FC Twente strijdt zaterdag in de Amsterdam Arena tegen Ajax om de Nederlandse supercup, de schaal Johan Cruijff. Voor Michel Preu-d' homme wordt het de eerste ernstige confrontatie met een concurrent uit de Eredivisie. In afwachting van de competitiestart brengt hij de ploeg op het oefencomplex Fanny Blankers-Koen zijn principes bij.
...

FC Twente strijdt zaterdag in de Amsterdam Arena tegen Ajax om de Nederlandse supercup, de schaal Johan Cruijff. Voor Michel Preu-d' homme wordt het de eerste ernstige confrontatie met een concurrent uit de Eredivisie. In afwachting van de competitiestart brengt hij de ploeg op het oefencomplex Fanny Blankers-Koen zijn principes bij. Jos Daerden en Alfred Schreuder, de twee assistenten van Michel Preud'homme, buigen zich in het trainerskabinet van FC Twente over hun computer en een bundel papieren. De trainer zelf ontvangt ons in een zijkamertje van het bureau, waar behalve een projectiescherm en kasten met dvd's van allerhande spelers ook zijn veldbed staat. Slapen tussen twee trainingen in is een gewoonte die hij ook bij AA Gent introduceerde. Michel Preud'homme: "Tot mijn vijfentwintigste sliep ik 's namiddags nooit, maar bij Standard was ik tijdens een afzondering een halfuur in bed gekropen en voelde ik mij 's avonds zo fris dat ik dat sindsdien altijd heb volgehouden. Met Marko Suler had ik bij AA Gent net dezelfde ervaring: met al die wedstrijden miste hij door vermoeidheid soms wat concentratie. Maar hij kon nooit slapen, zei hij. Dus ik heb het hem vorig seizoen verplicht. Eerst vijf minuten, dan tien en op den duur ging hij zelfs thuis slapen als we maar één training hadden." "Je wordt geen kampioen door toeval. Er stond een goede organisatie, alle spelers deden hun verdedigende taken, maar ze wonnen vaak met een klein verschil. Er waren vaak lange periodes waarin ze zonder balbezit bleven. Je moet een groep die al over een excellente basis beschikt nog iets anders proberen mee te geven, zoals de bal sneller recupereren en proberen met een groter verschil te winnen. Enfin, zoals de afgewerkte producten die ik bij Standard en AA Gent heb afgeleverd, zonder de rest overboord te gooien. Dat ik vroeg om snel naar voren en in de diepte te gaan, is vaak verkeerd geïnterpreteerd. Men vormt spelers à la possession de balle, om de bal in de ploeg te houden. Als iedereen dat doet, probeer ik daar iets aan toe te voegen. Nu ik in een land werk waar iedereen de diepte in speelt, zal ik daar misschien iets anders aan proberen toe te voegen en het accent leggen op méér op balbezit spelen. Je vertrekt altijd vanuit een vaststelling om variatie te krijgen en zo de tegenstander pijn te kunnen doen. Het is niet altijd mogelijk om met elke groep een volledig register te bereiken." "Als iedereen blijft, missen we misschien nog een infiltrerende middenvelder. Zo'n type- Lepoint zit er niet echt in de selectie. Dus dat bekijken we nu. Maar het is niet omdat we dat type zoeken dat Lepoint ook naar hier komt." "In Gent zitten veel goede spelers, maar ik ga wat ik zoek daarom niet noodzakelijk bij Gent zoeken. Er is hier een scoutingapparaat dat mij vijf Nederlanders en vijf buitenlanders voorstelt voor elke positie, met de prijs er min of meer naast. Dus je gaat niet automatisch naar spelers teruggrijpen die je kent." "Als iedereen blijft, beschikken we niet meer over een echte nummer tien. Bryan Ruiz kan daar spelen, maar Theo Janssen zou dat ook kunnen. Misschien zitten er oplossingen in de kern. Bij AA Gent hadden we met RandallAzofeifa een echte nummer tien, maar hij kon ook op de acht spelen. Wat is nog een echte nummer tien? In België loopt er zo misschien nog één rond: Boussoufa. En die speelt op de flank." "Of het is een infiltrerende speler of twee spelers die beurtelings naar voren gingen, zoals we ook bij Gent deden met Azofeifa en Lepoint. Als ze dan ook naar de flanken uitwijken en je hebt flankspelers zoals Ruiz en Bajrami die naar binnen komen, kan je echt variëren." "Er vindt een