Voor één keer hadden de Genkfans zondagavond een ander doelwit dan de eigen spelers. Telkens als Steven Defour in hun hoek van het Constant Vanden Stockstadion een hoekschop kwam trappen, werd hij op gefluit onthaald door supporters die hem negen jaar geleden op de leeftijd die Youri Tielemans nu heeft - zeventien - liefdevol tegen de borst drukten. Defour trok aan het eind van dat seizoen naar Standard. Nu speelt hij bij Anderlecht, opnieuw bij de concurrentie dus, wat in een verwrongen voetbalbeleving gelijkstaat aan verraad en bijgevolg scherp moet worden veroordeeld. Een houding is het die de betekenis van het woord supporter en zijn Latijnse etymologie fundamenteel geweld aandoet: iemand die steunt, die vóór het eigen team is. Een vergeten betekenis, a fortiori in Genk waar de fans zich nu al maandenlang geregeld afkeren van de eigen ploeg. Tégen zijn dus. Toen de Genkse stadionomroeper hen tien dagen geleden voor het thuisduel tegen Charleroi opriep tot steun aan de ploeg, golfde er als antwoord een fluitconcert over de tribunes. Aan de harde kern lag het niet eens, want die was uit protest weggebleven. Nadat bij een teleurstellende 1-1 was afgefloten, gingen de vingers opnieuw aan de mond...

Voor één keer hadden de Genkfans zondagavond een ander doelwit dan de eigen spelers. Telkens als Steven Defour in hun hoek van het Constant Vanden Stockstadion een hoekschop kwam trappen, werd hij op gefluit onthaald door supporters die hem negen jaar geleden op de leeftijd die Youri Tielemans nu heeft - zeventien - liefdevol tegen de borst drukten. Defour trok aan het eind van dat seizoen naar Standard. Nu speelt hij bij Anderlecht, opnieuw bij de concurrentie dus, wat in een verwrongen voetbalbeleving gelijkstaat aan verraad en bijgevolg scherp moet worden veroordeeld. Een houding is het die de betekenis van het woord supporter en zijn Latijnse etymologie fundamenteel geweld aandoet: iemand die steunt, die vóór het eigen team is. Een vergeten betekenis, a fortiori in Genk waar de fans zich nu al maandenlang geregeld afkeren van de eigen ploeg. Tégen zijn dus. Toen de Genkse stadionomroeper hen tien dagen geleden voor het thuisduel tegen Charleroi opriep tot steun aan de ploeg, golfde er als antwoord een fluitconcert over de tribunes. Aan de harde kern lag het niet eens, want die was uit protest weggebleven. Nadat bij een teleurstellende 1-1 was afgefloten, gingen de vingers opnieuw aan de mond. Tussendoor was ook Kara op de korrel genomen na enkele schoonheidsfoutjes en een uitdagend gebaar naar de fluiters. Van dat alles niets zondagavond tijdens en na de wedstrijd in Anderlecht. Tevredenheid alom was er in het Genkse kamp over het behaalde gelijkspel. In de eerste plaats bij Alex McLeish, die nu al sinds zijn aanstelling de complimenten voor zijn team niet spaart. De Schotse coach laat zich vooralsnog niet kennen als een Mister Iron. Poeslief is hij week na week in zijn uitlatingen over de spelers, die hij met alle draws - zeven nu al - te karig beloond vindt voor het geleverde werk. Communicatie is het die niet spoort met de realiteit en die stilaan zijn geloofwaardigheid dreigt aan te tasten. Tegen Anderlecht kreeg Genk offensief niets voor elkaar en ontsnapte het maar ternauwernood aan de nederlaag. "We hadden niet hetzelfde geluk in de vorige wedstrijden", gaf McLeish een roze draai aan een verder juiste vaststelling over het in Brussel bereikte resultaat. Overtuigend waren de prestaties van de laatste weken niet geweest om zomaar zeges te kunnen claimen. Maar er wordt strijd geleverd. Inzet en goede wil genoeg bij de Genkse spelers en dat is kennelijk al heel wat in de