Niets hadden de mannen van de klassiekers nog te zoeken in de Tour, zo wilde een hardnekkig cliché. De hoogmis van juli, heette het, was geëvolueerd tot voer voor hyperspecialisten. Uitblinken zowel in het eendagswerk als in de grote rondes? Dat was niet langer mogelijk.
...

Niets hadden de mannen van de klassiekers nog te zoeken in de Tour, zo wilde een hardnekkig cliché. De hoogmis van juli, heette het, was geëvolueerd tot voer voor hyperspecialisten. Uitblinken zowel in het eendagswerk als in de grote rondes? Dat was niet langer mogelijk. Terugblikkend op de eerste helft van de Tour mag deze mythe de prullenmand in. Peter Sagan, drievoudig ritwinnaar en autoritair leider in de puntenstand, overstijgt alle wetten. Even onvermoeibaar lijkt de 22-jarige wonderboy als Philippe Gilbert vorig jaar. Over de Slowaak wordt hetzelfde beweerd als over de Waal: hij kan alle klassiekers winnen. Dé figuur van de eerste Tourhelft reed al een dijk van een klassiek voorjaar: vierde in Milaan-Sanremo, tweede in Gent-Wevelgem, vijfde in de Ronde van Vlaanderen en derde in de Amstel Gold Race. Onder het directeurschap van Christian Prudhomme maakte de Tour werk van een nieuw type aankomsten, dat de zogenaamde punchers de gelegenheid biedt om te scoren. Een recept overgenomen uit de Giro en de Vuelta om de monotonie van de massaspurten te doorbreken. Sagan maakte er vorige week maximaal gebruik van. The Tourminator bevestigde dat hij als koning van de hellende aankomsten de scepter heeft overgenomen van Gilbert. Opvallend was ook hoe de heersers van de kasseiklassiekers zich in de eerste Tourweek wisten te onderscheiden. Terwijl zijn traditionele opponent Tom Boonen hoe langer hoe meer zijn neus ophaalt voor de Tour, verdedigde Fabian Cancellara met hand en tand het geel. Met zijn verdienstelijke twintigste plaats zaterdag op de Vogezenklim naar La Planche des Belles Filles onderstreepte Spartacus nog maar eens dat hij een veel completere renner is dan de Belgische kampioen. Een cruciale rol was er in de eerste Tourhelft ook weggelegd voor Jürgen Roelandts, die bij Lotto-Belisol meer is dan de vaandeldrager voor het Vlaamse voorjaar. De Vlaams-Brabander manifesteert zich als een onmisbare schakel in het zo gelauwerde treintje van André Greipel. De Gorilla mocht in de eerste Tourweek zowaar al één keer meer juichen dan de treinloze Mark Cavendish. Greipels tgv draait al op volle toeren sinds de Ronde van België. Niet toevallig precies het moment waarop locomotief Roelandts uit blessure terugkeerde. In een dienende functie bepaalden tot slot ook de klassiekerspecialisten van BMC het beeld van de eerste Tourweek. De helft van de knechten die Cadel Evans in deze Tour omringen, finishte ooit in de top tien van de Ronde van Vlaanderen en/of Parijs-Roubaix. Vertrouwd met het wringwerk loodsten ze de uittredende Tourwinnaar als een van de weinige favorieten ongedeerd door de gevarenzone. De ploegsamenstelling van BMC is niettemin ook wel gewaagd. Straks dreigt Evans er in het hooggebergte net als vorig jaar alleen voor te staan. Geen comfortabel vooruitzicht. Zeker niet als Team Sky, het blok rond zijn grote concurrent Bradley Wiggins, bergop even indrukwekkend voor de dag blijft komen als afgelopen weekend.