fenomeen plaats dat je ook in het Europees voetbal ziet: op een gegeven moment werd het heel gesloten, tot je in de Champions League na een tijdje resultaten kreeg als 4-3, 4-4, 3-2, ... Dat wil zeggen dat men voor de defensieve aanpak van de tegenstander aanvallende oplossingen heeft gevonden. Dat is een nieuwe cyclus waarin we nu zitten. Bij nationale ploegen is het moeilijker omdat bondstrainers hun spelers niet altijd ter beschikking hebben. Een verdedigende organisatie opzetten, gaat sneller dan aanvallende patronen oefenen. Ploegen die spelers hebben die in hetzelfde land spelen, hebben het makkelijker. Nationale ploegen staan nu ook aan het begin van die cyclus: hoe vinden ze aanvallende oplossingen voor defensieve tegenstanders?" "Hier ligt een basis, maar er zijn met Stoch, Nkufo en Perez drie basisspelers vertrokken en ook de derde centrale verdediger, Rajkovic, die werd geleend, is weg. We hebben Janko, Bajrami en Bengtsson erbij om die vier te vervangen. "Ik zit bij een ploeg die in de meeste gevallen het spel zal moeten maken. Meer verdedigend aan een wedstrijd beginnen, is niet aan de orde. Wat wij moeten doen is meer offensieve oplossingen zoeken. We hebben in België een beetje het beeld dat het voetbal in Nederland de hele tijd aanvallend is, maar wat ik zie, is dat ze heel goed verdedigen bij balverlies, met vaak tien spelers achter de bal." "Het was een opeenstapeling van zaken. Ik heb de Nederlandse school niets verweten, maar wel de pers. Ik heb aangegeven dat het Nederlandse voetbal met zijn 4-3-3 niet het enige voetbal was dat je kon spelen. Je zou een ander soort voetbal ook moeten kunnen appreciëren. In België, en vooral in Vlaanderen, zei men vaak: er zijn geen flankspelers, dus je kan niet offensief voetballen. Maar natúúrlijk kon je dat. Het hangt er maar vanaf wie hoe beweegt. Dat heb ik met die uitspraak alleen maar willen blootleggen. In een oefenmatch ging het ineens tak-tak-tak naar voren en de voorzitter van Twente vroeg mij of ik dat hier zou kunnen. Dus zij willen zo voetballen als wij. ( lacht) Dus we mogen wel wat chauvinistischer zijn." "Voor de club was het niet wat men wou. Ik zeg niet dat ik niet eens een keer zal exploderen, maar ik accepteer het. Bij Standard heeft men mij nooit gevraagd om daarmee te stoppen en bij AA Gent ook niet. Hoewel ik vaak de vraag heb gesteld. Maar ik moest doen wat ik dacht dat goed was voor de club." "We hebben daar al om gelachen. Met de délégué waren ze hier de meters aan het afmeten van de bank tot de verste lijn van het vak waarin je je als trainer mag bewegen, om mij met een touw vast te binden." ( lacht) "Ik kan ook op andere manieren emo-tioneel zijn. Ik werk voor een club, dus ik doe wat de club vraagt. Gent had dat op bepaalde momenten nodig. Soms om de ploeg te dynamiseren, soms om die te beschermen. Als er iets onrechtvaardigs gebeurt op het veld en ik zit daar stoïcijns te kijken, gaan het mijn spelers zijn die zich druk maken en kaarten pakken. Dat is erger dan wanneer ik in de tribune vlieg. Zij moeten zien: de trainer verdedigt ons. Het is een spel dat je speelt en elk doet dat op zijn manier." "Vóór een finale van de beker tegen Cercle moet een psycholoog van Cercle niet de trainer van AA Gent beoordelen. Ik respecteer elk beroep en een psycholoog heeft voor sommigen zijn nut in de samenleving, maar we moeten ook niet in het uiterste vervallen dat psychologie een groep voetbalprofs gaat leiden. Het emotionele aspect alleen legt niet uit hoe je als trainer werkt. Je moet mij bezig gezien hebben op training om te weten hoe ik werk." "Ik weet hoe het er in Nederland aan toe- gaat. Ik deed bij Standard iets wat iedereen formidabel vond, maar omdat het bij AA Gent niet van in het begin liep, kwamen er aanvallen. Men beoordeelde niet mijn werk, maar mij. Als men zich hier afvraagt waarom men een Belg en een doelman als trainer aanstelt, valt men niet mij aan, maar mijn bestuur. Mijn doel is altijd bewijzen dat anderen zich vergissen in hun