In 1981 slaan een aantal ambitieuze ouders van voetballende kinderen in Callao, de grootste havenstad van Peru, de handen in elkaar. Elke zondag organiseren ze wedstrijdjes en in de week zetten ze oefensessies op poten. Na verloop van tijd betrekken ze gespecialiseerde voetbalmensen bij hun project. Langzamerhand ontstaat op die manier de Academia Deportiva Cantolao. Dante Mandriotti, de huidige voorzitter, vertelt niet zonder trots: "Al sinds 1983 organiseren we jaarlijks een toernooi - La Copa de la Amistad ( de vriendschapsbeker, nvdr) - voor kinderen tussen negen en zestien jaar. Jongetjes uit heel Latijns-Amerika zakken dan af naar Peru. Toen hij twaalf was, nam zelfs Lionel Messi deel aan het toernooi."
...

In 1981 slaan een aantal ambitieuze ouders van voetballende kinderen in Callao, de grootste havenstad van Peru, de handen in elkaar. Elke zondag organiseren ze wedstrijdjes en in de week zetten ze oefensessies op poten. Na verloop van tijd betrekken ze gespecialiseerde voetbalmensen bij hun project. Langzamerhand ontstaat op die manier de Academia Deportiva Cantolao. Dante Mandriotti, de huidige voorzitter, vertelt niet zonder trots: "Al sinds 1983 organiseren we jaarlijks een toernooi - La Copa de la Amistad ( de vriendschapsbeker, nvdr) - voor kinderen tussen negen en zestien jaar. Jongetjes uit heel Latijns-Amerika zakken dan af naar Peru. Toen hij twaalf was, nam zelfs Lionel Messi deel aan het toernooi." Het beroemdste product van de academie is zonder twijfel Claudio Pizarro, de 31-jarige Peruaanse international die zijn carrière in Peru begon bij de eersteklasseclubs Deportivo Pesquero Chimbote en Alianza Lima en die nu bij Werder Bremen voetbalt. Ook Daniel Chavez (22), deze zomer verhuisd van Club Brugge naar Westerlo, is opgeleid op de Academia Deportiva Cantolao. Chavez: "Er waren drie trainingen per week en elke zondag speelden we een wedstrijd. Normaal gezien bleef ik op de academie van maandag tot vrijdag - ik kreeg er ook les - en ging ik in de weekends terug naar mijn ouders, die op twee uur van het opleidingscentrum woonden. Ik maakte ook al deel uit van de nationale selectie voor min-15-jarigen, dus met hen trainde ik ook geregeld. Later kwam ik ook uit voor de min-17-jarigen." Het opmerkelijke aan Chavez is dat hij rechtstreeks van de Academia Deportiva Cantolao naar Club Brugge ging. Hij was dus niet aangesloten bij een club in Peru en speelde geen enkele wedstrijd in de Peruaanse eerste klasse. Zijn enige echte wapenfeit was deelname aan het WK voor min-17-jarigen, dat in 2005 in Peru georganiseerd werd. Het thuisland bakte er niet veel van: in de poulefase verloor het van Costa Rica (0-2) en China (0-1) en speelde het gelijk tegen Ghana (1-1). Het enige Peruaanse doelpunt kwam er op strafschop. Een strafschop omgezet door... Daniel Chavez. Ondanks de belabberde prestatie van het Peruaanse team kwam de naam van 'de nieuwe Pizarro', zoals hij toen genoemd werd, in menig notitieboekje terecht. Chavez: "Het klopt dat dat mijn bijnaam was, maar daar bleef ik heel rustig bij. Het schiep grote verwachtingen,dat is waar, maar tegelijkertijd was het voor mij ook een motivatie." Saint-Etienne en PSV waren geïnteresseerd, maar het was uiteindelijk Club Brugge dat met het talent aan de haal ging. De Peruaan Carlos Cruz, nu actief in de scoutingcel van Westerlo, was de man die Chavez bij Club aanbood aan toenmalig sportief directeur Marc Degryse. Cruz: "Ik had een goed contact met Degryse, omdat ik eerder al Jefferson Farfán, die uiteindelijk naar PSV ging ( en nu bij Schalke 04 speelt, nvdr), had aangeboden bij Club. Chavez, toen nog maar zeventien, was een technisch goede speler met een veelbelovend rendement. Voor Club was hij een gok, maar ze waren bereid hem een kans te geven." Chavez: "Het was voor mij een beetje zoeken in het begin. Aangezien ik nog nooit in een eersteklasseclub had meegedraaid, had ik er geen flauw benul van hoe alles in zijn werk ging. Alles was nieuw voor mij." Tot overmaat van ramp raakt de piepjonge Peruaan in zijn eerste seizoen bij blauw-zwart geblesseerd: een scheurtje in de meniscus. In eerste instantie wordt dat genaaid, maar een paar maanden later dringt zich toch een operatie op om het stukje kraakbeen weg te halen. Door de twee