O ops, wrong world! Zo ongeveer moet René Vandereycken zich zijn gaan voelen sinds Michel Preud'homme, de man dankzij wie hij was aangeworven, de voetbalbond verliet. Weg was zijn enige klankbord met voetbalkennis. Mocht Preud'homme begin vorig seizoen Jan Boskamp niet hebben opgevolgd bij Standard, zou Vandereycken vandaag uit het schootsveld van de ongenuanceerde kritiek zijn gebleven? Vermoedelijk niet. Bij RC Genk moest hij ook weg, na één seizoen al en ondanks een Europees ticket en een technisch directeur, Ariël Jacobs, met wie hij zich verstond en die hij nadien als assistent naar de nationale ploeg wilde meenemen.
...

O ops, wrong world! Zo ongeveer moet René Vandereycken zich zijn gaan voelen sinds Michel Preud'homme, de man dankzij wie hij was aangeworven, de voetbalbond verliet. Weg was zijn enige klankbord met voetbalkennis. Mocht Preud'homme begin vorig seizoen Jan Boskamp niet hebben opgevolgd bij Standard, zou Vandereycken vandaag uit het schootsveld van de ongenuanceerde kritiek zijn gebleven? Vermoedelijk niet. Bij RC Genk moest hij ook weg, na één seizoen al en ondanks een Europees ticket en een technisch directeur, Ariël Jacobs, met wie hij zich verstond en die hij nadien als assistent naar de nationale ploeg wilde meenemen. Het is geen populaire stelling, maar onder Vandereycken maakten de Rode Duivels wel degelijk progressie. Elf punten uit de laatste zes wedstrijden (61 procent) is veel betere wiskunde dan zeven uit de eerste acht (29 procent) en ook de spelkwaliteit bood perspectief, maar niemand die het nog kon of wilde zien. Vandereycken zelf noemt het graag slechte wil of incompetentie bij de media, maar gesteld dat het om het eerste gaat, blijft hij koppig blind voor zijn eigen verantwoordelijkheid. Met zijn irritante gedrag en kromme logica maakte hij er een kunst van onbegrepen te zijn, waardoor al het goede amper nog aandacht kreeg. Jammer, maar eigen schuld, dikke bult. En een vette kluif voor psychologen. Maar niet alles was dus slecht. Als Vandereycken moet gaan, hoeft hij zich niet te schamen over zijn sportieve nalatenschap. Meer dan wie ook gaf hij het vaak misbruikte begrip 'bouwen aan een ploeg' inhoud. Na vier jaar tijdverlies onder Aimé Anthuenis vormde hij een selectie waarover nog weinig discussie bestaat. Hij liet ons kennismaken met onbekend talent uit Nederland, verbrandde geen spelers en zag er geen over het hoofd. De meest besproken afwezige was Olivier Deschacht, maar de fouten waarop die zich bij Anderlecht nog opvallend vaak laat betrappen, verantwoorden zijn keuze ondertussen ruimschoots. En te midden van de hype rond RC Genk vorig seizoen bleef technisch directeur Willy Reynders altijd nuchter genoeg om te beseffen dat behalve Hans Cornelis niemand zich gepasseerd mocht voelen. De selectie is ook jong. Noodgedwongen allicht, want niemand die al met ervaren alternatieven op de proppen is gekomen. Velen schijnen er vooral een nadeel in te zien, maar de argumenten daarvoor ontbreken. Het getuigt ook niet van intellectuele eerlijkheid om eerst alle veronderstelde nadelen van die jeugdigheid op te sommen en de bondscoach vervolgens af te rekenen op het (in diezelfde redenering) logische gebrek aan resultaten. Vandereycken gaf gaandeweg ook de aanzet om de nationale ploeg met keurig combinatievoetbal een aantrekkelijker identiteit te geven, maar zoals zo vaak met hem verliep dat proces bijzonder voorzichtig. Wat een verschil met zijn buddy Michel Preud'homme, die zijn jonge brigade in Luik wel direct aan het voetballen kreeg. Met een stevige injectie lef - kenmerk bij uitstek van de jeugd - ziet de toekomst van de Rode Duivels er zeker weer boeiend uit. Wie Vandereycken opvolgt, krijgt een cadeau in handen. Op de speculaties over die opvolger staat ondertussen geen rem. Zelfs bondsvoorzitter François De Keersmaecker en CEO Jean-Marie Philips doen vrolijk mee. Morten Olsen, Jean-François de Sart, Marc Wilmots en Michel Preud'homme worden het vaakst genoemd en zeker de laatste drie hebben op hoog bondsniveau elk hun lobby. Dat er al contacten zijn gelegd, ontkennen De Keersmaecker en Philips volgens hun verklaringen in de kranten niet. Olsen hield zich op de vlakte en De Sart en Wilmots zetten hun interesse in de media met grote gretigheid kracht