MIJN GEBOORTEGROND

'Rond mijn tiende had ik eens geen zin om te gaan trainen. 'Kom mij dan helpen,' zei mijn vader, 'look schoonmaken en verpakken.' Superenthousiast ging ik met hem mee. Maar toen ik een halfuur bezig was, smeekte ik hem om mij naar de training te voeren. (lacht) Als ik nu nog eens terugkeer naar Hongarije, help ik telkens wat in de zaak van mijn pa en ma. Dan sta ik daar te sjouwen met zakken van 30 kilo en besef ik nog eens wat voor geluk ik heb, omdat ik mijn geld hier kan verdienen door doelman te zijn. Eerst teelde mijn pa zelf aardappelen en look, nu brengen andere boeren hun groenten bij mijn ouders. Zij maken die schoon, en verpakken en verkopen die dan, in heel Hongarije.
...

'Rond mijn tiende had ik eens geen zin om te gaan trainen. 'Kom mij dan helpen,' zei mijn vader, 'look schoonmaken en verpakken.' Superenthousiast ging ik met hem mee. Maar toen ik een halfuur bezig was, smeekte ik hem om mij naar de training te voeren. (lacht) Als ik nu nog eens terugkeer naar Hongarije, help ik telkens wat in de zaak van mijn pa en ma. Dan sta ik daar te sjouwen met zakken van 30 kilo en besef ik nog eens wat voor geluk ik heb, omdat ik mijn geld hier kan verdienen door doelman te zijn. Eerst teelde mijn pa zelf aardappelen en look, nu brengen andere boeren hun groenten bij mijn ouders. Zij maken die schoon, en verpakken en verkopen die dan, in heel Hongarije. 'Het zuidoosten van Hongarije, waar ik opgroeide, is echt landbouwgebied. Ik ben geboren in Makó. Dat stadje heeft zo'n 23.000 inwoners, maar kun je niet vergelijken met een Belgische stad. Hongarije leefde lang onder het communisme, voor alle grote dingen moest je naar Boedapest. De andere steden zijn pas later beginnen te groeien en moderniseren. In Ferencszállás, waar ik opgroeide, leven ongeveer 600 mensen. Het dorp ligt vlak bij een rivier, de Mures. Met de kinderen van het dorp gingen we er vaak vissen op brasem.' 'Het is maar goed dat ik het Hongaarse eten wat moet missen, want dat is heel vet. Vooral de hortobágyi palacsinta is superlekker, een pannenkoek opgevuld met goulash en daarop wat crème. Amazing shit, but heavy as hell. En ze maken dat met echte goulash natuurlijk. Wat jullie goulash noemen, heeft niks te maken met de Hongaarse versie. Ten eerste is het geen soep en ten tweede is het een heel simpel gerecht. Je hebt gewoon veel ui nodig, een soort paprika, vlees en patatten. Jullie kieperen daar van alles in.' 'Je vindt geen Hongaar die een andere voetbalheld heeft dan Ferenc Puskás. Je moet zeker eens naar de film Puskás Hungary kijken. Wat een genie. Wat een leider. Wat een fantastisch karakter. Ik speelde in de Hongaarse eerste klasse toen hij in 2006 overleed. Met alle eersteklassers maakten we toen een erehaag voor hem in het nationale stadion, dat gevuld was met 70.000 Hongaren. Echt een memorabel moment. Ze reden zijn kist door de straten van Boedapest en er stond een mensenzee langs de kant. Alsof we een koning verloren hadden. 'Ik vind wel dat het Hongaarse voetbal lang in dat verleden is blijven hangen. In de jaren vijftig hadden we een gouden team. Brazilië kreeg voetballes van ons. We versloegen Engeland met 6-3 en even later nog eens met 7-1. Maar toen ik jong was, liep iedereen nog altijd te mijmeren over die tijd en was niemand bezig met het heden of de toekomst.' 'Onlangs bezocht ik Spa en de natuur daar was echt fantastisch. Ik hou ook van historische plaatsen. Ik wil bijvoorbeeld zeker nog eens naar Waterloo, want Napoleon is een boeiende figuur. Geschiedenis fascineert me, en wetenschap ook. Ik kijk graag naar Science Channel, Discovery Channel en National Geographic. Binnenkort koop ik een telescoop.' 'Belgen kunnen niet autorijden, punt. Elke ochtend rijd ik van Genk naar Beveren en kan ik vijftig keer sterven. (windt zich op) Wat doen jullie bijvoorbeeld toch op rotondes?! Als je de eerste afslag moet nemen, zorg je er toch voor dat je op de rotonde in de buitenste baan zit? En als je de tweede of derde afslag moet nemen, kies je toch de binnenkant van de rotonde? Maar wat doen jullie: jullie rijden de rotonde op in de buitenste band en maken dan heel het toertje om pas bij de laatste afslag de rotonde te verlaten. Ik versta dat je in Servië liever aan de buitenkant blijft, op een rotonde met vier rijstroken, maar toch niet hier in Genk, waar er op vijf minuten één auto passeert?! Nee, really, jij zit nu te lachen, maar het is triest hoor.' KRISTOF DE RYCK