ingrepen ligt Chavez bijna een jaar in de lappenmand. In Het Nieuwsblad van 9 april 2010 geeft Jan Ceulemans commentaar op de nieuwste Westerloaanwinst en komt hij ook even terug op die meniscusoperaties: "Dat kan op zich geen kwaad. Ik was al twee meniscussen kwijt op mijn achttien jaar." Zware ingrepen zijn het inderdaad niet, maar de langdurige inactiviteit valt Chavez zwaar. Gelukkig leert de introverte lasserszoon op dat moment zijn huidige vriendin Ingrid Zamora kennen, een Peruaanse die in België opgroeide en dus perfect Nederlands spreekt. Zamora: "Na een feestje thuis voor de verjaardag van mijn moeder gingen we nog op café in Brugge. Ik wilde eerst niet meegaan, maar mijn familie sleurde me mee. Daar zat hij met een paar ploegmaats iets te drinken. Op een gegeven moment zocht ik een stoel om te gaan zitten en bood hij me er een aan. Hij vroeg of ik Spaans sprak en zo zijn we aan de praat geraakt. Er was meteen een klik tussen ons." Chavez begint in die periode dus zijn draai te vinden in België, maar op het veld wil het nog niet lukken. De concurrentie voorin bij Club Brugge was de afgelopen vier seizoenen ook niet min. Als onervaren snotter moeten opboksen tegen Bosko Balaban, Manasseh Ishiaku, Dusan Djokic, François Sterchele, Wesley Sonck, Joseph Akpala en Dorege Kouemaha is geen sinecure. Balaban, Djokic en Sonck hadden al de nodige bagage toen ze in Brugge neerstreken, Sterchele en Akpala waren beiden al eens topschutter in de Belgische eerste klasse geweest en Kouemaha had zijn strepen verdiend in Griekenland, Hongarije en Duitsland. Chavez: "Dat zijn inderdaad allemaal kwaliteitsvolle spelers. Voor een voetballer met naam en ervaring is het sowieso makkelijker om in het eerste elftal te geraken." Toch begrijpt Chavez niet waarom hij niet méér speelkansen gekregen heeft bij Club Brugge. "Elke keer als ik mocht invallen deed ik iets positiefs: ik maakte een doelpunt of gaf een assist. Maar in de volgende wedstrijd zat ik gewoon weer op de bank." Uitleg gaan vragen bij de coach zit niet in zijn karakter. De Peruaan is er de man niet naar om een basisplaats op te eisen en daar de nodige heisa rond te maken, zoals andere spitsen wel zouden doen. "In de pers gaan verkondigen dat ik wilde spelen, dat kon ik als jongeling niet maken. En de trainer heeft toch altijd het laatste woord." In januari van dit jaar trokken Zulte Waregem en STVV aan zijn mouw, maar Club Brugge liet hem niet gaan. Op dat moment ging Chavez praten met Pol Jonckheere. "Ik zei hem: als ik niet mag spelen, waarom laten jullie me dan niet gaan? Daarop zei de voorzitter dat hij geloofde in mij en dat Koster me niet wou laten gaan. Hij zei: 'je gaat spelen'. Maar uiteindelijk speelde ik niet. Waarom? Het antwoord op die vraag heeft alleen de trainer." In diezelfde maand kon Chavez ook terugkeren naar Peru. De eersteklasser Juan Aurich wilde hem, maar de overgang werd uiteindelijk afgeblazen. Chavez: "Club Brugge vroeg te veel voor me, maar ik wilde ook nog niet terug naar Peru. Ik blijf liever nog een tijdje in Europa. Het is het werk van God dat ik hier nu voetbal, en God weet waarom hij de dingen doet zoals hij ze doet. Daar geloof ik in." Begin april raakte de transfer van Chavez, die in juni einde contract was bij Club Brugge, naar Westerlo rond. Jan Ceulemans verklaart in Het Nieuwsblad dat hij gelooft in de kwaliteiten van de spits: "Hij is snel, kan een doelpunt maken en kan voetballen. Ik heb Chavez destijds nog zien arriveren bij de Brugse beloften. Als een ploeg als Club Brugge zo'n speler haalt op die leeftijd ( 17 jaar, nvdr), heeft hij het talent en de kwaliteiten om te slagen bij een topclub. De rest hangt af van omstandigheden." Ook Chavez is tevreden in Westerlo. "Ik heb het gevoel dat mijn carrière nu pas begint. Voor ik hier tekende, heb ik een gesprek gehad met de coach. Ik heb hem gezegd dat het voor mij niet uitmaakt of ik bij een grote of een kleine club voetbal, als ik maar aan spelen toe kom. Hij zei me dat alles van mij afhangt, maar dat ik me geen zorgen moest maken. Ik heb het nodig om de steun van de trainer te voelen en in die zin was het een goed gesprek. Ceulemans gelooft in mij." door steve van herpe"De voorzitter zei: 'je gaat spelen'. Maar uiteindelijk speelde ik niet."