Van 30 augustus is het al geleden, dat Antwerp nog een keer verloor. Toen gebeurde dat in Charleroi, waar de rode kaart van Birger Verstraete de Great Old nog in een numerieke minderheid stelde. Eerder had de ploeg ook al verloren bij Cercle Brugge. Ivan Leko liep nukkig in die periode, het bleef wachten op de hem beloofde versterkingen. De bekerwinst had de ploeg even in de wolken gebracht, er werd gesproken over een rol als challenger voor het kampioenschap, maar het uitblijven van vers bloed maakte zijn werk lastig. En het bracht hem af en toe uit humeur, hij moest te veel roeien met te korte riemen naar zijn gevoel.
...

Van 30 augustus is het al geleden, dat Antwerp nog een keer verloor. Toen gebeurde dat in Charleroi, waar de rode kaart van Birger Verstraete de Great Old nog in een numerieke minderheid stelde. Eerder had de ploeg ook al verloren bij Cercle Brugge. Ivan Leko liep nukkig in die periode, het bleef wachten op de hem beloofde versterkingen. De bekerwinst had de ploeg even in de wolken gebracht, er werd gesproken over een rol als challenger voor het kampioenschap, maar het uitblijven van vers bloed maakte zijn werk lastig. En het bracht hem af en toe uit humeur, hij moest te veel roeien met te korte riemen naar zijn gevoel. Inmiddels is de vertrokken kwaliteit aangevuld met nieuwe. En wisten de spelers ook steeds beter wat van hen werd verwacht. Een nieuw systeem met drie achterin, veel meer korte passes, heel veel snelle kantwissels. Beerschot werd zo 20 minuten dol gespeeld. Er kwam kwaliteit bij, maar daarmee doken ook weer andere problemen op. Een aantal nieuwkomers kwamen naar de Bosuil met weinig speelminuten op de teller en het hoge wedstrijdritme laat een grondige conditieopbouw amper toe. Zeker niet als corona ook toeslaat. Cristian Benavente vorig seizoen: 406 minuten in Ligue 1 bij Nantes. Jordan Lukaku vorig seizoen: 385 minuten bij Lazio. Nana Ampomah vorig seizoen: 709 minuten bij Fortuna Düsseldorf. Jérémy Gélin vorig seizoen: 1.301 minuten bij Rennes. Koppel daar de bescheiden speeltijd van Birger Verstraete aan (vorig seizoen 387 minuten bij Köln), die van Pieter Gerkens (362 minuten bij Anderlecht) en Koji Miyoshi (slechts 571 minuten vorig seizoen bij Antwerp, omwille van een slepend enkelletsel) en je snapt dat het werk van Leko en co dubbel was: spelers fysiek naar een hoger, constant, niveau tillen én tactisch de manier van voetballen veranderen, met veel meer opbouw van achteruit. Je zag elke week wel progressie. Nooit gedurende negentig minuten, maar bij momenten swingde het, zeker toen met Miyoshi en Ampomah finesse werd toegevoegd aan de klasse van Refaelov, die in april 35 wordt, en aan zijn tweede jeugd bezig is. Met Ritchie De Laet, beiden zijn einde contract, trok hij de kar. Aan zijn goal in de bekerfinale en de winnende treffer tegen Ludogorets koppelde hij donderdag nog een mooie: de 1-0 tegen de Spurs. Refaelov beleeft zijn indian summer en heeft de neiging de grote matchen uit te kiezen om dat te tonen. Aan een goeie reeks van wedstrijden, sinds Charleroi één keer gelijk en zeven keer winst, kwam zondag in Brussel een einde. Had dat gemoeten? Allerminst. De tactische aanplak klopte: om Anderlecht uit zijn balbezit te halen, speelde de ploeg in balverlies vaak man op man, terwijl het in balbezit probeerde om rond Dieumerci Mbokani voor infiltratie en verwarring te zorgen. Het leverde een paar kansen en goeie reddingen van de Brusselse doelman op. Eén moment van onoplettendheid kostte evenwel het gelijkspel. Uitgerekend Sambi Lokonga, vooraf geïdentificeerd als de man in wiens rug mogelijkheden zouden liggen, leidde met een rush de winst in. Aanleiding: kort voordien was Gélin naar de kant gemoeten met krampen. De tactische omzetting - geen Batubinsika maar Hongla én Gerkens een rij naar achter - leidde tot concentratieverlies. Wat Leko vreesde - dat de opeenvolging van wedstrijden een groep die onvoldoende basisconditie heeft om probleemloos te wisselen punten zou kosten - gebeurde. Tijd om er veel bij stil te staan, is er niet. Morgen wacht met Linz al een nieuwe Europese tegenstander. De beste zijn in het dubbele duel met de Oostenrijkers betekent, met ook nog een thuisduel tegen Ludogorets op de laatste speeldag, dat Antwerp uitzicht heeft op overwinteren. Het zou een nieuwe stap in de ontwikkeling van de ploeg zijn. Zondag komt Standard naar de Bosuil. Dat is traditioneel voor een aantal mensen bij Antwerp een weerzien met de oude ploeg. De navelstreng raakt echter stilaan doorgeknipt. Nog niet in de sportieve staf - teammanager Fréderic Leidgens, keeperstrainer Vedran Runje en vicevoorzitter Luciano D'Onofrio (zie ook pagina 22) kijken nog steeds hun ex-ploeg in de ogen. Wél op het veld: Bolat, Arslanagic, Opare, Yatabaré, Defour, Mirallas, Bolingi, Bölöni en eerder Van Damme en Jaadi, ze zijn er niet meer. De Sart ligt in de lappenmand, Lausberg zit in de wachtkamer, zondag staat alleen Mbokani als ex-Rouche in het Antwerpkamp. Steeds losser en verder weg van haar stiefmoeder vaart Antwerp een eigen koers, met steeds meer ambitie. Of, zoals Birger Verstraete het zondag zei: 'Die eerste plaats was mooi, maar we zijn realistisch genoeg om te weten dat we geen heel seizoen op kop zouden staan. Zaak is die plaats nu te heroveren.'