oordeel. Ik heb het gedaan als speler, als trainer bij Standard en AA Gent en nu zal ik het bij Twente doen. Wat telt is dat mijn bestuur tevreden is over mij." "Ik zeg niet dat ik er altijd rustig onder zal blijven, maar je weet dat het in Nederland zo ís en niet alleen naar mij gericht. In België kreeg ik de indruk dat ze vooral mij viseerden." "Ik werk op basis van feeling. Ik had een goed gevoel bij de directie van AA Gent en dat is er nog altijd. Ik heb écht overwogen om, zoals AA Gent voorstelde, voor vijf jaar te tekenen. Bij Twente had ik hetzelfde als bij Standard en AA Gent: dit is het. Alleen lag het nu ingewikkelder omdat ik ook nog bij AA Gent kon blijven. En eerlijk gezegd: ook Al Shabab gaf mij een goed gevoel. Het was indrukwekkend wat ze wilden doen om mij te overtuigen. Ik had drie heel mooie mogelijkheden. Hier kan ik werken met een budget dat dat van Anderlecht benadert: 36 à 37 miljoen euro." "Dat was in twee jaar de enige vergadering bij AA Gent waar we op het eind niet op dezelfde golflengte zaten. Het ging niet over naar de nationale ploeg overstappen of niet, maar over het feit dat ik niet de vrijheid kreeg om zelf te beslissen of ik dat zou doen of niet. Ivan had het over 20 procent zigeuner in mij en hij zei na die vergadering dat hij besefte dat hij die 20 procent dooreen aan het schudden was. Maar ik begreep zijn argument: als ik had besloten om naar de nationale ploeg te gaan, had dat - als het aansleepte - voor onrust kunnen zorgen." "Mensen die een financieel akkoord hebben en zich goed voelen, maar dan toch van mening veranderen, dat is verrassend. In mijn ogen was hij degene die altijd met mij mee wilde gaan. Van de andere kant heeft iedereen het recht te doen wat hij wil. Het is niet aan mij om dat toe te lichten. Toen hij afhaakte, heb ik een profiel opgesteld: het moest iemand zijn die als persoonlijkheid met mij kon samenwerken, die het Nederlands voetbal kende en, indien mogelijk, iemand met ervaring als T1. Bob Peeters heeft in Nederland gespeeld en kent hier veel mensen en Jos Daerden heeft in Nederland gevoetbald, heeft met Vergoossen en Adriaanse gewerkt en ik weet dat hij bijvoorbeeld ook een abonnement op Voetbal International heeft en het voetbal hier volgt. Bob kon naar Cercle, dus koos ik Jos." "Voor mij is Stakke altijd mijn scout geweest, mijn T3. Hij deed sommige trainingen mee, maar deed vooral videoanalyses en scouting. Ik beschouw hem niet als een T2. Hij heeft voor mij andere kwaliteiten. Maar er was hier geen plaats meer en hij gaf zelf aan: doe niet te veel moeite, want met mijn twee zonen die voetballen, is het makkelijker in België te blijven." "Ik kan me niet permitteren om dat uit te leggen." "Ik vind oplossingen. ( grijnst) Yannick was er in de play-offs al en hij zou mijn scout zijn geworden samen met Stakke, trainer van de -19 en individuele trainer voor specifieke spelers, zoals mijn zoon als ik bij Gent was gebleven. Gent doet er een goede zaak mee, een gast met potentieel. Het was goed voor iedereen. "Mijn zoon gaat hier nu spelen: centrale verdediger, verdedigende middenvelder of linksachter. 1m91, linkervoet. Hij vertrekt met de jeugd op stage naar Engeland. Ik heb hem zijn programma gegeven: hij gaat spelen tegen Tottenham, Arsenal, en AC Milan staat nog op het programma in de voorbereiding en Werder Bremen hebben ze al gehad. Hij stond perplex." ( lacht) "Ik had de beker kunnen houden, maar ik ben eerlijk geweest en ik heb hem teruggegeven. ( grijnst) Na de finale en het feest was iedereen hem vergeten, die beker lag daar maar, dus heb ik hem in mijn bureau bewaard. Toen ik later mijn kleerkast leegmaakte om naar Twente te gaan, heb ik Louwagie een berichtje gestuurd dat hij hem op het oefencomplex kon vinden als hij hem nog wou. ( lacht) Gelukkig had ik hem veilig opgeborgen. Je ziet dat ik professioneel werk, hé." ( lacht) door raoul de groote"Een type-Lepoint zit niet in deze selectie." "Ik heb écht overwogen om voor vijf jaar bij AA Gent te tekenen."