gegeven omstandigheden. Zoals McLeish is iedereen in het Genkse huishouden er inmiddels opvallend voor beducht nog te kritisch uit de hoek te komen en de mentaal fragiele kleedkamer uit evenwicht te brengen. Een kleedkamer die nu overigens veel beter aan elkaar schijnt te hangen dan tot voor enkele weken werd getuigd. Besloten is door de sceptici binnenskamers om het geweer van schouder te veranderen en het negativisme te laten varen. Het helpt de ploeg toch niet vooruit. De volgende transferperiode is nog een eind weg, dus veel gaat er momenteel ook niet veranderen. Genk en McLeish moeten verder met deze kern. Maar de vaststelling blijft dat de mix ervaring-jeugd niet goed zit en er te weinig individuele kwaliteit is voor een betekenisvolle rol in de top. Ilombe Mboyo vat de Genkse problematiek wellicht het best samen. Bij AA Gent weggehaald voor ruim 4 miljoen euro, contract van vier seizoenen, brutoloon van om en bij het miljoen. Tel uit de Genkse investering: tegen de 10 miljoen euro. Voor één speler. Mboyo loopt over van ijver, maar kon nog niet bewijzen de topspits te zijn die Genk in hem zag. Acties mislukken en komen hem op afkeuring van de eigen aanhang te staan. Idem met Kara. Afkeuring waarmee de ontevreden supporters eigenlijk het beleid viseren, maar die in de eerste plaats de spelers treft en een directe weerslag heeft op hun gemoed en prestaties. Vooralsnog houdt de directie zich gedeisd en laat ze de spelers in het schootsveld staan. Een gebrek aan moed dat de harde supporterskern de confrontatie doet zoeken. Het vermoeden wint ondertussen veld dat het financiële plaatje in de Cristal Arena niet meer klopt. Genk verwierf de voorbije jaren het etiket van rijkste club van het land. Het resultaat was dat van de uitgaande transfers van Thibaut Courtois, Kevin De Bruyne en Christian Benteke. De verwachtingen die dat creëerde, werden niet ingelost en dat zorgt nu al maandenlang voor oplopende frustraties bij de supporters. Mboyo is het duidelijkste voorbeeld van een niet renderende kost, maar niet het enige. Kim Ojo, een miljoeneninvestering die inmiddels na twee verloren jaren aan FC Ujpest is verhuurd, is een nog schrijnender voorbeeld. De binnengelopen miljoenen werden ongelukkig besteed, the great leap forward bleef uit en het aantal abonnees liep terug. Ondanks de perceptie werkt ook Genk met een jaarlijks deficit. Dus werd de transferpolitiek afgelopen zomer bijgestuurd. Bijna alle nieuwkomers zijn tieners of prille twintigers: Zarandia, Milinkovic-Savic, Cavric, Okriasjvili. Spelers voor de toekomst, lees: die de club geld moeten opbrengen. Straks, als ze zich zullen hebben aangepast. Voor nu geldt: geduld. Genk lijkt zijn sportieve ambities daarmee te hebben ingeleverd voor financiële ambities. Over het eerste wordt het niet explicieter meer dan: "Top zes. Daarna zien we wel." In plaats van de sprong naar de top te maken, zette de landskampioen van 2011 en bekerwinnaar van 2013 een stap terug. Alleen werd het nooit zo gecommuniceerd. Kortsluiting met de achterban was het voorspelbare resultaat. Met het gelijkspel tegen Anderlecht - een gewonnen punt - kocht Genk zichzelf een interlandweekend in relatieve rust. Rust die meer dan welkom is in het vooruitzicht van de grote confrontatie met de supportersverenigingen op vrijdag 17 oktober 2014. Voorzitter Herbert Houben, algemeen directeur Patrick Janssens, coach Alex McLeish en aanvoerder Thomas Buffel zullen daarop aanwezig zijn. Twee dagen later ontvangt Genk het nummer vijf, Westerlo. ?DOOR JAN HAUSPIEGenk lijkt zijn sportieve ambities te hebben ingeleverd voor financiële ambities. Alleen werd dat nooit zo gezegd.