ik, maar dat zit gewoon in mij. Ten eerste ben ik een winnaar, en niet te lui om iets te willen bereiken. Ik vind bijvoorbeeld dat ik het recht heb om iemand verrot te schelden als hij niet doet wat de trainer vraagt of wat op dat moment gewoon gedaan moest worden."Dat kankeren op de scheidsrechter niks uithaalt, daar ben ik ondertussen al achter. Na mijn onterechte uitsluiting tegen Beerschot had ik een goeie reactie, maar ik heb mijn temperament en op bepaalde momenten komt dat toch onvermijdelijk boven. Soms, als ik onrecht word aangedaan, zou ik alles wat in mijn weg komt... Ik kan mezelf al wel beter onder controle houden, maar als het té erg wordt, lukt het toch niet. Dan ga ik eens schelden, eender tegen wie. Ik vind dat ik iedereen van antwoord mag dienen. Voor mensen die al wat presteerden, moet je een bepaald respect tonen, maar vereist recht op een mening een palmares of een minimumleeftijd ? Volgens mij slaat dat nergens op, maar misschien wordt een oudere inderdaad wel sneller begrepen dan een jongere. "Het valt mij op dat die jonge jongens bij ons, zoals een Vanbeuren, karakter tonen, iets durven zeggen en niet met hun voeten laten spelen. Dat vind ik echt fantastisch, omdat ik weet hoe ikzelf ben. Goed, als je gedreven bent, doe je al eens dingen die je niet mag. Dat gebeurt, dat is normaal. "Twee jaar geleden had ik het al aan de stok met Manu Karagiannis. Waarom had ik voor Karagiannis uit de weg moeten gaan ? Ik wist ook wel dat hij meer bereikt had dan ik op dat moment, maar dat wil nog niet zeggen dat ik op mijn kop moet laten zitten. Trouwens, op Genk kwam hij onlangs direct naar mij om gewoon effe te babbelen. Dan voel je toch dat het respect er is, niet alleen bij hem overigens. "Ik ben veeleisend voor iedereen van de ploeg, zoals er andere jongens veel van mij eisen. Misschien zeggen zij de dingen wel rustiger en ook minder vaak, ja, omdat hun temperament anders is. Agressief zou ik mijn manier zeker niet noemen, wel enthousiast, uitbundig, passioneel. Sommigen appreciëren dat, anderen niet. Voor die laatsten hoop ik dat het wat vermindert, maar ik denk niet dat het de eerste weken of maanden al gedaan zal zijn ( lacht). "De laatste tijd denk ik toch meer na als ik in de media iets ga zeggen, want als een al dan niet wat uit zijn context getrokken statement of een oneliner wat blijft hangen, denk je : hoe eerlijk en rechtuit ik ook ben geweest, had ik dat maar beter niet gezegd.""Wat ik op mijn drieëntwintigste bereikt heb, is mij absoluut niet in de schoot geworpen, zoals sommigen denken die mijn achtergrond niet kennen. Neen, ik ben niet de zoon van Ivan Sonck. Vorige week nog werd ik opgebeld door één of ander blad met de vraag of ik familie van hem ben. "Ik groeide op in een volkscafé in Ninove. Mijn ouders zijn gescheiden toen ik zeventien was, en ja... het was niet het perfecte huwelijk. De breuk tussen mijn vader en mijn moeder komt nooit meer goed. Pa is de dupe van de zaak. Ach, wat er tussen hen allemaal is gebeurd, maakt ons eigenlijk niks uit, want het is hùn leven; maar wij zijn er wel rechtstreeks bij betrokken omdat we de kinderen zijn. Over dat soort privézaken wil ik niet te veel kwijt, maar wat ik tot dan allemaal heb meegemaakt... Mijn afkomst zal ik nooit verloochenen, maar het belangrijkste is dat ìk weet van waar ik kom. Ik kende een zeer moeilijke jeugd die mij vroegrijp en enorm hard maakte. Wellicht daarom ben ik nu zo sterk. Misschien heeft het mij allemaal wel geholpen in mijn carrière. "Ondertussen is het al meer dan vijf jaar geleden dat ik mijn moeder nog zag. Er waren dingen gebeurd die ik gewoon niet meer kon hebben. Voor mij hoefde het niet meer, en nog altijd niet. Dat is ook weer mijn karakter, mijn koppigheid, mijn gehardheid door die heel moeilijke jeugd. Pas op : het was ook een toffe jeugd, hoor. Ik kreeg veel vrijheid, mocht veel doen en deed ook veel. Eigenlijk heb ik ook nooit iets te kort gehad. Eten, kledij, kunnen spelen, naar school gaan zonder problemen, wat toch ook veel geld kost. Het zou echt fout zijn van mij om nu te vertellen dat mijn ouders niet alles voor hun kinderen deden wat binnen hun mogelijkheden lag. "Mijn pa zie ik nog