bij. Alleen Preud'homme belegde een persconferentie om zijn standpunt officieel uiteen te zetten. Hij brak een lans voor de voortzetting van de samenwerking met Vandereycken, maar sprak wat zichzelf betreft ook geen krachtig non uit tegen de job. Daarmee laat hij alle deuren open. Zonder werkzekerheid na 30 juni 2008, wanneer zijn contract bij Standard afloopt, moet hij dat ook. Opvallend was dat Preud'homme het initiatief voor het uittekenen van zijn nabije toekomst uitdrukkelijk bij Standard legde. De reactie van de Luikse club sloeg echter alles: directeur Pierre François noemde de contractverlenging van de huidige trainer geen prioriteit. Op z'n zachtst gezegd een onverwacht statement op een moment dat Standard meer dan ooit titelkansen wordt toegedicht. De club verkeek daarmee de kans - al dan niet bewust - om elke onduidelijkheid weg te nemen. Dat voedt het vermoeden dat er opnieuw een scenario in de maak is, waarvan Luciano D'Onofrio de regie voert. "Opnieuw", want toen Preud'homme anderhalf jaar geleden op weg leek naar het voorzitterschap van de KBVB, werd daarin al een Luiks manoeuvre gezien om de macht van Anderlecht en Club Brugge in Brussel te breken. Dit keer zou zijn transfer naar de Rode Duivels ook de weg vrijmaken in Luik voor Erik Gerets. Bij 'zusterclub' Olympique Marseille zit de gedroomde Standardtrainer al in de wachtkamer. Dat Preud'homme en sportief directeur Dominique D'Onofrio een koele relatie onderhouden, is niet prettig, maar of het een reden is om weg te gaan? "We zijn met iets bezig en dat wil ik afmaken", is een veel gehoorde uitspraak van de trainer, die zich onsterfelijk maakt als hij Standard straks zijn eerste titel in een kwarteeuw zou bezorgen. Daar is hij niet ongevoelig voor. En het licht ontvlambare Luikse publiek vast ook niet voor zijn vertrek. Anderzijds kan Preud'homme het goed vinden met Jean-Marie Philips, met wie hij was voorbestemd de nieuwe bondstop te gaan vormen. Tussen beide mannen en Herman Wijnants groeide er een band tijdens hun werkzaamheden in de werkgroep die de jeugdopleiding in België wilde opwaarderen en beschermen. Dus? Het klinkt allemaal even aannemelijk als bij de haren getrokken. Want hoe moet het dan met de timing? Op 15 december beslist de KBVB of hij na juni 2008 doorgaat met Vandereycken en tegen februari wil De Keersmaecker een eventuele opvolger al hebben gevonden. Hoe dat gecommuniceerd moet worden in volle titelstrijd, gesteld dat het Preud'homme wordt, zal heel wat verbale lenigheid en diplomatie vereisen. Diplomatie is zowat het laatste waarvan Jean-Marie Philips kan worden verdacht. De CEO raasde voor, tijdens en na de laatste dubbele interlandopdracht van René Vandereycken als een ongeleid projectiel door het universum. Het dieptepunt werd bereikt toen hij de integriteit van een rist Rode Duivels en de medische staf in twijfel trok. Dat kwam hem op een boze brief van de spelers te staan, maar Philips speelde de vermoorde onschuld en weigerde zijn excuses aan te bieden. "Wij hebben geen weet van een brief, maar als de spelers zich solidair tonen, mag je dat niet negeren", zegt Herman Wijnants, lid van de technische commissie en het uitvoerend comité. Met zijn botte stijl is de CEO er binnen de kortste keren in geslaagd zowat iedereen in en rond de KBVB tegen zich in het harnas te jagen. In bondsmiddens groeide afgelopen weekend een brede consensus om de CEO deze week ter verantwoording te roepen. Ook al wegens Philips' demarches in de zoektocht naar een nieuwe bondscoach. "Hij heeft het recht niet dat te doen", spreekt Wijnants voor velen. "Het is aan de technische commissie om eerst een evaluatie te maken. Zo is het ook met Vandereycken gegaan: Michel Preud'homme heeft hem voorgedragen en die voordracht is goedgekeurd. Ik begrijp Jean-Marie niet meer. Hij toont geen respect voor de technische commissie en schuift eigenlijk Antoine Vanhove (die Preud'homme opvolgde als voorzitter, maar veel minder op zijn strepen staat dan zijn voorganger, nvdr) opzij. Op deze manier hoeft het voor mij niet meer. Misschien is dit het moment om de technische commissie te vernieuwen. Ze is niet werkbaar meer en moet kleiner. Antoine moet ook sterke mannen naast zich hebben. Michel Sablon is het daarmee eens." S door jan hauspie