geregeld. Hij komt wel eens kijken, dus dat is eigenlijk gewoon goed tussen ons. Mijn grootmoeder is een ongelooflijke fan. Zij neemt alles op. Zo zijn alle grootmoeders, denk ik, en een kleinzoon die in eerste klasse voetbalt, is iets toch iets speciaals, hé. Als ik naar Ninove kom, ga ik iedereen eens een goeiedag zeggen. Van mijn broer die nog thuis woont en met wie ik een fantastische relatie onderhoud, weet ik wel dat ze ook daar met mij meeleven. Voor België-Schotland werd de tv zelfs in het café gezet. Ik denk daar wel eens aan, maar... "In het café komt gewoon arbeidersvolk, nogal wat mensen die er elkaar al dertig jaar lang elke dag opzoeken. Dat schept een band natuurlijk. Soms mis ik dat wel een beetje. Uit solidariteit stond ik bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen met plezier op de SP-lijst - 650 à 700 stemmen kreeg ik. Heel de familie is een beetje rood opgegroeid en socialistisch gezind. We zijn altijd mensen van het volk geweest. Zo voel ik dat ook.""Ik weet hoe moeilijk het is als je het niet breed hebt, want wij hebben het ook nooit breed gehad. Ik heb zelf zo geleefd tot ik thuis ben weggegaan. Nu hoor ik wel eens : hij verdient veel, dat verwend nest, hij kan kopen wat hij wil, maar dat zijn dus mensen die mij helemaal niet kennen. Ik ben nog altijd de gewone gast die ik altijd al ben geweest. Ninove is nog altijd mijn thuis. De mensen kennen er mij allemaal zoals ze mij vroeger ook allemaal kenden. Volgens mij is er dus niks veranderd. Níks."Er zijn wel bepaalde mensen die een rol hebben gespeeld in mijn opgang, maar dat ik in zo'n situatie niet teloor ben gegaan voor het voetbal, dat ligt toch voor het grootste deel bij jezelf, hoor. Achttien jaar woonde ik in 't café, en wat ik daar allemaal heb gezien... Vanàlles. Het stoort mij bijvoorbeeld niet dat iemand rookt, maar zélf roken... jamais. Nochtans, roken is duur en niet gezond, maar voor menselijke relaties vrij onschuldig in vergelijking met alcohol. Màn, ik kan daar boeken over vertellen. Daar komt niets goeds van, van drinken. Als je drinkt, word je zat, ga je dingen doen die je niet mòet doen, en dan, ja... Dat maakt gewoon je leven kapot, dat drinken. "Zestien, zeventien jaar, dat is een moeilijke leeftijd, maar het was niet zo dat ik elke week ergens ging zitten. In mijn hoofd speelde dat ik voetballer wou worden. Alles wou ik geven om er te geraken. Ik ben altijd een doorzetter geweest. Er wordt gezegd dat ik veel heb van het temperament en de body van mijn grootvader, die ikzelf nooit heb gekend. Hij was amper zevenentwintig toen hij omkwam in een auto-ongeval, toen zelfs mijn vader nog een kleine jongens was dus. "Snel trouwen en een kindje hebben, in alles een beetje streven naar zekerheid eigenlijk, dat was een bewuste keuze, omdat ik vind dat een profvoetballer een stabiel leven nodig heeft. Er kan zo veel gebeuren, weet ik, als je niet stabiel leeft. Ik ga ook nog wel weg en profiteer op momenten dat het kan, maar voor mij hoeft het niet elke week. "Dat iemand die zoveel meemaakte een beetje zijn eigen weg gaat, is niet verwonderlijk, denk ik, maar... enfant terrible, moeilijk te leiden jongen die van niemand iets aanvaardt, dat klopt allemaal niet, hoor. Goed, ik ben grootgebracht met de idee dat ik voor mijn brok moet vechten, maar dat ik schijt heb aan alles is niet waar. Ik heb raad nòdig, maar wel van mensen die ik kan vertrouwen. Vraag het maar aan Guy Vandersmissen, of aan Franky Van der Elst. Of aan Marc Degryse, met wie ik vaak de kamer deelde en die mij veel bijbracht. Misschien dat zij perfect wisten hoe ze met mij moesten omgaan en domme noch nutteloze dingen tegen mij zegden. Zo iemand ga je meer appreciëren dan iemand anders." "Weet je, de eerste vijf maanden van vorig seizoen ben ik zelfs aan mezelf beginnen twijfelen. Ik dacht : kan jij nu écht niet beter ? In het begin wou ik me te veel tonen, te veel bewijzen dat ik in Genk thuishoorde, maar als je te veel wil doen, doe je verkeerd. Achter de ploeg of de tactiek van de trainer wil ik me niet eens verschuilen, het was gewoon rotslecht. Sommige mensen zegden : zie je wel, hij kan het niet; het is een slechte transfer. Ik werd uitgefloten, supporters kwamen mij zelfs in mijn gezicht zeggen : je was beter bij Beerschot gebleven. Op dat moment sta je machteloos, loop je gefrustreerd rond, maar dan ben ik toch iemand die daar ook kracht weet uit te putten. Dan denk ik tòch : wacht maar, mijn tijd komt nog wel."Wesley Sonck, dat was lang die met zijn witte schoenen en zijn achterwaartse salto's, ja, dat weet ik. 't Is iets speciaals, hé, witte schoenen. Ze zaten mij ook meteen goed en bovendien passen ze bij onze blauw-witte uitrusting. Ach, ik wed dat er zijn die niet met witte schoenen dùrven spelen, omdat als er iets mis gaat er gezegd zou worden : zou je niet beter zwarte dragen zoals iedereen ?! Gij zijt een speciale, moet ik vaak horen, gij doet altijd anders dan de rest, maar dat is niet zo. Ik doe dat niet om anders te zijn, ik ben gewoon zo, mezelf. Die salto, dat is puur plezier. Ik liep sporthumaniora, turnde graag en had die salto sneller onder de knie dan iemand anders. Waarom niet op het veld na een doelpunt, als dat je in de roes van het moment wordt ingegeven ? "Ook als ik op feestjes al snel op de grond lig dan wel in de luchter hang, ben ik gewoon mezelf. Zo ben ik altijd geweest. Vorige week maandag ook nog. Dan ben ik de eerste die op den toog gaat staan om wat te playbacken, een beetje te faken met een micro die niet marcheert om de boel op te jutten. Dat is gewoon de spontane volksjongen die op café met een juxebox is grootgebracht en plezier wil maken. Ik heb dat altijd al gedaan, waarom zou ik dat nu niet meer doen ? Waarom moet ik iemand anders zijn ? Misschien dat andere jongens schrik hebben om zichzelf te blijven als er mensen van het bestuur bij zijn, maar mij maakt dat niets uit. Weet je, toen ik bij jullie de fratsen van Cisse Severeyns las, ben ik, echt waar, met lachkrampen op een bank gaan liggen. Misschien is hij ook wel iemand die zo is opgegroeid en altijd zichzelf is gebleven. "Sommigen denken : ik kan dat niet doen, want... dàt, dàt en dàt. Dan denk ik : maar doe het toch, dòe het gewoon ! Geniet van alle momenten dat je kunt, doe alles wat je denkt dat je moet doen en waar je goesting voor hebt, want het leven is van korte duur. Ik maakte al drie sterfgevallen mee, en dan is het : dat was het. 't Is gedaan en je kunt er niks aan veranderen. Dan telt het voetbal efkes niet meer, dan ben ik volledig anders dan iedereen zich voorstelt, maar terughalen gaat niet meer, hé. Raar gezegd, maar zo is het. De grootmoeder van mijn vrouw, een nicht van haar die nog maar negentien jaar was, en onlangs mijn nonkel... Op dinsdag was hij nog op controle geweest. Alles was in orde, werd gezegd. Twee dagen later was hij dood. Iets aan het hart. Dàn pas besef je hoe erg, hoe hard en hoe kort het leven wel is.""Op sommige momenten ben ik zeer emotioneel. Als ik mijn dochter bezigzie, die goed begint te spreken en vanalles te doen, dan kan er zo'n gevoel komen van... tevredenheid gewoon. Kippenvel krijg ik er soms zelfs van. Het geeft veel voldoening als je goed presteert, in de belangstelling staat en respect krijgt, maar ik kan veel meer genieten van mijn dochter en het samen thuis zijn. De bevalling, dat is ook zo'n moment dat er gewoon tranen rollen, hoe sterk je karakter ook is. Dat gaat alles te boven, als je ziet dat zoiets kan, zoiets van jezelf realiseren. Geen doelpunt, zelfs niet met de nationale ploeg, nìks kan de geboorte van mijn dochter overstijgen. Dan denk je niet aan voetbal, maar aan je gezin. Dat is het belangrijkste."Mij kunnen ze zoveel jennen als ze willen, maar wie iets verkeerd zegt over mijn dochter pak ik aan. Dat weten ze allemaal. Over zulke dingen ben ik altijd ernstig. Daar moet niet over gezeverd worden; ik doe dat ook niet met anderen. Sowieso, als ik gelijk heb of onrecht word aangedaan, mòet ik reageren. Gaat het om serieuze zaken, dan kan ik wel eens uitvliegen. Maar... dat ze in Genk maar niet geloven dat ze mij op mijn paard hebben gekregen als ik met de kaarten gooi, want dat is een oude cafétruc om kaarten die niet gunstig zitten eens grondig door elkaar te halen ( lacht). Neen, caféspelen, eender welk, moet je mij niet leren. Thuis heb ik zelfs een dartsblok hangen." door Christian Vandenabeele